Skip to main content
  • Nieuws
  • Kim's Chocolates bouwt 1.700 klaslokalen in Tanzania

Kim's Chocolates bouwt 1.700 klaslokalen in Tanzania

  • 25/04/2017

In het rijtje van Vlaams-Brabantse ondernemingen die inzetten op duurzaamheid, mag Kim’s Chocolates uit Tienen niet ontbreken. In 2008 kreeg dit chocoladebedrijf de prijs van ‘meest energiebewuste KMO’. Het toont aan dat het bedrijf zoekt naar de meest milieuvriendelijke oplossing bij elke stap die het onderneemt. Kim’s Chocolates was dan ook de eerste deelnemer die zich inschreef voor het Voka Charter Duurzaam Ondernemen.

kim's chocolatesKim’s Chocolates is nu al het groenste chocoladebedrijf van Europa. Toch blijft Fons Maex, oprichter en CEO van het bedrijf, stappen ondernemen om nog duurzamer te werken. “Dat is ook de reden dat we deelnemen aan het Voka Charter Duurzaam Ondernemen”, vertelt hij. “Dit charter helpt ons om het overzicht te bewaren en om te kijken of we geen dingen over het hoofd zien.”

Toen Kim’s Chocolates in 2007 van Aarschot naar Tienen verhuisde, was dit een uitgelezen kans om het nieuwe gebouw zo energiezuinig mogelijk te maken. “Het grote voordeel was dat we van nul konden beginnen”, vertelt Maex. “De meerprijs om de milieuvriendelijke technologieën te installeren was dan ook relatief laag doordat het hele gebouw erop voorzien is.”

Het bedrijf heeft toen 4 miljoen euro geïnvesteerd in milieuvriendelijke technologieën. 3 miljoen ervan ging integraal naar de zonnepanelen die op het dak werden geïnstalleerd. “Met bijna 3.000 zonnepanelen waren we het tweede Belgische bedrijf dat destijds zo’n groot aantal zonnepanelen had. Deze panelen genereren een kleine 20% van ons energieverbruik en voor de rest kopen we 100% groene energie aan.”

Waterzuivering

In Tienen heeft Kim’s Chocolates ook de waterzuiveringsinstallatie, waarmee ze in Aarschot al experimenteerden, verder uitgebouwd. Al het afvalwater wordt gezuiverd voor het in de riolering vloeit. “Het afvalwater loopt over een container die gevuld is met kokosvezels. Die filteren het merendeel van de substanties (vetstof, suiker en eiwit) uit het afvalwater”, legt Maex uit. “Op die kokosvezels wordt een bacteriënpopulatie gekweekt die alle substanties in kleine stukjes knipt. Op die manier vult de kokosvezel zich met voedingsnutriënten. Als ze verzadigd zijn, brengen we de kokosvezels naar bloemkwekerijen, waar ze als meststof voor de bodem gebruikt worden.”

En ook het systeem dat zorgt voor verse lucht in de fabriek is zeer innovatief. “Bij dit systeem warmt in de winter de buitengaande ‘oude’ lucht de binnenkomende ‘nieuwe’ lucht al wat op. In de zomer gebeurt net het omgekeerde. Bovendien hebben we gekozen voor een witte dakbedekking, waardoor de temperatuur vlak boven ons dak in de zomer 10 tot 20°C frisser is dan bij een zwarte dakbedekking. Er is bijgevolg minder energie nodig om onze opslagruimtes koel te houden.”

Al die grote installaties zijn één ding, daarnaast let het bedrijf ook op de kleintjes. “We hebben een online simulatie gedaan waarbij we onderzochten of de richting waarin TL-lampen hangen, een invloed heeft op de efficiëntie van de lampen. Wij hebben toen gezien dat het hangen van de TL-lampen in de lengterichting van de rij, en niet dwars erop, ongeveer 1 procent energie bespaart. Ook hebben we de muren en vloer een lichte kleur gegeven zodat we minder straffe lampen moeten gebruiken”, vertelt Maex. “Het lijkt misschien miniem, maar in een fabriek met 2.000 lampen, die er zeker 100 jaar zal staan, heeft dit wel een impact.”

Milieu-impact beperken

Bij al deze beslissingen speelt het financiële motief uiteraard een rol, maar Maex doet het ook omdat duurzaamheid past binnen de waarden van het bedrijf. “We willen onze impact op het milieu zo klein mogelijk houden, zodat we de planeet in goede staat kunnen doorgeven aan onze kinderen. Dus minstens in even goede staat als wij hem kregen, maar liefst van al nog beter.”

Als Maex begint te vertellen over het project in Tanzania, wordt duidelijk dat hij niet alleen begaan is met het milieu, maar ook met het lot van zijn medemens. Hij doet dan ook meer dan alleen zijn symbolische ‘steentje bijdragen’ aan een betere wereld, hij bouwt gewoon zelf aan die betere wereld. In het zuiden van Tanzania bouwt hij scholen zodat kinderen er lager onderwijs kunnen volgen.

“De duurzame inspanningen die we in Tienen doen, zijn belangrijk. Maar daar stopt het uiteraard niet. Daarom zijn we gaan kijken naar de herkomst van onze grondstoffen. En ik kan je zeggen dat de omstandigheden waarin cacaobonen geteeld worden, vaak verre van ideaal zijn.”

Het was in Tanzania dat Maex voor het eerst in contact kwam met de lokale cacaoboeren. “Ik was in 2010 samen met Barry Callebaut op zoek naar een biologische cacaoboon met een verhaal erachter en kwam in Tanzania terecht”, legt Maex uit. “Wat ik daar zag, was verschrikkelijk. De cacaoboeren werken er dag in dag uit, ze hebben geen elektriciteit of stromend water en ze verdienen gemiddeld slechts 1,5 dollar per dag.”

Cocoa for Schools 

Kim's ChocolatesHet zette Maex aan tot denken en eenmaal terug in België, besloot hij iets op poten te zetten waarmee hij de lokale gemeenschap kon helpen. “Bij Kim’s Chocolates zijn we toen begonnen met een extra premie te betalen voor alle cacaobonen die voor onze rekening aangekocht werden. Dat geld hebben we gebruikt om projecten op te zetten in Ivoorkust en Kameroen.”

De projecten zijn doorheen de tijd wat geëvolueerd en ‘Cocoa for Schools’ is het resultaat. “Toen ik voor het eerst in een lagere school in Tanzania kwam, kon ik niet geloven in wat voor triestige omstandigheden de kinderen daar les kregen. Er zaten gemiddeld 110 leerlingen in één klas en er was één boek beschikbaar voor 30 leerlingen. Geef zo maar eens les, he?”

70% van de leerlingen stroomt er dan ook niet door naar het secundair onderwijs, wat in de praktijk betekent dat de meerderheid van de bevolking analfabeet blijft. “En dat terwijl het onderwijs net dé springplank moet zijn om uit de miserie te geraken”, gaat Maex verder. In 2011 heeft hij daarom beslist om een school te adopteren en hen alles te geven wat ze nodig hadden. “In een periode van twee jaar hebben we toen 7.000 boeken aangekocht, 2 klaslokalen gebouwd en een gebouw dat er al half stond, verder afgewerkt.”

Ze deden dus wat ze konden, maar alle inspanningen bleven beperkt tot één dorp: Ngeleka. Tot op het moment dat Maex ging samenzitten met lokale mensen en politieke oversten om de situatie in de hele streek in kaart te brengen. “Het gaat om een streek in het Zuiden van Tanzania, net boven het Nyase-meer”, legt hij uit. “Er liggen daar 132 dorpen, waar 400.000 mensen wonen. 65.000 kinderen volgen er momenteel lager onderwijs. Uit ons overleg bleek dat er meer dan 500 bijkomende klaslokalen nodig waren, zodat er maximaal 50 kinderen in een klas zitten. Het werd dus tijd dat we wat structureler gingen werken. Mijn streefdoel was om op 10 jaar tijd bij te benen. Ik kan u zeggen dat ze ‘mister Fons’ ginderachter zot verklaarden”, lacht hij.

“Vandaag, nadat we alle dorpen persoonlijk hebben bezocht en elk gebouw hebben geïnventariseerd, weten we dat er niet alleen zo’n 500 onafgewerkte klas- en lerarenlokalen zijn (ergens tussen fundament en dak), maar dat de bestaande 700 lokalen in vele gevallen een grondige renovatie nodig hebben om te beletten dat ze instorten. En als dat allemaal gebeurd is, moeten we nog bijna 600 lokalen bouwen, te beginnen van nul.”

Drie voorwaarden

Kim's ChocolatesEen structurele aanpak dus. Makkelijker gezegd dan gedaan? “Dat is inderdaad geen makkelijk project, maar we hebben een duidelijk plan uitgewerkt op basis van drie voorwaarden. Ten eerste hadden we meer geld nodig. Daarom hebben we besloten om alle duurzaamheidspremies die we voor cacaobonen betaalden, over te brengen naar ons project in Tanzania. Dit gaat al om 399.000 euro per jaar. Daarnaast hebben we met de lokale industrie onderhandeld over de kostprijs van de materialen én kunnen we gratis gebruik maken van de infrastructuur van onze partner Biolands.”

“Ten tweede hebben we met de inwoners van de dorpen afgesproken dat zij de bakstenen aanleveren”, gaat Maex verder. “Dat kost hen immers geen geld, alleen tijd om de bakstenen te bakken. Tot slot zorgen de dorpen ook voor het werkvolk om de scholen te bouwen. Wij hebben enkel een bouwkundig ingenieur aangenomen die het project volledig leidt en ervoor zorgt dat er nu correct gebouwd wordt zodat de gebouwen niet na enkele jaren uit elkaar vallen.”

Door deze afspraken is de kost van de gebouwen sterk gedaald. Daarnaast neemt ook het aantal sponsors van het project steeds toe, gaande van klanten over leveranciers tot privé-personen. “Hierdoor zal het mogelijk zijn om ons doel al op 8 jaar tijd te bereiken in plaats van de gehoopte 10 jaar.”

“Toen we uitlegden dat we de beloofde scholen kwamen bouwen, waren ze verbaasd dat we meenden wat we gezegd hadden. Ze zien daar immers regelmatig mensen passeren die allerlei beloftes doen maar ze achteraf niet nakomen.”

De initiële bedoeling was om eind 2015 de eerste stenen te leggen, maar op dat moment stak een nieuwe hindernis de kop op. “Op het moment dat we arriveerden met onze vrachtwagens vol bouwmateriaal, keek iedereen in het dorp ons vreemd aan”, vertelt Maex. “Toen we uitlegden dat we de beloofde scholen kwamen bouwen, waren ze verbaasd dat we meenden wat we gezegd hadden. Ze zien daar immers regelmatig mensen passeren die allerlei beloftes doen maar ze achteraf niet nakomen. Kortom, er was dus geen geld ingezameld in het dorp en daardoor hadden ze geen werkvolk ingehuurd. Pas toen ze na het regenseizoen hun oogsten konden verkopen, kon men aan de slag.”

Uiteindelijk is de bouw pas in mei 2016 goed op gang gekomen. ”Eind februari zullen we al 86 klaslokalen, 10 lerarenlokalen en 3 headmasteroffices afgewerkt hebben”, vertelt Maex trots. “En vanaf nu gaat het snel. Momenteel zijn we in 70 dorpen aan het bouwen, dat is één op twee. Ons project wordt dus ook ter plaatse heel erg zichtbaar en daardoor komt het in een stroomversnelling. De toewijding van de plaatselijke bevolking is er nu immers ook. In 2017 worden in een 50-tal andere dorpen bijkomende werven geopend.”

Startkapitaal

Het volgende probleem dat op Maex zijn agenda staat, is het tekort aan schoolboeken. En om dit probleem op te lossen, doet hij een beroep op zijn capaciteiten als ondernemer. “Er zijn 430.000 schoolboeken te weinig. Om deze aan te kopen, hebben we 1,2 miljoen euro nodig. Daarom wil ik met de scholen een bedrijf opstarten zodat we met de winst schoolboeken kunnen aankopen”, legt Maex uit. “Alle lokale mensen zijn razend enthousiast over dat idee. Als ik hen dan vraag waarom ze dit niet eerder gedaan hebben, ligt het antwoord voor de hand: een gebrek aan startkapitaal.”

Ook hiervoor komt Maex met een oplossing op de proppen. “Om het nodige startkapitaal te verzamelen, zijn we op zoek gegaan naar een product dat we kunnen verkopen. We wilden de lokale economie niet beconcurreren, dus hebben we nagedacht over een product dat iedereen wil, maar dat nog niet beschikbaar is, namelijk elektriciteit.”

Op dit moment gebruiken alle gezinnen in de dorpen kerosine om hun huizen te verlichten. Niet alleen gaat een derde van hun inkomen integraal naar deze brandstof, het is ook ronduit gevaarlijk om mee te werken. En dat terwijl de zon daar in overvloed aanwezig is. De oplossing is dus even eenvoudig als geniaal: “We hebben een mini-systeem ontwikkeld dat op basis van zonne-energie elektriciteit opwekt. Hiermee kunnen de families lampen aansteken en hun gsm opladen”, vertelt Maex. “Dit systeem kost 25 euro om te ontwikkelen, maar we verkopen het aan 50 euro. Die hoge winstmarge is nodig omdat ze dit product maar één keer zullen aankopen. Aangezien het om eenmalige inkomsten gaat, moet de verkoopprijs hoog genoeg liggen zodat we voldoende verdienen om al die boeken aan te kopen.”

Microkrediet

Omdat de plaatselijke families geen geld hebben om dit bedrag in één keer neer te tellen, werken ze met een afbetalingssysteem. “De gezinnen mogen het systeem eerst komen ophalen en kunnen het al in gebruik nemen. Met het geld dat ze besparen doordat ze geen kerosine meer hoeven kopen, kunnen ze het systeem afbetalen. Een soort microkrediet dus.”

Dit project staat echter nog in zijn kinderschoenen en Maex hoopt het in 2017 ten volle te ontwikkelen. Verder zet hij ook in op de strikte aanwezigheid van kinderen en leraren op school en levert hij inspanningen om het inkomen van de plaatselijke families te verhogen. “Enerzijds is er een gebrek aan scholing, wat we met Cocoa for Schools op lange termijn zullen oplossen, anderzijds zijn de cacaobomen dringend aan vervanging toe met nieuwere rassen. Daarvoor hebben we een trainingsprogramma opgezet waarbij we 960 boeren een jaar lang trainen en opvolgen én hebben we 4 boomkwekerijen opgezet waar 145.000 nieuwe cacaobomen aan het groeien zijn.”

Het is duidelijk dat Maex geen loze beloftes doet, maar de daad bij het woord voegt. Deze ondernemerszin in combinatie met een hart voor de wereld, maken dat ‘mister Fons’ de 17 SDG’s in levende lijve vertegenwoordigt.

Tekst: Nele Hiele

Contactpersoon

Proximus
ING
Proximus
SD  Worx
Logo Premed
Logo Randstad