Skip to main content
  • Nieuws
  • Vergunningencircus zet rem op ontwikkeling van De Kock

Vergunningencircus zet rem op ontwikkeling van De Kock

  • 16/02/2017

Grondwerken, afbraakwerken, wegeniswerken en rioleringswerken. Het zijn activiteiten die in de provincie Vlaams-Brabant onlosmakelijk verbonden zijn met de naam van firma De Kock uit Overijse. Dit familiebedrijf begon in de jaren 50 met de handel in koolstoffen en meststoffen. Nu de derde generatie aan het hoofd staat, is het uitgegroeid tot een gevestigde waarde in de streek. Helaas worden ze door protest van buurtbewoners om de haverklap gehinderd om hun activiteiten te kunnen uitvoeren.

Marijke en Joost De Kock (De Kock Overijse)“Eind jaren 60 hebben we nog het zand aangeleverd voor de aanleg van de E40”, vertelt Hugo De Kock, die op 17-jarige leeftijd zijn schoolloopbaan moest stopzetten om zijn vader mee te helpen in het bedrijf. In de jaren 70 namen hij en zijn vrouw, samen met zijn broer Daniel De Kock, het bedrijf over van hun vader. “Als een echt triumviraat leidden we het bedrijf en maakten we van een gammel bedrijf een gezond bedrijf.”

Eind jaren 90 kwamen Marijke en haar broer Joost in het bedrijf werken. In tegenstelling tot hun vader destijds, was het voor hen wél een bewuste keuze. “Ik heb eerst in een ander bedrijf gewerkt, maar dat voelde niet goed”, vertelt Marijke. “Met dit bedrijf ben ik opgegroeid, dit is familie.” Al kozen niet alle kinderen voor deze weg. “Onze andere dochter is een volledig andere weg ingeslagen. Die zit in de immobiliën en is dus niet bij ons bedrijf betrokken. Wie wel in het bedrijf zit, heeft er dus 100% voor gekozen”, zegt Hugo.

De scheiding tussen werk en privé wordt wel strikt gevolgd ten huize De Kock. “Toen we klein waren, hebben we dit ook altijd als voorbeeld gehad”, vertelt Marijke. “Er werd thuis eigenlijk nooit over het bedrijf gepraat, en nu is dat niet anders. En dat is goed, want anders stopt het werk nooit.”

 

NIMBY

Als je hen vraagt wat doorheen de jaren de grootste uitdaging is geweest voor het bedrijf, moeten ze niet lang nadenken. “De vergunningen”, zegt Marijke kordaat. “Die vormen absoluut een rem om ons ten volle te kunnen ontwikkelen.” Vooral de vergunning voor de zandgroeve in Huldenberg heeft al heel wat voeten in de aarde gehad. “Op 1 februari hebben we de activiteit binnen de zandgroeve, waarin zand ontgonnen wordt, grond gestockeerd wordt en betonproducten worden aangemaakt, verplicht moeten stopzetten.”

“Eigenlijk is het een absurde – zo niet kafkaiaanse – situatie”, gaat ze verder. “We hebben destijds dat domein aangekocht, dat sinds begin jaren 70 ingekleurd is als ontginningszone. Op dat domein mogen we dus onze zandgroefactiviteiten uitvoeren. We hebben toen een grondige voorstudie gedaan, hebben alle nodige vergunningen aangevraagd en na onderzoek van alle mogelijke instanties hebben we deze ook zonder problemen gekregen. Maar onze sector blijft natuurlijk wat ze is en dat is geen dankbare sector. We hebben veel plaats nodig, we blijven een hinderlijke activiteit en we hebben veel en zwaar transport. Dat valt bij sommige omwonenden in slechte aarde, dan speelt het eeuwige ‘not in my backyard’-principe.”

 

N253 zorgt voor ophef

Die omwonenden stappen dan ook regelmatig naar de Raad van State met een klacht over de activiteiten van het bedrijf, waardoor de vergunningen opnieuw worden ingetrokken. “Het gaat eigenlijk allemaal over de N253, die kronkelweg tussen Leuven en Overijse. Dat is de enige weg waarlangs we onze zandgroeve in Huldenberg kunnen bereiken. De bewoners vinden echter dat onze vrachtwagens een gevaar zijn op die weg en willen dat wij ze niet meer gebruiken, om zo de verkeersveiligheid te verhogen.”

Ze kunnen uiteraard wel begrip opbrengen voor de mening van deze mensen, maar hebben helaas geen alternatief. “Wij zijn ook voorstander van aanpassingen aan deze weg of alternatieve manieren om onze zandgroeve te bereiken. Maar de plannen om de weg te verbeteren zijn al 20 keer gewijzigd en 30 keer uitgesteld. In tussentijd moeten wij wel onze activiteiten kunnen blijven uitvoeren.”

“Elke keer als er zo’n klacht van de buurt binnenkomt bij de Raad van State, wordt onze hele activiteit stilgelegd,” vertelt Hugo. Dat is al 4 keer gebeurd en nu ligt de zandgroeve opnieuw verplicht stil na een arrest van de Raad van State. “Dat is rampzalig, want niet alleen gaan klanten op zoek naar alternatieven, wij moeten zelf ook een beroep doen op onze concullega’s om onze basisgrondstoffen te verkrijgen. Ons hele concurrentiële voordeel gaat dan verloren, om nog maar te zwijgen van de kosten die dit met zich meebrengt.”

 

“De verplichte stopzetting van de zandgroeve toont aan dat de Raad van State geen enkele afweging heeft gemaakt. Het is hallucinant dat een paar omwonenden erin slagen om de inkomens van 90 families op de helling te zetten.”

 

“Ja, het is een triestig verhaal”, beaamt Marijke. “Het is absoluut goed dat er een forum is waar mensen klachten kunnen deponeren. Maar het zou fijn zijn als er bij de behandeling van die klacht wat meer rekening gehouden wordt met de belangen van de betrokken partijen. En voor alles stilgelegd wordt, zou de overheid moeten afwegen of de klacht wel voldoende gegrond is. Wat begin februari gebeurde, toont opnieuw aan dat de Raad van State geen enkele afweging heeft gemaakt. Het is hallucinant dat een paar omwonenden erin slagen om de inkomens van 90 families op de helling te zetten. We zijn zeer ontgoocheld.”

 

Wallonië versus Vlaanderen

Hugo De Kock (De Kock Overijse)Volgens hen is er op vlak van wetgeving een hemelsbreed verschil tussen Vlaanderen en Wallonië. “Toen we onze vestiging in Waver hebben opgericht, hebben we onze milieuvergunning op een-twee-drie gekregen. Het heeft welgeteld 4 maanden geduurd. Zo snel hebben we het in Vlaanderen nog nooit meegemaakt. Echt ongezien”, aldus Marijke.

“Het grote verschil tussen beide landsdelen is het gewicht dat werkgelegenheid in de schaal legt”, vult Hugo aan. “In Wallonië speelt werkgelegenheid nog een grote rol. Als wij ons bedrijf in Waver zouden moeten sluiten, staan er 36 jobs op het spel. Dat is voor de Waalse overheid een belangrijke factor om rekening mee te houden. 10 jaar geleden was dat hier ook nog het geval, maar dat is tegenwoordig helemaal verdwenen.”

Maar ook op vlak van betrokkenheid van de overheidsinstanties is er een groot verschil. Marijke: “Neem nu de persoon die in Wallonië ons dossier behandelde. Toen er bij de aanvraag van onze vergunning een buur was met een vraag, heeft deze persoon ons samen met die buur rond de tafel gebracht voor een open gesprek. Na afloop van het gesprek was de vraag van die man opgelost en het probleem verholpen, allemaal dankzij de betrokkenheid van de overheidsinstantie.”

Is het in Vlaanderen dan zo verschillend? “De mensen die in Vlaanderen onze aanvragen behandelen, komen meestal niet ter plaatse, maar handelen alles van op afstand af op basis van het dossier”, vertelt Hugo. “Ik denk nochtans dat, als de Vlaamse instantie ons vanaf het begin mee met de buurtbewoners van de N253 rond de tafel hadden gebracht, ook dit probleem misschien al verholpen geweest zou zijn”, vult Marijke hem aan. “We hebben dit zelf wel geprobeerd door een beroep te doen op de Confederatie Bouw en Voka, maar die worden als de tegenpartij niet voldoende als een objectieve partij gezien. En dan werkt het overleg helaas niet.”

 

Lokale sterkte

Speelt het nooit door hun hoofd om ons land te ontvluchten en in te zetten op buitenlandse markten? “Nee, zeker niet. Onze lokale en regionale werking is een goede formule”, vertelt Marijke. “Ook de mensen die hier werken, komen uit de omgeving van Overijse en Waver. En dat is een win win-situatie, want niet alleen zijn onze mensen tevreden dat ze in de streek kunnen werken, het is ook goed voor het bedrijf dat onze mensen gelukkige ambassadeurs zijn.”

Het lage verloop getuigt daarvan. Van de 90 medewerkers die het bedrijf telt, zijn er vorig jaar maar 2 vertrokken, en wel omdat ze op pensioen gingen. “Deze medewerkers waren 42 en 45 jaar bij ons in dienst geweest, het doet pijn om afscheid te nemen van zo’n trouwe medewerkers. Maar eens je een zekere leeftijd bereikt hebt, gaat het niet anders”, zegt Hugo.

 

"Van de 90 medewerkers die het bedrijf telt, zijn er vorig jaar maar 2 vertrokken, en wel omdat ze op pensioen gingen."

 

Het enorme belang dat De Kock hecht aan hun medewerkers, speelt daarin een belangrijke rol. Open dialoog, nauwe banden en wederzijds respect, daar zetten ze op in. “Onze medewerkers zijn ons uithangbord”, zegt Marijke. “Zij komen in contact met onze klanten, dus we vinden het belangrijk dat ze ons bedrijf op een positieve manier vertegenwoordigen.”

De zoektocht naar geschikte medewerkers verloopt niet altijd even vlot, maar dat de motivatie en wil om te werken primeert, is duidelijk. “We zoeken echt naar een positieve ingesteldheid. De nodige kennis en vaardigheden, die kunnen ze intern bij ons in het bedrijf dan wel leren.”

 

Onzeker

Het antwoord op de vraag hoe De Kock de toekomst van het bedrijf ziet, is op dit moment niet erg positief. “Momenteel is het niet eenvoudig om te ondernemen in deze sector”, vertelt Hugo. “Er is enorme concurrentie van schijnbedrijven en bedrijven die werken met onderaannemers met lage lonen. In vergelijking met hen hebben wij een enorme loonhandicap.”

“Daarom zetten we in op de verfijning van onze organisatie en bepaalde activiteiten, zodat we hiermee kosten kunnen drukken”, zegt Marijke. “Denk maar aan ons sorteercentrum dat momenteel in volle ontwikkeling is, of ons afvalsorteercentrum waar we bijvoorbeeld beton, dat opgegraven wordt bij werken, kunnen ‘breken’ tot de juiste grootte, die we dan weer kunnen gebruiken op een andere plaats. Op die manier kunnen we allerlei grondstoffen en basisproducten, die we nodig hebben voor onze activiteiten, in eigen beheer produceren, wat niet alleen de kosten drukt, maar ook de cirkel rond maakt. Zo hebben we ook ons eigen atelier, waar we alle herstellingen aan materiaal uitvoeren. Daar is voltijds 5 man aan de slag.”

Maar de verplichte stopzetting van de zandgroeve in Huldenberg, haalt het organisatiemodel van De Kock volledig overhoop. “Onze zandgroeve vormt de basis van onze bedrijvigheid. En ondanks het feit dat we de groeve exploiteren binnen de werkuren, in een put die vanaf het maaiveld niet zichtbaar is, waarbij de wanden alle mogelijke hinder tegenhouden én die voldoet aan alle mogelijke wettelijke voorwaarden, worden er toch mogelijkheden gevonden om de exploitatie stil te leggen en de toekomst van het bedrijf te hypothekeren. We gaan een onzekere periode tegemoet.”

 

Foto’s: Studio Dann

Contactpersoon

Proximus
ING
Proximus
SD  Worx
Logo Premed
Logo Randstad