Vlaanderen heeft vandaag alle troeven om opnieuw een economische koploper te worden. Een verdere staatshervorming kan die slagkracht op termijn nog versterken. Maar ook met de bevoegdheden waarover Vlaanderen vandaag beschikt, kan het een groter verschil maken door economische groei opnieuw centraal te plaatsen. Laat dat de boodschap zijn op deze Vlaamse feestdag. Op een moment dat de federale begroting zwaar onder druk staat, de economische groei slabakt en onze productiviteit stagneert, moet Vlaanderen de hefbomen waarover het beschikt maximaal benutten.
Op deze Vlaamse feestdag staat Vlaanderen voor een fundamentele keuze. Het federale niveau torst in 2026 een begrotingstekort van 25,7 miljard euro, een onhoudbare budgettaire last. Tegelijk blijft de economische groei al enkele jaren steken rond 1 procent en is de jaarlijkse productiviteitsgroei teruggevallen tot amper 0,5 procent. Net daar ligt de sleutel. Zonder productiviteitsgroei valt er op termijn simpelweg minder te verdelen: minder ruimte voor loonstijgingen, minder middelen voor de zorg en meer druk op de overheidsfinanciën.
Het verbeteren van de overheidsfinanciën verloopt voor de deelstaten daarom langs twee sporen. Uiteraard moet elke regio haar begroting op orde brengen en werk maken van een begroting in evenwicht. Maar begrotingsdiscipline alleen volstaat niet. Minstens even belangrijk is dat Vlaanderen haar bevoegdheden maximaal inzet om de productiviteit en het groeipotentieel van onze economie te versterken. Daar ligt vandaag de belangrijkste economische opdracht van de Vlaamse regering.
Zonder productiviteitsgroei valt er op termijn simpelweg minder te verdelen.
Vlaanderen beschikt daarvoor over sterke hefbomen. Of het nu gaat over het terugdringen van regeldrift, innovatie, onderwijs en levenslang leren dan wel over infrastructuur of vergunningenbeleid, ze behoren allemaal tot de bevoegdheden die rechtstreeks bepalen hoe productief onze economie morgen zal zijn. Net daarom is het opvallend dat de productiviteitsbril vandaag te weinig zichtbaar is in de beleidskeuzes. De publieke uitgaven voor onderzoek & ontwikkeling, gemeten volgens de Europese 1%-norm, dalen. De middelen voor vorming en opleiding op de arbeidsmarkt worden stelselmatig afgebouwd. En ook een ambitieuze internationaliseringsagenda voor het hoger onderwijs blijft achter.
Dat de focus op productiviteit vandaag nog onvoldoende doorweegt, is een gevolg van de Vlaamse begrotingscultuur. Daar zijn twee verklaringen voor. Ten eerste worden opstappen of besparingen verdeeld over de meerderheidspartijen. Eerder dan naar de noden of opportuniteiten te kijken, primeren vaak partijpolitieke afwegingen. Ten tweede zit bijna 60 procent van de Vlaamse begroting in welzijn en onderwijs, de zogenaamde budgetsectoren. De grootste uitgaven gaan naar personeel en stijgen vrijwel automatisch.
De combinatie van deze twee elementen heeft ertoe geleid dat er doorheen de jaren een aantal hardnekkige begrotingstaboes zijn ontstaan. Efficiëntiewinsten in het secundair onderwijs? Raken aan de groeivoet van het gemeentefonds? Het verder verhogen van de dienstenchequeprijs? Kijken naar optimalisaties in het basisbedrag van het groeipakket? Het zijn stuk voor stuk dossiers die politiek bijzonder moeilijk bespreekbaar blijken. Daardoor beperken de begrotingsdebatten zich steeds vaker tot een almaar kleiner deel van de Vlaamse begroting.
Net dit deel van de begroting bevat nochtans de investeringen die onze toekomstige productiviteit bepalen. Innovatie, onderzoek, ondernemerschap, opleiding en economische transformatie worden te vaak het voorwerp van begrotingsoefeningen, terwijl net zij de basis leggen voor de groei van morgen. Daar ligt nochtans de kiem voor een wervend regeringsproject: werken aan een Vlaanderen dat opnieuw kiest voor innovatie, technologische vooruitgang en economische groei.
Laat ons samen met ondernemingen, kennisinstellingen en overheden bouwen aan een echte Vlaamse groeiagenda.
Laat ons daarom samen met ondernemingen, kennisinstellingen en overheden bouwen aan een echte Vlaamse groeiagenda. In domeinen zoals farma en gezondheid, artificiële intelligentie in combinatie met de maakindustrie of circulariteit beschikt Vlaanderen over uitzonderlijke troeven, om er slechts enkele te noemen. Net op het snijvlak van sleuteltechnologieën en sterke economische ecosystemen kunnen we een voorsprong uitbouwen, over de volledige waardeketen heen: van toponderzoek tot succesvolle valorisatie in de markt.
De Septemberverklaring biedt de uitgelezen kans om die omslag te maken. Maak van economische groei het kompas voor elke beleidskeuze. Laat deze Vlaamse feestdag het startschot zijn van een ambitieuze Vlaamse groeiagenda.







