Skip to main content
taxshift
  • 02/01/2019

Impact van de taxshift voor 2019

De taxshift van de Regering Michel heeft tot doel de lasten op arbeid te verlagen en op die manier de concurrentiekracht van de  Belgische bedrijven ten opzichte van onze buurlanden te vergroten. In 2019 bereiken we de derde en voorlopig laatste fase in de taxshift. In de praktijk zal de loonkost voor de Belgische werkgevers in 2019 nog nauwelijks dalen. Anderzijds zijn er ook maatregelen die het nettoloon en dus de koopkracht van de werknemers vergroten. 

Maatregelen voor de werkgevers - Welke stappen voorziet de taxshift voor 2019?

Hier moeten we een onderscheid maken tussen verschillende “categorieën” werkgevers:

  • Profitsector
  • De Non-profitorganisaties
  • De beschutte werkplaatsen

Gewone privé-sector (categorie 1 structurele vermindering)

In het kader van de tax-shift werden de verschuldigde patronale bijdragen voor de sociale zekerheid sterk verlaagd.

  • het basistarief verschuldigd voor de sociale zekerheid werd verlaagd van 32,40% naar 25%. Er is geen verdere daling in 2019.
  • De structurele vermindering werd voor deze categorie geleidelijk afgebouwd tot een vermindering voor werknemers met lage lonen. De loongrens voor deze lage lonen wordt nu opgetrokken, waardoor meer werknemers in aanmerking moeten komen. De vermindering wordt ook versterkt.
Vierde kwartaal 2018 Vanaf 1 januari 2019

0,1280 x (€ 9027,00-refertekwartaalloon) 

0,1400 x (€ 9.035,00 – refertekwartaalloon)

De voorziene verhoging van de loongrens voor de lage lonen wordt nu bijna volledig tenietgedaan door de indexering.  

Social-profitsector (categorieën 2 en 3 structurele lastenvermindering)

Binnen de social profit moeten we onderscheid maken tussen:

  • sociale maribel werkgevers uit categorie 2, met uitzondering van PC 318 ( dat behoort tot categorie 1)  ;
  • beschutte werkplaatsen in categorie 3.

Categorie 2

  • het basistarief voor deze werkgevers was nooit betrokken bij de taxshift en blijft dus 32,40%
  • het basisforfait bedraagt hier € 49.  Dat blijft ook zo in 2019.
  • er is een surplus op het basisforfait voor werknemers met lage lonen en voor werknemers met hoge lonen. De loongrens voor deze lage lonen wordt nu opgetrokken, waardoor meer werknemers in aanmerking moeten komen.
Vierde kwartaal 2018 Vanaf 1 januari 2019

€ 49 + 0,2557 + (€7548 – refertekwartaalloon) + 0,0600 x (kwartaalloon- € 13249,80) 

€ 49 + 0,2557 + (€7590 – refertekwartaalloon) + 0,0600 x (kwartaalloon- € 13249,80)

De voorziene verhoging van de loongrens voor de lage lonen wordt nu bijna volledig tenietgedaan door de indexering.  

Categorie 3 = beschutte werkplaatsen

Werknemers mét en zonder loonmatigingsbijdrage moeten we apart behandelen. Voor mindervalide werknemers in erkende beschutte werkplaatsen betaalt de werkgever geen loonmatigingsbijdrage.

Voor valide werknemers:

  • het basistarief verschuldigd voor de sociale zekerheid bedraagt 25%.  Er is geen daling in 2019.
  • er is een surplus op het basisforfait voor valide werknemers met relatief laag loon, maar de loongrens ligt hoger dan voor werknemers van de profitsectoren. Ook hier wordt op 01/01/2019 de loongrens uitgebreid, geldt ook dezelfde opmerking: de verhoging van de loonsgrens wordt volledig tenietgedaan door de indexering. Hier daalt de loongrens in 2019 zelfs.
Vierde kwartaal 2018 Vanaf 1 januari 2019
0,1280 + (€9 639,00 – refertekwartaalloon)   0,1400 + (€ 9 635,00– refertekwartaalloon) + 0,0600 x (kwartaalloon- € 13249,80)
 

Voor mindervalide werknemer: 

  • het basistarief verschuldigd voor de sociale zekerheid bedraagt 19,88%. Er is geen daling in 2019.
  • het basisforfait bedraagt hier €260.  Dit wordt in 2019 op € 375 gebracht
  • er is een surplus op het basisforfait voor werknemers met lage lonen. Ook hier geldt dezelfde opmerking: de verhoging van de loonsgrens wordt tenietgedaan door de indexering
Vierde kwartaal 2018  Vanaf 1 januari 2019
€ 260+ 0,1785 x  (€9 027,00 – refertekwartaalloon)   €375  + 0,1785 x  (€ 9 635,00 – refertekwartaalloon)

Maatregelen voor de werknemers

Er zijn 3 ingrepen die waardoor het netto loon voor de werknemers zal verhoogd worden in 2019.

1) Belastingsvrije som

Iedere werknemer heeft recht op een belastingsvrije som. Dit is een deel van zijn of haar inkomen dat niet onderworpen wordt aan personenbelasting. 
Het basisbedrag van de belastingsvrije som zal uniform zijn vanaf 2019 en wordt ook verhoogd.

2) Fiscale werkbonus stijgt

Dit is een korting op de R.S.Z.inhouding voor werknemers met een laag loon. De werkbonus stijgt van 28,03% naar 33,14%.

3) Belastingschijf van 40% wordt verbreed

Aangezien de werknemer een hoger belastbaar inkomen zal hebben, zou hij normaal gezien onder een hogere belastingsschijf kunnen vallen. De schijf van 40% wordt verbreed vanaf inkomstenjaar 2019. Meer inkomsten zullen dus getaxeerd worden aan 40% i.p.v. aan 45% of aan 55%.

Contactpersoon

Caroline Van de Gehuchte

HR Business Partner

Vraag het @ Voka

Een prangende vraag? Wij antwoorden binnen de 2 werkdagen!

Vraag het @ Voka
DHL
ING
Logo Mensura
Proximus
SD Worx