Skip to main content
  • Nieuws
  • Onderwijs: groot budget, dalende kwaliteit

Onderwijs: groot budget, dalende kwaliteit

  • 31/08/2021

Hoewel de resultaten achteruitgaan, besteden we nog altijd veel middelen aan het onderwijs. We kunnen ons de vraag stellen of we die middelen wel goed beheren. We fileren het in onze jongste Voka-paper. 

Ga rechtstreeks naar de Voka Paper 'Onderwijs: groot budget, dalende kwaliteit' of lees hieronder verder.

Onderwijs is essentieel voor onze economische groei. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat een algemene stijging van de PISA-resultaten een enorme impact heeft op het bbp. Dat maakt meteen duidelijk dat onze dalende onderwijskwaliteit erg problematisch is, nochtans spenderen we in het secundair onderwijs meer per leerling dan de meeste andere landen. 

Op alle internationale benchmarks gaan we op het vlak van leerprestaties achteruit. De allereerste prioriteit moet dus een beleid zijn dat de onderwijskwaliteit verhoogt.

Voka heeft hiervoor in het verleden al verschillende voorstellen gelanceerd zoals een betere studie-oriëntering, sterkere leraren en lerarenopleidingen, wetenschappelijk onderbouwde didactiek, ambitieuze eindtermen, centrale examens, professionelere schoolbesturen met meer autonomie, groter beleidsvoerend vermogen van directeurs, enzovoort. 
 

We geven dubbel zoveel uit per leerling secundair als Estland, dat na Singapore de PISA-ranking aanvoert

Jonas De Raeve, Senior Adviseur Onderwijs

Hoewel de resultaten achteruitgaan, besteden we nog altijd veel middelen aan het onderwijs. We besteden een groter deel van het bbp aan het secundair onderwijs dan de meeste andere landen en we geven meer uit per leerling secundair onderwijs. We geven zelfs dubbel zoveel uit per leerling secundair als Estland, dat na Singapore de PISA-ranking aanvoert. 

We kunnen ons dus de vraag stellen of we de middelen wel goed beheren. We besteden bijvoorbeeld een groter deel van het budget aan lonen dan de meeste andere landen, waardoor er te weinig middelen overblijven voor andere zaken zoals investeringen in infrastructuur, digitalisering en innovatie. Nochtans essentieel om de kwaliteit op te krikken.

Hoge loonkost

De hoge loonkost wordt deels veroorzaakt door een erg versnipperd onderwijslandschap waardoor we meer leraren per leerling hebben dan de meeste andere landen. Dat komt voor een deel door de vele studierichtingen en de operationalisering van de grondwettelijke vrijheid van onderwijs. Vandaag bieden verschillende scholen soms dezelfde studierichtingen aan in eenzelfde regio waardoor klassen met weinig leerlingen in stand worden gehouden. 

Een rationalisatieoefening in het secundair onderwijs moet een einde maken aan de huidige versnippering. Dat moet gepaard gaan met het versterken van de schoolbesturen en hun autonomie en het mogelijk maken van een modern en flexibel personeelsbeleid. Op langere termijn kunnen ook digitalisering en een betere samenwerking met het bedrijfsleven tot efficiëntiewinsten leiden.

Paradox

De hoge loonkost heeft daarnaast ook andere oorzaken. De lonen van leraren in Vlaanderen zijn internationaal vergelijkbaar, maar leraren geven minder uren les en leerlingen krijgen meer uren les. Een paradox met een hoge kostprijs.

Rechtstreeks ingrijpen op deze parameters is echter niet wenselijk en moet hoe dan ook passen in bredere hervormingen. Veel leraren zijn vandaag immers al ontevreden over de werkdruk en ervaren stress. 

Contactpersoon

Jonas De Raeve

Senior Adviseur Onderwijs

IMU - MIKO
IMU Multiburo
IMU - FIT
IMU Altez
IMU Canteen
ING
SD  Worx