Skip to main content
  • Home
  • Nieuws
  • Dossier: verpakken we straks 100% duurzaam? Deel 2: Pack4Food
  • 11/12/2020

Dossier: verpakken we straks 100% duurzaam? Deel 2: Pack4Food

Tegen 2025 wil Fevia dat alle voedingsverpakkingen in België 100 procent herbruikbaar, recycleerbaar of biodegradeerbaar zijn. Innovatie is het grote toverwoord. De Roadmap Voedselverpakking van de toekomst, een interclusterproject van Flanders’FOOD, VIL, Catalisti, SIM en coördinator Pack4Food, moet mee de weg uitstippelen.

foto
An Vermeulen, codirecteur Pack4Food: “Tegen 2030 zullen we nog niet alle verpakkingen kunnen recycleren.”

 

Tekst Sam De Kegel 

Als neutrale verpakkingsexpert beklemtoont Pack4Food graag de functies van (voedings)verpakkingen: ze zijn nodig om producten te beschermen, de houdbaarheid ervan te garanderen en/of te verlengen en voldoende stevigheid te bieden bij opslag en transport. “Verpakkingen zijn cruciaal voor bescherming, gebruiksgemak, communicatie en transporteerbaarheid”, zeggen Peter Ragaert en An Vermeulen, codirecteurs van Pack4Food. “Niemand wil dat er in de logistieke keten al voeding verloren gaat, nog voor die bij de consument komt.”  

Als je over duurzaamheid praat, mag je volgens Ragaert en Vermeulen nooit enkel over de verpakking praten, maar wel over het verpakt product. Beide zijn als een Siamese tweeling met elkaar verbonden. “Bij een verpakt voedselproduct is maximaal 10 procent van de milieu-impact afkomstig van de verpakking”, zegt Ragaert. “Ongeveer 50 à 55 procent komt van de productie van je voeding, daarom moet je ze ook optimaal beschermen.” 

5 x richting eco-design

Bij Pack4Food zien ze vijf manieren om een verpakking te verduurzamen. In één woord verpakt: eco-design. “Eén: reduce. Je analyseert in welke verpakkingstoepassingen het gewicht kan gereduceerd worden. Twee: remove. Je bekijkt kritisch of alle verpakkingscomponenten in je totaalverpakking wel degelijk nodig zijn. In plaats van een krimpfolie te gebruiken om flessen of blikjes samen te bundelen, kan je lijmpuntjes gebruiken om al die flessen te connecteren. De vraag is wel of je verpakking kan weglaten zonder in de keten problemen te veroorzaken zoals voedselverlies of minder goede stapelbaarheid. Drie: recycle. Tijdens de ontwerpfase zorg je ervoor dat je enkel recycleerbaar materiaal gebruikt, door bijvoorbeeld over te schakelen van multi- naar monomaterialen. Je probeert ook waar mogelijk recycled content toe te voegen aan je verpakking. Tegen 2025 moet 25% van een PET-fles uit recycled content bestaan. Vier: renewable. Je gebruikt biogebaseerde grondstoffen in plaats van aardolie. Denk aan papier en karton op basis van hout, maar ook biogebaseerde plastics gemaakt uit maïs en landbouwafvalstromen. Soms zijn die nadien ook biodegradeerbaar, soms niet. Biobased PE is gemaakt van suikerriet maar niet biodegradeerbaar. Vijf: re-use. Je hergebruikt verpakkingen. “Voor het herbruikbaar maken van plastics moet je rekening houden met de voedselveiligheidswetgeving”, merkt Vermeulen op. “Voor sommige plastics zal dit mogelijk zijn, voor andere niet omdat er migratie kan optreden van eerder geabsorbeerde voedingscomponenten.” 

De Roadmap Voedselverpakking van de toekomst, een interclusterproject van Flanders’FOOD, VIL, Catalisti en SIM, waarbij Pack4Food als coördinator optreedt, beschrijft wat er qua onderzoek en sensibilisering nog moet gebeuren tegen 2030 rond voedselverpakkingen. “We stippelen de weg uit op vlak van circulaire verpakkingen, verpakkingen en logistiek, artificiële intelligentie en smart packaging.” 

Slimmer verpakken 

We moeten vooral slimmer verpakken en dus inzetten op beter recycleerbare of herbruik¬bare verpakkingen, maar ook op ¬actieve en intelligente (A&I) verpakkingen. Een actieve verpakking dóét iets met het product of de omgeving van het product, -zoals zuurstof of CO2 absorberen. Zo blijft het product langer houdbaar. Een intelligente verpakking kan via sensoren de werkelijke houdbaarheid van een product weergeven. Of via temperatuursensoren kan de consument in de toekomst de temperatuur van zijn pakketje monitoren. E-commerce zal impact hebben op het design van verpakkingen, zeker bij verse voedingswaren. Er zijn nu al herbruikbare systemen die temperatuurbehoud in de primaire verpakking garanderen. Bij e-commerce is er nog vaak sprake van oververpakking. Denk aan speelgoed in veel te grote dozen, waardoor je vooral lucht transporteert.

Er is één grote basisregel: het streven naar minder verpakkingen is nobel, op voorwaarde dat de functionaliteit van die verpakking niet aangetast wordt. In 2050 zullen er 9 miljard mensen op aarde zijn. Sowieso zullen we ons voedsel langer moeten bewaren. Voorverpakking leent zich daar het best toe. De ecologische afdruk van bijvoorbeeld vlees is zeer hoog. Een weggegooid sneetje ham heeft een grotere ecologische voetafdruk dan de hele plastic verpakking waarin die ham zat. Door de verpakking nog beter te maken, kun je die verlagen. “Soms is het gewoon beter om voedingswaren individueel te verpakken omdat je zo minder voedselverspilling veroorzaakt”, stipt Vermeulen aan. 

Lees verder onder de foto
foto
Peter Ragaert, codirecteur Pack4Food: “Bij een verpakt voedselproduct is maximaal 10 procent van de milieu-impact afkomstig van de verpakking.” 

 

Tous ensemble, als keten

Het is cruciaal dat de hele keten doordrongen is van het duurzaamheidsbesef, en dat start aan het begin van de keten, bij de chemiereuzen die de basisgrondstoffen aanleveren voor de kunststof verpakkingen. Ragaert: “Door bijvoorbeeld biobased polyethyleen (PE) en polypropyleen (PP) aan te bieden en dus niet enkel korrels op basis van ruwe aardolie maar ook op basis van plantaardige oliën die je gaat verwerken. Grote chemieconcerns proberen via chemische recyclagetechnieken een deel van de materialen te recycleren. Daarnaast proberen ze ervoor te zorgen dat hun materialen betere eigenschappen krijgen waardoor je in de toekomst multilaagse verpakkingen kan vermijden.” 

De volgende in de keten zijn de converters of verpakkingsproducenten die nu volop inzetten op recycleerbare verpakkingen. Vermeulen: “Wij hebben met Pack4Food een projectvoorstel ingediend, Multi2Recycle, waarbij we onderzoeken wat je minimaal nodig hebt om de houdbaarheid van een product te garanderen? Wij leggen dus de link tussen de samenstelling van het materiaal en de houdbaarheid die nodig is voor een levensmiddel. Om die houdbaarheid van levensmiddelen te garanderen, worden nu al verschillende barrièrepolymeren (vb. EVOH) en coatings (vb. AlOx) gebruikt in combinatie met monomateriaal polymeren (vb. PP). Er is echter nog te weinig bekend over hun recycleerbaarheid. Dat technisch advies geven wij aan producenten zoals Amcor en Bastin-Pack.” 

De derde stap in de keten vormen de voedingsproducenten en retailers. Die moeten volgens Pack4Food zo transparant mogelijk communiceren naar de consumenten over de rol van de verpakkingen en duidelijke instructies op de verpakking zetten wat er na gebruik mee moet gebeuren. Dat laatste is echter een kluwen op Europees niveau omdat de wetgeving niet geharmoniseerd is. 
De sorteer- en recyclagebedrijven, ten slotte, maken de cirkel rond. Kwaliteitsvolle sortering is immers een essentiële stap om de huidige recyclingpercentages spectaculair op te krikken. Het zogenoemde HolyGrail-project, een samenwerking tussen 29 partners waaronder topbedrijven als Borealis, BASF en P&G, ontwikkelde een digitaal watermerk, een barcode die je niet met het blote oog ziet. Die geeft aan elk type verpakking een andere barcode die een sorteerbedrijf kan inscannen zodat alle verschillende materialen mooi uitgesorteerd kunnen worden. Zo’n watermerk zal dus alle types verpakkingsmaterialen beter identificeren en de sortering verfijnen. De sorteercentra breiden momenteel volop hun apparatuur uit, de volgende fase is die recyclage op orde krijgen, maar in Europa zijn er voorlopig nog te weinig recyclagebedrijven. Die worden bij voorkeur zo lokaal mogelijk ingeplant, want anders transporteer je weer afval over lange afstanden.

Elk bedrijf is wettelijk verantwoordelijk voor de inzameling, sortering en recyclage van de verpakkingen die het op de markt brengt. In België organiseert Fost Plus dit op een collectieve manier voor consumentenverpakkingen. Bedrijven die verpakkingen op de markt brengen, betalen een vaste bijdrage aan Fost Plus op basis van de hoeveelheid en type materiaal. Met dat geld financiert Fost Plus de ophaling en sortering. Verpakkingen die moeilijk of niet sorteerbaar en recycleerbaar zijn, daar moet een bedrijf meer voor betalen. Op die manier stimuleert het bedrijven om te kiezen voor verpakkingen die wél via een van hun inzamel- en sorteerstromen kunnen worden gerecycleerd. 

Meer verpakken, meer recycleren

Dat we in de toekomst wellicht nog meer zullen verpakken, betekent niet dat de afvalberg daardoor groter moet worden. Tot nu werd vooral mechanische recyclage toegepast: de materialen worden vermalen, gewassen en verwerkt in nieuwe toepassingen. Naar voedselverpakkingen toe is dit momenteel enkel toegelaten voor gerecycleerd PET. Chemische recyclage gaat een stap verder: daarin wordt het materiaal in zijn originele moleculaire staat teruggebracht, zodat het volgens de strenge voorschriften van de voedingsindustrie mogelijks opnieuw gebruikt kan worden voor voedingsmiddelen. Ragaert: “In principe zijn alle plastics in een monolaagstructuur recycleerbaar, maar je moet ze correct kunnen sorteren, zo weinig mogelijk multilaagssystemen gebruiken en de volumes moeten groot genoeg zijn.”

De verpakkings- en voedingsindustrie wordt op dit moment vanuit twee hoeken uitgedaagd. Tegen 2030 wil de EU dat alle verpakkingen 100% recycleerbaar of herbruikbaar zijn. 55% van alle kunststof verpakkingen moet effectief gerecycleerd worden tegen 2030. Op Belgisch niveau wil Fevia tegen 2025 al 100 procent herbruikbare, recycleerbare of biodegradeerbare verpakkingen; 65% van de kunststof voedingsverpakkingen moet effectief gerecycleerd worden tegen 2023. Tot slot wordt ook de druk vanuit de eindconsumenten groter door de talloze mediabeelden over de plastic milieuvervuiling. “We moeten realistisch zijn. Tegen 2030 zullen we nog niet alle verpakkingen kunnen recycleren”, besluiten Ragaert en Vermeulen. “Zwerfvuil is een wereldprobleem en moet zo snel mogelijk wereldwijd worden aangepakt, maar vanuit België is er geen enkel excuus meer voor sluikstort, want we kunnen hier perfect ons afval selectief collecteren, sorteren en straks ook recycleren.” 

Pack4Food in een notendop

Pack4Food is een neutrale expert in het duurzaam verpakken van levensmiddelen en startte in 2005 in de schoot van UGent met Vlaio-subsidies. Hun missie? De communicatie tussen voedingsbedrijven, verpakkingsbedrijven en vulsysteembedrijven verbeteren en innovaties initiëren in de sector. In 2011 werd Pack4Food een spin-off onder vzw-structuur die steeds projectmatiger en internationaler begon te werken. Inkomsten vergaren ze via eigen projecten en opleidingen, via Vlaamse en Europese subsidies  en via een vijftigtal leden-bedrijven die in ruil voor hun jaarlijks lidgeld advies op maat krijgen én toegang tot een sectoroverschrijdend netwerk.

Domestic Services
Banque de Luxembourg
Deloitte
ING
Logo Mensura
Proximus
SD  Worx
BovaEnviro+
G4S
Soundfield
Jobat