Artificiële intelligentie is geen exclusief speeltje meer. Zowat iedereen gebruikt het. Toch worstelen veel ondernemers met dezelfde vraag: wat levert het concreet op? Volgens Alexander Frimout, Team Lead AI bij ACA Group, ligt de echte doorbraak in de strategische integratie. “AI moet meer zijn dan een oplossing op zoek naar een probleem.”

Sinds de doorbraak van generatieve AI eind 2022 is de technologische evolutie in een stroomversnelling geraakt. Bedrijfsleiders en managementteams voelen dat ze iets met AI moeten doen. “Je hoort vaak: we mogen de AI-trein niet missen”, zegt Alexander. “Maar de echte vraag is niet of je opstapt. De vraag is waar en met welke bestemming.”
Volgens hem zitten veel bedrijven vandaag in een overgangsfase. Medewerkers gebruiken AI-tools voor mails, samenvattingen of presentaties. Dat verhoogt de persoonlijke efficiëntie, maar is verre van een transformatie. “Individueel gebruik is een eerste stap. Pas wanneer je AI koppelt aan de kernprocessen van je bedrijf, begin je echt waarde te creëren.”
Voorbij de hype
De voorbije jaren vloeiden aanzienlijke budgetten naar AI-projecten, voornamelijk in de VS. Daarbij ontbrak volgens Alexander vaak een duidelijke businesscase. “Er werd gestart vanuit de technologie, niet vanuit een probleem. Dat is de omgekeerde logica: normaal vertrek je van een knelpunt en zoek je daar de juiste oplossing bij.”
Veel AI-toepassingen situeren zich vandaag in marketing en communicatie. Die leveren snelheid en gemak op, maar geen structurele besparing. “De echte return zit niet in een betere mail of leuker bericht voor je sociale media. Die zit in processen waar vandaag veel manueel werk, controles of interpretatie nodig zijn.” Voor Alexander is het onderscheid helder. “AI moet niet cosmetisch zijn. Het moet structureel ingebed zijn in je werking. Anders blijft het een gadget.”
Waar AI wél rendeert
De grootste impact ziet hij in administratieve en regelgedreven projecten. “Dat zijn vaak onzichtbare processen in de backoffice, maar met enorm veel repetitief werk.” Als voorbeeld haalt hij de Europese Commissie aan. Daar worden jaarlijks meer dan 100.000 onkostendossiers verwerkt, elk met eigen projectregels. “Vandaag wordt via AI meer dan 95 procent daarvan automatisch afgehandeld, met een accuraatheid van 99 procent. Alleen uitzonderingen worden nog door een medewerker bekeken. Door die enorme tijdwinst kunnen ze meer focus leggen op complexe dossiers.”
Een gelijkaardig verhaal bij het Genkse metaalbedrijf Decomecc. Dagelijks worden er tientallen vrachtwagens met leveringsdocumenten verwerkt. Waar vroeger manuele input nodig was, gebeurt nu meer dan 80 procent automatisch. “Dat zijn concrete efficiëntiewinsten”, geeft Alexander aan. “Je spreekt al snel over enkele FTE’s die vrijkomen voor waardevoller werk. En dat is waar AI echt een hefboom wordt voor digitalisering.”
De echte vraag is niet of je opstapt. De vraag is waar en met welke bestemming.
Alexander Frimout, ACA Group
Hij beklemtoont wel dat het belangrijk is om AI niet volledig autonoom in te zetten. “We werken in onze projecten vaak met een human in the loop. Dat bouwt vertrouwen op. Op termijn kan je die tussenkomst verkleinen, maar je start gecontroleerd.”
Meer dan een tool
AI verandert niet alleen bedrijfsprocessen, maar ook de manier waarop technologie zelf gebouwd wordt. In softwareontwikkeling wordt steeds vaker gewerkt met zogenaamde agentic coding, waarbij AI als copiloot fungeert. “In sommige projecten winnen we tot vijftig procent tijd”, zegt Alexander. “Ontwikkelaars worden meer architect en analist dan pure codeerder.”
Die verschuiving is volgens hem structureel. “We evolueren naar een situatie waarin AI een standaardonderdeel wordt van elke professionele toolkit.” Dat vraagt echter ook interne verandering. Organisaties moeten medewerkers opleiden, begeleiden en duidelijke kaders scheppen. “Shadow IT, waarbij mensen op eigen houtje gratis tools gebruiken, vormt vaak een groter risico dan een doordachte AI-implementatie met duidelijke governance.”
Zijn Vlaamse kmo’s klaar?
Alexander merkt dat Vlaamse bedrijven tegelijk nieuwsgierig en voorzichtig zijn. Vooral rond data en veiligheid leven vragen. “Die bezorgdheid is gezond. Maar grote enterprise-oplossingen bieden vandaag duidelijke garanties. Het risico zit vaker in niets doen of in ongecontroleerd experimenteren.” Volgens hem wordt AI-vaardigheid dan ook een basisvereiste. “Binnen slechts enkele jaren zal het vreemd zijn als iemand zegt dat hij geen AI gebruikt. AI-tools worden even vanzelfsprekend als werken met e-mail of een ERP-systeem.”
Wat komt eraan?
De technologie staat intussen niet stil. Modellen krijgen een steeds beter geheugen en leren uit eerdere interacties. AI-agents zullen autonoom taken uitvoeren, van leadopvolging tot planning. Op langere termijn ontstaan systemen die niet alleen taal begrijpen, maar ook de fysieke wereld beter kunnen interpreteren.
“Het gaat sneller dan veel mensen denken”, besluit Alexander. “Maar AI is geen hype. Het is een strategisch traject. Wie zonder richting op de trein springt, geraakt nergens. Maar wie vertrekt vanuit duidelijke processen en doelstellingen, kan er een duurzaam concurrentieel voordeel mee opbouwen.”









