Skip to main content
  • Nieuws
  • Vlaams OpleidingsVerlof: de laatste loodjes

Vlaams OpleidingsVerlof: de laatste loodjes

  • 24/10/2018

Bij de zesde staatshervorming werd het federale stelsel van Betaald Educatief Verlof (BEV) overgedragen aan de regio’s. Uit een audit van het Rekenhof bleek dat Vlaanderen echter geen performant instrument erfde: er was in het federale BEV een gebrek aan transparantie, finaliteit en eenvormigheid in de erkenning en beoordeling van opleidingen. 

  • Voortaan moeten alle opleidingen arbeidsmarktgericht zijn en getoetst worden aan welomschreven criteria.
  • Bedrijfsspecifieke opleidingen behoren daarbij tot de eigen verantwoordelijkheid.
  • Maar dit zorgt echter voor een probleem met bedrijfsinterne opleidingen, die een ruimer bereik hebben dan de bedrijfsspecifieke opleidingen.
  • Voka vraagt met aandrang om de bedrijfsinterne opleidingen wel te erkennen in het Vlaams Opleidingsverlof.

Bij de overdracht in 2015 kwamen er tal van tekortkoOpleidingsverlofmingen van het BEV aan het licht. Zo was er geen globale registratie van alle opleidingen, maar bovenal ontbrak een duidelijke verantwoording waarom bepaalde opleidingen wel of niet werden erkend en dus recht gaven op vergoeding. De Vlaamse sociale partners moesten daarom aan de slag om de betaalde vorming voor werknemers grondig te herdenken. Dit resulteerde in het Vormingspact van 2017, waarin het BEV omgevormd en bijgestuurd werd tot het Vlaams OpleidingsVerlof (VOV). Voor het VOV werden belangrijke en eenduidige uitgangspunten en bouwstenen vastgelegd: zo moeten voortaan alle opleidingen arbeidsmarktgericht zijn en getoetst worden aan welomschreven criteria. Daarbij is expliciet gesteld dat bedrijfsspecifieke opleidingen behoren tot de eigen verantwoordelijkheid van de werkgever en dat is terecht. Dit zijn immers opleidingen die competenties aanleren die enkel binnen de betrokken onderneming van toepassing zijn, zoals bijvoorbeeld een nieuwe CRM-module, aanpassing aan machines of productie waarop men zich moet inwerken, enzovoort. Het rendement van de bedrijfsspecifieke opleiding valt dus volledig ten bate van de financierende werkgever.

Een jaar later is het decreet houdende het VOV goedgekeurd en liggen de ontwerpbesluiten voor, die het decreet uitvoeren en zo de echte start van het VOV mogelijk maken. Bij de uitvoeringsbesluiten blijkt er echter een probleem te rijzen voor bedrijfsinterne opleidingen. Hierbij treedt de werkgever op als organisator of feitelijke opleidingsverstrekker, in tegenstelling tot die opleidingen waarbij de werknemer geheel op eigen initiatief een opleiding buiten de onderneming volgt. Bedrijfsinterne opleidingen hebben wel een ruimer bereik dan de bedrijfsspecifieke opleidingen.

 “Bedrijfsinterne opleidingen worden steeds belangrijker voor de latere inzetbaarheid van de werknemer bij andere ondernemingen en sectoren.”

De bedrijfsinterne opleidingen die worden geïnitieerd door de werkgever worden steeds belangrijker. Zij spelen immers in op meerdere problematieken waar de arbeidsmarkt mee geconfronteerd wordt: 

  • Zo is er een groot gebrek aan leercultuur, waarbij werknemers geen interesse hebben in opleiding of de noodzaak er niet van inzien. Het bestaan van vormingsvouchers, verlofrechten en een laagdrempelig aanbod zorgt nauwelijks voor een substantiële stijging van de opleidingsparticipatie die onze arbeidsmarkt vraagt. Dit bleek uit de hervorming van de opleidingscheques waarbij bijkomende incentives werden voorzien voor laaggeschoolden, maar waar een substantiële stijging vooralsnog uitblijft. De motivatie om zich bij te scholen, blijkt vaak te ontbreken bij werknemers...
  • Bijkomend sluiten onderwijs en arbeidsmarkt onvoldoende op elkaar aan, zoals blijkt uit het groot aantal tekorten van bv. technische profielen (ondanks STEM-actieplannen). Heel wat opleidingen georganiseerd door sectoren en ondernemingen vullen de lacunes in die het onderwijs laat vallen en zijn dus broodnodig voor het functioneren van onze economie. 
  • De krapte op de arbeidsmarkt dwingt de ondernemingen af te stappen van aanwerving op diploma’s en veeleer te kijken naar de aanwezige en te verwerven competenties van toekomstige werknemers. Bedrijven moeten veel investeren in hun nieuwe werknemers om hen goed te kunnen laten functioneren. 
  • Tot slot leidt technologie en digitalisering ertoe dat functies kwalitatief wijzigen en transformeren aan een snelheid die initieel en verdergezet onderwijs alleen onvoldoende kan waarborgen. Ook daar moeten werkgevers op inspelen met onder meer bedrijfsinterne opleidingen.

Interne bedrijfsopleidingen, gericht op het huidig en toekomstig functioneren van de werknemer, zijn dus cruciaal voor zijn latere inzetbaarheid bij andere ondernemingen en sectoren. Zij realiseren een win-win voor beide partijen. We vragen dan ook met aandrang dat ook de bedrijfsinterne opleidingen erkend zouden worden in het VOV.

Uiteraard moet hierbij misbruik vermeden worden, waarbij ondernemingen voor eigen gewin de opleidingskosten afwentelen op de overheid. Maar een correct hanteren van de erkenningsprocedure, waarbij bedrijfsspecifieke opleidingen niet in aanmerking komen voor VOV en bedrijfsinterne opleidingen wel, moet die deur sluiten. Dit zou ook toelaten om veel meer werknemers te vormen en hen zo sterker te maken op de arbeidsmarkt. Indien daaruit volgend bijkomende middelen zouden nodig zijn voor het VOV, dan kunnen die eventueel worden gevonden via een betere regionale besteding van de huidige federaal verplichte bijdragen voor vorming en risicogroepen.

Het VOV is veel performanter en efficiënter uitgewerkt dan zijn voorganger, het BEV. Het is dringend tijd om dit nieuwe vormingsinstrument los te laten op de arbeidsmarkt, opdat we in samenwerking tussen bedrijven, werknemers en overheid meer mensen aan het leren krijgen. Laat ons dan ook de laatste loodjes rond de bedrijfsinterne opleidingen snel oplossen, in een win-win voor iedereen.

Sonja Teughels - Senior Adviseur Arbeidsmarkt - sonja.teughels@voka.be - 0472 34 26 60

Contactpersoon

Sonja Teughels

Senior Adviseur Arbeidsmarkt

IMU - Altez 0110
IMU - Sport Vlaanderen
VZW_IMU_GROUPS
ING
SD  Worx