Overslaan en naar de inhoud gaan
  • 22/07/2026

Tijdens ons webinar "ETS2 op komst: wat betekent de nieuwe CO₂-prijs voor jouw onderneming?" ontvingen we heel wat vragen van ondernemers. Dat bevestigt dat ETS2 leeft en dat de nieuwe Europese regelgeving veel bedrijven aanzet om zich tijdig voor te bereiden. Op deze pagina beantwoorden Bright Adiyia, Team Manager bij VITO-EnergyVille en Yannick Van den Broeck, Expert Energie en Klimaat bij Voka de meest gestelde vragen en geven we heldere, praktijkgerichte antwoorden. Zo krijg je snel meer inzicht in de impact van ETS2 op jouw onderneming en de stappen die je vandaag al kunt zetten om je voor te bereiden op de komst van de nieuwe CO₂-prijs

Wat verwachten jullie van de nakende revisie van ETS en de impact daarvan? 

De Commissie probeert met deze herziening een nieuw evenwicht te vinden tussen klimaatambitie en industriële competitiviteit. Vanuit VITO nemen we geen standpunt in over die beleidskeuzes. Wel kunnen we duiden welke verwachte impact de voorgestelde wijzigingen waarschijnlijk zullen hebben op bedrijven. De ETS blijft de hoeksteen van het Europese klimaatbeleid. De Commissie wil de overgang geleidelijker maken. Ze stelt voor om de emissieplafonds na 2030 minder snel af te bouwen dan vandaag voorzien. Daardoor komt er meer aanbod van emissierechten en neemt de kostendruk voor de industrie op korte termijn af. Industrieën zouden langer gratis emissierechten kunnen behouden, op voorwaarde dat ze blijven investeren in decarbonisatie. Dat vermindert de directe ETS-kost, maar koppelt die ondersteuning expliciet aan investeringen. De Commissie wil ook dat een groter deel van de ETS-opbrengsten terugvloeit naar de industriële transitie. Het voorstel vraagt dat minstens 50% van de ETS-inkomsten wordt ingezet voor industriële decarbonisatie. De impact op de competitiviteit zal niet eenduidig zijn. Op korte termijn verlaagt meer flexibiliteit de kosten voor emissie-intensieve bedrijven. Op langere termijn blijft een voldoende sterk én voorspelbaar CO₂-prijssignaal belangrijk om investeringen in nieuwe technologieën economisch te verantwoorden.

Wat zit er in de definitie van transport? Is openbaar vervoer inbegrepen? Electrificatie is volop bezig maar dit duurt nog langer dan 2030. 

ETS2 is van toepassing op brandstoffen die worden gebruikt in het wegvervoer. Dat omvat in principe alle voertuigen die op de openbare weg rijden: personenwagens, bestelwagens, vrachtwagens én bussen, dus ook openbaar vervoer op de weg. Spoorvervoer, binnenvaart, luchtvaart en zeevaart vallen niet onder ETS2. Elektrisch openbaar vervoer wordt bovendien niet rechtstreeks door ETS2 getroffen, omdat elektriciteit al onder ETS1 valt. Een belangrijke nuance is dat ETS2 niet wordt opgelegd aan de vervoersmaatschappij zelf, maar aan de brandstofleverancier. Die moet emissierechten aankopen voor de fossiele brandstoffen die hij op de markt brengt. De extra kost kan vervolgens (gedeeltelijk) worden doorgerekend in de brandstofprijs. Wat betreft de vraag over 2030: dat klopt. De elektrificatie van het wegvervoer is volop bezig, maar zeker voor zware vrachtwagens en een deel van de busvloot zal de omschakeling nog doorlopen na 2030. Daardoor zullen fossiele brandstoffen ook na 2030 nog gebruikt worden en blijft ETS2 gedurende die overgangsperiode een economische prikkel om efficiënter met fossiele brandstoffen om te gaan en waar mogelijk te investeren in koolstofarme alternatieven.

Wordt de elektriciteitsbeurs losgekoppeld van de olieprijs? Nu volgt de elektriciteitsprijs nog te sterk de olieprijs. 

De elektriciteitsprijs is vandaag niet rechtstreeks gekoppeld aan de olieprijs, maar vooral aan de gasprijs. Wanneer gascentrales nodig zijn om de elektriciteitsvraag te dekken, bepaalt hun productiekost vaak de elektriciteitsprijs. Daarom zien we dat hoge gasprijzen ook leiden tot hogere elektriciteitsprijzen. ETS2 verandert niets aan de manier waarop de elektriciteitsmarkt werkt. Wel zijn er twee ontwikkelingen die de koppeling met gas geleidelijk kunnen verminderen: 

1. Naarmate er meer wind, zon, kernenergie en flexibiliteit (zoals opslag en vraagsturing) beschikbaar zijn, zijn er minder uren waarin een gascentrale de prijs bepaalt. Dan wordt de elektriciteitsprijs gemiddeld minder afhankelijk van gas. 

2. De EU heeft de elektriciteitsmarkt al hervormd om consumenten beter te beschermen tegen prijsschokken, onder meer door meer langetermijncontracten (CfD's en PPA's) te stimuleren. Maar het principe van marginale prijsvorming blijft behouden Voor elektrificatie is vooral een betaalbare én voorspelbare elektriciteitsprijs belangrijk. ETS2 zorgt voor een hogere kost van fossiele brandstoffen, maar het succes van elektrificatie hangt evenzeer af van hoe de elektriciteitsprijzen zich ontwikkelen. Daarom zijn ook investeringen in hernieuwbare energie, netten, opslag en flexibiliteit belangrijk.

Wat vinden jullie van de (voorgestelde) wijzigingen van de marktstabiliteitsreserve? 

Vanuit VITO nemen we geen standpunt in over de voorgestelde wijzigingen. We kunnen wel duiden wat de impact waarschijnlijk is. De Commissie stelt voor om de marktstabiliteitsreserve (MSR) minder strikt te maken, zodat meer emissierechten beschikbaar blijven als buffer. Dat kan de CO₂-prijs minder volatiel maken en de kostendruk voor de industrie op korte termijn verlagen. Tegelijk betekent het ook dat het prijssignaal voor investeringen mogelijk minder sterk wordt. Het is belangrijk dat bedrijven een voldoende voorspelbaar investeringskader hebben. De MSR is één van de instrumenten die de stabiliteit van de koolstofmarkt beïnvloedt. De uiteindelijke impact zal afhangen van hoe deze wijziging samenwerkt met de andere onderdelen van de ETS-herziening, zoals de emissieplafonds, de gratis allocatie en de investeringssteun.

Rekenen we in payback berekeningen best met een prijs van 45 of 60 euro per tCO2? 

Voor paybackberekeningen rekenen we best niet met één voorspelde ETS2-prijs. €45 per ton is geen gegarandeerde marktprijs, maar een interventiedrempel. Een scenarioanalyse, bijvoorbeeld met €45, €60 en €90 per ton, toont beter hoe robuust een investering is. Voor een voorzichtige businesscase kan je €60/tCO₂ als centrale aanname nemen, met €45 en €90 als gevoeligheidsanalyse. De reden is dat de ETS2-prijs door de markt wordt bepaald en dus onzeker is. De vaak genoemde €45/tCO₂ is geen vaste prijs en ook geen absoluut prijsplafond. Het is een wettelijke drempel, uitgedrukt in prijzen van 2020 en geïndexeerd voor inflatie, waarboven tijdens de eerste werkingsjaren extra rechten uit de marktstabiliteitsreserve kunnen worden vrijgegeven. Dat mechanisme kan prijsstijgingen temperen, maar garandeert niet dat de prijs onder €45 blijft.

Heeft de voorfinanciering (aankoop van de certificaten) een directe negatieve impact voor bedrijven? 

Ja, voor de gereguleerde entiteiten kan ETS2 een impact hebben op de kasstromen, omdat emissierechten moeten worden aangekocht en beheerd. Voor de meeste bedrijven die brandstof afnemen, vertaalt die impact zich niet in een voorfinanciering van emissierechten, maar eventueel in een hogere brandstofprijs.

Wordt de totale ETS2 prijs nog beïnvloed door tax, of moet je ook tax betalen op prijs energie + ETS2? Is dat losgekoppeld van elkaar?

 ETS2 staat formeel los van belastingen: het is een kost voor de brandstofleverancier, geen aparte belasting voor de gebruiker. Wanneer de leverancier die kost doorrekent, wordt ze wel onderdeel van de energie- of brandstofprijs. De btw wordt vervolgens normaal berekend op de totale prijs, inclusief de doorgerekende ETS2-kost en de bestaande accijnzen. Er kan dus een btw-effect boven op de ETS2-kost ontstaan, maar de accijnzen stijgen daardoor niet automatisch. Voor de eindfactuur betekent dit doorgaans: energieprijs + doorgerekende ETS2-kost + accijnzen/heffingen = belastbare basis waarop btw wordt berekend. De btw wordt namelijk berekend op alles wat de leverancier als vergoeding ontvangt. De Europese btw-regels bepalen bovendien dat belastingen, accijnzen en heffingen — behalve de btw zelf — deel uitmaken van de belastbare basis.

De EU streeft ernaar om onafhankelijk te zijn van de fossiele brandstoffen en stuurt aan op electrificatie. Maar dat maakt ons afhankelijk van andere grondstoffen die de EU ook niet in de hand heeft. Bijvoorbeeld voor het maken van batterijen of windmolens, zonnepanelen en wat met het afval dat dit op termijn met zich meebrengt? Wat is het beleid hierover? 

De energietransitie vermindert onze afhankelijkheid van fossiele brandstoffen, maar verhoogt inderdaad de vraag naar bepaalde kritieke grondstoffen zoals lithium, nikkel, kobalt en zeldzame aardmetalen. Dat risico erkent de Europese Unie ook. Daarom bestaat het beleid niet alleen uit elektrificatie, maar ook uit het diversifiëren van de aanvoer, meer Europese verwerking en recyclage, en een circulaire economie. Wat het afval betreft: windturbines, zonnepanelen en batterijen zijn geen wegwerpproducten. Ze hebben een levensduur van (grootte-orde) 20 tot 40 jaar. Bovendien worden ze niet verbrand zoals olie, gas of steenkool. De materialen blijven aanwezig in het product en kunnen na gebruik in belangrijke mate worden hergebruikt of gerecycleerd. Net daarom zet Europa sterk in op circulariteit en de uitbouw van een recyclage-industrie voor batterijen, zonnepanelen en windturbines. De EU werkt aan regelgeving en investeringen om die materialen aan het einde van hun levensduur maximaal te hergebruiken en te recycleren.

Kunnen ondernemingen zich indekken tegen de risico's van ETS2-kosten zoals bijvoorbeeld bij lange termijncontracten. Kan een vorm van ETS2-toeslag contractueel worden opgenomen? 

Ja, bedrijven kunnen in principe contractueel afspraken maken over hoe toekomstige ETS2-kosten worden verdeeld. Dat kan bijvoorbeeld via een prijsherzieningsclausule of een aparte ETS2-toeslag. Dat is geen verplichting vanuit de ETS2-wetgeving, maar een commerciële afspraak tussen leverancier en klant. Vanuit VITO zien we dat ETS2 één van de prijscomponenten wordt waarmee bedrijven rekening zullen moeten houden in langetermijncontracten. Hoe dat precies gebeurt, is geen technische of beleidsmatige vraag, maar vooral een commerciële en contractuele keuze. Voor investeringsbeslissingen is het wel belangrijk dat bedrijven verschillende ETS2-prijsscenario's meenemen in hun business case, zodat ze niet alleen op één verwachte CO₂-prijs rekenen.

Moet je ook de ETS2-prijs betalen als je verwarmt met biomethaan i.p.v aardgas? Wat met restwarmte van een WKK op aardgas? 

Als het gaat om duurzaam biomethaan dat voldoet aan de Europese duurzaamheidscriteria (RED) én dat correct administratief kan worden aangetoond, dan hoeft daarvoor geen ETS2-kost te worden betaald. Wordt dat niet aangetoond, dan wordt het voor ETS2 als fossiele brandstof behandeld. Wat betreft de de restwarmte van een WKK op aardgas: de restwarmte zelf wordt niet belast. Maar als de WKK op aardgas draait, blijft het aardgas een fossiele brandstof. Daarop is dus wel een ETS2-prijs van toepassing.

Krijgen groene energieproducenten een negatieve CO2-uitstoot? Maken zij emissierechten aan die ze dan zelf kunnen vermarkten? 

Nee. Hernieuwbare energieproducenten krijgen geen negatieve CO₂-uitstoot en creëren ook geen emissierechten. Het ETS beloont emissiereductie niet door extra emissierechten uit te delen, maar doordat je geen emissierechten hoeft aan te kopen.

Geloven jullie dat veel investeringen zullen gebeuren voor 2030 (met veel spelers die een "1.5°C scenario" decarbonizatie doelen hebben)? 

We verwachten dat er richting 2030 nog heel wat investeringen zullen gebeuren. Veel bedrijven hebben immers eigen klimaatdoelstellingen voor 2030 en bereiden zich voor op een koolstofarmere economie. Hoe snel die investeringen effectief plaatsvinden, hangt echter af van veel factoren, zoals de businesscase, energieprijzen, netcapaciteit, vergunningen en toegang tot kapitaal. ETS2 kan daarbij een extra stimulans zijn, maar is zelden de enige drijfveer.

Hoe zullen bedrijven de kosten van ETS2 betalen? Komen die via een belasting, via de factuur van de energieleverancier, of via beide? 

Voor de meeste bedrijven zal de ETS2-kost niet als een aparte belasting worden aangerekend. De verplichting ligt bij de brandstofleverancier, die de kost geheel of gedeeltelijk kan doorrekenen in de prijs van aardgas, stookolie of transportbrandstoffen. Voor de eindgebruiker zal de ETS2-kost zich dus meestal vertalen in een hogere energiefactuur. Als met (a) de bestaande belastingen (accijnzen, energieheffingen, btw, ...) worden bedoeld en met (b) de doorgerekende ETS2-kost: daar is geen algemeen percentage op te plakken. Belastingen verschillen sterk per lidstaat en per brandstof. Ook de ETS2-kost hangt af van de marktprijs van emissierechten én van de mate waarin leveranciers die kost doorrekenen. Daarom is het niet mogelijk om vandaag te zeggen welk aandeel van de uiteindelijke energiefactuur uit belastingen of uit ETS2 zal bestaan. Er is dus geen vaste verhouding tussen belastingen en ETS2-kosten.

Zal ETS2 de netcongestie versnellen? 

Ja, dat is een reëel aandachtspunt. ETS2 stimuleert bedrijven om fossiele brandstoffen te vervangen door elektrische alternatieven zoals warmtepompen, e-boilers of elektrische voertuigen. Daardoor kan de vraag naar elektriciteit sneller toenemen, wat lokaal de netcongestie kan versterken. Tegelijk is netversterking net één van de randvoorwaarden om die elektrificatie mogelijk te maken. ETS2 alleen volstaat niet om de energietransitie te realiseren. Een CO₂-prijs geeft een economische prikkel, maar bedrijven kunnen pas elektrificeren als ook de randvoorwaarden aanwezig zijn: voldoende netcapaciteit, betaalbare elektriciteit, voldoende flexibiliteit en een vergunningenbeleid dat investeringen mogelijk maakt. Netcongestie hoeft bovendien niet altijd opgelost te worden door zwaardere netten. Ook flexibiliteit, batterijen, slim laden, lokale energie-uitwisseling en vraagsturing kunnen helpen om de piekbelasting te verminderen. De oplossing bestaat dus uit een combinatie van netuitbreiding én een slimmer gebruik van het elektriciteitssysteem.

Vanaf wanneer kunnen we het effectief doorrekenen van de ETS2-kosten door de energieleverancier verwachten? 

Vanaf de start van ETS2 in 2028 verwachten we dat de CO₂-kost geleidelijk zal worden verwerkt in de prijs van fossiele brandstoffen. Er is echter geen wettelijke verplichting die voorschrijft vanaf welke dag of in welke mate leveranciers die kost moeten doorrekenen. Dat zal verschillen per leverancier en per contract.

Hoe gevoelig is het systeem aan eventuele fraude? 

Zoals elk systeem waarin een economische waarde wordt verhandeld, is ook ETS2 niet volledig immuun voor fraude. Maar ETS2 is opgebouwd op de ervaring van bijna twintig jaar ETS1. Daarom zijn er vandaag uitgebreide monitoring-, rapporterings- en verificatieverplichtingen, een centraal Europees register en geaccrediteerde onafhankelijke verificateurs. Geen enkel marktsysteem is volledig fraudebestendig. De vraag is dus niet of het risico nul is, maar of er voldoende controlemechanismen zijn. ETS2 bouwt voort op de ervaring van ETS1 en bevat vandaag aanzienlijk strengere controles dan bij de start van het oorspronkelijke systeem. Vanuit VITO verwachten we daarom niet dat fraude een bepalende factor zal zijn voor de werking van ETS2, al blijft blijvend toezicht uiteraard belangrijk.

Wat als mijn bedrijf door een beperkte netcapaciteit niet kan overschakelen op elektrificatie? Zijn er ondersteunende maatregelen?

Dat is een reële uitdaging. Als een bedrijf niet kan elektrificeren omdat er onvoldoende netcapaciteit beschikbaar is, dan verdwijnt de ETS2-prikkel niet. Vandaag bestaat er ook geen algemene compensatieregeling omdat een bedrijf door netcongestie niet kan overschakelen op elektriciteit. De oplossing wordt vandaag vooral gezocht in netversterking, flexibele aansluitingen en alternatieve manieren om de beschikbare netcapaciteit slimmer te benutten. Voor zover wij weten bestaat er vandaag geen algemene regeling die bedrijven compenseert voor ETS2-kosten omdat een elektrificatieproject niet kan doorgaan wegens een gebrek aan netcapaciteit. Dat is eerder een vraag voor de overheid dan voor het ETS2-systeem zelf. Deze vraag toont mooi aan dat ETS2 slechts één onderdeel van de transitie is. Een CO₂-prijs creëert een investeringsprikkel, maar zonder voldoende netcapaciteit, flexibiliteit en infrastructuur kunnen bedrijven die investering soms niet realiseren. Daarom moeten prijsprikkels en infrastructuurontwikkeling hand in hand gaan.

Waarom vraagt een energieleverancier naar de activiteitscategorie bij de eindverbruiker? Is er een verschil in tarief dat zal doorgerekend worden? 

De activiteitscategorie is in de eerste plaats nodig om te bepalen of de geleverde brandstof binnen of buiten het toepassingsgebied van ETS2 valt. Leveranciers moeten namelijk kunnen aantonen aan welke eindgebruikers en aan welke sectoren ze leveren. Het is dus vooral een rapporterings- en complianceverplichting, geen tariefcategorie op zich.

Is er een rekenregel in de prijsbepaling van hoe de elektriciteit opgewekt wordt? Bijvoorbeeld zonnepanelen, windmolens, kernenergie, verbranding... Elke manier van opwekken heeft ook zijn aparte CO2-emissies. Of wordt alles gelijkgesteld aan 0 ton CO2? 

Voor een eindgebruiker van elektriciteit betaal je geen ETS2 op basis van de CO₂-uitstoot van de elektriciteitsmix. Elektriciteit valt onder ETS1. De elektriciteitsproducent betaalt ETS1 voor de CO₂-uitstoot van zijn centrale. Die kost kan vervolgens mee in de elektriciteitsprijs terechtkomen. Als eindgebruiker wordt dus niet gekeken of jouw stroom op dat moment uit wind, zon of gas komt. ETS1 kijkt naar de werkelijke uitstoot van de producent. Een gascentrale moet emissierechten inleveren. Een windpark niet. Een kerncentrale ook niet. Dus:

 • wind → ongeveer 0 ton CO₂ tijdens productie → geen ETS1-kost 

• zonnepanelen → idem • kernenergie → idem • gascentrale → wel ETS1-kost 

• steenkoolcentrale → nog hogere ETS1-kost De ETS-kost zit dus bij de producent, niet bij de afnemer. 

Op je elektriciteitsfactuur staat niet: 

• 31% hernieuwbaar 

• 25% kernenergie 

• 44% fossiel 

Je betaalt één marktprijs. Die marktprijs wordt bepaald door de centrale die op dat moment als laatste nodig is om aan de vraag te voldoen. Dat is in Europa nog vaak een gascentrale. Daardoor kan ook elektriciteit uit wind of kernenergie verkocht worden aan dezelfde marktprijs. Dat verklaart waarom elektriciteitsprijzen soms hoog blijven, ook al wordt een groot deel van de elektriciteit goedkoop geproduceerd. 

ETS rekent dus niet met een gemiddelde CO₂-uitstoot van de elektriciteitsmix voor de eindgebruiker. De uitstoot wordt afgerekend bij de elektriciteitsproducent. Een gascentrale betaalt ETS1, een windpark of kerncentrale niet. Die ETS-kosten kunnen vervolgens mee doorwerken in de elektriciteitsprijs. Voor de afnemer wordt dus niet per kWh berekend hoeveel procent van die stroom uit wind, zon of gas afkomstig was.

Geldt ETS2 ook voor landbouwbedrijven die bijvoorbeeld landbouwgewassen drogen met aardgas? 

In principe niet. De landbouwsector is expliciet uitgezonderd van ETS2. Dat betekent dat aardgas dat wordt gebruikt voor landbouwactiviteiten, zoals het drogen van maïs of aardappelen, normaal niet onder ETS2 valt. Voor zover het gaat om een echte landbouwactiviteit, zoals het drogen van landbouwgewassen op een landbouwbedrijf, is de landbouwsector uitgesloten van ETS2. Het is wel belangrijk dat de leverancier correct kan vaststellen dat het effectief om een uitgesloten landbouwtoepassing gaat.

Zijn er maatregelen voor CO2-uitstoot die los staan van energieverbruik? 

ETS2 richt zich uitsluitend op de CO₂-uitstoot die ontstaat door het verbranden van fossiele brandstoffen. Er bestaan daarnaast nog heel wat andere maatregelen voor broeikasgasemissies die niet rechtstreeks met energieverbruik te maken hebben. ETS2 is dus geen algemeen CO₂-beleid. Het is een specifiek instrument dat een prijs zet op de CO₂-uitstoot van fossiele brandstoffen in gebouwen, wegtransport en enkele andere sectoren. Voor andere broeikasgasemissies gebruikt Europa andere beleidsinstrumenten.

Aangezien de elektriciteitsprijs vooral door de gasprijs wordt bepaald, wat is de verwachte impact van ETS2 op de elektriciteitsprijs? 

De rechtstreekse impact van ETS2 op de elektriciteitsprijs is zeer beperkt. ETS2 is namelijk niet van toepassing op elektriciteitsproductie, maar op fossiele brandstoffen voor gebouwen en wegtransport. De CO₂-kost van elektriciteitscentrales zit vandaag al in ETS1. ETS2 voegt daar dus geen extra CO₂-kost aan toe. De verwarring ontstaat omdat de elektriciteitsprijs vandaag vaak wordt bepaald door een gascentrale. Maar: de gascentrale betaalt vandaag al ETS1 en ETS2 geldt alleen voor aardgas dat rechtstreeks wordt gebruikt voor verwarming of voor transportbrandstoffen. Een gascentrale gaat dus geen ETS2 betalen boven op ETS1. Er is dus geen dubbele CO₂-prijs op de elektriciteitsproductie. De grootste impact van ETS2 zit niet aan de elektriciteitskant, maar aan de fossiele brandstofkant: aardgas voor verwarming, stookolie en transportbrandstoffen worden duurder. Indirect kan ETS2 wel leiden tot een grotere vraag naar elektriciteit door elektrificatie. Als de productiecapaciteit en de netten niet voldoende meegroeien, kan dat op termijn wel een invloed hebben op de elektriciteitsprijs.

Rechten worden geveild. Stel ik kan niet genoeg rechten kopen. Moet ik dan de productie stilleggen? 

Nee. Als er op een bepaald moment onvoldoende emissierechten beschikbaar lijken, betekent dat niet dat bedrijven of brandstofleveranciers onmiddellijk moeten stoppen. ETS2 is een markt: emissierechten worden geveild, maar kunnen ook tussen marktdeelnemers worden verhandeld. Bovendien zijn er mechanismen, zoals de marktstabiliteitsreserve, die de markt robuuster moeten maken. ETS2 is een marktmechanisme, geen rantsoeneringssysteem. Het doel is niet om bedrijven stil te leggen, maar om een prijs te zetten op CO₂-uitstoot. Als emissierechten schaarser worden, zal dat zich in de eerste plaats vertalen in een hogere CO₂-prijs. Die hogere prijs geeft een extra prikkel om emissies te verminderen of te investeren in koolstofarme alternatieven. De Europese Commissie beheert de totale hoeveelheid emissierechten zeer zorgvuldig. ETS2 is zo ontworpen dat er voldoende liquiditeit op de markt blijft. De recente voorstellen om de marktstabiliteitsreserve aan te passen zijn daar net een voorbeeld van: ze moeten ervoor zorgen dat de markt ordelijk blijft functioneren, ook wanneer de beschikbare emissierechten geleidelijk afnemen.

Waarom denkt men ook niet aan de mogelijkheden van waterstof te ondersteunen via ETS2? 

ETS2 schrijft geen technologie voor. Het zet een prijs op de CO₂-uitstoot van fossiele brandstoffen. Elektrificatie is vaak de meest kostenefficiënte oplossing, maar zeker niet de enige. In sectoren waar elektrificatie moeilijk of niet haalbaar is, kan ook duurzame waterstof een belangrijke rol spelen. Het is dus niet zo dat ETS2 kiest voor elektrificatie boven waterstof. ETS2 geeft een prijsprikkel om de CO₂-uitstoot van fossiele brandstoffen te verminderen. Welke technologie vervolgens het meest geschikt is, hangt af van de toepassing. Voor sommige processen zal dat elektrificatie zijn, voor andere kan duurzame waterstof of een ander koolstofarm alternatief beter passen.

Herbekijk het webinar

Contactpersoon

Yannick Van den Broeck

Expert Energie en Klimaat

imu - vzw - automotive
imu - vzw - wolters
imu - vzw - pom
imu - vzw - breda
imu - vzw - sd
ING
Orange
SDWorx