Welke impact heeft de Septemberverklaring op de Vlaamse ondernemingen? Met die vraag voor ogen analyseert Voka de Septemberverklaring die Vlaams minister-president Matthias Diependaele op woensdag 30 september uitsprak. Wat betekenen de aangekondigde maatregelen concreet voor mobiliteit, omgeving en energie?
Lozingen op oppervlaktewater
Het voorstel om de heffing voor lozingen op oppervlaktewater op te trekken tot het huidige tarief voor lozingen op de riolering, zou vooral grootgebruikers treffen. De heffing voor lozingen op oppervlaktewater is al geruime tijd niet aangepast. Bedrijven die rechtstreeks op oppervlaktewater lozen, gebruiken daarnaast de riolering niet en hebben vaak zelf zwaar geïnvesteerd in waterzuivering. Volgens de voorliggende raming zou 80% van de bijkomende heffing worden gedragen door acht grote lozers. De overige 20% komt ten laste van de andere lozers, in totaal zou het vermoedelijk gaan over 18 miljoen euro. Dit is alweer een lastenverhoging voor de industrie die vandaag al in zwaar weer zit.
Omdat de heffing jaarlijks terugkeert, vraagt Voka om de impact te milderen en te onderzoeken of er beter uitgewerkte beleidsbeslissingen kunnen genomen worden. Voor ondernemingen, die vandaag al onder zware concurrentiedruk staan, waaronder bedrijven in de chemische sector, kan deze bijkomende kost de ruimte voor investeringen, waaronder ook in circulair watergebruik of het minimaliseren van emissies, verkleinen.
Ingreep in steun indirecte emissiecompensatie
De bestaande vormen van energiesteun aan bedrijven blijven grotendeels buiten schot, wat positief is. Wel heeft de regering besloten om een beperkte ingreep toe te passen op de indirecte emissiecompensatie door raffinaderijen uit de doelgroep te halen. Voka heeft altijd gepleit voor een maximale invulling van de compensatie van indirecte CO₂-kosten voor energie-intensieve ondernemingen over de volledige waardeketen. We betreuren dan ook dat er gemorreld wordt aan de compensatie, wat de rechtszekerheid voor begunstigde bedrijven ondermijnt.
Infrastructuurbudgetten blijven buiten schot
De geplande investeringen in vervoersinfrastructuur blijven overeind. Gelet op de grote onderhoudsuitdagingen is dat volgens Voka een logische en noodzakelijke keuze. Naar schatting is er 14,55 miljard euro nodig om de bestaande onderhoudsachterstand bij onze Vlaamse vervoersinfrastructuur weg te werken. De beschikbare middelen komen vandaag zelfs niet in de buurt van dat bedrag.
Dit is dan ook niet het moment om te snoeien in de infrastructuurbudgetten. Vlaanderen moet de komende jaren net structureel meer investeren in het onderhoud en de vernieuwing van wegen, bruggen en andere infrastructuur. Alleen zo vermijden we Nederlandse toestanden, waarbij bruggen wegens hun slechte staat moeten worden afgesloten voor het vrachtverkeer, met aanzienlijke economische gevolgen voor ondernemingen en logistieke ketens.
Verhoging van de registratierechten van 2 naar 3%
De Vlaamse regering kondigde aan het verlaagde verkooprecht voor de aankoop van de enige eigen woning opnieuw op te trekken van 2% naar 3%. Voor kopers betekent dat een hogere instapkost, amper twee jaar na de verlaging van het tarief. Wie een woning koopt maar ook bouwt of verkoopt, moet kunnen rekenen op voorspelbare regels. Na deze koerswijziging is fiscale stabiliteit en uniformiteit dan ook nodig. Tegelijk vraagt de woonproblematiek om meer dan aanpassingen aan de registratierechten: Vlaanderen moet werk maken van een groter en betaalbaarder woningaanbod, met voldoende ruimte voor nieuwe woningen en vlottere vergunningen.










