Skip to main content
  • Nieuws
  • Subsidies zonneparken schrappen levert snelle winst maar lange schade

Subsidies zonneparken schrappen levert snelle winst maar lange schade

  • 11/02/2022

De beslissing van de Vlaamse regering om de subsidies voor niet-residentiële zonnepaneleninstallaties unilateraal terug te draaien geeft een deuk aan het imago van de Vlaamse regering die zich wil opstellen als een betrouwbare investeringspartner.

Wie in het verleden investeerde (zowel particulieren als bedrijven) in zonnepanelen, kon sinds 2006 aanspraak maken op financiële ondersteuning via het systeem van groenestroomcertificaten. Voor elke MWh-productie van de PV-installatie, kregen eigenaars bovenop de besparing op hun energiefactuur een bijkomend bedrag uitgekeerd. 

Die steun was in de beginjaren erg hoog, tot zelfs 450 euro per geproduceerde MWh. Maar die hoge steun was toen ook niet zo onlogisch. Zo waren zonnepanelen in 2006 nog een relatief nieuwe technologie, was de investeringskost nog erg hoog en wisten we nog niet welke levensduur de installaties konden bereiken.

Het risico om in PV te investeren was toen dus vele malen hoger dan vandaag. Om private investeerders toch over de streep te trekken om meteen al volop in te zetten op hernieuwbare energie werden dus hoge subsidies beloofd. 
 

Terugkomen op gemaakte afspraken is contractbreuk en leidt alleen maar tot meer rechtsonzekerheid.

Johann Leten, gedelegeerd bestuurder bij Voka - KvK Limburg

De regering had destijds alleen, vermoedelijk ongewild, een constructiefout in haar subsidiemechanisme ingebouwd: de subsidies werden toegekend onafhankelijk van de elektriciteitsprijzen. Dat zorgt er natuurlijk voor dat bij stijgende elektriciteitsprijzen, investeerders méér dan de door de regering voorziene rendementen opstrijken voor hun investering. 

Steun voor grote installaties sterk gedaald

In 2013 werd die situatie rechtgezet: subsidies voor nieuwe installaties zouden vanaf dan wel rekening houden met de evolutie van de elektriciteitsprijzen. Alleen, er was gedraald met de daling van de subsidiebedragen. Sinds 2009 waren de investeringskosten voor nieuwe zonnepaneleninstallaties al sterk gedaald en ontstond een klimaat voor oversubsidiëring.

Een belangrijk feit daarbij is dat de steun voor grote installaties toen al sterk gedaald was, in tegenstelling tot kleinere installaties (bij particulieren) die nog tot 2012 hebben kunnen genieten van de te hoge subsidiebedragen. Dat is overigens geen nieuws, want de SERV kwam in 2014 al tot diezelfde vaststelling.

Risicovolle investeringen

Voor het goed begrip: de historische oversubsidiëring is uiteraard een probleem dat zwaar weegt op de elektriciteitsfactuur van zowel gezinnen als bedrijven. Terugkomen op gemaakte afspraken is echter contractbreuk en leidt alleen maar tot meer rechtsonzekerheid. Investeerders in groene energie moeten zicht hebben op een minimum rendement, anders zal niemand in de toekomst nog willen investeren in hernieuwbare energie.

Het waren namelijk net de bedrijven die men vandaag viseert die in onzekere tijden via risicovolle investeringen de start van de energietransitie in Vlaanderen hebben afgetrapt. Zij maakten daarbij enkel gebruik van het geldende decretale kader zoals door de toenmalige beleidsmakers aangeboden werd. 

Geen voorbode

Het zou de Vlaamse regering dus nog meer sieren mocht ze bij het proberen oplossen van een historisch probleem ook in eigen boezem kijken. 

Laten we in elk geval hopen dat de beslissing van vorige week geen voorbode is voor wat nog moet komen. De energietransitie zal gepaard gaan met nog vele investeringen. Als het vertrouwen van bedrijven in de overheid daarbij wegebt, lijkt de schade op lange termijn vele malen groter dan de winsten op korte termijn.
 

Contactpersoon

Dario D'Arpino

Woordvoerder