Skip to main content
  • Home
  • Nieuws
  • Bouwsector krabbelt voorzichtig uit de put
  • 14/05/2020

Bouwsector krabbelt voorzichtig uit de put

Op 4 mei openden de ‘niet-essentiële’ bedrijven opnieuw de deuren na zeven weken lockdown. De bouwsector veerde daarvoor al weer op, al blijven de uitdagingen groot in deze ‘anderhalvemetereconomie’ met veel restricties. Aclagro (Wondelgem), Vandenbussche (Aalter) en Confederatie Bouw Oost-Vlaanderen bouwen alvast opnieuw voorzichtig én veilig aan de toekomst.

Aclagro

Volgens Confederatie Bouw Oost-Vlaanderen was op 1 mei ongeveer de helft van de bouwbedrijven opnieuw geheel of gedeeltelijk aan de slag. Karel Derde, voorzitter van Confederatie Bouw Oost-Vlaanderen: “Onze sector is bijzonder divers, zowel in activiteiten als in aanpak. Sommige bouwbedrijven werken met heel wat buitenlandse onderaannemers, andere werken meer met eigen medewerkers. Bij wie met buitenlandse onderaannemers werkt, zie je dat er heel veel teruggekeerd zijn naar hun thuisland en een inreisverbod hebben. Als er op grote werven één schakel in de keten verdwijnt, beïnvloedt dat het ganse bouwproces. En wie in openlucht kan werken, heeft het iets eenvoudiger om de anderhalve meter te respecteren dan wie binnen aan de slag is. Die 1,5 meter echt overal rigoureus respecteren, lijkt me onmogelijk, alleen al uit veiligheidsoverwegingen.” Enkel bij zogenoemde dringende tussenkomsten, zoals een lek in de waterleiding, is de anderhalve meter niet bindend, mits maximale bescherming.

Karel Derde runt zelf een bedrijf, Derde Construct, actief in o.a. de aanleg en renovatie van parkeerdaken. Op 18 maart stopte het bedrijf zijn activiteiten, op 1 april startte het al herop. “Mijn werknemers waren blij om terug te kunnen werken, weg uit het isolement. Ondertussen (op 1 mei, red.) is 80 procent van de werknemers opnieuw aan de slag. In crisistijd zie je trouwens ook wie de ‘trekkers’ zijn in je bedrijf”, zegt Karel fijntjes.

Werken voor ons welzijn

Die stelling beaamt ook Jean-Marie De Buck. Hij is CEO van de Square Groep, een holding van verschillende bouwbedrijven met in totaal 500 werknemers, waarvan er 300 voor Aclagro werken (100 bedienden en 200 arbeiders). “Als er kan gewerkt worden, moet er gewerkt worden, op voorwaarde dat het veilig kan natuurlijk”, zegt hij onomwonden. Als je mensen het gevoel geeft dat ze veilig kunnen werken, zijn ze ook echt bereid om te werken. Dat is goed voor de maatschappij, voor de bedrijven én voor het welzijn van de mensen zelf. Ik wil niet de grote filosoof uithangen, maar werken is echt belangrijk voor ons psychologisch welzijn. In die zin kan niet-werken heel destabiliserend zijn.”

Aclargo

Bij de start van de lockdown lag ook Aclagro anderhalve week stil. “Dat was nodig om de mensen tot rust te brengen, de angst weg te nemen en alle veiligheidsmaatregelen in te voeren en, nog belangrijker, goed te communiceren. Maar zodra we op de werven veilig konden heropstarten, zijn we eerst met kleine equipes begonnen, in overleg met de vakbonden. Vandaag (op 1 mei, red) hebben we 80 procent van de activiteiten hernomen in de infrawereld (wegen- en infrastructuurwerken, red.). Bij wegenwerken kan je elk team een gebied ‘toewijzen’, in en rond een gebouw is dat al veel complexer. Bij onze afbraak- en grondwerken liggen de zaken dan ook moeilijker. Daar heb je meer handenarbeid en grotere groepen mensen die op kleinere oppervlakte moeten samenwerken en is het veel moeilijker om op social distancing te werken. Je kan mensen nu eenmaal niet alleen laten werken tijdens afbraakwerken. Bij asbestverwijdering wordt het dan weer complex als onze medewerkers ‘buiten zone’ samen moeten rusten.”

Buitenlandse onderaannemers vast

Complex, het hoge woord is eruit. Alle bouwbedrijven passen zich zo goed mogelijk aan de nieuwe realiteit aan, met veel onzekere parameters. Vandenbussche is een erkende klasse 8 bouwaannemer voor de nieuwbouw en renovatie van zowel appartementen als utiliteitsbouw. Het telt 170 vaste medewerkers en werkt daarnaast met heel wat onderaannemers. Op 18 maart besloot Vandenbussche om alle activiteiten stop te zetten omdat het de social distancing op alle werven onmogelijk kon garanderen.

Kristof Defruyt, CEO: “Er was geen paniek, maar je voelde wel angst bij de werknemers. Onderaannemers trokken de stekker eruit, buitenlandse leveringen van materiaal vielen stil en bouwheren zoals gemeentebesturen verboden ons om nog te komen. Omdat het welzijn van onze medewerkers en stakeholders primeerde, hebben we zelf gekozen voor de korte pijn, een complete stopzetting.” Net voor het paasverlof startte Vandenbussche herop met één testwerf en enkele onderaannemers. Ondertussen worden weer nieuwe werven heropgestart, maar het bouwbedrijf kampt nog steeds met vele uitdagingen, zoals een tekort aan stielmannen. Buitenlandse onderaannemers zitten vaak vast in het buitenland. “Gelukkig hebben we de voorbije jaren ook ingezet op extra rekrutering van eigen medewerkers”, zegt Defruyt. Social distancing blijft ook hier evenwel de grootste uitdaging. “Voor de montage van een torenkraan moet je met twee in een kraan kruipen en kan je niet anderhalve meter van elkaar werken. Idem dito voor het plaatsen van buitenschrijnwerk, enzovoort. Hopelijk komt er hier wat versoepeling en zijn mondmaskers voldoende als preventiemaatregel. We zorgen ook voor circulatieplannen met eenrichtingsverkeer op werven. We zorgen voor extra toiletten en borden met sensibiliseringsboodschappen rond handhygiëne, noem maar op.”

Op werven wordt er ‘lean’ gepland, maar dat werkt enkel als de hele keten ononderbroken is. Efficiënt plannen is nu bijna onmogelijk. De Buck: “We moeten zorgen dat de hele productieketting weer ‘vrijkomt’. We zijn nu eenmaal een open economie. Als een van onze buitenlandse leveranciers geen wisselstuk kan leveren, dan hebben we een serieus probleem. Onze beroepsorganisaties moeten suggesties doen naar de hogere overheden, met verantwoordelijkheidszin welteverstaan. We mogen niet enkel denken aan onze business, maar moeten zoeken naar het juiste evenwicht tussen een rendabele business en het welzijn van de mensen. We zullen niet met één vingerknip in de oude realiteit belanden – dat staat vast – maar met alle sociale vangnetten die we in België hebben, moeten we relatief snel de rug kunnen rechten.”

Gezocht: mondmaskers

Een ander heet hangijzer: ook in de bouwsector is er een tekort aan veiligheidsmateriaal, zoals… veilige mondmaskers. Vandenbussche leverde zijn eigen voorraad van mondmaskers aan zorginstellingen, terwijl ze die nu zelf opnieuw nodig hebben. Defruyt: “Ik heb zelf rondgereden om er te bemachtigen via andere wegen dan onze normale leveranciers. We hebben echter geen stock voor meerdere weken, we blijven dus naarstig verder zoeken.” Johan Wauman, directeur van Confederatie Bouw Oost-Vlaanderen, erkent het probleem. “We willen onze leden-bedrijven de komende weken daarin sturen, zodat ze zeker kwalitatieve maskers kunnen gebruiken. De overheid heeft enkele blauwtjes opgelopen met mondmaskers die ze moesten terugzenden omdat de kwaliteit niet voldeed. Dat moeten we nu absoluut vermijden.”

Wauman en Derde pleiten vooral voor gezond boerenverstand en heldere richtlijnen bij verdere versoepelingen. Derde: “Eén voorbeeld: de meeste bedrijven hanteren collectief vervoer. Het is een uitdaging om al onze mensen op de werf te krijgen. Tot 22 april gold een plexiglazen preventiescherm in een voertuig zelfs niet als geldige voorzorgsmaatregel.” Bij een aantal controles van federale inspecteurs op de werven liep het in het begin af en toe mis en kwam er zelfs politie aan te pas. Confederatie Bouw bundelde de reacties van de bouwbedrijven en stroomlijnde de richtlijnen, in samenspraak met de politie en conform de maatregelen van de Veiligheidsraad, zodat de controles op een juiste manier gebeuren.” Karel Derde doet een oproep om de regels, ook na corona, eenvoudig te houden maar wel voldoende te controleren of ze nageleefd worden.

De Confederatie Bouw, Bouwunie, de Beroepsvereniging van de bouwhandelaar (Fema) en de socialistische vakbond ABVV sloten eind april een protocolakkoord voor een veilige opstart van de bouwactiviteiten. De sectororganisaties gaven de beleidsmakers input over de voornaamste obstakels om tot een progressieve hervatting van de activiteiten in de bouwsector te komen vanaf 4 mei. Er zijn aanbevelingen over collectief vervoer, werken binnenshuis, toonzalen, het beperken van de co-activiteit op de werven, gedetacheerden en de levering van bouwmaterialen. Derde en Wauman stellen vast dat de meeste werkgevers vragende partij zijn om te werken op een redelijke manier, maar dat de vakbonden soms een remmende factor vormen. “Iedereen is op dit moment onzeker. Maar in plaats van meer angst te creëren, moeten we de maatregelen goed toepassen en positief vooruitdenken. We kunnen ziek worden, ja, maar we kunnen ook ziek worden door thuis te blijven.”

Volgens De Buck zullen we met het coronavirus moeten leren leven, in afwachting van een vaccin. “We leven ook met het griepvirus, en ook daar is de vaccinatiegraad beperkt. Volledig risicoloos leven en werken is niet mogelijk, we moeten een gezonde balans vinden om veilig te werken. Bij Aclagro focussen we ons resoluut op social distancing. We hebben niet de mogelijkheid om aan elke medewerker mondmaskers te blijven geven. We werken ook met vaste equipes die we zo weinig mogelijk proberen te mengen.”

Lagere productiviteit 

Debuck en Defruyt benadrukken meermaals dat de productiviteit nu heel wat lager ligt, door de extra kosten die gemaakt worden voor de veiligheidsmaatregelen en extra procedures. “Dat is onze grootste uitdaging. De keerzijde van de medaille is dat we met ons allen bereid zullen moeten zijn om mee te betalen. Als elke arbeider een eigen auto nodig heeft om naar de werf te gaan, moet dat betaald worden, door het bedrijf en de maatschappij. We hebben allemaal ook ‘prijs gegeven’ voor bepaalde werken die maanden of jaren lopen. We moeten zorgen dat we onze marges en rentabiliteit halen.” “De marges in de bouw zijn sowieso laag en komen zwaar onder druk”, vult Defruyt aan.

Zal de bouwsector er na de coronacrisis fundamenteel anders uitzien? Karel Derde vreest van niet. “De bouwsector is een redelijk conservatieve sector. Telewerk is sowieso voor ons minder aan de orde, zeker niet op werven. Never waste a good crisis, maar ik denk dat het weer snel business as usual zal zijn, ook bij onze werknemers. Met alle respect, maar de ratrace doen mensen zichzelf grotendeels aan en niet de werkgevers. Dat blijkt nu we plots zeeën van tijd hebben. Ook bij mij zijn er veel avondactiviteiten weggevallen.” Wauman denkt wel dat er ook in de bouwsector meer virtueel vergaderd zal worden. Het is echter koffiedik kijken hoe de bouwsector er binnen enkele maanden zal uitzien. “Het volume werk is sinds begin van corona met 60 procent gedaald, het zal een tijd duren vooraleer we dat verlies weer inhalen. Er staan wel een aantal grote overheidswerken op til, maar je weet niet hoe de investeringscapaciteit van private bedrijven en van particulieren zal evolueren.” Wauman en Derde vrezen ook voor faillissementen, waarbij het kaf van het koren zal gescheiden worden.

Kristof Defruyt maakt nog een opmerkelijk standpunt. Vandenbussche onderhoudt al jarenlang nauwe contacten met de technische scholen voor de rekrutering van jong talent. “In de toekomst kunnen we hopelijk weer meer nationaal rekruteren waardoor we ook minder afhankelijk zijn van buitenlandse werkkrachten. We werken al jaren met Polen, Portugezen en Roemenen omdat we te weinig Belgisch werkvolk vinden. Wie als Belg of Vlaming in de bouw aan de slag wil, heeft meteen werk.” Die stelling wordt trouwens sterk ondersteund door Confederatie Bouw.

Defruyt werkte in een vorig leven op de baggerschepen van Jan De Nul. “Daar leerde ik snel en kordaat beslissen. Maar dit is de eerste keer dat ik geconfronteerd word met zoveel onzekere parameters. Gelukkig communiceren wij met onze medewerkers niet zoals onze overheden met de burgers. Moesten wij dat op die manier aanpakken, dan krijgen we de boemerang snel in ons gezicht”, besluit hij met een knipoog.

Tekst Sam De Kegel – foto Wim Kempenaers
Domestic Services
Banque de Luxembourg
Deloitte
ING
Logo Mensura
Proximus
SD  Worx
BovaEnviro+
G4S
Soundfield
Jobat