Skip to main content
  • Home
  • Nieuws
  • Mobiliteitsbudget: meer opties voor hetzelfde bedrag
Mobiliteitsbudget
  • 27/02/2019

Mobiliteitsbudget: meer opties voor hetzelfde bedrag

Morgen stemt de Kamer finaal over de invoering van het mobiliteitsbudget. Voka is verheugd over deze stemming en rekent erop dat dit wordt goedgekeurd. Voka is dan ook al jaren de stuwende kracht achter zo’n mobiliteitsbudget om de mobiliteitsopties voor werknemers te kunnen verruimen. De werknemer met (recht op) een bedrijfswagen kan hiermee naast of ter vervanging van die wagen andere vervoersmodi kiezen in functie van zijn behoeften.

  • De werknemer kan zo’n mobiliteitsbudget gebruiken voor verschillende mogelijkheden van vervoer.
  • Een bedrijfswagen kan hier deel van uitmaken, maar dan wel één die voldoet aan strenge ecologische criteria.
  • De regeling is goed uitgewerkt en er is geen verdoken vorm van loonmaximalisatie.
  • Het is bijna ondenkbaar dat dit morgen niet zou worden goedgekeurd door de federale parlementsleden.  

MobiliteitsbudgetMet het vallen van de federale regering werd het onzeker of het mobiliteitsbudget nog goedgekeurd zou geraken deze legislatuur. Het is evenwel een vraag uit het Voka-memorandum 2014, die in het federaal regeerakkoord werd opgenomen. Als alles volgens plan verloopt, geraakt het morgen ook definitief goedgekeurd. Bedrijven kunnen dan echt aan de slag. Het is tenslotte de werkgever die beslist of er een mobiliteitsbudget ter beschikking wordt gesteld. 

“Het is een echte mobiliteitsmaatregel waarmee werkgevers en werknemers aan een gezamenlijke bekommernis én verantwoordelijkheid invulling kunnen geven.”

De essentie van het mobiliteitsbudget is dat de werknemer – als deel van zijn loonpakket – de beschikking krijgt over een budget dat hij kan gebruiken voor verschillende mogelijkheden van vervoer. De werknemer beslist zelf over de invulling van dat budget, in functie van zijn persoonlijke behoeften, mogelijkheden, wensen, … op het vlak van mobiliteit.  De bedrijfswagen – weliswaar een die voldoet aan de strenge ecologische criteria – kan daar nog steeds deel van uitmaken.

Belangrijk is dat de regeling van het mobiliteitsbudget uitgaat van een aantal principes die ook voor Voka essentieel zijn: 

  1. Keuzevrijheid werkgever: De werkgever beslist of hij al dan niet de mogelijkheid zal bieden de bedrijfswagen in te ruilen voor een mobiliteitsbudget en is hiertoe niet verplicht.
  2. Keuzevrijheid werknemer: Ook een werknemer is nooit verplicht om de bedrijfswagens in te ruilen voor het mobiliteitsbudget. Wanneer de werknemer behoort tot de categorie van werknemers die kunnen instappen in het systeem, is de werknemer vrij om te beslissen om al dan niet in te gaan op dit aanbod.
  3. Budgetneutraliteit voor werkgever en werknemer: Het mobiliteitsbudget wordt berekend op basis van de reële jaarlijkse werkgeverskost van de bedrijfswagen die men opgeeft of waarvoor men in aanmerking komt. De werkgever betaalt dus niet meer dan vandaag en ook de werknemer heeft evenveel als waar hij vandaag recht op heeft. 
  4. Ruime keuze aan mobiliteitsopties: Binnen het mobiliteitsbudget zijn er in de tweede pijler zeer veel mogelijkheden gecreëerd om duurzame mobiliteitsopties te financieren. Voka is hierover erg positief. Op die manier kan een bedrijf echt een mobiliteitsbeleid uitwerken en is het geen nepinstrument geworden waarmee in de praktijk weinig alternatieven te financieren vallen.

Hoe ziet het mobiliteitsbudget er nu concreet uit? 

Werknemers kunnen hun budget besteden in drie pijlers met elk een eigen sociale en fiscale behandeling:

1e pijler = en bedrijfswagen die minstens even milieuvriendelijk is als de wagen die men opgeeft of waarvoor men in aanmerking kwam en bijkomend aan welbepaalde minimumnormen beantwoordt. 

Zo bedraagt de maximale CO2-uitstoot 95 gr/km. Deze strikte norm wordt geleidelijk behaald. Voor wie instapt in de loop van 2019 mag de wagen in pijler 1 maximum 105 gr/km uitstoten. Voor wie instapt in de loop van 2020 wordt dat 100 gr/km. De strikte uitstootnorm van 95 gr/km zal pas vanaf 2021 gelden. De wagen die men in deze pijler kiest, ondergaat de gewone sociale en fiscale behandeling van een bedrijfswagen.

2e pijler = duurzame vervoersmiddelen en -diensten (openbaar vervoer, fiets(vergoeding), carpooling, gedeeld vervoer, …). 

Wie binnen een straal van 5 km van de normale plaats van tewerkstelling woont, kan zelfs het huurgeld of de intresten van een hypothecaire lening financieren met het mobiliteitsbudget. Het bedrag dat men in de tweede pijler spendeert, is volledig vrijgesteld van bijdragen voor sociale zekerheid en belastingen.

3e pijler = restsaldo in cash. 

Het deel van het budget dat niet gespendeerd werd in pijlers 1 en/of 2, ontvangt de werknemer op het einde van het kalenderjaar in cash. Dit saldo is vrijgesteld van belastingen, maar onderworpen aan een specifieke socialezekerheidsbijdrage van 38,07% ten laste van de werknemer. 

Wil je nog meer weten over het mobiliteitsbudget, neem dan zeker een kijkje op onze lijst met veelgestelde vragen: www.voka.be/nieuws/het-mobiliteitsbudget-15-vragen-en-antwoorden
Ook interessant is de simulatietool van SD Worx waarbij zowel werkgevers als werknemers een idee kunnen krijgen van de mogelijkheden binnen het mobiliteitsbudget.

De bedrijven zijn er dus klaar voor. De regeling is goed uitgewerkt en er is geen verdoken vorm van loonmaximalisatie noch een ‘verdoken’ manier om de federale begroting te helpen opsmukken. Het is evenwel een echte mobiliteitsmaatregel waarmee werkgevers en werknemers een gezamenlijke bekommernis én verantwoordelijkheid invulling kunnen geven. Het is dus bijna ondenkbaar dat dit morgen niet zou worden goedgekeurd door de federale parlementsleden.  

Lees al onze voorstellen op www.durfkiezen.be

Contactpersoon

Goedele Sannen

Adviseur Luchthaven en Logistiek

ING
SD Worx