“Werken tot 67 kan: Voka geeft 4 hefbomen om ouderen langer aan de slag te houden”

16/11/2017 , Tom Demeyer - Woordvoerder Voka - tom.demeyer@voka.be

De krapte op de arbeidsmarkt is historisch hoog. Ondernemingen zijn meer dan ooit op zoek naar geschikt talent om vacatures in te vullen. Toch is er slechts een kleine 68 procent van de Belgische 20- tot 64- jarigen aan de slag. De participatie van 55- tot 64 jarigen is problematisch. Daar is minder dan de helft aan het werk. Op de arbeidsmarkt van morgen hebben we echter iedereen nodig. Voka schuift in een nieuwe Vokapaper 4 belangrijke hefbomen naar voor om meer ouderen aan de slag te krijgen.

De feiten zijn ontegensprekelijk : Een van de zwakke schakels van onze welvaartsstaat is en blijft het lage aantal werkenden dat bijdraagt om de sociale zekerheid te financieren. Slechts een kleine 68 procent van de Belgische 20- tot 64-jarigen is aan de slag. Zo is in België minder dan de helft van de 55- tot 64-jarigen aan het werk. De participatie van ouderen blijft in België erg laag in vergelijking met andere landen. Nochtans is de nood Werken tot 67hoog: In de periode 2011-2016 verlieten 298.400 werkende 50-plussers de Vlaamse arbeidsmarkt. In de periode 2016- 2021 zal dit aantal stijgen naar 334.000. Volgens prognoses zullen tussen 2021 en 2026 ongeveer 405.000 50-plussers moeten vervangen worden.

Ondanks het verstrengen van de stelsels voor vervroegde uittreding staan oudere werknemers zwak te midden van een arbeidsmarkt die in volle transformatie verkeert, als gevolg van de industriële revolutie 4.0. Vooral de lagere opleidingsparticipatie en de te hoge lonen door anciënniteit zorgen ervoor dat oudere werknemers minder aantrekkelijk zijn.

Als we meer oudere werknemers aan het werk willen en duurzame, lange loopbanen willen uitbouwen, moeten we evolueren naar een situatie waarin de maatschappij een engagement aangaat om te zorgen voor loopbaanzekerheid in plaats van jobzekerheid. Brugpensioen 2.0 is een – onvolmaakte – poging om het concept van loopbaanzekerheid op bedrijfsniveau te introduceren.

In de nieuwste Voka Paper “Werken tot 67 kan” reikt Voka vier hefbomen aan om oudere werknemers langer aan de slag te houden.

  1. Anciënniteitsverloning moet geplafonneerd worden. Daarna kan het basisloon niet langer stijgen op basis van anciënniteit,Werken tot 67 kan maar een variabel gedeelte kan dit wel nog op basis van prestaties. Daarnaast moeten automatische loondrijvers afgeschaft worden om ruimte te creëren om gedifferentieerd te kunnen verlonen.
  2. Een leercultuur komt met rechten en plichten. Werknemers moeten blijven investeren in zichzelf en het opleidingsaanbod benutten. Als zij opleidingen weigeren van hun werkgever, moeten ze een lagere opzegvergoeding krijgen wanneer er later een ontslag zou volgen.
  3. Als er geen toekomst meer is voor de werknemer bij de huidige werkgever, moet arbeidsmobiliteit mogelijk worden in combinatie met zekerheden. Een eerste manier is de werkgever aanmoedigen om medewerkers nieuwe skills aan te leren die ze kunnen gebruiken voor een job buiten de onderneming. Als de werkgever op een dag tot een ontslag moet overgaan, dan mag de werkgever die gemaakte herscholingskosten in mindering brengen van de opzegvergoeding.
  4. Arbeidsmobiliteit kan nog op een tweede manier gerealiseerd worden. Met name door werkgevers toe te laten om oudere werknemers ter beschikking te stellen van andere ondernemingen. Daarvoor moet een uitzondering op het huidige verbod op terbeschikkingstelling voorzien worden. Het moet mogelijk worden om oudere werknemers tijdelijk ter beschikking te stellen ter verrijking van hun competenties of zodat zij een job kunnen uitoefenen die meer past bij hun huidige noden.

“Op de arbeidsmarkt van morgen hebben we iedereen nodig,” aldus Hans Maertens, gedelegeerd bestuurder van Voka. “Laat ons nu werk maken van ingrijpende hervormingen op onze arbeidsmarkt zodat we oudere werknemers langer aan boord houden, maar ook aantrekkelijker maken om aan te werven. Mits de nodige hervormingen kan Vlaanderen in de toekomst hét gidsland bij uitstek worden voor tewerkstelling van ouderen. Waar wachten we op?”