Skip to main content
  • Home
  • Nieuws
  • Hoe steden hun lokale bedrijven kunnen helpen herlanceren
Coronavirus
  • 24/07/2020

Hoe steden hun lokale bedrijven kunnen helpen herlanceren

Elke onderneming is getroffen door de coronacrisis. En toch zijn het net ondernemers die een van de grootste inkomstenbron voor overheden vormen. Om maatschappelijke investeringen, zoals infrastructuurprojecten, wegenwerken, onderwijs of gezondheidszorg, niet te compromitteren, is het dus aan die overheden om ervoor te zorgen dat die bron van inkomsten niet stilvalt. Daarom deed Voka Kamer van Koophandel Vlaams-Brabant een ronde bij een aantal burgemeesters in onze regio om te pleiten steunmaatregelen en een relanceplan. Ook de steden en gemeenten kunnen immers meehelpen om hun lokale bedrijven uit de coronacrisis te sleuren.

Voka Vlaams-Brabant ging op ronde bij enkele burgemeesters in onze provincie, telkens met een groep lokale ondernemers, om te ijveren voor een straf en gericht lokaal relanceplan. We gingen in overleg en bespraken waar het steungeld in eerste instantie aan besteedt zou moeten worden en op welke manier de steden hun ondernemingen op structurele manier kunnen helpen om te bloeien.

Welke rol speelden steden en gemeenten tijdens de crisis? 

De steden stonden in de vuurlinie in de aanpak van de crisis. Ze moesten snel reageren, zich intern reorganiseren, ingrijpende maatregelen treffen en het beleid van hogere overheden communiceren en in de praktijk omzetten.

Enerzijds ondersteunden de steden het crisisbeleid van hogere beleidsniveaus: zo moesten de steden bijvoorbeeld de medische zorg ondersteunen en triagecentra en schakelzorgcentra organiseren. Ook wordt er van de lokale overheden verwacht dat ze de federale maatregelen handhaven en communiceren naar burgers en bedrijven. Dit laatste was geen gemakkelijke opdracht, gezien de steeds veranderende maatregelen. De burgemeesters gaven aan dat het zeer moeilijk was om de bedrijven en hun werknemers, die vaak niet in de stad in kwestie wonen, te bereiken. 

Anderzijds voerden de steden hun eigen flankerend beleid, bijvoorbeeld rond de lokale economie. Hier hebben de meeste steden zich vooral gefocust op het onmiddellijk (financieel) geruststellen van de kleinhandel. Zo verdeelden veel gemeentes koopbonnen om lokaal te besteden, werden er lokale platformen opgezet (http://www.koopinjebuurt.be), moest de terrastax niet betaald worden of kon je tijdelijk gratis parkeren in de binnenstad. 

De grotere bedrijven bleven in eerste instantie in de koude staan. Er werd eerder afwachtend gereageerd. Sommige burgemeesters gaven aan ze niet mee wouden gaan in de “ratrace van steunmaatregelen”,  zolang er geen duidelijkheid was over de maatregelen die nog uitgevaardigd zouden worden vanuit het Vlaamse en federale niveau. Voka vraagt ook voor grote bedrijven een maximale ondersteuning vanuit de lokale overheden, om zo de continuïteit van onze economie te vrijwaren, faillissementen en jobverlies te vermijden. Het zijn immers vaak die grote bedrijven die de kleinhandel bevoorraden. Iedere actor in de samenleving kan nu tonen wat hij waard is. Er kwam hierbij een duidelijke vraag naar voor vanuit onze leden om ook bedrijven die wél blijven werken te steunen.

Meer lokale bevoegdheden

Op 23 juli, na de gesprekken met gemeenten, werd beslist om lokale overheden meer bevoegdheden te geven in het beheersen van de coronacrisis op hun grondgebied. Omdat niemand vragende partij is heel het land weer in lockdown te plaatsen, wordt geopteerd voor lokale maatregelen. In dat verband verscheen er een “Draaiboek Lokale uitbraak COVID-19”. Het draaiboek bevat mogelijke maatregelen die een burgemeester kan treffen bij een lokale heropflakkering van het virus. Voordien had de burgemeester deze bevoegdheden niet. Relevant voor bedrijven is dat burgemeesters kunnen beslissen om plaatselijke ondernemingen te sluiten (met enkele uitzonderingen), telewerk te verplichten (behalve bij kritische beroepen) en scholen en crèches te sluiten. Let wel, dit kan alleen in een allerlaatste fase en na overleg met de gouverneur en de minister.

Open brief aan Vlaams-Brabantse burgemeesters

Eind maart stuurde Voka Vlaams-Brabant een brief naar alle burgemeesters van de provincie. Op die basis gaan we nu verdere onderhandelingen en gesprekken aan. We pleiten voor de volgende maatregelen: 

  1. Uitstel van betaling van alle gemeentelijke bedrijfsbelastingen, zoals bijvoorbeeld de belasting op drijfkracht. Indien dit uitstel niet voldoende is, moeten bedrijven afspraken kunnen maken met de gemeente over een afbetalingsplan.
  2. Enkele noodzakelijke fiscale aanpassingen. Belastingverhogingen die ingingen vanaf 2020 dienen teruggeschroefd te worden.
  3. Naast deze fiscale maatregelen, vragen wij ook om de volgende maatregelen ter ondersteuning van de lokale bedrijven door te voeren: 
    • We dringen erop aan om facturen sneller te betalen, om zo de liquiditeitsnood van leveranciers te verminderen; en 
    • We vragen naar soepelheid inzake de uitvoering van uitbestede overheidsopdrachten, gelet op de problemen waarmee de contractanten worden geconfronteerd. 

Onze ondernemers hebben er alles aan gedaan om hun zaak draaiende te houden. Alle extra middelen waarover ze kunnen beschikken, zijn daarbij welkom. Economische groei is de motor voor welvaart en dus maatschappelijk welzijn. Sterke ondernemers, daar wordt iederéén beter van! 

Beïnvloedt de coronacrisis het gemeentelijk economisch beleid op lange termijn? 

Het coronavirus zal een grote impact hebben op het lokale economisch beleid. De crisis heeft de burgemeesters doen inzien waar de zwakheden van het beleid zitten en welke accenten er in de toekomst gelegd moeten worden. We kunnen de volgende algemene conclusies trekken na  de rondetafelgesprekken met de burgemeesters, zonder in te zoomen op specifieke steden: 

  1. Steden blijven investeren 
    De burgemeesters benadrukten dat de crisis geen invloed zal hebben op het investeringsbeleid. We drongen erop aan dat geplande investeringsprojecten versneld door te voeren. Steden moeten nu een assertieve houding aannemen. 

    In Vilvoorde bijvoorbeeld, komen bepaalde investeringsprojecten zoals de ontwikkeling van Broeklin en de Renault fabriek in een stroomverstelling. In Asse komt de ring er eindelijk. In Tienen zal er geïnvesteerd worden in de Vesten. 

    Niettemin heeft de coronacrisis een grote financiële impact op de steden. Op korte termijn gaat dit vooral over een stijging van uitgaven. Op middellange termijn komt daar een daling van de inkomsten bovenop. Het gaat bijvoorbeeld over extra uitgaven voor de reorganisatie van de dienstverlening, hulpvragen, het inrichten van triage- en schakelzorgcentra en minderontvangsten uit de organisatie van activiteiten. Ook zullen er minder inkomsten uit belastingen zijn.  

    De exacte financiële impact is nog onduidelijk. Afhankelijk van het type bedrijvigheid dat dominant is in een welbepaalde stad, zal de impact verschillen: een stad als Leuven is minder conjunctuurgevoelig, omdat er meer bedrijven zijn die zonder grote impact hebben kunnen doorwerken (bijvoorbeeld de “health” industrie, de kennisinstellingen,…). 
     
  2. Het participatief model is de toekomst
    Vaak heerst de mythe dat de overheid eerder een belemmering vormt voor ondernemerschap. Terwijl net het omgekeerde waar zou moeten zijn. Dit werd zeer duidelijk tijdens de crisis. In de steden waar er geen hechte relatie en samenwerking bestaat tussen het lokaal bestuur en de ondernemers, wordt dit als een gemis beschouwd. 

    Elkaar kennen is hierin de eerste, maar de meest cruciale, stap. Plannen van de stad kunnen in participatieve netwerken uitgevoerd worden, bedrijven krijgen inspraak in de investeringen, overheden doen waar mogelijk beroep op hun eigen bedrijven in het uitvoeren van investeringen, het beleid is op maat van de aanwezige bedrijven, de communicatie naar bedrijven verloopt efficiënt. Onze ondernemers willen deze betrokkenheid. Besturen pikken deze signalen op. 
     
  3. De crisis zorgt ervoor dat overheden moeten opereren als ondernemers 
    Het werd duidelijk dat een overheid moet functioneren als een onderneming: snel, efficiënt, toegankelijk en klantvriendelijk. Ondernemende lokale besturen moeten zorgen voor een bedrijfscultuur die openstaat voor initiatief en expertise vanuit de samenleving. Deze systeemfout kwam tijdens de crisis in sommige steden naar boven.

    De crisis heeft zowel de bedrijven als de overheid geduwd om snel te springen. Dossiers die al jarenlang aansleepten, geraakten plots in een stroomversnelling. 
     
  4. Elke stad heeft nood aan een sterke identiteit
    Elke stad zou een strategische bezinning moeten doen en een sterke regio-identiteit met dynamiek en toekomstvisie moeten formuleren. Steden moeten bepalen waar ze op lange termijn willen voor staan. Ze moeten volop inzetten op citymarketing rond deze thema’s, om zich (inter)nationaal op de kaart te zetten. Zo zullen ze na de crisis bedrijvigheid blijven aantrekken. 

    Vilvoorde bijvoorbeeld, profileert zich als logistieke hub: dichtbij de luchthaven en uitstekend bereikbaar. Het is een van de draaischijven voor Europa. Daarvoor zal de stad nog meer investeren in mobiliteitsprojecten. Aarschot wil het imago van “A-locatie”: een uitstekende vestigingsplaats voor ondernemers: het is de plaats waar de files pas beginnen, aan de rand van de Vlaamse ruit. Leuven wil nog meer een aantrekkingspoule zijn voor internationaal talent. 

Best practices in coronatijden

Wat kunnen steden doen voor hun ondernemers tijdens de crisis? Enkele voorbeelden: 

  • In Tienen kunnen bedrijven en zelfstandigen kunnen een afbetalingsplan bekomen voor de stedelijke belastingen voor de aanslagjaren 2019 en 2020, met een gespreide aflossing over de jaren 2020 en 2021. De stad engageert zich om betalingen aan leveranciers zo snel mogelijk uit te voeren. 
  • Leuven neemt 100 maatregelen, samengebracht in een steunplan. Dit plan kadert in de ambitie om van Leuven een van de meest zorgzame, groene en welvarende steden te maken. 
  • In Gent worden de bedrijfsbelastingen kwijtgescholden voor elke maand waarin de federale coronamaatregelen gelden. De geplande hervorming van de bedrijfsbelastingen op oppervlakte en drijfkracht wordt uitgesteld tot 2022.
  • De stad Antwerpen beslist om bij zelfstandigen en ondernemingen een aantal belastingen en retributies voor het tweede kwartaal van het (aanslag)jaar 2020 niet aan te rekenen. Ook andere maatregelen worden voorzien zoals de halvering van de huur van innovatiehubs gedurende 2 maanden. Daarnaast wordt er een oproep voor start-ups gelanceerd om slimme oplossingen te ontwikkelen voor stedelijke uitdagingen tijdens de coronacrisis. 
  • Kortrijk ondersteunt met de Eventpremie van € 500 de ondernemingen uit de eventsector die een Corona compensatiepremie ontvingen. 

Contactpersoon

Fientje Moerman

Adviseur Belangenbehartiging Politiek - Coördinator Jong Voka

BVI

Artikel uit publicatie

Made in Vlaams-Brabant
ING
Proximus
SD  Worx
Logo Premed
Logo Randstad