Zware beroepen: wordt de uitzondering de regel?

28/02/2018 , Veronique Leroy - sociaal recht en arbeidsmarkt

De federale regering tracht de pensioenregeling te hervormen opdat mensen langer werken. Om de pensioenen betaalbaar te houden, moet het immers ontmoedigd worden om op te jonge leeftijd uit de arbeidsmarkt te stappen. Bij uitzondering moeten mensen met een zwaar beroep het recht hebben op een lagere pensioenleeftijd. De staking van ACOD was een vraag naar meer duidelijkheid, lees: een oproep om meer beroepen als zwaar te erkennen.

  • Een pensioenhervorming is logisch met het oog op een houdbaar en toekomstgericht pensioensysteem.
  • Daarom moet het debat gaan over maatregelen ter verlenging van ieders loopbaan.
  • Daarbij primeert preventie en moet de opportuniteit van digitalisering gegrepen worden.
  • In het belang van de werknemer moet de lijst met zware beroepen/taken zo kort mogelijk zijn.

De sociale partnZwaar beroepers van de privésector slaagden er niet in om tot een oplossing te komen over die zware beroepen. Een oplossing in de publieke sector kan een precedentswaarde hebben voor de regeling voor de privésector. Vandaar dat met veel interesse gekeken wordt naar de oplossing die de minister van Pensioenen, Daniel Bacquelaine, uitwerkt voor de publieke sector.

Twee vaststellingen zijn relevant in het kader van dit debat: bijna overal zijn meer ouderen aan het werk dan in België en België scoort goed als het gaat over de kwaliteit van arbeid. Het is dan ook niet barbaars dat de regering een pensioenhervorming op tafel legt voor een houdbaar en toekomstgericht pensioensysteem, waarin we langer zullen werken. Een systeem dat onze publieke financiën niet ondergraaft en dat ook garanties biedt voor de toekomstige generaties. Want de beste manier om ons op de uitdaging van de toekomst voor te bereiden is door meer mensen aan het werk te krijgen en te houden.

Onmiddellijk primeert in het debat de vraag wie het recht heeft om de dans van langer werken te ontspringen. Bepaalde pleitbezorgers vragen om zo veel mogelijk beroepen als zwaar te bestempelen. Maar grote hervormingen hebben geen zin als ze volledig uitgehold worden. Of toch? Want als men beroepen en criteria aan de lijst blijft toevoegen, dan lost de discussie zichzelf finaal op. Dan heeft iedereen een zwaar beroep en dus hetzelfde regime waardoor de discussie geheel zinloos wordt. Maar waarom zouden we dan nog hervormen en pogingen doen om de toekomst van volgende generaties veilig te stellen?

De discussie over zware beroepen toont aan dat we blijven hangen in een discours van de 20e eeuw. Maar hoe ziet onze 21e eeuw er uit? We evolueren meer naar bundels van taken in plaats van beroepen. Daarnaast ondervinden we nu al dat digitalisering kansen biedt om werk lichter te maken. En dat de geesten rijpen om arbeidsmobiliteit in het belang van de werknemer een plaats te geven.

“Het is in het belang van de werknemer dat de uitzondering, de uitzondering blijft en in het belang van de komende generaties, dat de hervorming ook een hervorming blijft.”

In het belang van de werknemer zou het resultaat eigenlijk moeten zijn dat de lijst met zware beroepen/taken zo kort mogelijk is. Om daartoe te komen moet het debat gaan over maatregelen ter verlenging van ieders loopbaan. Daarbij primeert preventie en moet de opportuniteit van digitalisering gegrepen worden. Taken die vervolgens op basis van objectieve verifieerbare maatstaven nog steeds zwaar zijn, zouden gedurende de loopbaan meer gevarieerd moeten worden. Een flexibel kader omtrent jobmobiliteit voor meer passend werk kan daar een antwoord bieden. De klemtoon verleggen richting maatregelen die langer werken mogelijk maken, zal op termijn tot de noodzakelijke mentaliteitswijziging leiden. Oeverloze discussies over welke beroepen al dan niet echt zwaar zijn dragen daar niet toe bij en werken contraproductief.

Uiteindelijk is het in het belang van de werknemer dat de uitzondering, de uitzondering blijft en in het belang van de komende generaties, dat de hervorming ook een hervorming blijft. Tijd is belangrijk in het pensioendebat. Daarom moeten er zowel in de publieke als in de private sector spoedig knopen worden doorgehakt en ervoor gezorgd worden dat het aantal uitzonderingen beperkt blijft. En voor al wie denkt dat langer werken echt niet haalbaar is: in Zwitserland ligt de effectieve pensioenleeftijd op 65 jaar, in IJsland zelfs op meer dan 68 jaar. En daar zijn er gegarandeerd ook zware taken.

Veronique Leroy - Adviseur Sociaal recht & Arbeidsmarkt - veronique.leroy@voka.be - 0478 88 03 34