Overslaan en naar de inhoud gaan
  • 22/04/2026

Het tweedaags interregionaal koninklijk bezoek van Koning Filip aan Vlaanderen en Wallonië is een bewuste keuze om de economische samenwerking tussen de regio’s verder te versterken. In een context van economische uitdagingen en kansen aan beide zijden van de taalgrens, biedt deze 'binnenlandse economische missie' waardevolle inzichten voor de toekomst van België.

Bruggen bouwen tussen regio’s

De betrokkenheid van Koning Filip benadrukt het verbindende karakter van dit initiatief. Het concept is geïnspireerd op klassieke economische missies, maar dan toegepast binnen de Belgische context. Het doel: bruggen bouwen tussen regio’s die economisch sterk met elkaar verweven zijn, maar waar samenwerking nog meer potentieel heeft.

Die samenwerking is de afgelopen jaren al zichtbaar versterkt. Sinds de oprichting van AKT in 2024 werken Voka en AKT for Wallonia steeds nauwer samen. Denk aan gezamenlijke initiatieven zoals de Verklaring van Bergen rond CO₂-opslag (CCS), en hun samenwerking tijdens het recente staatsbezoek aan Noorwegen. Daar organiseerden ze samen een programma voor Vlaamse en Waalse bedrijven, in aanwezigheid van de regeringsleiders van beide deelstaten.

Dat is geen toeval. Vlaanderen en Wallonië zijn vandaag elkaars belangrijkste binnenlandse handelspartners. Wallonië exporteert 26% van zijn goederen naar Vlaanderen, terwijl 14% van de Vlaamse export naar Wallonië gaat. Veel bedrijven zijn bovendien actief in beide regio’s. Vlaanderen kijkt daarbij steeds vaker naar Wallonië voor bijkomende ruimte en arbeidskrachten.

Uitdagingen en ambities

De economische realiteit in Wallonië is complex. De budgettaire situatie is zorgwekkend: een schuldgraad van 250% en een begrotingstekort van 2 miljard euro op een budget van 22 miljard. De Waalse regering wil het tekort tegen het einde van de legislatuur halveren en mikt op een begrotingsevenwicht tegen 2034.

Tegelijk klinkt er ambitie. Minister-president Adrien Dolimont wil Wallonië herindustrialiseren en opnieuw positioneren als economisch centrum van Europa. Die ambitie botst echter op structurele uitdagingen, vooral op de arbeidsmarkt. Met 260.000 werkzoekenden en een werkgelegenheidsgraad van 68% blijft de kloof met de doelstelling (70%) aanzienlijk. Bovendien benadrukt Le Forem dat activering alleen niet volstaat: jobs moeten gecreëerd worden door bedrijven.

Vlaanderen en Wallonië zijn vandaag elkaars belangrijkste binnenlandse handelspartners.

Kansen voor Vlaanderen én Wallonië

Net daar ligt een belangrijke opportuniteit voor interregionale samenwerking. Vlaanderen kampt met een structurele krapte op de arbeidsmarkt, terwijl Wallonië een relatief grote groep werkzoekenden telt. Meer arbeidsmobiliteit tussen de regio’s kan dus een win-win opleveren.

Een concreet voorbeeld is het ontwerpakkoord tussen VDAB en Forem, dat jaarlijks 12.500 Waalse werkzoekenden naar jobs in Vlaanderen wil begeleiden. Daarnaast lopen er proefprojecten zoals “Vlaamse Kansen, Waals Talent”, waarbij gemengde teams werkzoekenden begeleiden richting Vlaamse bedrijven.
Ook duaal leren biedt perspectieven. Met duizenden leerlingen in trajecten en een groeiend netwerk van bedrijven, vormt dit systeem een belangrijke hefboom om jongeren beter af te stemmen op de arbeidsmarkt over de gewestgrenzen heen.

Daarnaast speelt ruimte een cruciale rol. In Vlaanderen raakt de beschikbare bedrijfsruimte snel uitgeput. Volgens recente analyses is er nood aan minstens 259 hectare extra bedrijventerreinen. Wallonië kan hier een deel van de oplossing bieden, en zo investeringen binnen België houden.

Wat brengt de toekomst?

Sterkere interregionale samenwerking vraagt concrete samenwerkingsakkoorden, bijvoorbeeld rond mobiliteit, infrastructuur en fiscaliteit. In de huidige institutionele context is dat essentieel om efficiënt beleid te voeren.

Daarnaast kunnen homogene regeringen op federaal en regionaal niveau hervormingen versnellen en beter op elkaar afstemmen. Dat is nodig om als België sterker en coherenter op te treden in Europa en internationaal. Toch blijft een bredere staatshervorming ook op tafel liggen. België kan efficiënter werken en een verdere regionalisering van bevoegdheden zoals arbeidsmarkt en gezondheidszorg wordt gezien als een mogelijke stap vooruit.

Deze koninklijke missie toont dat samenwerking binnen België geen evidentie is, maar wel een noodzaak. Vlaanderen en Wallonië hebben elkaar economisch, sociaal en strategisch nodig. Door sterker samen te werken, kunnen ze niet alleen hun eigen uitdagingen aanpakken, maar ook de positie van België als geheel versterken.

imu - ov - Adverteren bij Voka