Overslaan en naar de inhoud gaan
Map
  • Nieuws
  • Waarom een snelle beslissing over stikstof noodzakelijk is voor iedereen

Waarom een snelle beslissing over stikstof noodzakelijk is voor iedereen

  • 07/03/2023

Voka heeft de laatste weken meermaals de Vlaamse regering opgeroepen haar verantwoordelijkheid op te nemen en de voorliggende ontwerpteksten en voorstellen in het stikstofdossier goed te keuren. Hieronder verduidelijken we waarom een rechtszeker en definitief stikstofkader belangrijk is voor alle sectoren in Vlaanderen.

Vijf voor twaalf

Eerst en vooral moet iedereen de ernst van de zaak beseffen. De waarschuwing voor een totale impasse waarbij vergunningen niet meer worden verleend en bouwwerken worden stopgezet, neemt blijkbaar niet iedereen au sérieux. Nochtans moeten we niet ver zoeken naar een voorbeeld. Nederland lag in 2019 bijna volledig plat door stikstofperikelen en tienduizenden bouwprojecten werden stilgelegd. Een stikstofvrijstelling voor de bouw bracht lange tijd soelaas, maar ook die noodoplossing werd recent door een rechter onderuitgehaald. Inmiddels wordt de maatschappelijke schade in Nederland door de bouwsector begroot op zo’n 28 miljard euro

In Vlaanderen is het enkel wachten op een nieuw vonnis of arrest om de huidige situatie te doen escaleren. En het zullen heus niet alleen de bouwprojecten zijn die de burger zullen treffen. Als morgen bedrijven geen nieuwe vergunning krijgen omwille van stikstof, zal dat jobs kosten, mogelijk véél jobs. De gelatenheid waarmee mensen vandaag reageren op deze stikstofcrisis zal dan snel veranderen in woede en verontwaardiging. 

In Vlaanderen is het enkel wachten op een nieuw vonnis of arrest om de huidige situatie te doen escaleren.

Steven Betz, Expert milieu en ruimtelijke ordening

Die woede zien we vandaag al bij de landbouwsector, en dan meer bepaald bij de houders van varkens, rund- en pluimvee. Begrijpelijk vermits de maatregelen die nu voorliggen, voornamelijk hen treffen. Zij zijn lange tijd in het ongewisse gelaten en niemand hield hen tegen wanneer zij de voorbije jaren in hun bedrijf verder investeerden, meer nog, soms werden zo daartoe aangespoord. Vandaag worden zij ondergedompeld in twijfel bij gebrek aan een duidelijk kader waarbinnen zij verder kunnen exploiteren.

Het stikstofarrest van februari 2021 is een gamechanger

Iedereen moet goed begrijpen dat het vandaag vijf voor twaalf is. Tien jaar geleden stond stikstof ook op de politieke agenda maar niemand lag daar toen wakker van. Er werden in 2014 drempels afgesproken die nadien gebruikt werden bij de beoordeling van vergunningsaanvragen. Achteraf bleken deze drempels veel te soepel. 

Toen in 2021 de Raad voor Vergunningsbetwistingen moest oordelen over een beroepsprocedure tegen de vergunning van een kippenstal stelde de rechter vast dat Vlaanderen zijn Europese natuurverplichtingen niet nakwam. Ondanks de Vlaamse toetsingsdrempels daalde de stikstofuitstoot niet of amper. Dat is problematisch omdat Europa ons wel verplicht de Europees beschermde natuur te beschermen en stikstof nu eenmaal het voortbestaan van die natuur in het gedrang brengt. Resultaat was het beruchte Stikstofarrest van februari 2021. Dat arrest is een gamechanger. Sindsdien heerst er alom onduidelijkheid over hoe moet omgegaan worden met vergunningsaanvragen voor projecten die een zekere stikstofuitstoot veroorzaken. 

Ministeriële instructie is louter een voorlopige oplossing

Om toch een zekere houvast te bieden werd in mei 2021 een ministeriële instructie uitgestuurd die voorschreef hoe administraties met vergunningsaanvragen dienden om te gaan. Zowel in deze instructie, als in het Krokusakkoord van vorig jaar, wordt een verschillend beoordelingskader voorzien voor ammoniak (NH3) en stikstofoxides (NOx). Omdat ammoniakuitstoot nagenoeg volledig door de landbouwsector wordt uitgestoten en verkeer en industrie een belangrijk deel vertegenwoordigen in de stikstofoxides-uitstoot, wordt dit al gauw weggezet als een verhaal van industrie versus landbouw. Dat is jammer. In tegenstelling tot het Krokusakkoord dat vorige zomer in openbaar onderzoek ging, werd de ministeriële instructie niet onderworpen aan een milieu-effectenbeoordeling en een passende beoordeling.

Wezenlijk verschil tussen ammoniak en stikstofoxides

Er zijn verschillende redenen waarom een verschil van aanpak tussen NOx en ammoniak logisch is. Allereerst heeft ammoniakuitstoot een veel grotere impact op de nabijgelegen natuur dan NOx. De veelgehoorde stelling dat een kilo stikstof een kilo stikstof is, of die nu van een stal of van een industriële installatie komt, is dus niet correct. Er is wel degelijk een verschil tussen NOx en ammoniak. Ammoniak slaat dichter neer bij het emissiepunt dan NOx. Dit kan verklaard worden doordat ammoniak oplosbaar is in water (en dus door regen) maar ook door luchtvochtigheid sneller neerdaalt op de bodem.

NOx-verbindingen zijn daarentegen veel minder oplosbaar in water en zullen daarom langer in de lucht hangen en meer vervliegen. Logisch gevolg is dat NOx een veel kleinere neerslag of depositie heeft vlakbij de emissiebron en dus minder grote impact heeft. De impact van ammoniak op de bodem is ook veel sterker, niet alleen door de sterkere depositie van ammoniak, maar ook eenmaal neergeslagen is ammoniak schadelijker.

Als we kijken naar de Vlaamse bronnen van stikstofneerslag moeten we vaststellen dat ongeveer 80% afkomstig is van veehouderijen en maar 3% van de sector industrie. Een groot verschil dus.

Belangrijk is ook om op te merken dat de soepelere kaders die in 2014 waren afgesproken, de industriële sector niet hebben weerhouden om de laatste 10 jaar heel wat minder stikstof uit te stoten (terwijl de ammoniakuitstoot nagenoeg dezelfde bleef). We hebben met andere woorden te maken met een sector die maar een beperkte bijdrage levert aan het totaalprobleem en tezelfdertijd een mooi rapport kan voorleggen van geleverde inspanningen. Daarom is het niet fair ongenuanceerd te stellen dat het zogenaamd onbegrijpelijk is dat industriële sectoren een ander beoordelingskader krijgen dan veehouderijen. 

Het is niet fair ongenuanceerd te stellen dat het zogenaamd onbegrijpelijk is dat industriële sectoren een ander beoordelingskader krijgen dan veehouderijen.

Steven Betz, Expert milieu en ruimtelijke ordening

Die nuance in dit gevoelig dossier gaat dikwijls verloren. Niet lang geleden ontving het Project One van Ineos in Antwerpen een vergunning. Criticasters schreeuwden moord en brand dat zij geen vergunningen meer krijgen terwijl zo’n industrieel project met de nodige stikstofuitstoot wel een vergunning kreeg.

Als we de cijfers van dit project erbij nemen, kan je toch ernstige vraagtekens bij deze kritiek plaatsen. De impactscore voor project One bedraagt iets minder dan 0,5%. Ter vergelijking: bijna 3.000 boerderijen hebben vandaag een grotere impactsore. Is het dan maatschappelijk verantwoord om een investering te weigeren van 3 miljard euro, waarbij gedurende 4 jaar zo’n 2.500 werkkrachten aan de slag zijn, en nadien honderden mensen vast in dienst zullen treden als de uiteindelijke stikstofimpact van het project niet meer is dan een doorsnee veehouderij?

Stikstofregeling zal een totaalpakket zijn waardoor juridische robuustheid sterk toeneemt

Ook de juridische bezwaren die worden opgeworpen tegen het verschil in behandeling zijn zwak. Zij die beweren dat de rechter al heeft gesteld dat omwille van het discriminatieverbod er geen afzonderlijke beoordelingskaders mogen zijn, doen de waarheid geweld aan. Het gelijkheidsbeginsel stelt niet dat iedereen gelijk moet behandeld worden. Wel moeten gelijke gevallen op een gelijke wijze worden behandeld. Zoals hierboven al verduidelijkt, zijn er in dit dossier wel degelijk wetenschappelijk en maatschappelijke redenen om te kiezen voor een gedifferentieerde aanpak. 

Een ander belangrijk element is dat de al tussengekomen arresten zich nooit hebben uitgesproken over de regeling die nu voorligt en enkel problemen aankaarten met de tussentijdse oplossing die de ministeriële instructie van mei vorig jaar bood.

Maar, in tegenstelling tot die tussentijdse regeling, zou er met de voorliggende teksten in de toekomst een totaalpakket komen om het hoofd te bieden aan de stikstofcrisis. In dat pakket zitten een hele reeks maatregelen (bv. natuurherstelmaatregelen) die voldoende garanties inhouden dat de stikstofdeposities dalen, dat de toestand van de Europees beschermde natuur niet verslechtert en dat op termijn de natuurdoelen kunnen worden bereikt. Zoals aangehaald, zal in tegenstelling tot de ministeriële instructie dat totaalpakket ook zelf onderworpen zijn geweest aan een milieu-effectenbeoordeling en een passende beoordeling. Dat is een belangrijk en wezenlijk verschil.

Bijkomend onderzoek mag niet leiden tot uitstel van beslissing

Daarmee komen we meteen bij een ander belangrijk punt. De milieu-effectenbeoordeling van de stikstofregeling die vandaag voorligt, werd meer dan 4 jaar geleden opgestart en doorheen die periode telkens weer verfijnd. Politieke discussies, waarbij uiteraard ook het maatschappelijk middenveld input leverde over mogelijk te onderzoeken scenario’s, zorgden voor een uitgebreid effectenrapport. 

Het is niet ernstig nu te verlangen dat al dat onderzoek de vuilbak in moet en dat alles opnieuw moet worden gedaan. Het resultaat zou zijn dat we meteen minstens twee jaar verder staan en het beschreven onheil van een totale vergunningenstop akelig dichtbij komt. De laatste weken heeft de Vlaamse regering duidelijk gezocht naar de maximale aanpassingsruimte van het akkoord dat mogelijk is zonder dat het effectenonderzoek opnieuw moet worden gedaan. 

Zo werden er oplossingen gezocht en gevonden voor het probleem van de piekbelasters (rode lijst), het flankerend beleid voor landbouw werd uitgebreid en voor bepaalde denkpistes wordt bijkomend onderzoek bevolen. Er ligt vandaag meer dan genoeg op tafel om de volgende stap te nemen en binnenkort een ontwerp van decreet in te dienen in het Vlaams Parlement. De overige issues verdienen inderdaad verder onderzoek maar mogen niet misbruikt worden om alles on hold te zetten. De gevolgen zijn immers potentieel immens. 

Heel Vlaanderen heeft baat bij een snelle beslissing

Zowel het getroffen deel van de landbouwsector als bij uitbreiding de ganse Vlaamse economie is gebaat met een snelle beslissing rond stikstof. Op die manier krijgen ondernemers en investeerders in alle sectoren duidelijkheid en kunnen de nodige budgetten worden vrijgemaakt om de getroffen landbouwbedrijven te ondersteunen in de transitie naar een minder stikstof uitstotende landbouw, te begeleiden naar een andere soort van landbouw of hen correct te vergoeden bij stopzetting van activiteiten.

Contactpersoon

Steven Betz

Business Development Manager Oosterweelverbinding

imu - vzw - Uzbrussel