Economische groei is de motor van een welvarende regio. Vlaanderen werkt aan een toekomstplan richting 2035. Voor Brussel is zo’n economische langetermijnvisie nog prangender. Volgens de jongste vooruitzichten van het Federaal Planbureau groeit de Brusselse economie in de periode 2027-2031 gemiddeld met slechts 0,8% per jaar, tegenover 1,4% in Vlaanderen en 1,1% in Wallonië. Brussel dreigt zo economisch verder terrein te verliezen.
Tijdens de traditionele Voka Rentrée stelde Voka zijn toekomstplan voor Vlaanderen richting 2035 voor, met bijzondere aandacht voor het groeipotentieel van een tiental economische ecosystemen. De centrale ambitie is gericht in te zetten op de domeinen waarin Vlaanderen de komende jaren bijkomende groei, investeringen en welvaart kan creëren.
Ook Brussel heeft met Brussels All In een eerste stap gezet richting een economische toekomstvisie, maar het plan blijft nog sterk gericht op de klassieke sectoren. Er is meer ambitie nodig om nieuwe groeimotoren en economische ecosystemen met toekomstpotentieel te ontwikkelen. Dat is des te belangrijker nu een aantal steunmaatregelen voor ondernemingen tijdelijk wordt stopgezet omdat de beschikbare budgetten uitgeput raken. Die beslissing is vanuit budgettair oogpunt begrijpelijk, maar roept tegelijk de vraag op wat ervoor in de plaats komt en hoe Brussel zijn economie structureel opnieuw op een hoger groeipad wil brengen.
Zo’n groeibeleid begint bij een aantrekkelijk klimaat om te ondernemen en te investeren. “Naast grootstedelijke uitdagingen zoals bereikbaarheid, veiligheid en netheid, weegt ook de fiscale druk zwaar op ondernemingen”, zegt Rachida Bou M’Barek, directeur a.i. van Voka Brussels Metropolitan.
Volgens de jongste studie van Ayming zet de fiscale druk op kantoorgebouwen ook dit jaar haar stijgende trend voort. De gemiddelde onroerende voorheffing in Brussel bedraagt inmiddels 58,48% van het geïndexeerde kadastraal inkomen. Tel daar de gewestbelasting op niet-residentiële oppervlakten en de almaar stijgende gemeentelijke kantoor- en parkeerbelastingen bij, en de situatie wordt steeds moeilijker houdbaar. Lagere en meer voorspelbare lokale en regionale lasten zijn nodig om bedrijven aan te trekken, investeringen te stimuleren en bestaande ondernemingen in Brussel te houden.
Dat Brussel opnieuw economische slagkracht kan ontwikkelen, bewijst Ringspark 21 op de voormalige Audi-site, met ruimte voor multinationals en kmo’s en uitzicht op 2.500 tot 3.000 nieuwe jobs. “Dit is het economische offensief dat Brussel nodig heeft. Zulke projecten trekken investeringen aan, creëren jobs en moeten deel uitmaken van een bredere groeistrategie voor Brussel”, zegt Rachida Bou M’Barek, directeur a.i. van Voka Brussels Metropolitan.
Groei vraagt daarnaast voldoende talent. Daarom steunt Voka Brussels Metropolitan de ambitie van minister Hublet om via de hervorming van Actiris meer Brusselaars aan het werk te krijgen en de werkzaamheidsgraad richting 70% te brengen. Die versnelling is broodnodig: volgens de jongste vooruitzichten van het Federaal Planbureau stijgt de Brusselse werkzaamheidsgraad van 63,9% in 2025 naar slechts 65,6% in 2031.
“De cijfers laten weinig ruimte voor uitstel. Vlaanderen kijkt vooruit naar 2035, maar Brussel heeft minstens even dringend nood aan een toekomstplan dat economische groei opnieuw centraal stelt. Dat betekent ruimte om te ondernemen, een competitieve fiscaliteit, meer Brusselaars aan het werk en grote investeringsprojecten zoals Ringspark 21 alle kansen geven. Brussel heeft de troeven om te groeien. Nu is een samenhangend beleid nodig dat die troeven ook omzet in economische groei. Voka Brussels Metropolitan wil daarin een constructieve partner zijn”, besluit Kristien Vermoesen, voorzitster van de Brusselse afdeling van Voka.




