Overslaan en naar de inhoud gaan
  • 04/03/2026

Bedrijven die willen investeren moeten steeds langer wachten vooraleer ze een aansluiting krijgen op het elektriciteitsnet. Die netcongestie is bedreigend voor de ontwikkeling en de groei van de Vlaamse economie. Beleid, netbeheerders en regulatoren moeten dringend actie ondernemen om de wachtrijen beter te organiseren, het net te versterken en een prioriteitenkader in te voeren. In een nieuwe Voka paper worden 4 noodzakelijke pistes uitgewerkt die ervoor moeten zorgen dat een ontwrichtende aansluitingsstop bij ons vermeden kan worden.

Zonder elektriciteit, geen economie. Netcapaciteit is ongelooflijk belangrijk want het bepaalt waar economische groei mogelijk is, welke bedrijven kunnen investeren en hoe snel de verduurzaming van onze industrie kan verlopen. Industriële elektrificatie in industriezones moet voor Voka-KvK Vlaams-Brabant voorrang krijgen bij de toewijzing van de netcapaciteit. Als we op korte termijn de netcongestie niet gecoördineerd aanpakken, lopen we miljardenschade op, zegt Kris Claes, gedelegeerd bestuurder van Voka-KvK Vlaams-Brabant.

Dreigende miljardenschade
Ondernemingen in Vlaanderen moeten soms tot meer dan een jaar wachten op een aansluiting op het elektriciteitsnet of een verzwaring van hun aansluiting. Netcongestie is een relatief nieuw, maar snel verergerend fenomeen in Vlaanderen. Het aantal projecten dat niet meer klassiek kan worden aangesloten, stijgt exponentieel. In maart 2025 was er sprake van 35 dossiers. In maart 2026 ging het al om 1.250 dossiers waarvan 600 projecten rond batterijparken. Dat verklaart netbeheerder Fluvius tijdens de voorstelling van de nieuwe Voka paper.

De elektrificatie van industrie, mobiliteit en gebouwen vormt nochtans een cruciale hefboom voor de klimaatdoelstellingen en voor onze economische ontwikkeling. Netcongestie leidt ertoe dat investeringen vertragen, projecten on hold gezet worden en de uitrol van duurzame technologieën wordt afgeremd. Zonder ingrijpen riskeren we dezelfde structurele stilstand als in Nederland, waar 14.000 bedrijven in de wachtrij staan en de economische schade op tientallen miljarden euro wordt geraamd.
 

Ongeziene wachtrijen
De vraag naar netcapaciteit stijgt exponentieel. Industriële elektrificatie, warmtepompen, e-boilers, datacenters en batterijparken concurreren steeds meer om schaarse ruimte op het net. De wachtrijen bij de netbeheerders zwellen aan tot ongeziene proporties: bij Fluvius gaat het om ruim 1,7 GW, bij Elia staat tot 56 GW in de wachtrij (waarvan 57% in oriëntatiestudie). Een groot deel van die aanvragen is echter speculatief, onrijp of parallel ingediend, waardoor de echte netnoden troebel zijn en de beschikbare capaciteit kunstmatig geblokkeerd raakt.

Doortastende en onmiddellijke actie nodig
Vlaanderen heeft alle troeven in handen om een voortrekker te zijn in elektrificatie en duurzame industrie. Maar daarvoor is één voorwaarde essentieel: een net dat meegroeit met de ambities van ondernemingen. Er is een doortastende en onmiddellijke actie nodig van alle actoren: de Vlaamse en federale overheid, regulatoren VNR en CREG, netbeheerders Elia en Fluvius én bedrijven. Deze spelers moeten elk binnen hun domein, maar met een gemeenschappelijk doel, de handen aan de ploeg slaan. Voka stelt 4 noodzakelijke pistes voor die gezamenlijk en gecoördineerd moeten worden aangepakt.

  1. Versnelde en anticiperende netinvesteringen. Zonder forse investeringen in netuitbreiding en modernisering is geen enkele andere maatregel voldoende. 
  2. Wachtrijbeheer. Door maturiteitscriteria in te voeren (bv. grondrechten) en projecten die geen voortgang kunnen aantonen uit de wachtrij te halen, wordt de beschikbare capaciteit efficiënter benut. 
  3. Vlaams en federaal afwegingskader. De klassieke aanpak ‘first come, first served’ is niet langer efficiënt of eerlijk. Door capaciteit op te delen in segmenten (‘swimming lanes’) per type gebruiker (industrie, hernieuwbare energie, opslag, datacenters) worden strategische keuzes mogelijk die economische meerwaarde en maatschappelijke prioriteiten beter weerspiegelen. Industriële elektrificatie in industriezones en havengebieden moet voorrang krijgen. 
  4. Maximale flexibiliteit. Meer flexibiliteit maakt het mogelijk om meer projecten aan te sluiten zonder het net te overbelasten. 
     

Contactpersoon

Yves Lambrix

Directeur Belangenbehartiging

Citymesh
Easi
Sylvester
Motionmakers
Banqup
Akkodis
Bofidi
brussels airport
Propaganda
BMW Juma Leuven - Mechelen
ING
SDWorx
Premed