Skip to main content
  • Home
  • Nieuws
  • De pendelaar heeft recht op meer waar voor zijn geld
Trein pendelaars
  • 27/03/2019

De pendelaar heeft recht op meer waar voor zijn geld

De salariswagen is opnieuw de kop van Jut. Maar ook zonder salariswagen zullen die werknemers nog steeds met een auto naar het werk gaan. Voor de meerderheid is het openbaar vervoer immers geen alternatief, omdat de pendeltijd in veel gevallen bijna dubbel zo lang duurt. Intelligente mobiliteitsinstrumenten, zoals een slimme kilometerheffing, moeten ons gedrag bijsturen.

  • Twee op de drie werknemers gaan met de wagen naar het werk, veel meer dan enkel de salariswagenbezitters.
  • Het zijn dus niet de salariswagens die de files veroorzaken.
  • Het openbaar vervoer is geen alternatief: slechts 10,6% neemt de trein en 6,7% de metro, de bus of de tram.
  • Er gaan miljarden naar het openbaar vervoer. Waarom kunnen we de pendelaar niet meer waar voor zijn geld geven?
Pendelaars
©Shutterstock.com

De salariswagen is opnieuw de kop van Jut. Groen stelt voor om dit ‘voordeel’ voor bijna 11% professioneel actieve Belgen (500.000 salariswagens op 4,6 miljoen werkenden) af te nemen en uit te smeren over alle werkenden. Een inkomensherverdeling als het ware en een groep mensen die zijn loon flink ziet slinken. Open Vld en ook CD&V willen deze wagens dan weer versneld vergroenen en het voortbestaan van het fiscale voordeel hiervan laten afhangen.
Vraag is wat men juist wil bereiken met het morrelen aan het huidige systeem. Wil men de Vlaming ‘eerlijker’ verlonen? Uiteraard willen we allemaal liever meer loon uitbetalen in euro’s, maar dan moeten eerst de loonlasten serieus verlaagd worden. Gaan werken moet in ons land meer renderen. Net daarom stelt Voka de ‘jobstimulans’ voor zodat de werkenden met de laagste lonen meer overhouden.  

Wil men de files oplossen door het fiscale voordeel van de salariswagens af te schaffen? Ik vermoed van niet aangezien vandaag twee op de 3 werknemers met de wagen naar het werk gaan, veel meer dus dan enkel de salariswagenbezitters. Voor de meerderheid is het openbaar vervoer ook geen alternatief, omdat de pendeltijd met bus of trein in veel gevallen nog bijna dubbel zo lang duurt als de verplaatsing met de auto, zelfs met files. Dus ook zonder salariswagen zullen die werknemers nog steeds met een wagen naar het werk gaan. Deze vaststelling bevestigt eveneens dat het klimaat er waarschijnlijk ook niet beter op zal worden bij een afschaffing van de salariswagens, aangezien deze wagens nu net de meest milieuvriendelijke zijn. Dat het een categorie is waarmee ons wagenpark versneld kan vergroenen, daar is zeker iets van aan. Maar laten we het beleid hieromtrent dan wel koppelen aan een realistische en langetermijnvisie over vergroening. Op welke technologie willen we inzetten? Hoe zit het met de laadinfrastructuur? Enzovoort.

“Ons mobiliteitsgedrag moet worden bijgestuurd: niet door de afschaffing van de salariswagen, maar door intelligente mobiliteitsinstrumenten.”

Het zijn dus niet de salariswagens die de files veroorzaken noch de vrachtwagens. Het zijn wij allemaal die steeds meer mobiliteit consumeren. En dat zullen we in de toekomst nog meer doen: het Federaal Planbureau voorspelt een verdere groei van 10% in het personenvervoer tegen 2040, vooral van verplaatsingen om te winkelen, te sporten, te ontspannen. Ons mobiliteitsgedrag moet dus worden bijgestuurd: niet door de afschaffing van de salariswagen, maar door intelligente mobiliteitsinstrumenten. Zo werd het mobiliteitsbudget onlangs goedgekeurd, wat een middel biedt om het gebruik van de bedrijfswagen te rationaliseren. Een slimme kilometerheffing die varieert naar plaats en tijd zal ons doen nadenken over elke verplaatsing met de wagen, vooral in de vrije tijd. 

Alarmerend is het beperkte aandeel van het openbaar vervoer. Slechts 10,6% gebruikt in België de trein en 6,7% de metro, de bus of de tram om naar het werk te pendelen. In Vlaanderen zijn de cijfers nog slechter: pendelen per trein gebeurt in 5,2% van de gevallen; 3,7% neemt de bus of de tram. Het openbaar vervoer verliest zelfs terrein ten voordele van de fiets. In Vlaanderen gaan bijna vijf keer zoveel mensen met de fiets naar het werk dan met de bus of tram! 

Het openbaar vervoer is dus nagenoeg geen alternatief. De knelpunten zijn gekend: een lange reistijd, beperkte betrouwbaarheid en flexibiliteit. Nochtans gaan er jaarlijks miljarden naar ons openbaar vervoer. Waarom kunnen we de pendelaar niet meer waar voor zijn geld geven? In ons land betaalt elke belastingbetaler veel voor ons openbaar vervoer en de gebruiker relatief weinig. Overheidssubsidies maken een zeer belangrijk deel uit van de onevenwichtige inkomstenstructuur van de NMBS die bovendien ondermaats presteert. De spoorwegoperator heeft drie keer zoveel werknemers nodig voor hetzelfde aantal passagierkilometers dan Zwitserland en Oostenrijk. Het probleem is dus een gebrek aan performantie en geen gebrek aan middelen! Dringend tijd voor een efficiëntieslag. De liberalisering van het personenvervoer tegen 2023 kan daartoe een hefboom zijn.  

Contactpersoon

Goedele Sannen

Adviseur Luchthaven en Logistiek

ING
SD Worx