Rechtszaak burgemeesters en provincie Vlaams-Brabant is begrijpelijke actie als gevolg van eenzijdige politiek Brussel en uitblijven Vliegwet

14/02/2018 , kasper.demol@voka.be

Werkgeversorganisatie Voka Vlaams-Brabant noemt de rechtszaak die enkele Vlaams-Brabantse gemeenten en het provinciebestuur aanspannen tegen federaal minister François Bellot “een begrijpelijke actie die het gevolg is van een eenzijdige politiek vanuit Brussel en het uitblijven van een echte oplossing door een Vliegwet vanuit de federale regering.”

“Het is niet onlogisch dat de burgemeesters en het provinciebestuur in het verweer gaan als blijkt dat Brussel er in slaagt om steeds meer vluchten op onze regio af te wentelen. Zowel via eigen onredelijk strenge wetgeving als via de rechtbank”, zegt Peter Van Biesbroeck, algemeen directeur van Voka – Kamer van Koophandel Vlaams-Brabant.

“We hebben vanuit Voka steeds voor een evenwichtige spreiding van de lasten gepleit, maar dat evenwicht geraakt steeds verder zoek. De nood aan een Vliegwet is al langer gekend, maar voor de derde keer op rij, dreigt een regeerakkoord dat die oplossing voorziet, dode letter te blijven”, aldus Van Biesbroeck.

Geluidsboetes gaan binnenkomen

“Vanuit Voka betreuren we het dat het dossier ongeveer een jaar na de gezamenlijke actie die we opzetten met de luchthavengemeenschap – inclusief de vakbonden – nog geen meter opgeschoven is”, zegt ook Hans Maertens, gedelegeerd bestuurder van Voka.

“Na de belangenconflicten begin vorig jaar reageerde men in Brussel laconiek dat de boetes minstens een jaar niet uitgeschreven zouden worden. Het leek alsof Brussel een geste deed, maar eigenlijk is dit de standaard tijd die men er vanuit de administratie over doet om de boetes te bepalen en op te sturen. Binnenkort zullen de eerste boetes volgens de verstrengde Brusselse regels van 2017 dus binnenkomen bij de luchtvaartmaatschappijen. Ondertussen lijkt een oplossing nog steeds veraf”, zegt Van Biesbroeck.

Oproep tot samenwerking

Hoewel Voka het niet eens is met de Brusselse geluidsnormen en juridische acties, beseft de werkgeversorganisatie dat een oplossing enkel rond de tafel gevonden kan worden. “Wat er nu gebeurt is een nieuwe escalatie van het vechtfederalisme in plaats van samenwerking. Dat is nochtans de enige uitweg. We mogen niet vergeten welke belangen er op het spel staan, zowel voor Brussel als Vlaams-Brabant maar ook heel het land. Als tweede grootste economische pool en ook logistieke draaischijf van België, is iedereen gebaat bij een goed draaiende nationale luchthaven.”

“Maar dan moet er ook voldoende draagvlak zijn en nu lijkt de emmer vol bij die mensen die de luchthaven het meest gesteund hebben. Samenwerking kan nochtans, want op de luchthaven werken Vlamingen en Brusselaars van arbeidsbemiddelingsdiensten VDAB en Actiris, Brussels Airport, werkgeversorganisaties Voka en Beci en de provincie Vlaams-Brabant binnen Brussels Airport House goed samen om jobs in te vullen door Vlamingen én Brusselaars. De opbrengsten van de nationale luchthaven zijn er voor iedereen, dus moeten ook de lasten billijk verdeeld worden. We steunen de vraag om die verdeling op basis van objectieve criteria en aeronautische veiligheid te laten plaatsvinden. De oplossing moet rond de tafel gevonden worden, maar het is de bevoegde minister die hiervoor het initiatief moet nemen. De tijd dringt”, besluit Van Biesbroeck.