Skip to main content
  • Nieuws
  • COLUMN - Enorme economische schade vereist krachtig overheidsingrijpen

COLUMN - Enorme economische schade vereist krachtig overheidsingrijpen

  • 20/03/2020

Met de dag neemt de impact van het corona-virus, en de noodzakelijke inspanningen om dat onder controle te krijgen, op onze economie grotere proporties aan. Het inschatten van die impact is niet evident, en hangt af van verschillende onzekere elementen zoals hoeveel van de Belgische economie gaat nu echt plat en vooral hoe lang duurt het om de epidemie onder controle te krijgen. Ondanks die onzekerheden is het toch belangrijk om een redelijke inschatting te kunnen maken van de economische schade, onder meer om een beeld te krijgen van wat nodig is om die schade te counteren.

Het is nu al duidelijk dat de economische activiteit in ons land in het eerste kwartaal van 2020 duidelijk zal afnemen. Vroege indicatoren van het ondernemersvertrouwen in Duitsland en de VS vertonen een spectaculaire terugval in maart. Ook in België komen grote delen van de economie tot stilstand. Begin deze week probeerde Voka, onder meer op basis van enquêtes onder de Voka-leden, een inschatting te maken van de economische schade in ons land. Verschillende activiteiten zoals horeca, luchtvaart, reizen en kleinhandel liggen zo goed als volledig plat. Die activiteiten zijn goed voor 7% van de totale economische activiteit in ons land. Daartegenover staat dat een belangrijk deel van onze economie maar in beperkte mate geraakt wordt. Dat is onder meer het geval voor de meeste overheidsdiensten: zo’n 21% van de economische activiteit, met de gezondheidszorg op kop, en de financiële dienstverlening (6%). Daartussen is er een grote groep activiteiten die geraakt worden door problemen met toelevering, afwezigheid van personeel, liquiditeitsproblemen of terugval van de vraag. Onze opeenvolgende enquêtes onder de Vlaamse bedrijven in de voorbije weken gaven al aan dat de impact in deze groep snel groter wordt. En de berichten van de voorbije dagen bevestigen dat een almaar groter deel van onze economie onder druk komt te staan. 

De cruciale vraag blijft hoe lang het duurt om de uitbraak onder controle te krijgen. De indicaties uit China en Zuid-Korea tonen aan dat dat op relatief korte termijn kan met doortastende maatregelen. De verstrenging van de maatregelen is in die context een welkome stap. Toch zal de economische activiteit ook in het tweede kwartaal verder afnemen. Ons uitgangspunt is niettemin dat de maatregelen in de loop van het tweede kwartaal afgebouwd kunnen worden en dat de economische activiteit dan geleidelijk terug kan hernemen. In dat scenario kan de economie vanaf de zomer terug gaan groeien. Dat herstel zou vrij krachtig kunnen zijn op voorwaarde dat de economie in de crisisperiode niet te veel structurele schade oploopt. Niettemin zal de economie de klap van de eerste helft van het jaar niet volledig goedmaken in de tweede helft van het jaar. Zo was onze inschatting begin deze week dat de Belgische economie over het volledige jaar 2020 met 2% zou krimpen. In vergelijking met het basisscenario van het Planbureau van begin februari komt dat overeen met een totale economische schade van 16 miljard euro. De recente berichten dat ook meer en meer activiteiten in de bouw en de industrie stilvallen, suggereren dat die inschatting allicht nog te optimistisch is.  

De terugval wordt daarmee allicht scherper dan tijdens de crisis van 2008-2009. Maar de economie zou zich sneller moeten kunnen herstellen. De cruciale voorwaarde daarvoor is dat de structurele schade in termen van jobverlies en faillissementen zo veel mogelijk beperkt wordt en dat de onzekerheid bij gezinnen en bedrijven zo snel mogelijk weggewerkt wordt eens de epidemie onder controle raakt. Dat vereist krachtig ingrijpen van de federale en regionale overheden. Die moeten zich vooral richten op steunmaatregelen om de crisisperiode te overbruggen, zowel voor werknemers als ondernemingen en zelfstandigen. Op dat vlak zijn de voorbije dagen al stappen gezet, maar er moeten nog verdere initiatieven volgen. De focus moet daarbij vooral liggen op het vermijden dat tijdelijke betalingsmoeilijkheden uitgroeien tot structurele problemen. In een volgende fase kan er nagedacht worden over een tijdelijke boost om de economie terug op gang te trappen eens het virus onder controle raakt. Budgettaire overwegingen kunnen daarbij tijdelijk naar de achtergrond. De budgettaire opkuis is voor na de crisis. Op korte termijn wordt de economische klap sowieso zwaar, maar met de juiste beleidsingrepen moet het mogelijk zijn om daar relatief snel van te herstellen.        
 

Contactpersoon

Bart Van Craeynest

Hoofdeconoom

VZW - eATA 2021
VZW - Take The Lead
IMU salesforce
IMU - btonic
VZW - DigiChambers 2021
ING
SD  Worx