Skip to main content
  • Nieuws
  • Maak van deze tijdelijke crisis geen permanent begrotingsprobleem

Maak van deze tijdelijke crisis geen permanent begrotingsprobleem

  • 28/06/2021

Sinds begin jaren 90 zitten de Belgische overheidsuitgaven in de lift. En elke crisis wordt daar een serieuze schep bovenop gedaan. Dat is ook nu weer het geval. De pensioenhervorming en de werkgelegenheidsconferentie begin september bieden opportuniteiten om de stijgende uitgaven aan te pakken.

De geschiedenis van onze overheidsfinanciën doorheen de voorbije 50 jaar is er één van oplopende overheidsuitgaven. Vooral in de crisissen van de jaren 70 spurtten onze overheidsuitgaven hoger. De primaire overheidsuitgaven (zonder de rentelasten dus) klommen toen van 36% van het bbp naar een onwaarschijnlijke 52,6% begin jaren 80.

Met zware saneringsinspanningen werd die trend omgebogen in de loop van de jaren 80, waardoor onze overheidsuitgaven de jaren 90 ingingen op een niveau van 40% van het bbp. De crisissen van 2000, 2008 en nu ook 2020 zorgden evenwel opnieuw voor een trapsgewijze toename van die overheidsuitgaven.

De Belgische overheidsuitgaven belandden na de jongste crisissen telkens op een structureel hoger niveau

Bart Van Craeynest, Hoofdeconoom

Volgens de nieuwste ramingen van het Panbureau zouden de primaire overheidsuitgaven na deze crisis uitkomen op zo’n 54% van het bbp, om vervolgens verder toe te nemen onder druk van de vergrijzing. Die stijging met 14% van het bbp in vergelijking met 1990 komt overeen met 68 miljard in euro’s van vandaag

Stijgende uitgaven

 

Gemiste lessen voor gezond budgettair beleid

Mee aan de basis van die spectaculaire uitgavenstijging ligt het negeren van twee belangrijke lessen voor gezond budgettair beleid: bestrijd crisissen met tijdelijke maatregelen en bereid je voor toekomstige uitdagingen.

Overheden moeten tussenkomen in crisisperiodes om de economische schade op te vangen. Dat werd het voorbije anderhalve jaar heel erg duidelijk tijdens de coronacrisis. Cruciaal daarbij is wel dat het gaat om tijdelijke maatregelen die automatisch uitdoven wanneer de crisis achter de rug is (zoals tijdelijke werkloosheid).

De Belgische overheidsuitgaven belandden na de jongste crisissen telkens op een structureel hoger niveau. Een belangrijke factor daarbij is de impact van de vergrijzing. Het is al langer duidelijk dat de veroudering van de bevolking extra uitgaven voor pensioenen en zorg met zich meebrengt. Ondanks ontelbare analyses daarover zijn onze overheidsfinanciën nog altijd niet voorbereid op die vergrijzing, terwijl die ondertussen volop speelt.

20 miljard extra jaarlijkse uitgaven na corona

Bij ongewijzigd beleid zullen onze primaire overheidsuitgaven tegen 2024 uitkomen op 54,2% van het bbp, 4,1% van het bbp of 20 miljard hoger (in euro’s van vandaag) dan voor corona. Twee derden van die stijging komt op rekening van de sociale uitgaven. Ook de jaren daarna zouden die verder oplopen.

Dat illustreert meteen ook de omvang van de uitdaging om onze overheidsfinanciën terug op de rails te krijgen. Die uitdaging gaat niet zozeer over hier en daar binnen de overheid te beknibbelen op uitgaven, maar wel om het hele beleid beter te richten op gezonde overheidsfinanciën.

Dat impliceert maatregelen om veel meer mensen aan het werk te krijgen en te houden, en om de verwachte stijging in de uitgaven voor pensioenen en zorg onder controle te krijgen.

De voor september geplande pensioenhervorming en werkgelegenheidsconferentie bieden de mogelijkheid om op beide vlakken grote stappen te zetten. We kunnen het ons niet langer veroorloven om die opportuniteit te laten liggen. 
     

Contactpersoon

Bart Van Craeynest

Hoofdeconoom

IMU - Altez 0110
VZW_IMU_GROUPS
IMU - Sport Vlaanderen
ING
SD  Worx