Sinds 24 juli 2026 gelden in de Verenigde Staten nieuwe invoerheffingen voor producten uit 60 handelspartners, waaronder de Europese Unie. Voor Europese producten komt er niet automatisch 10% boven op het bestaande invoertarief. Het totale tarief binnen deze nieuwe regeling bedraagt in principe 10%. Ligt het normale Amerikaanse invoertarief al op 10% of hoger? Dan blijft dat hogere tarief gelden.
Waarom voeren de VS deze heffingen in?
De Amerikaanse overheid koppelt de maatregel aan de aanpak van dwangarbeid in internationale productieketens. Volgens de Verenigde Staten nemen de betrokken handelspartners onvoldoende maatregelen om producten die geheel of gedeeltelijk met dwangarbeid zijn gemaakt van hun markt te weren.
De heffingen steunen op Section 301 van de Amerikaanse Trade Act van 1974. Die wet laat de Verenigde Staten toe handelsmaatregelen te nemen tegen buitenlandse praktijken die volgens de Amerikaanse overheid onredelijk zijn en de Amerikaanse handel schaden.
Afhankelijk van de handelspartner bedraagt de nieuwe heffing 10% of 12,5%. Voor de Europese Unie geldt een aparte berekening.
Wat geldt voor producten van EU-oorsprong?
Voor Europese producten kijkt de Amerikaanse douane eerst naar het normale invoertarief. In de officiële documenten wordt dit het MFN-tarief genoemd. De berekening verloopt als volgt:
- Het normale invoertarief ligt lager dan 10%: de nieuwe Section 301-heffing vult het verschil aan tot een totaal van 10%.
- Het normale invoertarief bedraagt 10% of meer: er komt geen bijkomende Section 301-heffing bij. Het hogere normale invoertarief blijft wel volledig gelden.
Een voorbeeld:
- normaal invoertarief: 4%;
- nieuwe Section 301-heffing: 6%;
- totaal: 10%.
Bedraagt het normale invoertarief bijvoorbeeld 12%? Dan blijft het tarief 12%. Het wordt dus niet verlaagd tot 10%.
De vermelde 10% is met andere woorden geen algemene toeslag van 10% boven op het bestaande invoertarief.
Tijdelijke toeslag maakt plaats voor nieuwe regeling
De nieuwe Section 301-heffingen volgen op de tijdelijke Section 122-heffing. Die tijdelijke maatregel gold sinds 24 februari 2026 en legde in principe 10% boven op het normale invoertarief. De tijdelijke heffing liep af op 24 juli 2026, op hetzelfde moment dat de nieuwe regeling in werking trad.
Voor veel Europese producten verandert daardoor vooral de berekening. Onder de tijdelijke regeling ging het om het normale invoertarief plus 10%. Onder de nieuwe Section 301-regeling wordt het normale invoertarief aangevuld tot 10%, tenzij dat normale tarief al hoger ligt.
Niet ieder product krijgt hetzelfde tarief
De Amerikaanse beslissing bevat verschillende uitzonderingen. Bepaalde grondstoffen en producten vallen niet onder de nieuwe heffing. De officiële bijlage vermeldt de betrokken Amerikaanse goederencodes en de uitzonderingen per handelspartner.
Exporteurs controleren daarom best voor elk product afzonderlijk:
- de oorsprong van het product;
- de correcte Amerikaanse goederencode;
- het normale Amerikaanse invoertarief;
- eventuele uitzonderingen in de officiële bijlage;
- andere Amerikaanse handelsmaatregelen die op het product van toepassing zijn.
Die laatste controle blijft belangrijk. Voor bepaalde producten gelden bijvoorbeeld nog andere heffingen, zoals maatregelen voor staal, aluminium of specifieke sectoren. Ga dus niet uit van één algemeen Amerikaans invoertarief.
Voka West-Vlaanderen vraagt stabiliteit en voorspelbaarheid
De nieuwe Amerikaanse heffingen roepen opnieuw vragen op bij exporterende ondernemingen. De strijd tegen dwangarbeid is belangrijk. De Europese Unie beschikt daarvoor zelf al over een uitgebreid regelgevend kader.
De EU heeft een verordening aangenomen die producten die met dwangarbeid zijn vervaardigd van de Europese markt moet weren. Vanaf 14 december 2027 mogen zulke producten niet meer in de EU worden verkocht of vanuit de EU worden uitgevoerd.
De nieuwe Amerikaanse Section 301-heffingen lijken het afgesproken tariefkader onder het Turnberry-akkoord wel te respecteren. Binnen dat akkoord spraken de Europese Unie en de Verenigde Staten af dat voor de meeste Europese goederen een gecombineerd Amerikaans tarief van 15% geldt, of het hogere normale invoertarief wanneer dat al boven 15% ligt.
Toch blijft stabiliteit in de handelsrelatie tussen de Europese Unie en de Verenigde Staten voor Voka West-Vlaanderen een prioriteit. Handelstarieven verhogen de kosten voor ondernemingen en consumenten. Ze verstoren internationale waardeketens en maken investeringen en langetermijnplanning moeilijker.
Voka West-Vlaanderen blijft bovendien van oordeel dat deze eenzijdige Amerikaanse handelstarieven niet verenigbaar zijn met de regels van de Wereldhandelsorganisatie. Duidelijke, wederzijdse en voorspelbare handelsafspraken verdienen de voorkeur boven een opeenvolging van nieuwe heffingen.
Meer informatie
Lees de officiële Amerikaanse beslissing.
De betrokken Amerikaanse goederencodes, uitzonderingen en technische bepalingen staan in de officiële bijlage.
Heb je vragen over de gevolgen voor jouw onderneming? Neem contact op via vraaghet@voka.be.





