Skip to main content
  • Home
  • Nieuws
  • COLUMN - Te veel Brie, te weinig Gouda
Bart Van Craeynest
  • 05/04/2019

COLUMN - Te veel Brie, te weinig Gouda

Terwijl de verkiezingscampagne zich op gang trekt, is het economische klimaat de voorbije maanden duidelijk verslechterd. De politici lijken zich daar voorlopig weinig van aan te trekken. Terecht, aan de economische schommelingen op korte termijn kunnen ze toch weinig doen. In de conjunctuurdynamiek gaat de Belgische economie gewoon mee met wat er rondom ons gebeurt. De politici zouden zich wel zorgen moeten maken over het feit dat onze economische dynamiek over een langere periode het dichtst aanleunt bij die van Frankrijk. Dat schrijft Bart Van Craeynest, hoofdeconoom bij Voka.

Bart Van CraeynestSinds begin jaren 80 groeit de Belgische economie gemiddeld met 1,8% per jaar, hetzelfde tempo als de Franse economie. En niet alleen dat gemiddelde, maar ook het continue patroon van de economische groei sluit van alle landen rondom ons het dichtst aan bij dat van Frankrijk. Dat is weinig geruststellend. Ik was er vorige week nog om te skiën. Frankrijk is een fantastisch land voor vakantie, eten of wijn, maar op economisch vlak is het zeker geen voorbeeldland. 

België en Frankrijk delen vooral heel wat economische zwaktes. Beide landen combineren een slecht werkende arbeidsmarkt met hoge overheidsuitgaven en zware belastingen. Zo bengelen Frankrijk en België samen achteraan het Europese peloton voor werkgelegenheidsgraad, met respectievelijk 71,4% en 70,5% van de 20- tot 64-jarigen aan het werk. Ter vergelijking, in Nederland en Duitsland is dat 79,9% en 80,4%. Ook slagen Frankrijk en België er opmerkelijk moeilijk in om nieuwkomers in te schakelen op de arbeidsmarkt. In België werkt amper 52% van de 20- tot 64-jarigen die geboren zijn buiten Europa, het laagste cijfer in Europa. Frankrijk doet met 55,6%, het op twee na laagste cijfer, niet veel beter. Daarnaast behoren België en Frankrijk tot de Europese koplopers qua overheidsuitgaven, respectievelijk 52% en 56,2% van het BBP, en belastingdruk, 44,3% en 46,3% van het BBP. Ook in bredere analyses van concurrentievermogen wordt dat beeld bevestigd: in de recentste internationale rangschikking van het World Economic Forum haalt Frankrijk een 17e plaats, België een 21e. Nederland staat 6e en Duitsland zelfs 3e. 

Tegen die achtergrond is het ronduit bizar dat sommige politieke partijen in de huidige campagne voluit gaan voor recepten die in Frankrijk al zonder succes uitgeprobeerd werden. Onder meer de pleidooien voor collectieve arbeidsduurvermindering (met loonbehoud) en hogere belastingen op vermogen als wondermiddelen om al onze uitdagingen te financieren, horen in dat rijtje. Voor de duidelijkheid, economisch beleid is geen exacte wetenschap. Beleidsmakers kunnen ook niet terugvallen op een laboratorium waarin ze dingen kunnen uittesten. Er is de economische theorie, maar die is zelden éénduidig. En er zijn vooral maatregelen die in andere landen al geprobeerd werden. In die zin kunnen we ons beter laten inspireren door de ervaringen in landen die structureel beter presteren – en die zijn niet eens zo ver te zoeken –, dan ons te spiegelen aan Frankrijk dat al te vaak in hetzelfde bedje ziek is als België. 

ING
SD Worx