“De situatie is ernstig, maar zeker niet hopeloos”
Onze ondernemers zullen ook in de toekomst veerkrachtig moeten blijven. Dat weet Pierre Wunsch, gouverneur van de Nationale Bank van België, maar al te goed. De econoom volgde op 2 januari 2019 Jan Smets op in die functie, is ook lid van de raad van bestuur en de algemene vergadering van de Europese Centrale Bank en lid van de raad van gouverneurs bij het Internationaal Monetair Fonds. “Ik waardeer de inspanningen van de federale overheid om onze publieke schulden te beperken. Ze zijn broodnodig, maar zullen niet volstaan”, vertelt hij.
De potentiële groei van de Belgische economie staat al geruime tijd onder druk. In welke mate is dat een structureel probleem voor het Belgische groeimodel?
“Onze economie heeft de voorbije jaren al veel veerkracht en weerbaarheid getoond. De impact van covid, de oorlog in Oekraïne en de energiecrisis is vrij beperkt gebleven. Vroeger ging een recessie sowieso gepaard met een forse stijging van de werkloosheid, ook dat zagen we nu veel minder. Anderzijds is onze groeicapaciteit wel beperkt, wat vooral komt door een te lage groei van de productiviteit en een structureel hoge graad van vacatures.”
Wat moet er gebeuren om die groeicapaciteit weer te vergroten?
“Als we de impact van de technologische vooruitgang op de productiviteit meten, zien we dat die een stuk lager ligt dan wat iedereen vermoedt. Het beleidsplan van de federale overheid is heel ambitieus om de groei van de beroepsbevolking te verhogen, zo blijkt onder meer uit de maatregelen die genomen zijn op vlak van pensioenen en het stimuleren van de arbeidsmarkt door werkloosheidsuitkeringen in de tijd te beperken. Het is goed mogelijk dat die beslissingen een positieve impact zullen hebben, maar daar zal sowieso veel tijd overgaan. Een tewerkstellingsgraad van 80% bereiken is geen sinecure, maar wel haalbaar op lange termijn. Anderzijds: er bestaan geen magische oplossingen om de productiviteit verder te verhogen, al wil ik zeker niet pessimistisch zijn.
Ik was onlangs op bezoek in het Wintercircus in Gent, waar je onder meer 40 start-ups vindt die zich op AI concentreren. De vraag is of artificiële intelligentie daadwerkelijk voor die versnelling van de productiviteit zal zorgen. 2 factoren werken eerder afremmend: de strenge regelgeving van de EU en onze aversie voor risico’s, die hoger is dan in de Verenigde Staten, dat op vlak van AI sowieso een voorsprong heeft.”
Duidelijke regels moedigen investeringen aan, maar die hebben we op dit moment veel minder dan vroeger.
België vertrekt van een hoge overheidsschuldgraad in een context waarin de rente structureel hoger is dan in het voorbije decennium. Hoe beoordeelt u onze schuldhoudbaarheid op langere termijn?
“Met de begrote groei van de primaire uitgaven met 0,3% voor de volgende 4 jaar heeft de regering dat aspect in principe goed onder controle. Alleen: samen met extra uitgaven voor defensie (0,7% van het bbp), een stijging van de rentelast (0,8% van het bbp) én extra kosten voor de vergrijzing, groeit het tekort met meer dan 2%. De beleidsmaatregelen die nu op tafel liggen, zijn goed om ons tekort te stabiliseren, niét om dat structureel te verlagen. Als we naar die verlaging streven, wat nodig is, zullen er tijdens deze legislatuur – en de volgende – nog extra inspanningen nodig zijn.”
Waar zijn extra inspanningen volgens u mogelijk?
“Die zijn uiteraard afhankelijk van politieke keuzes, maar zeker op het niveau van Entiteit 2 (de Gewesten, Gemeenschappen en lokale besturen) ligt nog ruimte om meer te doen. Secundo zien we de ontvangsten van de staat dalen. Als we de efficiëntie van fiscale uitgaven analyseren, zien we dat daar zeker nog besparingen mogelijk zijn. De situatie is ernstig, maar zeker niet hopeloos of onhaalbaar, maar we hebben wel de politieke moed nodig om zeker nog inspanningen te leveren voor een totale waarde van minstens 2% van het bbp.”
Er is al ontzettend veel geïnvesteerd in AI, maar tot op vandaag heeft dat geen duidelijke impact op onze productiviteit.
Hoe zwaar wegen de huidige conflicten en geopolitieke spanningen op het vertrouwen van ondernemingen en consumenten?
“Het is logisch dat er een negatieve impact is, maar die blijft beperkt. Als we kijken naar de invoerheffingen die door de Trump-administratie zijn opgelegd, zien we een negatieve impact van 0,5 % bbp op Europees niveau, wat in de praktijk eigenlijk nog meevalt. Ons land voert zeker vanuit de farmaceutische sector nog veel uit naar de Verenigde Staten. De importtarieven voor die producten liggen momenteel nog lager dan 15%. Alleen heerst er op veel vlakken onzekerheid. Zo zijn de historisch sterke relaties met onze handelspartners (het Verenigd Koninkrijk, China, de Verenigde Staten) een stuk volatieler geworden. De situatie is gecompliceerder dan in de ‘good old days’, waarin handelsrelaties minder transactioneel waren. Duidelijke regels moedigen investeringen aan, maar die hebben we op dit moment veel minder dan vroeger.”
Wat kan er gebeuren om de Europese en Belgische economische concurrentiepositie te verbeteren?
“Op zich is de Europese Unie voldoende weerbaar. Dat heeft ze onder meer bewezen door de manier waarop ze de afhankelijkheid van Russisch gas fors heeft teruggedrongen. Tegelijk is ons competitief vermogen wat de zware industrie betreft sterk onderhevig aan onze duurzaamheidsambities. Landen die op ecologisch vlak de lat een stuk lager leggen – zoals de VS, dat zich uit het klimaatakkoord van Parijs heeft teruggetrokken – worden structureel competitiever. We staan voor een moeilijk dilemma: verliezen we een deel van onze industrie, of beschermen we onze industrie door bedrijven subsidies te verlenen of hun energie goedkoper te maken? Als dat binnen de EU op nationaal niveau gebeurt, kan dat de eenheidsmarkt in het gedrang brengen.”
Tot slot: welke boodschap wil u meegeven aan ondernemers die blijven investeren en risico’s nemen, ondanks de huidige uitdagingen?
“De wereld is veranderd. Wie relevant en competitief wil blijven, kan dat niet zomaar naast zich neerleggen. Zeker bedrijven die internationaal actief zijn, moeten zich blijven aanpassen aan de geopolitieke context en risico’s die daarop betrekking hebben op een verstandige manier beheren. Daarnaast moeten onze bedrijven en de overheid kijken hoe ze AI in hun processen kunnen integreren. Er is al ontzettend veel geïnvesteerd in AI, maar tot op vandaag heeft dat geen duidelijke impact op onze productiviteit. Wie erin slaagt om door het gebruik van AI zijn kosten te laten dalen, heeft sowieso een voorsprong op anderen. Ik ben alvast erg benieuwd naar welke impact AI dit jaar op de productiviteit van onze ondernemingen zal hebben.”
Over de Nationale Bank van België
De Nationale Bank van België (NBB), opgericht in 1850, vervult een sleutelrol in het Belgische economische en financiële landschap. Hoewel ze bij het brede publiek vooral bekendstaat als de instelling die eurobankbiljetten uitgeeft, reikt haar opdracht veel verder dan dat.
Als centrale bank waakt de NBB over de stabiliteit van het financiële systeem en het vertrouwen in financiële instellingen. Dat is cruciaal voor een goed functionerende economie en een vlot en betrouwbaar betalingsverkeer, zowel cash als digitaal. Samen met de Europese Centrale Bank zet ze zich in om de waarde van het geld stabiel te houden, met als doel de inflatie op middellange termijn rond 2% te beperken.
Daarnaast oefent de Nationale Bank toezicht uit op Belgische banken, verzekeringsmaatschappijen en beursvennootschappen. Dat toezicht moet garanderen dat spaargeld en beleggingen beschermd zijn en dat financiële instellingen gezond en weerbaar blijven. De NBB is ook de bankier van de overheid en beheert onder meer de Balanscentrale en de Kredietcentrale, waarin jaarrekeningen en kredietgegevens worden verzameld.





