Vlaanderen groeit, maar veel te traag. Een magere 1% per jaar, terwijl landen als Denemarken en Zweden richting 2% gaan. Wat doen zij anders om die groei mogelijk te maken? Zeven ondernemers kennen het antwoord. De vraag is: is de politiek bereid om naar hen te luisteren? Zeven gesprekken over wat Vlaanderen kan zijn als we durven switchen naar groei. Deze keer gaat Valerie Van Peel, voorzitter van N-VA, in gesprek met Gert Bervoets, CEO van H.Essers.
Logistiek is een essentiële schakel in onze economie. Het ecosysteem creëert zelf economische activiteit, maar ondersteunt tegelijk zowat alle andere ecosystemen. Via de weg, het water en de lucht zorgt logistiek ervoor dat goederen hun bestemming bereiken en Vlaamse ondernemingen verbonden blijven met de rest van de wereld. Voor een kleine, internationaal georiënteerde economie als Vlaanderen is sterke logistiek dan ook cruciaal. Maar om die positie verder uit te bouwen, moeten goederen vlotter kunnen bewegen. Infrastructuur, bereikbaarheid en efficiëntie spelen daarin een belangrijke rol.
De haven als logistiek knooppunt
Eén van de belangrijkste schakels binnen dat logistieke netwerk is de haven van Antwerpen-Brugge. Gert Bervoets benadrukt het grote economische belang ervan. De haven is niet alleen een logistiek knooppunt, maar huisvest ook de grootste geïntegreerde chemiecluster van Europa. “Dat is een kroonjuweel waar we over moeten waken.”
Daarbij speelt ook de ontsluiting van de haven een belangrijke rol. Goederen moeten zo efficiënt mogelijk de haven in en uit kunnen. Dat versterkt niet alleen de logistiek zelf, maar ook de industriële bedrijven die er gevestigd zijn. Met de Oosterweelverbinding wordt vandaag volop geïnvesteerd in die bereikbaarheid. Het is de grootste infrastructuurwerf van Vlaanderen en moet de komende decennia een belangrijke impact hebben op transport en logistiek, maar ook op het bredere economische weefsel.
Voor Gert heeft Vlaanderen alles in handen om zijn logistieke positie binnen Europa verder uit te bouwen. Onze centrale ligging, havens en infrastructuur zijn daarbij belangrijke troeven. Ook Valerie Van Peel ziet in Oosterweel een voorbeeld van hoe infrastructuur economische groei kan ondersteunen.
Minder tijd verliezen in de file
Een goede infrastructuur is ook nodig om de structurele congestie op onze wegen aan te pakken. Files kosten de economie jaarlijks zo'n 6 miljard euro. Transportondernemingen voelen die impact rechtstreeks, maar uiteindelijk wegen die kosten ook door op andere ondernemingen die afhankelijk zijn van een vlotte logistiek.
Gert Bervoets ziet dat heel concreet in de dagelijkse werking. De gemiddelde snelheid binnen het transport is in België gedaald van 66 naar 60 kilometer per uur door het fileleed. Minder kilometers afleggen binnen dezelfde tijd betekent hogere kosten en een lagere productiviteit. Maar infrastructuur alleen volstaat niet. Ook een flexibelere organisatie van arbeid kan helpen. Meer mogelijkheden om bijvoorbeeld 's nachts te werken, kunnen activiteiten beter over de dag spreiden en zo de druk op het wegennet verminderen.
Op dat vlak zijn al stappen gezet, geeft Valerie Van Peel aan. Voor Gert is het nu belangrijk dat die maatregelen ook krachtig en werkbaar worden uitgewerkt en niet verzanden in een kluwen van regels.
Als je niet zorgt voor groei en welvaart, dan kan je als overheid ook niet inzetten op welzijn.
Valerie Van Peel, voorzitter N-VA
Infrastructuur als basis voor groei
Ondernemingen kunnen zelf veel doen om hun logistieke processen efficiënter te organiseren. Maar voor de infrastructuur waarop die processen draaien, ligt een belangrijke verantwoordelijkheid bij de overheid. “Wij doen ons best om die schepen zo snel mogelijk door de haven te loodsen”, zegt Gert. De infrastructuur errond zo efficiënt mogelijk organiseren, is volgens hem een belangrijke opdracht voor de overheid.
Dat gaat niet alleen over grote nieuwe projecten. Ook voldoende onderhoud van bestaande infrastructuur, zoals de Brusselse Ring, blijft noodzakelijk. Daarnaast is extra capaciteit nodig waar het logistieke netwerk vandaag tegen zijn grenzen aanloopt. Ook bijkomende containercapaciteit hoort daarbij. Valerie Van Peel geeft aan dat verdere investeringen nodig zijn om onze logistieke infrastructuur klaar te maken voor de toekomst.
Sterke wisselwerking tussen logistiek en industrie
Logistiek staat bovendien niet op zichzelf. Voor Gert Bervoets is de wisselwerking met de industrie cruciaal. “Logistiek kan niet zonder de industrie, en omgekeerd.” Een bloeiende industrie creëert goederenstromen, terwijl industriële bedrijven op hun beurt afhankelijk zijn van een performant logistiek netwerk.
Een groeibeleid voor logistiek gaat daarom verder dan wegen, havens en containercapaciteit. Valerie Van Peel plaatst logistiek binnen een breder economisch plaatje. Naast infrastructuur zijn ook competitieve energieprijzen, onderzoek en ontwikkeling en stabiele overheidsfinanciën van belang om ondernemingen voldoende zekerheid te geven.
De verschillende uitdagingen kunnen dan ook moeilijk los van elkaar worden bekeken. Een sterke industrie, performante logistiek en goede infrastructuur versterken elkaar. De switch naar groei vraagt hier dus om een combinatie van gerichte investeringen in infrastructuur, meer efficiëntie en flexibiliteit én een sterk industrieel weefsel. Zo kan Vlaanderen zijn centrale ligging blijven uitspelen en zijn logistieke positie in Europa verder versterken.








