Skip to main content
  • Home
  • Nieuws
  • Ook bij groei en lage rente loopt overheidsschuld met huidig beleid op
spaarvarken
  • 20/04/2021

Ook bij groei en lage rente loopt overheidsschuld met huidig beleid op

Met het huidige beleid zou de overheidsschuld ondanks vrij gunstige omstandigheden qua rente en economische groei ook na de crisis gestaag verder oplopen. Dat impliceert dat er dan geen buffers meer zijn om eventuele nieuwe crisissen op te vangen. Dat is geen houdbare situatie.

Onze overheid gaat niet op korte termijn failliet, maar zonder inspanningen loopt onze overheidsschuld ook na deze crisis gewoon verder op. Om onze overheidsfinanciën terug op een houdbaar pad te krijgen, zullen langdurig volgehouden inspanningen nodig zijn. Te beginnen met een inspanning van 8 miljard nog deze legislatuur. 

Het voorbije jaar reageerden overheden op deze crisis met massale steunmaatregelen. Dat was een terechte reactie. Zonder die maatregelen was de economische schade ongetwijfeld nog veel groter geweest. Maar de tijd dat overheden zich daarbij geen enkele zorgen moesten maken over de toekomst van de overheidsfinanciën, loopt ook stilaan ten einde.

Met het zicht op het einde van de acute coronacrisis zal er toch ook weer wat meer nagedacht moeten worden over hoe het nu verder moet met onze overheidsfinanciën. Het vorige week gepubliceerde rapport van de Hoge Raad van Financiën over onze overheidsfinanciën maakte (voor zover nodig) nog maar eens duidelijk dat dat geen makkelijke opgave wordt. 

Onhoudbare overheidsfinanciën

De crisis zorgt onvermijdelijk voor spectaculaire begrotingstekorten in 2020 en 2021, respectievelijk 44 en 33 miljard. Maar tijdelijke tekorten in crisisperiodes zijn op zich geen probleem. Die waren noodzakelijk om de impact van de crisis op te vangen. Veel verontrustender is het feit dat we ook na deze crisis met te hoge begrotingstekorten blijven zitten.

Volgens de huidige vooruitzichten komen we met het huidige beleid uit op een begrotingstekort van 5,2% van het bbp in 2026. In dat geval zou de overheidsschuld ondanks vrij gunstige omstandigheden qua rente en economische groei ook na de crisis gestaag verder oplopen. Dat impliceert ook dat er dan geen buffers meer zijn om eventuele nieuwe crisissen op te vangen. Dat is geen houdbare situatie. 

Langdurige budgettaire inspanning

Om de overheidsfinanciën terug op een houdbaar pad te brengen, zullen de komende jaren belangrijke inspanningen nodig zijn. De Hoge Raad pleit er voor om daar al binnenkort mee te beginnen met een budgettaire inspanning van 1,7% van het bbp tegen 2024. Dat komt overeen met zo’n 8 miljard in euro’s vandaag.

Daarmee zou het begrotingstekort uitkomen op 3,4% van het bbp in 2024. De daaropvolgende jaren zou dan een inspanning van op z’n minst 0,6% van het bbp per jaar, of zo’n 3 miljard in euro’s van vandaag, nodig zijn. Die inspanning komt trouwens nog bovenop de inspanning om de vergrijzingsfactuur (de komende jaren ook nog eens goed voor een klein miljard extra per jaar) op te vangen.

Elke oefening om de overheidsfinanciën terug op de rails te krijgen, moet vertrekken vanuit die uitgavenkant.

Bart Van Craeynest

Hoe die inspanningen de komende jaren geregeld moeten worden, zal ongetwijfeld moeilijke politieke discussies opleveren. Belangrijk daarbij is wel dat de oorzaak van de ontsporing van het begrotingstekort volledig aan de uitgavenkant ligt.

Structureel hogere uitgaven

Volgens de huidige ramingen zouden de totale overheidsontvangsten de komende jaren vrij stabiel blijven rond 51% van het bbp. In 2019 was dat 50,1%. De totale overheidsuitgaven zouden in 2026 uitkomen op 56,1% van het bbp, duidelijk boven het precrisis niveau van 52,1% in 2019.

Waar tijdelijke crisisuitgaven economisch perfect te verantwoorden zijn, zorgde de crisis dus ook voor een duidelijke structurele verhoging van de uitgaven. Elke oefening om de overheidsfinanciën terug op de rails te krijgen, moet dan ook vertrekken vanuit die uitgavenkant. Eerder dat dan onze belastingdruk die al bij de hoogste van Europa hoort nog verder op te voeren.    
 

Contactpersoon

Bart Van Craeynest

Hoofdeconoom

VZW - IMU - Multiburo
VZW_IMU_GROUPS
VZW_IMU_ALTEZ
ING
SD  Worx