Overslaan en naar de inhoud gaan
  • 11/03/2026

Deze week zetten de vakbonden hun strijd tegen de Arizona-regering verder. Van maandag tot woensdag wordt er voor de zoveelste keer gestaakt bij het spoor, de loodsen in Zeebrugge staken, en donderdag roepen de vakbonden op tot een nieuwe nationale betoging. De slogans voor die actie zijn ‘zij zullen inbinden’ (ABVV) en ‘het moet anders’ (ACV). De eisen daarbij blijven kortzichtig, houden weinig of geen rekening met de huidige economische realiteit en al helemaal niet met de uitdagingen die op ons afkomen. 

Pensioenen

De meeste animo blijft gericht tegen de pensioenhervorming. Die hervorming is vooral bedoeld om mensen ertoe aan te zetten om langer aan het werk te blijven door hen te confronteren met de financiële implicaties van hun eventuele beslissing om vroeger te stoppen (via de pensioenmalus). Volgens de OESO stoppen Belgen gemiddeld nog altijd op 61,5 met werken, bij het vroegst van alle industrielanden. In Zweden en Denemarken ligt die effectieve pensioenleeftijd op 65 jaar. Dat zou hier ook mogelijk moeten zijn (en zou een groot verschil maken voor de financiering van onze welvaartsstaat). Tegen de achtergrond van de demografische en budgettaire uitdagingen kunnen we het ons niet langer veroorloven om zo vroeg te stoppen met werken.

Volgens de OESO stoppen Belgen gemiddeld nog altijd op 61,5 met werken, bij het vroegst van alle industrielanden.

Werklozen

Deze regering beperkt de werkloosheidsuitkering tot twee jaar. Dat wordt door de vakbonden afgedaan als het ‘opjagen van werklozen’, maar daarmee gaan we gewoon in de richting van wat de rest van de wereld al veel langer doet. Tot voor kort was België zowat het enige land met de mogelijkheid van onbeperkte werkloosheidsuitkering in de tijd. Ook met de beperking tot twee jaar hebben we nog altijd de langste duur van werkloosheidsuitkering in Europa. 

Langdurig zieken

België heeft een groot, en toenemend, aantal langdurig zieken. Volgens de Hoge Raad voor de Werkgelegenheid zijn we Europese koploper in het aandeel inactieve personen omwille van ziekte of handicap. In België gaat het om 7,2% van de 20- tot 64-jarigen. Nederland zit net onder ons, maar in Frankrijk en Duitsland ligt dat cijfer rond 4%. Dit gaat niet om een ‘jacht op zieken’. Andere landen slagen er wel in om mensen met ziekte of handicap aan het werk te krijgen/houden. Dat moet hier ook kunnen.

Lonen

De voorbije jaren stond het loonoverleg in het teken van loonmatiging na de sterke loonstijging door de indexering in 2022-2023. Vakbonden vinden al langer dat het tijd is voor veel sterkere loonstijgingen. De realiteit is dat onze loonkosten vandaag nog altijd zo’n 10% hoger liggen dan gemiddeld in de buurlanden. De vakbonden pleiten in die zin voor ‘vrije loononderhandelingen’, maar hebben wel een vreemde invulling van die ‘vrijheid’. Ze willen af van de loonnorm die de loonstijging onder controle houdt, maar willen wel de automatische loonindexering behouden. Echt vrij onderhandelen betekent zonder loonnorm en zonder automatische indexering.

Echt vrij onderhandelen betekent zonder loonnorm en zonder automatische indexering.

Koopkracht 

Verwijzingen naar de ‘afkalvende koopkracht’ zijn een constante in de vakbondsretoriek. Volgens de jongste ramingen van het Planbureau is de gemiddelde koopkracht in ons land de voorbije tien jaar met 16% gestegen (voor alle duidelijkheid, dat is boven op de inflatie). En de volgende jaren zou die stijging gewoon doorzetten. Tegen 2031 komt er nog eens 7% bij. Een gebrek aan koopkracht is niet de grootste uitdaging voor onze economie. 

Flexibiliteit

Er wordt vanuit vakbondshoek systematisch een beeld opgehangen van een enorme (en toenemende) flexibiliteit die geëist wordt van werknemers. Bekeken over allerlei vormen van atypische arbeidsuren (denk aan ploegenarbeid, weekendwerk, nachtwerk, …) hebben we de laagste flexibiliteit in Europa. Onze economie en arbeidsmarkt hebben meer flexibiliteit nodig, niet minder. 

Belastingen op kapitaal

Volgens sommigen ligt de oplossing voor al onze budgettaire uitdagingen in extra belastingen op vermogen. Maar we hebben vandaag al de op een na hoogste inkomsten uit belastingen op vermogen in Europa. Deze regering zal die belastingen nog verhogen, maar er zijn limieten aan hoe ver ze daarmee kunnen gaan. Onze belastingen op kapitaal kunnen zeker heel wat effectiever georganiseerd worden, maar dat daar vele miljarden extra te halen zijn (zonder economische impact), is een illusie

Sociale afbraak

Samenvattend is het protest gericht tegen de ‘sociale afbraak’. Dat gaat voorbij aan de stijgende trend in de sociale overheidsuitgaven. Sinds 2019 zijn die met 1,4% van het bbp toegenomen. In euro’s van vandaag betekent dat 9 miljard aan extra jaarlijkse uitgaven. En zelfs met de huidige regeringsmaatregelen blijven die sociale uitgaven de volgende jaren (nog net) toenemen (nog eens 2 miljard in euro’s van vandaag erbij tegen 2031). Van sociale afbraak in de zin van zware besparingen op de uitgaven is nog altijd geen sprake. 

Armoede 

De sociale afbraak-retoriek gaat ook voorbij aan de recentste dynamiek in armoedecijfers in ons land. Het armoederisico is de voorbije jaren gevoelig afgenomen. Op Vlaams niveau hebben we zelfs bij de laagste armoedecijfers van Europa. Gerichte maatregelen, en vooral een beter werkende arbeidsmarkt, zijn nodig om de armoede verder terug te dringen, maar het startpunt is alvast niet zo slecht als soms gesuggereerd wordt.

Ongelijkheid 

Zowel op Belgisch als op Vlaams niveau hebben we bij de laagste inkomensongelijkheid van Europa. We hebben één van de meest herverdelende welvaartsstaten (inclusief fiscaliteit) van Europa. Die bijsturen om de houdbaarheid van het systeem op langere termijn te vrijwaren, zal dat niet meteen veranderen.

De vakbonden betogen vooral voor het behoud van een onhoudbaar status quo in de sociale zekerheid (vooral in de pensioenen). Tegen de achtergrond van ontsporende overheidsfinanciën en een afnemend groeipotentieel is dat een recept voor minder welvaart op langere termijn. De vakbonden zouden beter hun energie stoppen in het meedenken over hoe we onze economie structureel kunnen versterken. Een hogere economische groei is de beste (en enige) garantie op duurzaam hogere welvaart in de toekomst. Om dat te realiseren zijn de huidige hervormingsinspanningen nog maar een eerste stap. Er zullen nog veel meer hervormingen nodig om de toekomst van onze welvaartsstaat veilig te stellen.   
 

Contactpersoon

Adverteren bij Voka
imu - vzw - automotive