Skip to main content
  • Home
  • Coronavirus: de meest gestelde vragen over de impact op je onderneming
  • 08/04/2020

Coronavirus: de meest gestelde vragen over de impact op je onderneming

Nu de besmettingen met het virus COVID-19 in België uitbreiden, zorgt de coronacrisis ook voor heel wat bedrijfsproblemen. Voka ontvangt heel wat vragen van ongeruste ondernemers over de concrete aanpak van deze crisis. Hieronder vatten we de antwoorden op de meest gestelde vragen voor u samen. De antwoorden werden opgesteld in samenwerking met SD Worx.

Coronavirus: hoe steunmaatregelen aanvragen voor je onderneming?

Het aantal nieuwe besmettingen met coronavirus blijft toenemen. Om je onderneming zo optimaal mogelijk te laten draaien kan je extra steunmaatregelen aanvragen bij de overheid. Hoe je dit aanvraagt vind je op deze webpagina met daarnaast een verzameling van veelvoorkomende vragen en de antwoorden erop die we constant updaten.

NIEUW

De ondernemingen en werkgevers moeten hun activiteit organiseren met inachtneming van de wettelijke uitzonderingsvoorschriften die voortvloeien uit de pandemie. Een onderneming kan dus een ploegensysteem opzetten om het houden van een afstand van 1,5 meter te kunnen respecteren.
 
De COVID-19 pandemie wordt beschouwd als zijnde een ‘voorgekomen ongeval’ in de zin van de arbeidswet en het overschrijden van de arbeidsgrenzen is toegestaan. De gepresteerde uren in dit kader vallen onder de gewone overurenregime. Er is geen bijzondere compensatie, maar het overurenregime is van toepassing. 

Bron: Crisiscentrum

De COVID-19 pandemie kan beschouwd worden als een voorgekomen (en in zekere zin ook een dreigend) ongeval in de zin van de arbeidswet van 16 maart 1971, waardoor de arbeidsduurgrenzen kunnen worden overschreden voor het verrichten van arbeid om hier het hoofd aan te bieden. Ook nachtarbeid en zondagsarbeid zijn in dat geval toegelaten. Er mag buiten de normale roosters gewerkt worden. 

De uren die in het kader van voorgekomen of dreigend ongeval gebeuren, vallen wel onder het gewone overurenregime en geeft recht op overuren (boven 9 uur per dag of 40 uur per week of lagere cao-grens). Bij prestaties op zondag en gedurende de nacht zijn wel de toeslagen vastgesteld in de sectorale cao’s of ondernemings-cao’s van toepassing.

De bedrijven en werknemers moeten hun activiteiten organiseren in functie van de maatregelen die door de overheid getroffen zijn om COVID-19 te bestrijden. Deze maatregelen zijn het gevolg van de pandemie en maken dus inherent deel uit van de notie “voorgekomen ongeval”. De nieuwe organisatorische behoeften die rechtstreeks verband houden met de uitvoering van deze maatregelen of die beantwoorden aan de gevolgen van deze maatregelen worden dus ook ingegeven door een “voorgekomen ongeval”. Ook in dergelijk geval zullen werkgevers hun werknemers overuren kunnen laten verrichten, alsook laten werken buiten het normale rooster.

Bron: Crisiscentrum
 

Afgelopen weekend heeft de RSZ beslist om ook bedrijven die niet volledig sluiten, de kans te geven om een uitstel van betaling te bekomen.

Tot voor kort konden enkel bedrijven die volledig gesloten waren (verplicht of vrijwillig), een uitstel van RSZ schulden bekomen tot 15 december 2020. Voor sommige bedrijven is dat uitstel automatisch: met name voor de sectoren van de horeca, de recreatie, cultuur en sport en alle ondernemingen die getroffen worden door een verplichte sluiting.

Voor andere bedrijven die hebben moeten sluiten door de coronacrisis – bijvoorbeeld omdat ze de sanitaire regels niet kunnen volgen of omdat ze toeleveringsproblemen hebben – kan dat na een verklaring op eer. 

Welke bedrijven?

De RSZ heeft nu de mogelijkheid om een betalingsuitstel te krijgen uitgebreid tot werkgevers die niet sluiten maar die niettemin hun economische activiteit sterk verminderd zien voor het tweede kwartaal 2020.

De werkgever moet verklaren dat de coronacrisis zal leiden tot minstens één van de onderliggende situaties:

  • Ofwel dat er een sterke daling van de omzet is in het tweede kwartaal 2020, hetgeen zich voor dit kwartaal zal vertalen in een vermindering van het bedrag van aangegeven BTW met minstens 65% ten opzichte van het tweede kwartaal 2019 of het eerste kwartaal 2020; 
  • of dat de loonmassa die ze zal aangeven bij RSZ voor het tweede kwartaal 2020 met minstens 65% zal verminderen ten opzichte van het tweede kwartaal 2019 of het eerste kwartaal 2020.

Welke RSZ-schulden? 

Deze werkgevers genieten tot 15 december 2020 een uitstel van betaling van de volgende bedragen:

  • het saldo van de bijdragen die voor het eerste kwartaal 2020 verschuldigd zijn
  • het debetbericht jaarlijkse vakantie
  • de voorschotten voor het tweede kwartaal 2020
  • het saldo van de bijdragen die voor het tweede kwartaal 2020 verschuldigd zijn
  • de nog te vervallen rechtzettingen van bijdragen
  • de nog te vervallen maandelijkse afbetalingen van de lopende afbetalingsplannen

En dat voor alle door de RSZ geïnde bijdragen (werkgeversbijdragen, werknemersbijdragen en bijzondere bijdragen, met inbegrip van de bijdragen Bestaanszekerheid).

Voor het goede begrip: de verplichting om de RSZ-aangifte binnen de gestelde termijnen in te dienen, blijft van kracht.

Welke formaliteiten?

Bedrijven dienen een verklaring op eer in. Het modelformulier is beschikbaar op de website van RSZ.

RSZ zal ex-post controles uitvoeren om de correctheid van de verklaringen op eer na te gaan.

Meer informatie?

Alle info op de website van RSZ 
 

Op 3 april 2020 heeft de federale regering het Ministerieel Besluit met onder meer de lijst van essentiële bedrijven, geactualiseerd. Op vraag van Voka en de andere werkgeversorganisaties werden diverse paritaire comités toegevoegd. Aanpassingen worden gemarkeerd.

Tot en met 19 april 2020 heeft de federale regering strengere maatregelen genomen in de strijd tegen het coronavirus. Voka roept op om deze maatregelen nauwgezet na te leven.

Voorlopig overzicht dd. 04/04/2020 13u00. Deze toelichting kan bijgestuurd worden op basis van nieuwe informatie.

Maatregelen met een rechtstreekse impact op ondernemingen en haar medewerkers:

1.    De handelszaken en de winkels zijn gesloten, met uitzondering van: (toevoeging 3/4 gemarkeerd):

  • de voedingswinkels, met inbegrip van nachtwinkels;
  • de dierenvoedingswinkels;
  • de apotheken;
  • de krantenwinkels;
  • de tankstations en de leveranciers van brandstoffen;
  • de telecomwinkels met uitsluiting van winkels die enkel accessoires verkopen, maar enkel voor noodgevallen, waarbij ze slechts één klant per keer mogen ontvangen en dit op afspraak;
  • winkels voor medische hulpmiddelen, maar enkel voor noodgevallen, waarbij ze slechts één klant per keer mogen ontvangen en dit op afspraak.

 
2.    De handelszaken en winkels die wel open mogen zijn, moeten de volgende afspraken   volgen: (toevoeging 3/4 gemarkeerd):

  • De nodige maatregelen moeten getroffen worden om de regels van social distancing te respecteren, in het bijzonder het behoud van een afstand van 1,5 meter tussen elke persoon.
  • De toegang tot grootwarenhuizen kan enkel plaatsvinden overeenkomstig de volgende modaliteiten:
    • maximum 1 klant per 10 vierkante meter gedurende 
    • een periode van maximum 30 minuten;
    • in de mate van het mogelijke wordt individueel gewinkeld.
  • Kortingsacties zijn verboden in alle handelszaken en winkels behalve indien deze acties reeds beslist of in uitvoering waren voor 18 maart 2020. 
  • De voedingswinkels mogen open volgens de gebruikelijke dagen en uren (bij het vorig besluit was dit nog beperkt tot 07u00 tot 22u00).
  • Nachtwinkels mogen geopend blijven vanaf het normale openingsuur tot 22u00.
  • De markten zijn verboden, behalve voedselkramen die onontbeerlijk zijn voor de voedselvoorziening in gebieden die geen commerciële voedselinfrastructuren hebben.

3.    Verplaatsingen noodzakelijk voor woon-werkverkeer zijn toegelaten

  • De personen zijn ertoe gehouden thuis te blijven. Het is verboden om zich op de openbare weg en in openbare plaatsen te bevinden, behalve in geval van noodzakelijkheid en omwille van dringende redenen zoals het uitvoeren van de professionele verplaatsingen, met inbegrip van het woon-werkverkeer.
  • Het openbaar vervoer blijft behouden. Het dient op zo’n wijze georganiseerd worden teneinde de regels van social distancing te garanderen, in het bijzonder het behoud van een afstand van 1,5 meter tussen elke persoon.
  • Niet essentiële (dienst)reizen naar het buitenland zijn tot en met 5 april verboden.

4. De lessen blijven opgeschort; noodopvang voor kinderen wiens ouders geen opvang kunnen verzorgen 

  • De lessen en activiteiten in het kleuter-, lager en secundair onderwijs worden geschorst. Opvang wordt echter verzekerd ook tijdens de Paasvakantie. Hogescholen en universiteiten werken via afstandsonderwijs, met uitzondering van de stages voor de studenten die een bijdrage kunnen leveren aan de zorg.


5.    Werkorganisatie voor alle niet essentiële bedrijven

  • Niet essentiële bedrijven zijn in principe alle ondernemingen, van welke grootte ook, tenzij zij  expliciet voorkomen in de lijst van cruciale sectoren of essentiële diensten (zie punt 6). 
  • Telethuiswerk is verplicht voor die bedrijven, onafhankelijk van welke grootte zij ook hebben, voor alle personeelsleden wiens functie zich ertoe leent.
  • Voor de functies waar telethuiswerk niet kan toegepast worden, moeten de bedrijven de nodige maatregelen nemen om social distancing te garanderen, in het bijzonder het behoud van een afstand van 1,5 meter tussen elke persoon. Deze regel is eveneens van toepassing op de woon-werkverplaatsing georganiseerd door de werkgever.
  • De bedrijven die noch telethuiswerk noch social distancing kunnen toepassen, moeten verplicht sluiten.


6.    Werkorganisatie voor essentiële bedrijven 

  • Deze bedrijven moeten, indien mogelijk, dezelfde regels van punt 5 toepassen mbt telethuiswerk en social distancing.
  • Indien dit niet mogelijk is, moeten deze bedrijven echter niet sluiten. 
  • Het is momenteel nog onduidelijk of deze bedrijven zich moeten beperken tot een minimale bezetting of dat een normale personeelsbezetting toegelaten is.
  • De essentiële bedrijven zijn enkel diegene die vallen onder de Paritaire Comités die hieronder vermeld worden, met inachtname van de beperkingen die daarnaast vermeld zijn. 

 

Paritaire comités cruciale sectoren en essentiële diensten

Toevoegingen 23 maart: onderlijnd en cursief
Toevoegingen 3 april: vet

Beperkingen 

 

102.9 Subcomité van de groeven van kalksteen en kalkovens  
104 Paritair comité voor de ijzernijverheid Volcontinu bedrijven
105 Paritair comité voor non-ferro metalen Volcontinu bedrijven
106 Paritair comité voor het cementbedrijf Beperkt tot de productieketting van de ovens op de hoge temperaturen (belangrijk voor afvalverwerking)
109 Paritair comité voor het kleding- en confectiebedrijf Beperkt tot de productie van medisch textiel gebruikt in ziekenhuizen en zorginstelling; de toelevering van medisch textiel en medische kledij aan ziekenhuizen en zorginstelling en de toelevering cleanroomkledij aan farmaceutische bedrijven
110 Paritair comité voor textielverzorging  
111 Paritair comité voor de metaal-, machine- en elektrische bouw Beperkt tot : productie, toelevering, onderhoud productie, herstellingen van landbouwmachines en installaties van bedrijven behorende tot de cruciale sectoren en essentiële diensten; de veiligheids- en defensie-industrie en de productie van materiaal voor de medische en (para)farmaceutische industrie.
112  Paritair comité voor het garage bedrijf Beperkt tot takeldiensten en hersteldiensten 
113 Paritair comité voor het ceramiekbedrijf Beperkt tot continue ovens
113.04 Paritair subcomité voor de pannenbakerijen Beperkt tot continue ovens
114 Paritair comité voor de steenbakkerij Beperkt tot continue ovens
115 Paritair comité voor het glasbedrijf Beperkt tot continue ovens
116 Paritair comité voor de scheikundige nijverheid  
117 Paritair comité voor de petroleum nijverheid en -handel  
118 Paritair comité voor de voedingsnijverheid  
119 Paritair comité voor de handel in voedingswaren  
120 Paritair comité voor de textielnijverheid Beperkt tot de sector van de persoonlijke hygiëne producten, waaronder incontinentieproducten, baby-luiers en dameshygiëneproducten; de productie en levering van medische kledij en medisch textiel voor ziekenhuizen en zorginstellingen de toelevering van cleanroomkledij aan farmaceutische bedrijven
121 Paritair comité van de schoonmaak Beperkt tot de schoonmaak van bedrijven van de cruciale sectoren en in de essentiële diensten, en tot de ophaling van afvalstoffen bij bedrijven en de ophaling van huishoudelijk en/of niet-huishoudelijk afval van alle producenten 
124 Paritair comité voor het bouwbedrijf  Beperkt tot de dringende werkzaamheden en tussenkomsten
125 Paritair comité voor de houtnijverheid Beperkt tot houten verpakkingen en paletten en producenten en leveranciers van brandstoffen op basis van hout of derivaten van hout
126 Paritair comité voor de stoffering en houtbewerking Beperkt tot houten verpakkingen en paletten en producenten en leveranciers van brandstoffen op basis van hout of derivaten van hout
127 Paritair comité voor de handel in brandstoffen  
129 Paritair comité voor de voorbrenging van papierpap, papier en karton Beperkt tot de verpakkingen uit papier en karton, tot zakdoekjes en toiletpapier, evenals tot papier voor kranten alsook tot grafisch papier en papierpulp
130 Paritair comité voor het drukkerij-, grafische kunst- en dagbladbedrijf Beperkt tot drukken van dag en weekbladen en drukken van toepassingen (etiketten, labels) nodig voor de voedings- en agro-industrie, en het drukken van bijsluiters en verpakkingen voor de farmaceutische industrie
132 Paritair comité voor ondernemingen van technische land-en tuinbouwwerken  
136 Paritair comité voor de papier en kartonbewerking  Beperkt tot de verpakkingen uit papier en karton, tot zakdoekjes en toiletpapier, evenals tot papier voor kranten
139 Paritair comité voor de binnenscheepvaart  
140 Paritair comité voor het vervoer en de logistiek 
Subcomités: 140.01,140.03, 140.04
Beperkt tot personenvervoer, wegvervoer, spoorvervoer,  logistiek en grondafhandeling voor luchthavens
140.05 Paritair subcomité voor de verhuizingen Beperkt tot verhuizingen, voor zover ze dringend en noodzakelijk zijn, of verbonden met medische, sanitaire of ziekenhuisnoden
142 Paritair comité voor de ondernemingen waar teruggewonnen grondstoffen opnieuw ter waarde worden gebracht. Subcomités: 142.01, 142.02, 142.03 en 142.04 Beperkt tot afvalophaling en/of -verwerking
143 Paritair comité voor de zeevisserij  
144 Paritair comité voor de landbouw  
145 Paritair comité voor het tuinbouwbedrijf  
149.01 Paritair subcomité voor de elektriciens: installatie en distributie Beperkt tot de dringende werkzaamheden en tussenkomsten
149.03 Paritair subcomité voor de edele metalen  Beperkt tot machineonderhoud en herstellingen
149.04 Paritair subcomité voor de metaalhandel Beperkt tot onderhoud en herstelling
152 Paritair comité voor de gesubsidieerde inrichtingen van het vrij onderwijs  
200 Aanvullend Paritair comité voor de bedienden  Beperkt tot de bedienden noodzakelijk bij onderhoud, herstelling, productie en toelevering van bedrijven die behoren tot de cruciale sectoren en de essentiële diensten  
201 Paritair comité voor de zelfstandige kleinhandel  Beperkt tot voeding, dierenvoeding, en voor wat betreft bloemen en planten beperkt tot voedingswinkels en dierenvoedingswinkels die hoofdzakelijk voeding en/of dierenvoeding verkopen.
202 Paritair comité voor de bedienden uit de kleinhandel in voedingswaren  
202.01 Paritair subcomité voor de middelgrote levensmiddelenbedrijven  
207 Paritair comité voor de bedienden uit de scheikundige nijverheid  
209 Paritair comité voor de bedienden der metaalfabrikantennijverheid
, oo210 Paritair comité voor de bedienden van de ijzernijverheid  
211 Paritair comité voor de bedienden uit de petroleumnijverheid en -handel  
220 Paritair comité voor de bedienden uit de voedingsnijverheid  
221 Paritair comité voor de bedienden uit de papiernijverheid Beperkt tot de verpakkingen uit papier en karton, tot zakdoekjes en toiletpapier, evenals tot papier voor kranten, alsook tot grafisch papier en papierpulp
222 Paritair comité voor de bedienden van de papier- en kartonbewerking Beperkt tot de verpakkingen uit papier en karton, tot zakdoekjes en toiletpapier, evenals tot papier voor kranten, alsook tot grafisch papier en papierpulp
224 Paritair comité voor de bedienden van de non-ferro metalen Volcontinu bedrijven
225 Paritair comité voor de bedienden van de inrichtingen van het gesubsidieerd vrij onderwijs: subcomités 225.01, 225.022   
226 Paritair comité voor de bedienden uit de internationale handel, het vervoer en de logistiek  
227 Paritair comité voor de audiovisuele sector Beperkt tot radio en televisie
301 Paritair comité voor het havenbedrijf   
302 Paritair comité voor het hotelbedrijf Beperkt tot de hotels 
304 Paritair comité voor de vermakelijkheidsbedrijven Beperkt tot radio en televisie
309 Paritair comité voor de beursvennootschappen  
310 Paritair comité voor de banken  Beperkt tot essentiële bankverrichtingen 
311 Paritair comité voor de grote kleinhandelszaken  Beperkt tot voeding, dierenvoeding, en voor wat betreft bloemen en planten beperkt tot voedingswinkels en dierenvoedingswinkels die hoofdzakelijk voeding en/of dierenvoeding verkopen
312 Paritair comité voor de warenhuizen  
313 Paritair comité voor de apotheken en tarificatiediensten  
315 Paritair comité voor de handelsluchtvaart  (en subcomités)  
316 Paritair comité voor koopvaardij  
317 Paritair comité voor de bewakings- en/of toezichtsdiensten  
318 Paritair comité voor de diensten voor gezins- en bejaardenhulp (en subcomités)  
319 Paritair comité voor de opvoedings- en huisvestingsinrichtingen (en subcomités)  
320 Paritair comité voor de begrafenisondernemingen  
321 Paritair comité voor de groothandelaars-verdelers in geneesmiddelen  
322 Paritair comité voor uitzendarbeid en erkende ondernemingen die buurwerken of -diensten leveren Beperkt tot zorg en welzijnswerk aan kwetsbare doelgroepen
326 Paritair comité voor het gas- en elektriciteitsbedrijf  
327 Paritair comité voor de beschutte werkplaatsen, de sociale werkplaatsen en maatwerkbedrijven  
328 Paritair comité voor het stads- en streekvervoer   
329 Paritair comité voor de socioculturele sector Beperkt tot zorg, welzijn (inclusief de hulpverleners en jeugdwelzijnswerkers) en voedselbedeling en monumentenwacht
330 Paritair comité voor de gezondheidsinrichtingen en -diensten  
331 Paritair comité voor de Vlaamse welzijns- en gezondheidssector  
332 Paritair comité voor de Franstalige en Duitstalige welzijns- en gezondheidssector  
335 Paritair comité voor de dienstverlening aan en de ondersteuning van het bedrijfsleven en zelfstandigen Beperkt tot sociale secretariaten en de sociale verzekeringsfondsen, de kinderbijslagkassen en de ondernemingsloketten
336 Paritair comité voor de vrije beroepen  
337 Aanvullend paritair comité voor de non-profitsector Beperkt tot zorg en welzijnswerk aan kwetsbare doelgroepen en het Instituut voor Tropische Geneeskunde
339 Paritair comité voor de erkende maatschappijen voor sociale huisvesting (en subcomités)   
340 Paritair comité voor de orthopedische technologieën

Dat klopt.

Wat houdt de maatregel in?

Voor vennootschappen en zelfstandigen die door de coronacrisis kampen met liquiditeitsproblemen, heeft de regering op 3 april 2020 beslist om de percentages van de voordelen van de voorafbetalingen van de derde en de vierde vervaldag, op respectievelijk 10 oktober en 20 december, te verhogen. Dankzij deze steunmaatregel is het uitstellen van hun voorafbetalingen minder nadelig.

In de tabel hieronder vindt u de aangepaste percentages voor de voorafbetalingen. Deze zijn, zoals gezegd, hoger in het derde en vierde kwartaal (tenzij er een dividenduitkering is):

  Personenbelasting

Vennootschapsbelasting

(geen dividenduitkering)

Vennootschapsbelasting

(wel dividenduitkering)

Voorafbetaling 1 3% 9% 9%
Voorafbetaling 2 2,5% 7,5% 7,5%
Voorafbetaling 3 2,25% 6,75% 6%
Voorafbetaling 4 1,75% 5,25% 4,5%

De maatregel is bedoeld voor bedrijven met liquiditeitsproblemen. Deze verhoogde bonificatie in deze kwartalen geldt niet voor vennootschappen die:

  • een inkoop van eigen aandelen of een kapitaalvermindering doen
  • die dividenden betalen of toekennen tussen 12 maart 2020 en 31 december 2020

De verhoogde percentages gelden ook niet voor natuurlijke personen die hierdoor meer bonificatie wegens voorafbetalingen zouden kunnen krijgen.

De percentages van de vermeerderingen zelf blijven ongewijzigd, net zoals de data van de voorafbetalingen.

Wie komt in aanmerking?

Vennootschappen en zelfstandigen.

Zo vraagt u het aan

Automatisch

Meer informatie
 

Het algemene principe blijft ook in de paasvakantie dat kinderen en jongeren zo veel mogelijk thuis worden opgevangen.

Scholen en crèches blijven wel open voor bepaalde groepen van kinderen. Belangrijk is te vermelden dat men daardoor dus 'geen gebrek aan kinderopvang' kan inroepen om tijdelijke werkloosheid wegens overmacht in te roepen.

Voor basisschoolkinderen en jongeren uit het secundair tot en met 14 jaar voor wie dat niet kan, nemen de lokale besturen, in nauw overleg met het Agentschap Opgroeien (ex-Kind & Gezin) de regie in handen.

Het gaat concreet om deze 3 groepen van gezonde leerlingen:

  • Kinderen van ouders met een beroep in een cruciale sector
  • Kinderen in een kwetsbare thuissituatie
  • Er worden alternatieve regelingen uitgewerkt voor kinderen zonder andere opvangmogelijkheid. In het bijzonder voor kinderen uit het buitengewoon onderwijs met medische en/of sociale zorgnoden, voor kinderen uit de onderwijsinternaten, de MPIGO’s en de IPO’s van het gemeenschapsonderwijs. De gesprekken daarover lopen nog.

Leerlingen uit het secundair onderwijs ouder dan 14 jaar in één van de bovenstaande situaties, kunnen terecht bij een meldpunt dat door de lokale besturen wordt georganiseerd, waarna een oplossing op maat wordt gezocht. Voor de andere leerlingen secundair blijft gelden: thuisblijven tijdens de vakantie. 

Tijdens de paasvakantie hebben de leerlingen ook effectief vakantie. Ze mogen dan geen alternatieve vormen van leren aangeboden krijgen. De invulling van de vakantieopvang bestaat uit sport en spel, maximaal rekening houdend met de geldende voorzorgsmaatregelen.

Meer info

Na de paasvakantie blijven, indien de maatregelen verlengd worden, de regels zoals opgelegd door de Vlaamse overheid tijdens de schoolperiode gelden:

Aan de scholen wordt gevraagd om nog opvang te voorzien voor drie groepen gezonde leerlingen: kinderen van ouders die werken in een cruciale sector zoals de zorg of distributie, kinderen in een medische of sociale kwetsbare situatie, en kinderen met een moeilijke thuissituatie. Ouders die thuiswerken, moeten hun kinderen thuis opvangen.

Leerkrachten en andere onderwijspersoneel kunnen van thuis uit werken, maar de school moet wel permanentie voorzien, ook als er op dat moment geen enkele leerling opgedaagd is. Zo kunnen ouders ook later nog bij de scholen terecht voor opvang.

Meer info

Bron: onderwijs.vlaanderen.be

BELEIDSMAATREGELEN OM TE HELPEN BIJ LIQUIDITEITSPROBLEMEN

De Vlaamse overheid heeft de waarborgcapaciteit bij Gigarant van 1,5 miljard tot 3 miljard euro verhoogd om ondernemingen met liquiditeitsproblemen te helpen. Zij kunnen steun bieden in de vorm van overbruggingskredieten of door bestaande schulden te waarborgen.

Wat houdt dit in?

De waarborgen boven de 1,5 miljoen euro - de zogenaamde Gigarant-waarborgregeling - worden gebruikt om bankiers te ondersteunen bij financieringsvraagstukken die vandaag moeilijker alleen te beantwoorden zijn. Gigarant beschikt vandaag over een waarborgcapaciteit van 1,5 miljard euro. Die capaciteit wordt nu opgetrokken tot 3 miljard euro. Gigarant zal op die manier een aangepaste COVID-19 waarborg in de markt kunnen zetten die meer flexibiliteit biedt. 

  • De COVID-19 waarborg wordt enkel toegekend voor de financiering aan een onderneming die op 31 december 2019 geen onderneming in moeilijkheden was (bij de standaard waarborg ligt de evaluatie op het moment van toekenning);
  • De termijn bedraagt maximaal 6 jaar;
  • Voor deze crisiswaarborg wordt de bij toekenning te betalen premie verlaagd in vergelijking met de huidige Gigarant premie;
  • Er wordt gezorgd voor een goede spreiding van het risico tussen banken en overheid;
  • Het bedrag van de COVID-19 gewaarborgde financiering wordt per onderneming tijdelijk beperkt conform de Europese regelgeving (het dubbele van de totale jaarlijkse bruto loonmassa 2019 of 25% van de totale omzet 2019 of mits een gepaste rechtvaardiging de liquiditeitsbehoefte voor de komende achttien maanden voor een KMO en voor de komende twaalf maanden voor een grote onderneming);
  • Dossiers die onder het toepassingsgebied van het federale ‘corona-akkoord’ vallen worden wel uitgesloten van de Gigarant-waarborg.

Bovenop eerdere maatregelen

Op vrijdag 13 maart 2020 werd al beslist dat er in 100 miljoen euro extra werd voorzien voor coronacrisiswaarborgen. Op die manier kunnen ondernemingen en zelfstandigen in deze crisisperiode bestaande waarborgen laten verlengen bij de ParticipatieMaatschappij Vlaanderen, bestaande korte termijn kredietlijnen onder de waarborg brengen of hun niet-bancaire schulden die ouder zijn dan 3 maand laten financieren.  Deze maatregel komt bovenop de bestaande waarborgen voor investeringskredieten en werkkapitaal. Met de 100 miljoen euro extra kunnen we al bijvoorbeeld zo’n 1000 leningen van 100.000 euro waarborgen.

Bron: Vlareg

Wat houdt de maatregel in?

De achtergestelde leningen gaan over een termijn van 3 jaar aan een verlaagde rentevoet. De termijn van 3 jaar biedt een voldoende lange periode om de omzet en cash flow terug op peil te krijgen, en om investeerders terug voldoende appetijt te geven. Het achtergestelde karakter van de leningen laat nog voldoende ruimte aan de banken om, desgevallend, daarbovenop bankfinanciering te verschaffen, eventueel gedekt met de nodige waarborgen.

Voor wie?

De maatregel staat alleen open voor kmo’s en de focus ligt op start-up bedrijven en scale-ups die nood hebben aan kapitaal. Grotere ondernemingen hebben meer slagkracht om gebruik te maken van de andere beschikbare stelsels, bijvoorbeeld op federaal niveau.

Bedrijven die voor de crisis al problemen hadden worden uitgesloten, enkel gezonde bedrijven komen in aanmerking. Deze maatregel focust op bedrijven die terug actief zijn en met meer dan 80% van hun personeel werken.

Om het systeem van achtergestelde leningen via PMV te operationaliseren, wordt een kapitaalverhoging van 250 miljoen euro voorzien.

Bovenop eerdere maatregelen

Op vrijdag 13 maart 2020 werd al beslist dat er in 100 miljoen euro extra werd voorzien voor coronacrisiswaarborgen. Op die manier kunnen  ondernemingen en zelfstandigen in deze crisisperiode bestaande waarborgen laten verlengen bij de ParticipatieMaatschappij Vlaanderen, bestaande korte termijn kredietlijnen onder de waarborg brengen of hun niet-bancaire schulden die ouder zijn dan 3 maand laten financieren.  Deze maatregel komt bovenop de bestaande waarborgen voor investeringskredieten en werkkapitaal. Met de 100 miljoen euro extra kunnen we al bijvoorbeeld zo’n 1000 leningen van 100.000 euro waarborgen.

Bron: Vlareg

Wat houdt de concrete invulling van het bankenplan voor ondernemingen in?

Ondernemingen die financieel worden getroffen door de coronacrisis en aan de toekenningsvoorwaarden voldoen, kunnen betalingsuitstel van ondernemingskrediet vragen.

Wat betekent dit voor mijn onderneming?

Een betalingsuitstel van het ondernemingskrediet houdt in dat je onderneming gedurende maximum 6 maanden geen aflossingen van kapitaal moet doen. De intresten blijven verschuldigd.

De banken verbinden zich ertoe om de gebruikelijke dossier- of administratiekosten niet aan te rekenen.

Hoe zit het precies met de timing?

Voor aanvragen die tot en met 30 april 2020 worden gedaan, kan maximum 6 maanden betalingsuitstel worden verkregen, en dit tot uiterlijk 31 oktober 2020.

Voor aanvragen die na 30 april 2020 worden gedaan, blijft de einddatum 31 oktober 2020.
Dit betekent bv. dat wie een kredietaanvraag doet in juni nog 4 maanden betalingsuitstel kan opnemen (juli-augustus-september-oktober).

Aanvragen die werden ingediend vóór de publicatie van de charters zullen worden geëvalueerd volgens de criteria van de charters. Indien nodig zal de bank contact opnemen met de kredietnemer.

Hoe vraag ik het aan?

Wie denkt aan de voorwaarden te voldoen om betalingsuitstel te kunnen aanvragen, wordt gevraagd om zijn of haar bank te contacteren. Dat kan enkel op afspraak of via de beschikbare digitale kanalen van de bank (e-mail, chat, mobiele app,…) en via telefoon.

De banken stellen alles in het werk om hun klanten zo goed en zo snel mogelijk verder te helpen.

Alle details over het betalingsuitstel zijn terug te vinden in het charter voor betalingsuitstel ondernemingskredieten.

Meer info over het Charter betalingsuitstel ondernemingskredieten

Bron: Febelfin

Dat klopt.

Wat houdt de maatregel in?

Op 29 maart 2020 gaf de minister van Financiën de instructie om de terugbetaling van btw-tegoeden te versnellen. Het is een nieuwe maatregel die de liquiditeitspositie van ondernemingen ondersteunt.

Ondernemingen die voor 4 april hun btw-maandaangifte voor de maand februari indienen zullen hun btw-tegoed ten laatste op 30 april uitbetaald krijgen. Dit komt neer op een versnelde terugbetaling van twee maanden. Normaal geschiedt de terugbetaling van dit creditsaldo immers tegen uiterlijk 30 juni 2020.

Voor alle maandindieners die van deze versnelde teruggaaf willen genieten (starters, vergunningshouders 'maandelijkse teruggave' en alle anderen) wordt de indieningstermijn voor de btw-maandaangifte van februari 2020 gebracht op 3 april 2020. Deze aangifte moet via Intervat worden ingediend.

De teruggave gebeurt enkel indien het vakje 'aanvraag terugbetaling' is aangekruist. Belangrijk: tot en met vrijdag 3 april 2020 kan de btw-maandaangever via intervat een verbeterende aangifte indienen om deze optie te wijzigen. Dit kan via https://financien.belgium.be/sites/default/files/downloads/165-wijzigen-voorgaande-aangifte-2016.pdf

De andere basisvoorwaarden blijven van toepassing:

  • Minimumbedrag van teruggaaf van € 245
  • Alle aangiften over het lopende kalenderjaar moeten ingediend zijn
  • De administratie kent uw rekeningnummer voor btw-teruggaven
  • Er mag geen verzet bestaan tegen deze terugbetaling (ten gevolge van een derdenbeslag of een overdracht van schuldvordering)

Dit tegoed kan eventueel wel nog het voorwerp uitmaken van een inhouding of aanwending op een andere openstaande schuld en van een 'verificatie btw-tegoed'.

Deze indieningstermijn doet geen afbreuk aan de mogelijkheid om de andere btw-maandaangiften van februari 2020 (met name de btw-maandaangiften die geen creditsaldo vertonen of waarvoor geen teruggave gevraagd wordt) tijdig in te dienen tot en met 6 april 2020.

Voor ondernemingen die op kwartaalbasis hun btw-aangifte doen, geldt vandaag reeds een terugbetalingstermijn van 1 maand na afloop van de indieningstermijn. De aangiftetermijn voor kwartaalaangiften voor het eerste kwartaal van 2020 werd vorige week reeds verlengd tot 7 mei 2020.

Wie komt in aanmerking?

Alle indieners van btw-maandaangiften. Ook die ondernemingen die geen vergunning maandelijkse teruggave hebben en niet-startende ondernemingen.

Omvang steun

De FOD Financiën berekende dat deze versnelde terugbetaling van btw-tegoeden aan ongeveer 16.000 ondernemingen die maandelijks een btw-aangifte verrichten in totaal 600 miljoen euro versnelde liquiditeit biedt.

Zo vraagt u het aan

Voor alle maandindieners die van deze versnelde teruggaaf willen genieten (starters, vergunningshouders 'maandelijkse teruggave' en alle anderen) wordt de indieningstermijn voor de btw-maandaangifte van februari 2020 gebracht op 3 april 2020. Deze aangifte moet via Intervat worden ingediend. De teruggave gebeurt enkel indien het vakje 'aanvraag terugbetaling' is aangekruist.

Belangrijk: tot en met vrijdag 3 april 2020 kan de btw-maandaangever via intervat een “verbeterende aangifte indienen om deze optie te wijzigen. Dit kan via https://financien.belgium.be/sites/default/files/downloads/165-wijzigen-voorgaande-aangifte-2016.pdf

Meer informatie

FOD Financiën

Ondernemingen kunnen online de corona hinderpremie van 4.000 euro aanvragen. Deze geldt voor elke onderneming die verplicht moet sluiten door de coronamaatregelen.

Op vrijdag 20 maart heeft de Vlaamse regering beslist om een corona hinderpremie uit te werken. Alle ondernemingen en winkels die verplicht moeten sluiten ten gevolge van de maatregelen genomen door de Nationale Veiligheidsraad hebben recht op deze premie van 4.000 euro

Voor wie?

  • Een onderneming kan voor maximaal 5 exploitatiezetels een premie krijgen op voorwaarde dat er in de bijkomende exploitatiezetels minstens 1 voltijdse werknemer tewerkgesteld is.
  • Ook zelfstandigen in bijberoep kunnen aanspraak maken op de premie voor zover ze door de hoogte van hun inkomen dezelfde sociale bijdragen moeten betalen als een zelfstandige in hoofdberoep.
  • In de horecasector is het verplicht sluiten van de eetruimte voldoende om van de premie te kunnen genieten, ook als zij nog afhaaldiensten organiseren.

 
Hoe aanvragen?

De applicatie staat hier online

Tot wanneer?

Ondernemers hebben tot uiterlijk 5 mei de tijd om hun aanvraag in te dienen bij het Agentschap Innoveren en Ondernemen (VLAIO). 

Iedereen die recht heeft op de premie zal die ook krijgen. De uitbetaling gebeurt binnen 14 dagen na de aanvraag in de applicatie mits voldaan is aan alle voorwaarden.

Nog vragen?

Er zijn twee stappen om zo goed mogelijk te garanderen dat het systeem niet overbelast raakt door de grote toevloed. Naast het contactcenter van VLAIO (0800 20 555) zelf zal ook de Vlaamse infolijn 1700 ter beschikking staan van ondernemers met vragen. Ook op zaterdag zullen zij beschikbaar zijn. 

In het weekend van 4 april heeft de RSZ beslist om ook bedrijven die niet volledig sluiten, de kans te geven om een uitstel van betaling te bekomen.

Tot voor kort konden enkel bedrijven die volledig gesloten waren (verplicht of vrijwillig), een uitstel van RSZ schulden bekomen tot 15 december 2020. Voor sommige bedrijven is dat uitstel automatisch: met name voor de sectoren van de horeca, de recreatie, cultuur en sport en alle ondernemingen die getroffen worden door een verplichte sluiting.

Voor andere bedrijven die hebben moeten sluiten door de coronacrisis – bijvoorbeeld omdat ze de sanitaire regels niet kunnen volgen of omdat ze toeleveringsproblemen hebben – kan dat na een verklaring op eer. 

Welke bedrijven?

De RSZ heeft nu de mogelijkheid om een betalingsuitstel te krijgen uitgebreid tot werkgevers die niet sluiten maar die niettemin hun economische activiteit sterk verminderd zien voor het tweede kwartaal 2020.

De werkgever moet verklaren dat de coronacrisis zal leiden tot minstens één van de onderliggende situaties:

  • Ofwel dat er een sterke daling van de omzet is in het tweede kwartaal 2020, hetgeen zich voor dit kwartaal zal vertalen in een vermindering van het bedrag van aangegeven BTW met minstens 65% ten opzichte van het tweede kwartaal 2019 of het eerste kwartaal 2020; 
  • of dat de loonmassa die ze zal aangeven bij RSZ voor het tweede kwartaal 2020 met minstens 65% zal verminderen ten opzichte van het tweede kwartaal 2019 of het eerste kwartaal 2020.

Welke RSZ-schulden? 

Deze werkgevers genieten tot 15 december 2020 een uitstel van betaling van de volgende bedragen:

  • het saldo van de bijdragen die voor het eerste kwartaal 2020 verschuldigd zijn
  • het debetbericht jaarlijkse vakantie
  • de voorschotten voor het tweede kwartaal 2020
  • het saldo van de bijdragen die voor het tweede kwartaal 2020 verschuldigd zijn
  • de nog te vervallen rechtzettingen van bijdragen
  • de nog te vervallen maandelijkse afbetalingen van de lopende afbetalingsplannen

En dat voor alle door de RSZ geïnde bijdragen (werkgeversbijdragen, werknemersbijdragen en bijzondere bijdragen, met inbegrip van de bijdragen Bestaanszekerheid).

Voor het goede begrip: de verplichting om de RSZ-aangifte binnen de gestelde termijnen in te dienen, blijft van kracht.

Welke formaliteiten?

Bedrijven dienen een verklaring op eer in. Het modelformulier is beschikbaar op de website van RSZ.

RSZ zal ex-post controles uitvoeren om de correctheid van de verklaringen op eer na te gaan.

Meer informatie?

Alle info op de website van RSZ 

Voor de bedrijven die sluiten omwille van corona, blijven de eerdere maatregels gelden om uitstel van betaling te krijgen tot 15 december 2020.

Deze maatregelen hebben betrekking op twee soorten uitstel van betaling:

1. Automatisch uitstel

De sectoren van de horeca, de recreatie, cultuur en sport en alle ondernemingen die getroffen worden door een verplichte sluiting overeenkomstig de bepalingen van ministeriële besluiten van 13 maart, 18 maart, 23 maart en 24 maart 2020, zullen dit uitstel automatisch verkrijgen.

2. Uitstel na voorafgaande aangifte

  • Ondernemingen die niet door een verplichte sluiting, zoals vermeld in ministeriële besluiten van 13 maart, 18 maart, 23 maart en 24 maart 2020, beoogd zijn, maar die gesloten zijn omdat ze in de onmogelijkheid verkeren om de sanitaire maatregelen na te leven, zullen een uitstel van betaling kunnen bekomen op basis van een verklaring op eer.
  • De ondernemingen die niet verplicht gesloten zijn en die, om andere redenen dan het niet kunnen naleven van de sanitaire maatregelen, zelf hebben beslist om volledig te sluiten. Omwille van de coronacrisis hebben sommige ondernemingen, die niet verplicht gesloten zijn en die gesloten zijn om andere redenen dan het niet kunnen naleven van de sanitaire maatregelen, hun productie en verkoop moeten stopzetten. Hierdoor zijn ook deze ondernemingen volledig gesloten. Een voorbeeld is de sluiting van toeleveranciers of de sluiting wegens het feit dat klanten gesloten zijn.

Ook voor deze ondernemingen wordt voorzien dat zij, op basis van de verklaring op eer, van het uitstel tot 15 december kunnen genieten.

Wat wordt precies bedoeld met de notie ‘volledige sluiting’?

Voor wat de notie ‘volledige sluiting’ betreft, wordt bedoeld dat de productie en verkoop is stopgezet. Dit verhindert niet dat er binnen de onderneming nog een beperkt aantal medewerkers actief kunnen zijn omwille van veiligheid, administratie, noodzakelijk onderhoud enzovoort.

Over welke aan de RSZ verschuldigde bedragen gaat het?

Het uitstel van betaling heeft betrekking op alle betalingen vanaf 20 maart 2020.

Hieronder vallen dus:

  • de nog te betalen wijzigingen der bijdragen;
  • de maandelijkse schijven van de lopende minnelijke afbetalingsplannen;
  • het derde voorschot voor het 1e kwartaal (te betalen op 05/04/2020);
  • het saldo van het 1e kwartaal (te betalen op 30/04/2020);
  • het debetbericht jaarlijkse vakantie dat aan de werkgevers wordt verstuurd vanaf 01/04/2020 en vóór 30/04/2020 betaald moet worden;
  • de voorschotten voor het 2e kwartaal (te betalen op 05/05, 05/06 en 05/07/2020);
  • het saldo van het 2e kwartaal (te betalen op 31/07/2020).

Opgelet: het uitstel van betaling geldt voor alle door de RSZ geïnde bijdragen (werkgeversbijdragen, werknemersbijdragen en bijzondere bijdragen, met inbegrip van de bijdragen Bestaanszekerheid) en loopt tot 15/12/2020.

Voor het goede begrip: de verplichting om de RSZ-aangifte binnen de gestelde termijnen in te dienen, blijft van kracht.

Meer info en aanvragen op de site van de RSZ

Wat houdt de maatregel in?

Werkgevers die door het coronavirus moeilijkheden ondervinden om de sociale werkgeversbijdragen te betalen, en die niet voldoen aan de voorwaarden zoals beschreven in de vraag hierboven, kunnen bij de RSZ nog altijd minnelijke afbetalingstermijnen aanvragen voor het eerste en tweede kwartaal 2020 die zij verschuldigd zijn omdat ze personeel tewerkstellen. 

Wie komt in aanmerking?
 

Werkgevers die personeel tewerkstellen en die door het coronavirus moeilijkheden ondervinden om de sociale werkgeversbijdragen te betalen. 

Omvang steun

Werkgevers kunnen minnelijke betalingstermijnen aanvragen voor de socialezekerheidsbijdragen voor het eerste en tweede kwartaal 2020 die zij verschuldigd zijn omdat ze personeel tewerkstellen. 

Door dit afbetalingsplan kan de schuld worden afgelost aan de hand van maandelijkse afbetalingen. Zo vermijdt je de terugvordering via dwangbevel en de nadelen daarvan (gerechtskosten). Als het plan wordt nageleefd, kunnen de economische activiteiten normaal worden voortgezet. 

De reden van problemen door het coronavirus wordt aanvaard als grond voor de aanvraag van minnelijke betalingstermijnen. 

Hoe vraag ik het aan?

Je vult het formulier ‘aanvraag minnelijk betalingsplan’ in op de site van de FOD Sociale Zaken. In het verzoek moet ook uitgelegd worden hoe de onderneming door het coronavirus wordt getroffen. 

Elke onderneming of ondernemer die is ingeschreven in de Kruispuntbank van Ondernemingen en die, vanuit zijn zelfstandige activiteit, personeel tewerkstelt en dus BV-plichtig is, komt in aanmerking voor uitstel van betaling van:

•    de bedrijfsvoorheffing;
•    de btw;
•    de personenbelasting;
•    de rechtspersonenbelasting;
•    de vennootschapsbelasting.

Er kan gekozen worden voor een afbetalingsplan, vrijstelling van nalatigheidsinteresten of kwijtschelding van boetes wegens niet-tijdige betaling.

Deze maatregel is tijdelijk en je moet als belastingplichtige zelf het verzoek indienen.

Het bevoegde ontvangkantoor beslist over de toekenning van de steunmaatregel. Het verzoek moet gebeuren via een specifiek aanvraagformulier. Het moet wel degelijk gemotiveerd zijn. Het formulier vind je terug op de website van de fiscus.

Lees hier hoe je dit kan aanvragen.
 

Ja, dat klopt helemaal. Dat zal hopelijk iets meer ademruimte geven.

De federale regering besliste op 18 maart 2020 dat ondernemingen automatisch uitstel van betaling van twee maanden krijgen voor het betalen van hun btw en bedrijfsvoorheffing. U moet geen boetes of interesten betalen.

Dit uitstel van betaling van belasting geldt meer bepaald voor:

Btw:

Betaling voor Normale termijn Verlengd tot
Maandaangifte februari 2020 20 maart 20 mei
Maandaangifte maart 2020 20 april 20 juni
Kwartaalaangifte eerste kwartaal 20 april 20 juni


Bedrijfsvoorheffing:

Betaling voor Normale termijn Verlengd tot
Maandaangifte februari 2020 15 maart 13 mei
Maandaangifte maart 2020 15 april 15 juni
Kwartaalaangifte eerste kwartaal 15 april 15 juni

Voor de periodes vanaf april zouden op dit ogenblik de normale termijnen weer van toepassing zijn.

Indien dit bijkomend uitstel niet volstaat kan men met de FOD Financiën bijkomende betalingsmodaliteiten afspreken zoals een afbetalingsplan en geen toepassing van nalatigheidsinteresten.

Meer informatie over zo'n plan

Hiervoor is dan wel een aanvraag nodig.


Wie komt in aanmerking?

Alle btw-plichtigen en ondernemingen die bedrijfsvoorheffing verschuldigd zijn. Dit geldt voor alle werkgevers. De fiscus maakt geen onderscheid tussen ondernemingen naargelang ze wel of niet sluiten omwille van de coronacrisis.

Meer informatie
 

 

Ook dat is een feit.

Voor de betaling van de personenbelasting, de vennootschapsbelasting, de belasting van niet-inwoners en de rechtspersonenbelasting wordt een extra betalingstermijn van 2 maanden toegekend. Die extra betaaltermijn komt bovenop de normale betaaltermijn. Er worden geen nalatigheidsinteresten aangerekend. Deze extra betaaltermijn van 2 maanden wordt automatisch toegekend.

Deze extra betaaltermijn geldt voor de afrekening van de personenbelasting, de vennootschapsbelasting, de belasting van niet-inwoners en de rechtspersonenbelasting voor het aanslagjaar 2019, gevestigd vanaf 12 maart 2020.

Voor de betaling van schulden inzake personen- of vennootschapsbelasting – ook schulden gevestigd voor 12 maart 2020 – kan u tevens gebruik maken van eerder aangekondigde steunmaatregelen die op aanvraag extra betaaltermijnen, vrijstelling van nalatigheidsinteresten en/of kwijtschelding van boeten voorzien wegens laattijdige betaling. Voor deze maatregelen moet u echter een aanvraag indienen. (Voor meer info daarover zie twee vragen hoger in deze FAQ)

Wie komt in aanmerking?

Al wie vennootschapsbelasting, personenbelasting, belasting van niet-inwoners en rechtspersonenbelasting verschuldigd is.

Meer informatie
 

Zelfstandigen, helpers in hoofdberoep en meewerkende echtgenoten die hun activiteit moeten stopzetten ingevolge het coronavirus kunnen een financiële uitkering ontvangen.

Wie komt in aanmerking?

  • Alle zelfstandigen, helpers in hoofdberoep en meewerkende echtgenoten die hun activiteit verplicht moeten onderbreken door de opgelegde sluitingsmaatregelen door de federale overheid. Er is geen minimumduur van onderbreking vereist. De onderbreking mag ook gedeeltelijk zijn, bv. een kapperszaak die nog op afspraak werkt of een restaurant dat nog afhaalgerechten klaarmaakt, hebben recht op deze maatregel.
  • Andere zelfstandigen, helpers in hoofdberoep en meewerkende echtgenoten, indien ze in zowel maart als april 2020 hun activiteiten minstens 7 opeenvolgende kalenderdagen volledig moeten onderbreken. Het betreft zelfstandigen die onrechtstreeks ernstige moeilijkheden ervaren (door onderbroken leveringen, personeel in quarantaine, groot aantal annuleringen, afname bezetting, …) waardoor verderzetting van de activiteit verlieslatend wordt.
  • Alle zelfstandigen in hoofdberoep die hun activiteit vrijwillig onderbreken, maar nog tussenkomen voor dringende (para-)medische gevallen, indien ze hun niet-dringende medische activiteiten volledig stopzetten gedurende minstens 7 dagen per maand.

Opmerking:

  • Deze maatregel geldt ook voor startende zelfstandigen en voor zelfstandigen die geen 4 kwartaalbijdragen effectief betaald hebben.
  • Ook toegekend als je in het verleden al genoten hebt van het maximaal aantal uitkeringen.
  • Huidige periodes (maart en april 2020) tellen niet mee voor het maximale aantal toekomstige toekenningen aangezien dit een uitzonderlijke en tijdelijke maatregel is.

Omvang steun

  • Zelfstandige zonder gezinslast: 1.291,69 euro
  • Zelfstandige met gezinslast: 1.614,10 euro

Opmerking:

Geen attest van het ziekenfonds vereist, verklaring op eer over al dan niet gezinslast volstaat.

Zo vraag je het aan:
Via (de site van) je sociaal verzekeringsfonds. Geen attest RVA (Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening) nodig.

Meer informatie 

Via de RSVZ of via je sociaal verzekeringsfonds

Dat klopt helemaal. Op 18 maart besliste de Vlaamse regering om ondernemingen een uitstel van betaling van 4 maanden te geven voor de betaling van de verkeersbelasting. Een maatregel om bedrijven voldoende financiële slagkracht te geven om het hoofd te bieden aan de economische gevolgen van de crisis.

De jaarlijkse verkeersbelasting moet u betalen vanaf het moment dat u voertuigen verplicht inschrijft bij de Directie Inschrijvingen Voertuigen. De normale regel is dat u de verkeersbelasting ten laatste betaalt binnen een termijn van twee maanden vanaf de datum van verzending van het aanslagbiljet op het rekeningnummer van de Vlaamse Belastingdienst.

Door de beslissing krijgt u een uitstel van betaling van 4 maanden voor de betaling van de verkeersbelasting op de voertuigen. U moet de verkeersbelasting voor ondernemingen in uw vloot dus betalen uiterlijk zes maanden na verzending van het aanslagbiljet. De betalingstermijn voor de verkeersbelasting zal dus in het aanslagjaar 2020 6 maanden bedragen in plaats van 2 maanden.

Afhankelijk van de evoluties in de verdere verspreiding van COVID-19 wordt deze maatregel-indien nodig verlengd.

Wie komt in aanmerking?

Ondernemingen

Omvang steun
Er is geen rechtstreekse budgettaire impact voor de Vlaamse begroting gezien het gaat over een uitstel van betaling. Onrechtstreeks kan het wel zijn dat er, door de prefinanciering van de opdeciem verkeersbelasting naar de lokale overheden toe, de Vlaamse overheid (tijdelijk) meer zal moeten lenen.

Vlaanderen zal de prefinanciering van deze maatregel naar de lokale besturen toe voor haar rekening nemen. Lokale overheden zullen door deze specifieke maatregel geen negatieve financiële impact ondervinden.

Meer informatie
 

De Belgische verzekeringssector wil de negatieve impact van de coronacrisis op de particulieren, gezinnen, zelfstandigen en ook bedrijven verzachten. Daarom gaan ze soepel omgaan met klanten in nood en ervoor zorgen dat ze blijvend beschermd worden.

De maatregelen die Assuralia, de beroepsvereniging van verzekeringsondernemingen, gaat nemen, liggen in lijn met de werkzaamheden van de Economic Risk Management Group (ERMG) die de federale regering heeft opgericht  om de economische gevolgen van het coronavirus te bestrijden.

Concreet wordt er onder meer ademruimte geboden aan wie met betalingsproblemen kampt, respijt gegeven aan wie hypotheekleningen moet terugbetalen, een regeling getroffen rond de schuldsaldoverzekeringen en brandverzekeringen (dit laatste voor wie werkloos is geworden). De verzekeraars engageren zich ook om personeel in geval van tijdelijke werkloosheid te blijven beschermen.

Ook voor ondernemingen die een impact ondervinden door de COVID-19 crisis komen er maatregelen:

  • Een aantal verzekeringsdekkingen (arbeidsongevallen, burgerlijke aansprakelijkheid, …) voorzien vandaag al om de premie achteraf aan te passen als er sprake is van gereduceerde activiteiten. Dit wordt nu automatisch in rekening gebracht.
  • Daarbovenop kunnen ondernemingen, die hun activiteiten moeten stilleggen op vraag van de overheid, voor alle premies die vervallen tussen 30 maart en 30 september 2020, uitstel van betaling van hun premie verkrijgen in overleg met hun verzekeraar. Voor eventuele verdere maatregelen rond opschorting van contracten wordt bedrijven aangeraden rechtstreeks contact op te nemen met hun verzekeraar of tussenpersoon.
  • Tot slot zullen de verzekeraars voor leningen aan ondernemingen dezelfde voorwaarden toepassen als diegene die al werden afgesproken voor de banksector. Het gaat om een uitstel voor terugbetaling van kredieten (rente- en kapitaalaflossingen) tot 30 september 2020.

Lees meer

Op 22 maart hebben de federale overheid, de Nationale Bank en de banken een akkoord bekend gemaakt om:

  • De bestaande kredieten aan gezonde bedrijven, kmo’s en zelfstandigen voort te zetten tot en met 30 september 2020, zodat de nodige liquiditeit gegarandeerd blijft;
  • Bijkomende kredieten mogelijk te maken op een soepele en verantwoorde manier, met overheidswaarborgen ter ondersteuning waar nodig.

Op basis van de huidig beschikbare informatie is Voka tevreden over de grote lijnen van dit  plan, maar blijft waakzaam over de concrete toepassing ervan en juicht het voorziene systeem van monitoring dan ook toe. Het is goed dat er nu duidelijkheid is voor de grote groep van gezonde ondernemingen en begrijpt dat dit voor de banken een zware inspanning is.
 
In essentie:

Voor wie is de maatregel?

Voor alle gezonde niet-financiële bedrijven, kmo’s en zelfstandigen

Waarvoor?

Voor afbetalings- en liquiditeitsproblemen ten gevolge van de coronacrisis

Hoe?

Gratis uitstel van betaling bestaande kredieten t.e.m. 30 september – soepele
regeling voor overheidswaarborgen bij nieuwe kredieten.


1. Bestaande kredieten – uitstel van betaling mogelijk tot en met 30 september 2020

  • Voor alle niet-financiële bedrijven, kmo’s en zelfstandigen (met of zonder vennootschap), die betalingsproblemen ondervinden ten gevolge van de coronacrisis en nog geen actieve kredietherstructurering hebben lopen en op 1 februari 2020 geen betalingsachterstand hadden of op 29 februari 2020 minder dan 30 dagen betalingsachterstand hadden.
  • Uitstel van betaling tot en met 30 september 2020 zal worden toegekend zonder kosten.

2. Garantieregeling nieuwe kredieten – soepele regeling

  • Voor alle niet-financiële bedrijven, kmo’s en zelfstandigen (met of zonder vennootschap), die betalingsproblemen ondervinden ten gevolge van de coronacrisis en nog geen actieve kredietherstructurering hebben lopen en op 1 februari 2020 geen betalingsachterstand hadden of op 29 februari 2020 minder dan 30 dagen betalingsachterstand hadden.
  • Van toepassing op alle nieuwe kredieten en kredietlijnen met een maximale looptijd van 12 maanden
  • NIET van toepassing op: herfinancieringskredieten, alle nieuwe moratoria (zoals uitstel van betaling van interesten, kapitaal, …) en niet opgenomen bedragen op bestaande kredietlijnen
  • Gedekt kredietbedrag: max. 50 miljoen euro per bedrijf (of groep van verbonden bedrijven). Daarboven goedkeuring van de overheid noodzakelijk per dossier.
  • Kost van de garantie:                                                                                                                kmo's: 0,25%                                                                                                                             Grote bedrijven: 0,50%
  • Kost van het krediet: maximaal 1,25% (excl. fee)
  • Voor kredieten toegekend tot en met 30 september 2020

3. Monitoring en sancties

  • Systeem van monitoring om de kredietverlening en de engagementen van de banken op te volgen
  • Sancties bij niet-opvolging door banken worden voorzien

De Vlaamse regering heeft beslist om de bestaande corona-hinderpremie uit te breiden met een aanvullende compensatiepremie voor ondernemingen die niet verplicht moeten sluiten ingevolge de maatregelen van de Nationale Veiligheidsraad én een omzetverlies van 60 procent of meer kunnen aantonen. Ook zelfstandigen, zelfstandigen in bijberoep en vzw's kunnen in aanmerking komen.

Wat en voor wie?

Eenmalige premie van 3.000 euro

  • Voor bedrijven en zelfstandigen met aantoonbaar omzetverlies van + 60% tussen 14/3/20 en 30/4/20 t.a.v. zelfde periode 2019
  • Er zijn maximaal 5 premies per onderneming als er meerder exploitatiezetels per onderneming zijn
  • Ook zelfstandigen in bijberoep, die door de hoogte van het inkomen sociale bijdragen betalen als een zelfstandige in hoofdberoep, kunnen de compensatiepremie van 3.000 euro ontvangen;
  • Voor starters wordt gewerkt met een omzetdaling van -60% ten opzichte van het neergelegde financieel plan.
  • Voor de ondernemingen in de vorm van een vzw is de compensatiepremie ook mogelijk, onder voorwaarde dat er minstens één iemand voltijds tewerkgesteld is.
  • De compensatiepremie zal aangevraagd kunnen worden via een toepassing bij VLAIO.

Eenmalige premie van 1.500 euro

  • Zelfstandigen in bijberoep die een inkomen hebben tussen 6.996,89 euro en 13.993,78 euro kunnen een beroep doen op een compensatiepremie van 1.500 euro. Deze premie geldt ook voor zelfstandigen in bijberoep die verplicht moeten sluiten, maar geldt niet voor zelfstandigen in bijberoep die dit combineren met een job als werknemer van 80% of meer.
  • Het omzetverlies is minstens -60% ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar. De referentieperiode is 14 maart 2020 tot en met 30 april 2020.

Deze aanvullende compensatieregeling kan op dit moment nog niet aangevraagd worden. Vlaio breidt daarvoor de bestaande digitale tool nog uit.

Hinderpremie

Op vrijdag 20 maart besliste de Vlaamse regering al om een corona-hinderpremie uit te werken. Alle ondernemingen en winkels die verplicht moeten sluiten ten gevolge van de maatregelen genomen door de Nationale Veiligheidsraad hebben recht op deze premie van 4.000 euro. 

ANDERE BELEIDSMAATREGELEN

Op 3 april 2020 heeft de federale regering het Ministerieel Besluit met onder meer de lijst van essentiële bedrijven, geactualiseerd. Op vraag van Voka en de andere werkgeversorganisaties werden diverse paritaire comités toegevoegd. Aanpassingen worden gemarkeerd.

Tot en met 19 april 2020 heeft de federale regering strengere maatregelen genomen in de strijd tegen het coronavirus. Voka roept op om deze maatregelen nauwgezet na te leven.

Voorlopig overzicht dd. 04/04/2020 13u00. Deze toelichting kan bijgestuurd worden op basis van nieuwe informatie.

Maatregelen met een rechtstreekse impact op ondernemingen en haar medewerkers:

1.    De handelszaken en de winkels zijn gesloten, met uitzondering van: (toevoeging 3/4 gemarkeerd):

  • de voedingswinkels, met inbegrip van nachtwinkels;
  • de dierenvoedingswinkels;
  • de apotheken;
  • de krantenwinkels;
  • de tankstations en de leveranciers van brandstoffen;
  • de telecomwinkels met uitsluiting van winkels die enkel accessoires verkopen, maar enkel voor noodgevallen, waarbij ze slechts één klant per keer mogen ontvangen en dit op afspraak;
  • winkels voor medische hulpmiddelen, maar enkel voor noodgevallen, waarbij ze slechts één klant per keer mogen ontvangen en dit op afspraak.

 
2.    De handelszaken en winkels die wel open mogen zijn, moeten de volgende afspraken   volgen: (toevoeging 3/4 gemarkeerd):

  • De nodige maatregelen moeten getroffen worden om de regels van social distancing te respecteren, in het bijzonder het behoud van een afstand van 1,5 meter tussen elke persoon.
  • De toegang tot grootwarenhuizen kan enkel plaatsvinden overeenkomstig de volgende modaliteiten:
    • maximum 1 klant per 10 vierkante meter gedurende 
    • een periode van maximum 30 minuten;
    • in de mate van het mogelijke wordt individueel gewinkeld.
  • Kortingsacties zijn verboden in alle handelszaken en winkels behalve indien deze acties reeds beslist of in uitvoering waren voor 18 maart 2020. 
  • De voedingswinkels mogen open volgens de gebruikelijke dagen en uren (bij het vorig besluit was dit nog beperkt tot 07u00 tot 22u00).
  • Nachtwinkels mogen geopend blijven vanaf het normale openingsuur tot 22u00.
  • De markten zijn verboden, behalve voedselkramen die onontbeerlijk zijn voor de voedselvoorziening in gebieden die geen commerciële voedselinfrastructuren hebben.

3.    Verplaatsingen noodzakelijk voor woon-werkverkeer zijn toegelaten

  • De personen zijn ertoe gehouden thuis te blijven. Het is verboden om zich op de openbare weg en in openbare plaatsen te bevinden, behalve in geval van noodzakelijkheid en omwille van dringende redenen zoals het uitvoeren van de professionele verplaatsingen, met inbegrip van het woon-werkverkeer.
  • Het openbaar vervoer blijft behouden. Het dient op zo’n wijze georganiseerd worden teneinde de regels van social distancing te garanderen, in het bijzonder het behoud van een afstand van 1,5 meter tussen elke persoon.
  • Niet essentiële (dienst)reizen naar het buitenland zijn tot en met 5 april verboden.

4. De lessen blijven opgeschort; noodopvang voor kinderen wiens ouders geen opvang kunnen verzorgen 

  • De lessen en activiteiten in het kleuter-, lager en secundair onderwijs worden geschorst. Opvang wordt echter verzekerd ook tijdens de Paasvakantie. Hogescholen en universiteiten werken via afstandsonderwijs, met uitzondering van de stages voor de studenten die een bijdrage kunnen leveren aan de zorg.


5.    Werkorganisatie voor alle niet essentiële bedrijven

  • Niet essentiële bedrijven zijn in principe alle ondernemingen, van welke grootte ook, tenzij zij  expliciet voorkomen in de lijst van cruciale sectoren of essentiële diensten (zie punt 6). 
  • Telethuiswerk is verplicht voor die bedrijven, onafhankelijk van welke grootte zij ook hebben, voor alle personeelsleden wiens functie zich ertoe leent.
  • Voor de functies waar telethuiswerk niet kan toegepast worden, moeten de bedrijven de nodige maatregelen nemen om social distancing te garanderen, in het bijzonder het behoud van een afstand van 1,5 meter tussen elke persoon. Deze regel is eveneens van toepassing op de woon-werkverplaatsing georganiseerd door de werkgever.
  • De bedrijven die noch telethuiswerk noch social distancing kunnen toepassen, moeten verplicht sluiten.


6.    Werkorganisatie voor essentiële bedrijven 

  • Deze bedrijven moeten, indien mogelijk, dezelfde regels van punt 5 toepassen mbt telethuiswerk en social distancing.
  • Indien dit niet mogelijk is, moeten deze bedrijven echter niet sluiten. 
  • Het is momenteel nog onduidelijk of deze bedrijven zich moeten beperken tot een minimale bezetting of dat een normale personeelsbezetting toegelaten is.
  • De essentiële bedrijven zijn enkel diegene die vallen onder de Paritaire Comités die hieronder vermeld worden, met inachtname van de beperkingen die daarnaast vermeld zijn. 

 

Paritaire comités cruciale sectoren en essentiële diensten

Toevoegingen 23 maart: onderlijnd en cursief
Toevoegingen 3 april: vet

Beperkingen 

 

102.9 Subcomité van de groeven van kalksteen en kalkovens  
104 Paritair comité voor de ijzernijverheid Volcontinu bedrijven
105 Paritair comité voor non-ferro metalen Volcontinu bedrijven
106 Paritair comité voor het cementbedrijf Beperkt tot de productieketting van de ovens op de hoge temperaturen (belangrijk voor afvalverwerking)
109 Paritair comité voor het kleding- en confectiebedrijf Beperkt tot de productie van medisch textiel gebruikt in ziekenhuizen en zorginstelling; de toelevering van medisch textiel en medische kledij aan ziekenhuizen en zorginstelling en de toelevering cleanroomkledij aan farmaceutische bedrijven
110 Paritair comité voor textielverzorging  
111 Paritair comité voor de metaal-, machine- en elektrische bouw Beperkt tot : productie, toelevering, onderhoud productie, herstellingen van landbouwmachines en installaties van bedrijven behorende tot de cruciale sectoren en essentiële diensten; de veiligheids- en defensie-industrie en de productie van materiaal voor de medische en (para)farmaceutische industrie.
112  Paritair comité voor het garage bedrijf Beperkt tot takeldiensten en hersteldiensten 
113 Paritair comité voor het ceramiekbedrijf Beperkt tot continue ovens
113.04 Paritair subcomité voor de pannenbakerijen Beperkt tot continue ovens
114 Paritair comité voor de steenbakkerij Beperkt tot continue ovens
115 Paritair comité voor het glasbedrijf Beperkt tot continue ovens
116 Paritair comité voor de scheikundige nijverheid  
117 Paritair comité voor de petroleum nijverheid en -handel  
118 Paritair comité voor de voedingsnijverheid  
119 Paritair comité voor de handel in voedingswaren  
120 Paritair comité voor de textielnijverheid Beperkt tot de sector van de persoonlijke hygiëne producten, waaronder incontinentieproducten, baby-luiers en dameshygiëneproducten; de productie en levering van medische kledij en medisch textiel voor ziekenhuizen en zorginstellingen de toelevering van cleanroomkledij aan farmaceutische bedrijven
121 Paritair comité van de schoonmaak Beperkt tot de schoonmaak van bedrijven van de cruciale sectoren en in de essentiële diensten, en tot de ophaling van afvalstoffen bij bedrijven en de ophaling van huishoudelijk en/of niet-huishoudelijk afval van alle producenten 
124 Paritair comité voor het bouwbedrijf  Beperkt tot de dringende werkzaamheden en tussenkomsten
125 Paritair comité voor de houtnijverheid Beperkt tot houten verpakkingen en paletten en producenten en leveranciers van brandstoffen op basis van hout of derivaten van hout
126 Paritair comité voor de stoffering en houtbewerking Beperkt tot houten verpakkingen en paletten en producenten en leveranciers van brandstoffen op basis van hout of derivaten van hout
127 Paritair comité voor de handel in brandstoffen  
129 Paritair comité voor de voorbrenging van papierpap, papier en karton Beperkt tot de verpakkingen uit papier en karton, tot zakdoekjes en toiletpapier, evenals tot papier voor kranten alsook tot grafisch papier en papierpulp
130 Paritair comité voor het drukkerij-, grafische kunst- en dagbladbedrijf Beperkt tot drukken van dag en weekbladen en drukken van toepassingen (etiketten, labels) nodig voor de voedings- en agro-industrie, en het drukken van bijsluiters en verpakkingen voor de farmaceutische industrie
132 Paritair comité voor ondernemingen van technische land-en tuinbouwwerken  
136 Paritair comité voor de papier en kartonbewerking  Beperkt tot de verpakkingen uit papier en karton, tot zakdoekjes en toiletpapier, evenals tot papier voor kranten
139 Paritair comité voor de binnenscheepvaart  
140 Paritair comité voor het vervoer en de logistiek 
Subcomités: 140.01,140.03, 140.04
Beperkt tot personenvervoer, wegvervoer, spoorvervoer,  logistiek en grondafhandeling voor luchthavens
140.05 Paritair subcomité voor de verhuizingen Beperkt tot verhuizingen, voor zover ze dringend en noodzakelijk zijn, of verbonden met medische, sanitaire of ziekenhuisnoden
142 Paritair comité voor de ondernemingen waar teruggewonnen grondstoffen opnieuw ter waarde worden gebracht. Subcomités: 142.01, 142.02, 142.03 en 142.04 Beperkt tot afvalophaling en/of -verwerking
143 Paritair comité voor de zeevisserij  
144 Paritair comité voor de landbouw  
145 Paritair comité voor het tuinbouwbedrijf  
149.01 Paritair subcomité voor de elektriciens: installatie en distributie Beperkt tot de dringende werkzaamheden en tussenkomsten
149.03 Paritair subcomité voor de edele metalen  Beperkt tot machineonderhoud en herstellingen
149.04 Paritair subcomité voor de metaalhandel Beperkt tot onderhoud en herstelling
152 Paritair comité voor de gesubsidieerde inrichtingen van het vrij onderwijs  
200 Aanvullend Paritair comité voor de bedienden  Beperkt tot de bedienden noodzakelijk bij onderhoud, herstelling, productie en toelevering van bedrijven die behoren tot de cruciale sectoren en de essentiële diensten  
201 Paritair comité voor de zelfstandige kleinhandel  Beperkt tot voeding, dierenvoeding, en voor wat betreft bloemen en planten beperkt tot voedingswinkels en dierenvoedingswinkels die hoofdzakelijk voeding en/of dierenvoeding verkopen.
202 Paritair comité voor de bedienden uit de kleinhandel in voedingswaren  
202.01 Paritair subcomité voor de middelgrote levensmiddelenbedrijven  
207 Paritair comité voor de bedienden uit de scheikundige nijverheid  
209 Paritair comité voor de bedienden der metaalfabrikantennijverheid
, oo210 Paritair comité voor de bedienden van de ijzernijverheid  
211 Paritair comité voor de bedienden uit de petroleumnijverheid en -handel  
220 Paritair comité voor de bedienden uit de voedingsnijverheid  
221 Paritair comité voor de bedienden uit de papiernijverheid Beperkt tot de verpakkingen uit papier en karton, tot zakdoekjes en toiletpapier, evenals tot papier voor kranten, alsook tot grafisch papier en papierpulp
222 Paritair comité voor de bedienden van de papier- en kartonbewerking Beperkt tot de verpakkingen uit papier en karton, tot zakdoekjes en toiletpapier, evenals tot papier voor kranten, alsook tot grafisch papier en papierpulp
224 Paritair comité voor de bedienden van de non-ferro metalen Volcontinu bedrijven
225 Paritair comité voor de bedienden van de inrichtingen van het gesubsidieerd vrij onderwijs: subcomités 225.01, 225.022   
226 Paritair comité voor de bedienden uit de internationale handel, het vervoer en de logistiek  
227 Paritair comité voor de audiovisuele sector Beperkt tot radio en televisie
301 Paritair comité voor het havenbedrijf   
302 Paritair comité voor het hotelbedrijf Beperkt tot de hotels 
304 Paritair comité voor de vermakelijkheidsbedrijven Beperkt tot radio en televisie
309 Paritair comité voor de beursvennootschappen  
310 Paritair comité voor de banken  Beperkt tot essentiële bankverrichtingen 
311 Paritair comité voor de grote kleinhandelszaken  Beperkt tot voeding, dierenvoeding, en voor wat betreft bloemen en planten beperkt tot voedingswinkels en dierenvoedingswinkels die hoofdzakelijk voeding en/of dierenvoeding verkopen
312 Paritair comité voor de warenhuizen  
313 Paritair comité voor de apotheken en tarificatiediensten  
315 Paritair comité voor de handelsluchtvaart  (en subcomités)  
316 Paritair comité voor koopvaardij  
317 Paritair comité voor de bewakings- en/of toezichtsdiensten  
318 Paritair comité voor de diensten voor gezins- en bejaardenhulp (en subcomités)  
319 Paritair comité voor de opvoedings- en huisvestingsinrichtingen (en subcomités)  
320 Paritair comité voor de begrafenisondernemingen  
321 Paritair comité voor de groothandelaars-verdelers in geneesmiddelen  
322 Paritair comité voor uitzendarbeid en erkende ondernemingen die buurwerken of -diensten leveren Beperkt tot zorg en welzijnswerk aan kwetsbare doelgroepen
326 Paritair comité voor het gas- en elektriciteitsbedrijf  
327 Paritair comité voor de beschutte werkplaatsen, de sociale werkplaatsen en maatwerkbedrijven  
328 Paritair comité voor het stads- en streekvervoer   
329 Paritair comité voor de socioculturele sector Beperkt tot zorg, welzijn (inclusief de hulpverleners en jeugdwelzijnswerkers) en voedselbedeling en monumentenwacht
330 Paritair comité voor de gezondheidsinrichtingen en -diensten  
331 Paritair comité voor de Vlaamse welzijns- en gezondheidssector  
332 Paritair comité voor de Franstalige en Duitstalige welzijns- en gezondheidssector  
335 Paritair comité voor de dienstverlening aan en de ondersteuning van het bedrijfsleven en zelfstandigen Beperkt tot sociale secretariaten en de sociale verzekeringsfondsen, de kinderbijslagkassen en de ondernemingsloketten
336 Paritair comité voor de vrije beroepen  
337 Aanvullend paritair comité voor de non-profitsector Beperkt tot zorg en welzijnswerk aan kwetsbare doelgroepen en het Instituut voor Tropische Geneeskunde
339 Paritair comité voor de erkende maatschappijen voor sociale huisvesting (en subcomités)   
340 Paritair comité voor de orthopedische technologieën

De kogel is door de kerk: er komt een vereenvoudigde procedure voor de aanvraag van tijdelijke werkloosheid als gevolg van de coronacrisis: geautomatiseerd en in maar één enkele vorm. Dat was broodnodig door de grote toestroom van aanvragen (meer dan 400.000) en omdat het bestaande systeem te verwarrend was.

Werkgevers die geheel of gedeeltelijk moeten sluiten omwille van het coronavirus kunnen automatisch een beroep doen op tijdelijke werkloosheid. In tegenstelling tot voor kort is er nog maar 1 procedure, namelijk overmacht. De regeling geld van 13 maart tot 5 april (verlengbaar tot 30 juni 2020).

In bepaalde systemen moest de werkgever zelf nog een bijdrage betalen aan de werknemers, deze bijdrage van 150 euro per maand wordt nu aan iedereen toegekend en ten laste van de RVA genomen.

Tijdelijke werkloosheid omwille van overmacht wordt opengesteld voor wie samenwoont met een corona-patiënt en daardoor niet kan gaan werken. Geneesheren mogen een afwezigheidsattest uitschrijven in deze laatste situatie.

De dagen van tijdelijke werkloosheid wegens overmacht worden beschouwd als gelijkgestelde dagen voor jaarlijkse vakantie.

Hoe pak je het aan als werkgever?

Alles verloopt nu via de loonverwerking en de ASR-gegevensuitwisseling.
Zo blijft de overheid op de hoogte over welke medewerkers en over welke dagen het gaat.
Je kan werken via je sociaal secretariaat, of de melding zelf doen.

Werk je via een sociaal secretariaat?

  • Voeg de looncode voor ‘werkloosheid overmacht’ in op de dagen dat je werknemer niet werkt door de Coronacrisis.
  • Je sociaal secretariaat zal automatisch de nodige ASR-aangiftes (WECH002 en WECH005) doen.

Doe je de melding zelf?

  • Doe bij de RSZ een ASR - Aangifte Sociale Zekerheid nummer 5.
  • Vul ‘overmacht’ in door de code ‘aard van de dag’ 5.4 te gebruiken en als reden ‘coronavirus’.
  • Eerdere aanvragen economische redenen kunnen zonder formaliteiten overstappen naar het nieuwe stelsel.

Ook goed nieuws voor de werknemers

  • De TW-uitkering bedraagt 70% i.p.v. 65% van het gemiddeld geplafonneerd loon
  • Bovenop de uitkering betaalt RVA een complement van 5,36 euro/dag
  • Geen verlies van vakantie(geld), want dagen tijdelijke werkloosheid = arbeidsdagen

Moeten mijn werknemers iets doen?

  • Ze vragen een document C3.2 aan en sturen het ingevuld terug.
  • Ze kunnen dit doen bij hun vakbond of hulpkas.
  • Het document dient om de uitbetaling correct te laten verlopen.

Sociaal secretariaat SD Worx, partner van deze FAQ en Voka, zette reeds een schema online hoe de sterk vereenvoudigde en geautomatiseerde procedure in mekaar zit.

Corona

 

Hebt u een dringende of praktische vraag over het coronavirus met betrekking tot uw bedrijf of werknemers, dan kan u terecht bij de hulplijn voor ondernemers op het nummer: 0800 20 555

Deze hulplijn werd naar aanleiding van het coronavirus op vraag van Voka en op initiatief van minister van economie Hilde Crevits opgericht.

De Brusselse Hoofdstedelijke Regering heeft een pakket steunmaatregelen voor bedrijven getroffen door de coronacrisis goedgekeurd, waarvoor ze een budget van meer dan 150 miljoen euro vrijmaakt.

Lees hier alles over de nieuwe maatregelen.

Dat klopt. Concreet: een gift van medische hulpgoederen aan ziekenhuizen en zorginstellingen zal geen aanleiding geven tot de opeisbaarheid van btw. In normale omstandigheden kan btw enkel worden afgetrokken bij verkoop van goederen, niet bij schenking. Ook wanneer men tijdelijk extra kosten maakt voor bijvoorbeeld de productie van medisch hulpgoederen zal men deze kunnen inbrengen als beroepskosten.

Deze ingreep was nodig doordat burgers omwille van de genomen preventiemaatregelen zich niet meer vrij kunnen bewegen op straat waardoor openbare onderzoeken niet normaal kunnen verlopen. Als de Vlaamse Regering niet zou ingrijpen, is het gevaar reëel dat vergunningen waarvan het openbaar onderzoek liep tijdens de coronacrisis op losse (juridische) schroeven komen te staan.

Wat houdt de maatregel in?

Via een nooddecreet van 18 maart jl. werd de Vlaamse regering gemachtigd om via besluit de procedureregels voor de omgevingsvergunning tijdelijk te wijzigen totdat de coronacrisis voorbij is. Op 24 maart heeft de Vlaamse regering het besluit goedgekeurd waarmee een aantal termijnen voor het bekomen van een omgevingsvergunning worden verlengd. Concreet worden in bepaalde gevallen de termijnen verlengd met 30 tot 60 dagen afhankelijk van de situatie.

Als de crisis aanhoudt, kan de minister deze termijnen verlengen.

Op welk procedure heeft deze regeling betrekking?
 

  • alle in behandeling zijnde vergunningsaanvragen en administratieve beroepen ingediend vóór 24 maart 2020 waarin nog geen uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissing is genomen in laatste aanleg;
  • alle vergunningsaanvragen en administratieve beroepen ingediend vanaf 24 maart 2020 tot en met 24 april 2020.

Welke termijnverleningen worden voorzien?

Beslissingen in eerste aanleg:

  • Verlenging van de beslissingstermijn met 60 dagen bij de gewone procedure voor lopende en nieuwe dossiers
  • Verlenging van de beslissingstermijn met 30 dagen bij de vereenvoudigde procedure voor lopende en nieuwe dossiers

Beslissingen in laatste aanleg:

  • Verlenging van de beslissingstermijn met 60 dagen voor lopende en nieuwe dossiers

Beroepen:

  • Verlenging beroepstermijn met 30 dagen

De lopende openbare onderzoeken worden opgeschort tot en met 24 april 2020. Nieuwe openbare onderzoeken kunnen pas vanaf 25 april 2020 opnieuw aanvang nemen.

Meer informatie

Beslissingen Vlaamse Regering 24/03/2020 -138

Beslissingen Vlaamse Regering 24/03/2020 -139

 

Grensarbeiders in vitale sectoren en met cruciale beroepen kunnen een vignet gebruiken om sneller de grens tussen België en Nederland te passeren. Het vignet dient om te voorkomen dat grensarbeiders in vitale sectoren en met cruciale beroepen worden opgehouden bij de grens en kan enkel door hen worden gebruikt.

Sinds woensdag 18 maart verbiedt België niet-essentiële reizen naar het buitenland, waaronder Nederland. Het goederen- en dienstenverkeer mag nog gewoon de grens over. Grensarbeiders en anderen die de grens moeten oversteken, kunnen dit nog altijd doen. Daarbij moeten zij rekening houden met specifieke regels:

  • Grensarbeiders die niet in een vitale sector werken of een cruciaal beroep vervullen, moeten met een werkgeversverklaring aantonen dat zij voor werk de grens oversteken.
  • Grensarbeiders die wel in een vitale sector werken of een cruciaal beroep vervullen, kunnen een speciaal vignet gebruiken dat door de Belgische autoriteiten beschikbaar wordt gesteld. Met dit vignet kunnen zij de grens passeren.
  • Het is niet toegestaan om via België te rijden bij reisbewegingen van punt A naar B in Nederland, ook niet voor woon-werkverkeer. Er wordt echter een uitzondering gemaakt voor personen in vitale sectoren en met cruciale beroepen die een werk gerelateerde reisbeweging maken en in het bezit zijn van een vignet.
  • Schending van het verbod op niet-essentiële reizen is strafbaar. Er wordt door de Belgische autoriteiten actief gecontroleerd op naleving van dit verbod. Het gebruiken van een vignet op basis van onjuiste informatie is valsheid in geschrifte. Ook dit is een strafbaar feit.

Werkwijze:

  • Het vignet COVID19, om op een prioritaire manier de Belgische grens over te steken, kan van de website van het Nationaal Crisiscentrum gedownload worden.
  • Het vignet wordt in kleur afgeprint door de werkgever of de instelling die de essentiële verplaatsing over de grens rechtvaardigt (in navolging van de lijst met cruciale sectoren/beroepsgroepen en essentiële diensten/vitale processen van toepassing in het land van tewerkstelling).
  • De werkgever of de instelling die de essentiële verplaatsing over de grens rechtvaardigt plaatst op de verso zijde van het vignet een stempel van de eigen organisatie (met adresgegevens en telefoonnummer).
  • Het vignet wordt uitgeknipt en geplaatst achter de voorruit van de wagen aan de kant van de bestuurder.

Dat hangt af van de woonplaats en/of werkplek: in België, Frankrijk of Nederland.

Als de werkwillige onder de voorwaarden valt om zich naar het werk te mogen begeven – bijvoorbeeld omdat hij een essentieel beroep uitoefent – dan heeft hij binnen België geen attest nodig voor woonwerkverplaatsingen.

Belgische werknemers die in Frankrijk werken (of omgekeerd) hebben volgens de verstrengde richtlijnen van de Franse overheid een eenmalig attest nodig van de werkgever. Deze richtlijn is ingegaan op 17 maart voor vijftien dagen.

Meer info op de website van de Franse overheid

Voor Nederland geldt:

Grensarbeiders in vitale sectoren en met cruciale beroepen kunnen een vignet gebruiken om sneller de grens tussen België en Nederland te passeren. Het vignet dient om te voorkomen dat grensarbeiders in vitale sectoren en met cruciale beroepen worden opgehouden bij de grens en kan enkel door hen worden gebruikt.

Sinds woensdag 18 maart verbiedt België niet-essentiële reizen naar het buitenland, waaronder Nederland. Het goederen- en dienstenverkeer mag nog gewoon de grens over. Grensarbeiders en anderen die de grens moeten oversteken, kunnen dit nog altijd doen. Daarbij moeten zij rekening houden met specifieke regels:

  • Grensarbeiders die niet in een vitale sector werken of een cruciaal beroep vervullen, moeten met een werkgeversverklaring aantonen dat zij voor werk de grens oversteken.
  • Grensarbeiders die wel in een vitale sector werken of een cruciaal beroep vervullen, kunnen een speciaal vignet gebruiken dat door de Belgische autoriteiten beschikbaar wordt gesteld. Met dit vignet kunnen zij de grens passeren.
  • Het is niet toegestaan om via België te rijden bij reisbewegingen van punt A naar B in Nederland, ook niet voor woon-werkverkeer. Er wordt echter een uitzondering gemaakt voor personen in vitale sectoren en met cruciale beroepen die een werk gerelateerde reisbeweging maken en in het bezit zijn van een vignet.
  • Schending van het verbod op niet-essentiële reizen is strafbaar. Er wordt door de Belgische autoriteiten actief gecontroleerd op naleving van dit verbod. Het gebruiken van een vignet op basis van onjuiste informatie is valsheid in geschrifte. Ook dit is een strafbaar feit.

Werkwijze:

  • Het vignet COVID19, om op een prioritaire manier de Belgische grens over te steken, kan van de website van het Nationaal Crisiscentrum gedownload worden.
  • Het vignet wordt in kleur afgeprint door de werkgever of de instelling die de essentiële verplaatsing over de grens rechtvaardigt (in navolging van de lijst met cruciale sectoren/beroepsgroepen en essentiële diensten/vitale processen van toepassing in het land van tewerkstelling).
  • De werkgever of de instelling die de essentiële verplaatsing over de grens rechtvaardigt plaatst op de verso zijde van het vignet een stempel van de eigen organisatie (met adresgegevens en telefoonnummer).
  • Het vignet wordt uitgeknipt en geplaatst achter de voorruit van de wagen aan de kant van de bestuurder.

Het algemene principe blijft ook in de paasvakantie dat kinderen en jongeren zo veel mogelijk thuis worden opgevangen.

Scholen en crèches blijven wel open voor bepaalde groepen van kinderen. Belangrijk is te vermelden dat men daardoor dus 'geen gebrek aan kinderopvang' kan inroepen om tijdelijke werkloosheid wegens overmacht in te roepen.

Voor basisschoolkinderen en jongeren uit het secundair tot en met 14 jaar voor wie dat niet kan, nemen de lokale besturen, in nauw overleg met het Agentschap Opgroeien (ex-Kind & Gezin) de regie in handen.

Het gaat concreet om deze 3 groepen van gezonde leerlingen:

  • Kinderen van ouders met een beroep in een cruciale sector
  • Kinderen in een kwetsbare thuissituatie
  • Er worden alternatieve regelingen uitgewerkt voor kinderen zonder andere opvangmogelijkheid. In het bijzonder voor kinderen uit het buitengewoon onderwijs met medische en/of sociale zorgnoden, voor kinderen uit de onderwijsinternaten, de MPIGO’s en de IPO’s van het gemeenschapsonderwijs. De gesprekken daarover lopen nog.

Leerlingen uit het secundair onderwijs ouder dan 14 jaar in één van de bovenstaande situaties, kunnen terecht bij een meldpunt dat door de lokale besturen wordt georganiseerd, waarna een oplossing op maat wordt gezocht. Voor de andere leerlingen secundair blijft gelden: thuisblijven tijdens de vakantie. 

Tijdens de paasvakantie hebben de leerlingen ook effectief vakantie. Ze mogen dan geen alternatieve vormen van leren aangeboden krijgen. De invulling van de vakantieopvang bestaat uit sport en spel, maximaal rekening houdend met de geldende voorzorgsmaatregelen.

Meer info

Na de paasvakantie blijven, indien de maatregelen verlengd worden, de regels zoals opgelegd door de Vlaamse overheid tijdens de schoolperiode gelden:

Aan de scholen wordt gevraagd om nog opvang te voorzien voor drie groepen gezonde leerlingen: kinderen van ouders die werken in een cruciale sector zoals de zorg of distributie, kinderen in een medische of sociale kwetsbare situatie, en kinderen met een moeilijke thuissituatie. Ouders die thuiswerken, moeten hun kinderen thuis opvangen.

Leerkrachten en andere onderwijspersoneel kunnen van thuis uit werken, maar de school moet wel permanentie voorzien, ook als er op dat moment geen enkele leerling opgedaagd is. Zo kunnen ouders ook later nog bij de scholen terecht voor opvang.

Meer info

Bron: onderwijs.vlaanderen.be

WERKORGANISATIE

Bedrijven en verenigingen krijgen de kans om hun algemene vergadering tot tien weken uit te stellen of volledig digitaal te laten plaatsvinden, ook als hun statuten dat eigenlijk nog niet toelaten.

Minister van Justitie Geens kondigde de versoepeling van de voorwaarden voor de organisatie van algemene aandeelhoudersvergaderingen zondag aan in zijn eerste pakket volmachtbesluiten. Veel algemene vergaderingen vinden plaats in april en mei, maar als gevolg van de pandemie moeten die bijeenkomsten virtueel plaats vinden en moeten deelnemers vanop afstand stemmen. Het probleem is dat de meeste ondernemingen of verenigingen dat niet hebben voorzien in hun statuten.

De regering biedt nu twee mogelijkheden:

  • Algemene vergaderingen die voor 19 april werden of moeten worden samengeroepen, kunnen volledige elektronisch of schriftelijk plaatsvinden op de datum die was voorzien.
  • Een andere optie is dat de vergadering naar een later tijdstip wordt geschoven. Bedrijven en verenigingen krijgen tot tien weken uitstel na de uiterste datum waartegen hun vergadering in normale omstandigheden had moeten plaatsvinden. Meestal ligt die deadline op 30 juni. Ook vennootschappen en verenigingen die al een uitnodiging hadden uitgestuurd, krijgen de kans die bijeenkomst uit te stellen.

Bron: De Tijd

Alle niet-essentiële (dienst)reizen zijn tot en met 19 april verboden.
 
Sowieso is het raadzaam om ook steeds af te gaan op het reisadvies van de FOD Buitenlandse Zaken. Bij negatief reisadvies raden we af om werknemers uit te zenden naar de betrokken gebieden.

 

De IBO is een opleidingsmaatregel van VDAB waarbij werklozen een opleiding op de vloer volgen in de onderneming. De werkloze ontvangt in de regel een werkloosheidsuitkering of andere vervangingsuitkering, de werkgever legt daarbovenop een premie bij. Waar mogelijk blijven de opleidingen doorlopen maar als de opleiding niet kan verder gezet worden (omdat de economische activiteit stil valt, de werkgever de sociale afstandsmaatregelen niet kan garanderen, de cursist moet zorgen voor de opvang van zijn kinderen enz) kan de overeenkomst worden stopgezet.

De werkgever betaalt in dit geval geen vergoeding meer en is ook niet langer gehouden aan verplichtingen omtrent toekomstige aanwerving.

In een aantal gevallen kunnen IBO-cursisten niet terugvallen op een werkloosheidsuitkering. Omdat de cursisten mogelijks engagementen aangingen zoals huur, lening… met het vooruitzicht op een tewerkstelling, wordt momenteel nagedacht over het voorzien in een premie zodat de cursisten niet volledig zonder inkomen vallen.

Er wordt daarnaast blijvend ingezet op het activeren van de cursist in de betrachting hem, waar mogelijk, elders aan het werk te krijgen.

Lukt dat niet in tussentijd, dan wordt er getracht om later de cursist terug in contact te brengen met de werkgever als beiden nog op zoek zijn naar een match.

 

Voor stages door studenten in het hoger onderwijs, is het aangewezen dat de instellingen zelf de opportuniteit afwegen, in overleg met de student en de werkgever.


Verschillende bedrijven en sectoren zullen in deze tijden hun eigen richtlijnen hanteren. Je houdt dan best rekening met sectoren waarvan de federale overheid zegt dat ze niet mogen werken.

Bron: Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming

De VLHORA organiseerde een rondvraag bij de hogescholen in verband met het stage lopen tijdens de bacheloropleiding in de verpleegkunde naar aanleiding van het opduiken van het coronavirus.

- Alle stages die tijdens de 2de, 3de en 4de fase van de bacheloropleiding in de verpleegkunde blijven doorgaan. Dit is zelfs absoluut nodig door het tekort aan verpleegkundig personeel.

- Het probleem zijn de stagiairs in de 1ste fase van de opleiding in de verpleegkunde. Sommige ziekenhuizen en instellingen willen de focus leggen op de urgentiezaken en dus niet afgeleid worden door het begeleiden van totaal onervaren studenten.

- De lessen voor de studenten in de 1ste fase worden bovendien ook in de mate van het mogelijk digitaal aangeboden.

- De hogescholen worden momenteel wel geconfronteerd met veel meldingen van stages die stopgezet worden, vandaar vraagt het zoeken van een nieuwe stageplaats, zeker voor de studenten die kunnen afstuderen dit academiejaar, voor de stagecoördinatoren heel veel werk. Ook de evaluatie van hun stageproces wordt een moeilijk gegeven aangezien velen hun stage door de overplaatsingen op twee verschillende diensten zullen hebben gelopen.


Voorstel
Het Ministerie van Onderwijs en Vorming kwam met het Agentschap Zorg en Gezondheid voor de stages verpleegkunde van studenten in de HBO5- en bacheloropleidingen het volgende overeen:


- Stageovereenkomsten in de zorg- en welzijnssector kunnen blijven doorgaan, met uitzondering van kijkstages, zolang de zorginstelling de nodige beschermingsmiddelen (bv. mondmaskers) aanbiedt aan de student. Verder wordt verwezen naar de website van het Agentschap Zorg en Gezondheid.
- Het Agentschap Zorg en Gezondheid somt een aantal minimale voorzorgsmaatregelen op ter bescherming van het personeel (zorgprofessionals). Als die niet kunnen worden gegarandeerd voor de studenten, is het aangewezen de stageovereenkomst tijdelijk te schorsen. Om de student geen onnodig risico te laten lopen, maar ook om de patiënten niet extra in gevaar te brengen. Voor die studenten wordt gezocht naar een andere stageplaats.
- De stages binnen hbo5-opleiding verpleegkunde (vanaf de tweede module), de bacheloropleiding in de verpleegkundeen de bachelor-na-bacheloropleidingen kunnen tot nader order doorgaan om mee de actuele druk op de zorgsector op te vangen. 
- De studenten in de 1ste fase van de bacheloropleiding (eerstejaars) kunnen ook ingeschakeld worden volgens de noodwendigheden in ziekenhuizen voor algemene, niet-hoog-risico-diensten en ook voor niet-per-se-verpleegkundige taken, zoals logistieke taken, zodat de taken voor de verpleegkundigen lichter worden.
- Als de stage-verlenende instelling toch een andere beslissing neemt en de stage stopzet, dan kunnen die studenten geheroriënteerd worden naar de ziekenhuizen en woonzorgcentra.. Woonzorgcentra en ziekenhuizen vragen namelijk om extra medische ondersteuning. De hogescholen zullen dus de studenten waarvan de stage werd stopgezet maximaal begeleiden door ze een nieuwe stageplaats toe te wijzen in de zorgsector. 
- Hier valt ook de heroriëntering van stageplaatsen van het buitenland naar het binnenland onder.
- De studenten in de 4de fase van de bacheloropleiding verpleegkunde (vierdejaars) en het 3de jaar hbo5 verpleegkunde moeten hun totaal van minimum 2.300 uren stage hebben kunnen doorlopen tijdens hun volledige opleiding zodat er geen conformiteitsproblemen zullen zijn met de Europese Richtlijn 2005/36/EG. 
- Omdat in de zorgsector momenteel geen stagebegeleiders meer fysiek naar de stageplaatsen mogen gaan, ondersteunen alle stagebegeleiders de studenten momenteel maximaal online. De onderwijsinstellingen  zullen de nodige middelen voorzien voor de stagebegeleiders om de studenten vanop afstand op te kunnen volgen tijdens hun stage. 
- Omdat sommige studenten onder druk van media, ouders,…. niet meer hun stages willen doorlopen, is communicatie vanuit het Ministerie van Onderwijs en Vorming richting studenten in de verpleegkunde  noodzakelijk.
- De groeiende bekommernis over schaarste van beschermingsmateriaal, wat nu nog niet het geval is, wordt best gecounterd door dat beschermingsmateriaal nu al te bestellen of te stockeren.
- De zorgsector mobiliseert nu al een medische reserve voor de nodige ondersteuning in de strijd tegen het coronavirus. Daarom: 
> Kunnen de stages binnen hbo5-opleiding verpleegkunde (vanaf de tweede module), de bacheloropleiding in de verpleegkunde en de bachelor-na-bacheloropleidingen tot nader order doorgaan.
> Studenten die stage zouden lopen in voorzieningen maar daar geweigerd werden, kunnen op vraag van andere zorg- en welzijnsvoorzieningen hun stage elders aanvatten. 
> Studenten voor wie in de periode van de opgeschorte lessen geen stage is gepland, kunnen zich op vrijwillige basis melden om bij nood in zorg en welzijnsvoorzieningen bij te springen. Studenten kunnen werken als jobstudent of als vrijwilliger.
> Studenten die reeds werken als jobstudent binnen zorg en welzijn, wordt gevraagd hun engagement verder te zetten.


Verzekering
Hoe zit het verzekeringstechnisch? 
Idem als tijdens normale situaties. Als de stagiair werkt binnen de stageperiode zoals bepaald in de stageovereenkomst, is er geen probleem. Indien de stage vroeger zou starten, raden wij de onderwijsinstelling aan om de stageovereenkomst aan te passen en de verzekeringsmaatschappij te contacteren.
Wat de arbeidsongevallenverzekering betreft: er is door de RSZ uitstel verleend tot 30/6 voor Dimona. Dat betekent echter niet dat er geen arbeidsongevallenverzekering moet afgesloten worden.


Valt besmetting met het Coronavirus COVID-19 onder beroepsziekte? 
De lijst met beroepsziektes wordt opgesteld door Fedris. Of de ziekte door besmetting COVID-19 erkend wordt als beroepsziekte is nu nog onderwerp van discussie. Indien het erkend wordt als een beroepsziekte zouden alle kosten verbonden aan een opname/behandeling door Fedris vergoed worden. Zo niet, wordt (ook volgens Fedris) de persoonlijke ziekte- en hospitalisatieverzekering van de stagiair aangesproken.

Bron: onderwijs.vlaanderen.be

Dinsdagavond 17 maart heeft de Nationale Veiligheidsraad bijkomende verregaande maatregelen aangekondigd om de verspreiding van het coronavirus te vertragen en risicogroepen te beschermen. Als gevolg hiervan beslist de Vlaamse overheid om haar richtlijnen voor de uitvoering van overeenkomsten in alternerende opleidingen (OAO’s, SAO’s en deeltijdse arbeidsovereenkomsten in duaal leren, DBSO en Leertijd) aan te passen. 


Schorsing overeenkomsten 
Alle overeenkomsten (tenzij uitzonderingen, zie verder) in alternerende opleidingen worden met onmiddellijke ingang tijdelijk geschorst. Deze maatregel geldt voorlopig tot en met 5 april. De overeenkomst wordt volledig geschorst wegens overmacht, er is geen leervergoeding verschuldigd. De onderneming dient een aanvraag voor tijdelijke werkloosheid 'overmacht coronavirus' in (zie onder).


Uitzonderingen 
Een uitzondering wordt enkel toegestaan voor leerlingen die opgeleid worden in cruciale sectoren en essentiële diensten. Het gaat dan om de handelszaken, private en publieke bedrijven en diensten die noodzakelijk zijn voor de bescherming van de vitale belangen van de natie en de behoeften van de bevolking. De volledige lijst hiervan is terug te vinden in bijlage van het Ministerieel besluit houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken (23 maart 2020). 


Overeenkomsten in dergelijke ondernemingen en diensten kunnen onder bepaalde voorwaarden verder lopen, namelijk:
- als de opleiding opgenomen is in de lijst van opleidingen in duaal leren/leren en werken waarvoor de overeenkomsten in essentiële diensten mogen verderlopen én opleidingen in essentiele dienst
- wanneer de betrokken sector het mogelijk acht en wenselijk vindt dat de werkplekcomponent wordt verdergezet én
- wanneer de onderneming het opportuun vindt om de opleiding op de werkplek verder te zetten en de beschermingsmaatregelen kan garanderen.


Leerlingen die ziek zijn, die behoren tot een risicogroep of die samenleven met personen die behoren tot een risicogroep nemen contact op met de huisarts en volgen het advies van de huisarts.
Indien de sector of werkplek acht dat het niet mogelijk is om de overeenkomst nog verder te laten lopen, wordt deze geschorst na overleg met alle betrokken partijen. 


Tijdelijke werkloosheid 
Als ondernemingen hun werkzaamheden (moeten) stopzetten ingevolge de maatregelen van de nationale veiligheidsraad wordt de overeenkomst geschorst. Ondernemingen vragen voor hun leerlingen met een OAO of deeltijdse arbeidsovereenkomst (DA) tijdelijke werkloosheid aan (zoals voor gewone werknemers). 
Ook ondernemingen die hun werkzaamheden verder zetten, maar waar de OAO of DA wordt geschorst ingevolge de beslissing van de Vlaamse overheid raden we aan om voor de leerlingen met een OAO of DA tijdelijke werkloosheid 'overmacht coronavirus' aan te vragen. De RVA beslist of de tijdelijke werkloosheid wordt aanvaard en bijgevolg uitkeringen worden toegekend.  

Bron: Syntra Vlaanderen

Iedereen moet zoveel mogelijk afstand houden van anderen om de verspreiding van het coronavirus tegen te gaan. Klinkt eenvoudig. Maar hoe pas je die social distancing nu precies toe als bedrijf?


Om de verspreiding van het coronavirus af te remmen, legt de overheid bedrijven enkele strikte regels op. Waar het kan moet er aan telewerk gedaan worden. 


Voor de functies waar dit niet haalbaar is, moet er op de werkvloer minstens 1,5 meter afstand gehouden worden met andere personen. Dit geldt trouwens ook voor het vervoer dat je als werkgever organiseert.

Is afstand houden noch telewerk mogelijk, dan ben je als bedrijf verplicht te sluiten ten zij je volgens de overheid een essentieel bedrijf bent. De meest recente lijst van essentiële bedrijven vind je hier: https://www.voka.be/nieuws/coronavirus-de-lijst-met-essentiele-bedrijven-uitgebreid-hoe


Zo pak je het aan
Maar hoe kan je als bedrijf die social distancing nu concreet in de praktijk aanpakken? In grote lijnen zijn er drie opties:

1.    Ga digitaal
Zijn er functies waarin medewerkers kunnen telewerken? Dan ben je als werkgever verplicht om dit te organiseren. Bekijk ook of je meetings, opleidingen en ander overleg anders kan aanpakken. Zo zijn er veel digitale mogelijkheden om deze vanop afstand in te richten.

2.    Zorg voor spreiding
Bekijk of je het werk kan spreiden, zodat medewerkers niet allemaal op hetzelfde moment op de werkvloer hoeven te zijn. Is het bovendien mogelijk om pauzes te spreiden? Ook zo creëer je kleinere groepjes, waardoor het voor medewerkers makkelijker is om afstand te houden in pakweg de cafetaria.

3.    Baken af
> Je ziet het al in winkels, maar ook op de werkvloer kunnen tape, lint of andere markeringen helpen om een afstand van 1,5 meter in acht te houden. Zeker bij in- en uitgangen, waar al snel groepjes kunnen ontstaan, is het nuttig om te bekijken of dit mogelijk is.
> Waar dat kan, valt het aan te raden om werkruimtes te compartimenteren. Of misschien is het wel haalbaar om ervoor te zorgen dat in elk kantoor of werkplek maar één persoon aan de slag is?
> Als allerlaatste stap kan het in bepaalde gevallen nodig zijn om een kleine groep medewerkers af te schermen van andere collega’s omdat ze van cruciaal belang zijn voor het bedrijf. Deze verregaande ingreep kan uiteraard enkel in overleg.

Stevige sancties
Bedrijven die zich niet aan de regels houden, riskeren stevige sancties. “Indien de autoriteiten vaststellen dat de social distancing-maatregelen niet worden nageleefd, wordt de onderneming in eerste instantie een zware boete opgelegd; in geval van niet-naleving na de sanctie zal de onderneming moeten sluiten”, waarschuwt de overheid. 

Cruciale sectoren en essentiële diensten wordt gevraagd om ervoor te zorgen “dat de regels over social distancing in de mate van het mogelijke in acht worden genomen”, luidt het vanuit de overheid. Zij riskeren geen boete of sluiting.

Belangrijk tegen besmetting
Waarom social distancing zo belangrijk is? Het coronavirus verspreidt zich van mens op mens via kleine druppeltjes die bij hoesten en niezen vrijkomen. Via die druppeltjes komt het virus terecht in de lucht, op voorwerpen en oppervlakken. 


Het coronavirus overleeft gemiddeld zo’n drie uur op gladde oppervlakken en materialen (zoals deurklinken, leuningen, tafels …). Wie virusdruppeltjes via de handen in de mond, neus of ogen binnenkrijgt, kan besmet raken.

Vlaanderen verlengt de geldigheid van de arbeidskaart voor economische migranten. Door de lockdown zitten veel van hen hier immers vast.

De sociale partners hebben in de Groep van Tien besloten om de sociale verkiezingsprocedure collectief op te schorten. Door de Corona-crisis is de normale werking van vele ondernemingen zwaar verstoord. Door de grote fysieke afwezigheid van werknemers op de werkvloer wordt de degelijke organisatie van sociale verkiezingen en de verderzetting van de lopende procedure immers onmogelijk.

De sociale partners in de Nationale Arbeidsraad (NAR) zijn op dinsdag 24 maart 2020 tot een akkoord gekomen over de gevolgen van die tijdelijke opschorting. De Raad adviseert dat de koning de verkiezingen uitstelt naar de periode van 16 tot 29 november 2020, afhankelijk van hoe de huidige gezondheidssituatie door het coronavirus verder evolueert. De sociale partners roepen de regering op om met spoed het wetgevend en regelgevend kader goed te keuren om alle betrokken partijen de broodnodige rechtszekerheid te geven.

Wat betekent de opschorting concreet?

Concreet betekent de opschorting dat de procedure vanaf dag X+36 wordt stilgelegd (‘bevroren’) en dat de voortgang van alle procedurestappen die na X+35 (de laatste dag voor het indienen van kandidatenlijsten) vallen wordt uitgesteld tot de nog nader te bepalen datum. De daadwerkelijke verkiezingsdag zal bijgevolg niet plaatsvinden van 11 tot en met 24 mei 2020. Op de nader te bepalen datum (vermoedelijk dus eind november) zal de procedure dan worden hernomen vanaf dag X+36.

Wat loopt er wel nog door?

De nog lopende verkiezingshandelingen moeten nog verdergezet worden tot en met dag X+35.
Het is dan ook belangrijk dat de fase van eerste indiening van kandidaturen in elke onderneming verder wordt afgehandeld. Deze fase verloopt veelal digitaal door de voordracht van kandidaturen door de vakorganisaties via de webapplicatie. Huislijsten voor kandidaat-kaderleden kunnen verder op papier worden ingediend via verzending met de post.

De verplichte eerste aanplakking van de lijsten wordt uitgesteld.

En wat met de bestaande organen?

De werkgever zorgt ervoor dat hij de overlegorganen binnen de onderneming, zoals de ondernemingsraad en het comité voor preventie en bescherming op het werk ook tijdens deze pandemie blijft betrekken voor deze materies waarvoor ze bevoegd zijn.

Zolang er geen nieuwe overlegorganen opgericht zijn, blijven de huidige verder functioneren. Gezien de geldende maatregelen, moet de werkgever ervoor zorgen dat de informatie en consultatie van de overlegorganen op een digitale wijze kan gebeuren en dat vergaderingen in de mate van het mogelijke via een elektronisch communicatiemiddel worden georganiseerd.

Hoe zit het dan met de occulte periode – de periode dat kandidaten ontslagbescherming genieten?

De kandidaten uit 2016 blijven verder beschermd tot de installatie van de nieuwe organen. 
 
De kandidaten van X+35 2020 zijn beschermd volgens de normale regels.
 
De occulte periode is voorbij, maar er zal een nieuwe, beperktere, occulte periode starten 36 dagen voor de hervatting van de procedure. Zo worden nieuwe kandidaten die op de nieuwe dag X+76 kandidaten vervangen toch beschermd. De eerste aanvang is voorzien op 18 augustus, afhankelijk van de nieuw gekozen verkiezingsdatum.

Wat met de uitzendkrachten?

Voor de uitzendkrachten die nog minstens 26 dagen moeten werken tussen X en X+77 om te kunnen deelnemen aan de verkiezingen, moet het aantal gewerkte dagen tussen X en X+35 enerzijds en tussen de nieuwe dagen X+36 en X+77 anderzijds bij mekaar worden opgeteld.

De sociale partners roepen de regering op om met spoed het wetgevend en regelgevend kader in die zin goed te keuren om alle betrokken partijen de broodnodige rechtszekerheid te geven.

Bron: FOD Werkgelegenheid, VBO, SD Worx

In principe niet. Tenzij de school daar expliciet naar vraagt, maar dat mogen ze enkel doen ‘in uitzonderlijke gevallen’. Welke die uitzonderlijke gevallen zijn, wordt niet gepreciseerd door de overheid, maar de scholen worden wel met aandrang opgeroepen om kinderen die tot de toegelaten groepen behoren op te vangen. Mocht er zich een probleem voordoen, dan worden de scholen verondersteld in dialoog te gaan met de ouders. De overheid rekent op de burgerzin en verantwoordelijkheid van scholen en burgers om hier op een verstandige manier mee om te gaan.

Het is wel belangrijk om weten dat momenteel de algemene richtlijn geldt dat ouders die thuis werken verplicht zelf moeten instaan voor de opvang van kinderen.

Daarop zijn enkele uitzonderingen. De precieze richtlijnen daarover aan scholen luiden als volgt:

  • Kinderen van wie de ouder(s) een job in een cruciale sector (zorg, veiligheid, voedingsnijverheid, distributie ...) uitoefenen. Zij hebben niet de mogelijkheid om thuis te werken. Ze nemen nu de zorg op van zieken en mensen die hulp nodig hebben, zorgen ervoor dat iedereen naar de winkel kan... Het is daarom letterlijk van levensbelang dat hun kinderen op school worden opgevangen.
  • Kinderen en jongeren in het buitengewoon onderwijs, de onderwijsinternaten, de MPIGO’s en de IPO’s van het gemeenschapsonderwijs. Zij zijn medisch en/of sociaal kwetsbaar en moeten dus opgevangen worden. De overheid informeert zo snel mogelijk onder welke modaliteiten dat kan.
  • Voorzie ook opvang voor leerlingen in een kwetsbare thuissituatie. Als school kan jij het best inschatten over wie dat gaat. Voor deze kinderen is opvang thuis geen veilige optie. Zij moeten dan ook kunnen rekenen op de soepelheid van scholen. Ga daarover in overleg met het CLB en de ouders.

Conclusie: de regel is dat er geen attest nodig is. De overheid rekent op de verantwoordelijk van de scholen om in te schatten in uitzonderlijke situaties om dat toch te vragen.

Dit is geen probleem. Indien je voor deze werknemers later - binnen de erkenningsperiode van overmacht - toch een beroep wenst te doen op tijdelijke werkloosheid overmacht, kan dat alsnog.

Ja, dat kan. Denk er aan om het bevoegde RVA-kantoor hiervan op de hoogte te brengen. En uiteraard moet u als onderneming aan de voorwaarden voldoen: essentiële sector of social distancing kunnen garanderen.

In heel wat sectoren dreigt momenteel personeelstekort ten gevolge van de coronacrisis. Er lijken vooral personeelstekorten te zijn in de transport, logistiek, distributie (retail en voeding), land- en tuinbouw en voedings- en zorgsector. Door ziekte maar ook omdat er bv. te weinig arbeiders nu aan het werk zijn en de vraag naar werk stijgt. Als dat het geval is, kan u terecht op onderstaande site van VDAB
https://www.vdab.be/coronacrisis/vacatures

Door de geschatte toename van mensen in tijdelijke werkloosheid, wordt er ook over nagedacht of zij tijdelijk elders aan de slag zouden kunnen gaan. De huidige regels laten geen cumulatie toe van tijdelijke werkloosheidsuitkering enerzijds en inkomsten uit arbeid elders anderzijds. Nochtans kan hier mogelijks een tewerkstellingspotentieel zijn. Van zodra meer concreet nieuws, berichten we verder.

UITBETALEN VAN LOON

Mogelijk strandt een werknemer in het buitenland, bijvoorbeeld omdat zijn vlucht of treinreis geannuleerd is of omdat hij de stad niet meer uit mag. In zulke gevallen is er opnieuw sprake van overmacht en heeft hij recht op een tijdelijke werkloosheidsuitkering. Hetzelfde geldt als de werknemer na repatriëring in quarantaine wordt geplaatst.

Belandt je werknemer in het ziekenhuis of moet hij ziek thuis blijven, dan gelden de regels zoals bij elke ander ziekteverzuim. Als werkgever betaal je hem gedurende 1 maand gewaarborgd loon. Is de medewerker langer buiten strijd, dan krijgt hij een ziekte-uitkering na die eerste maand. 

Wie samenwoont met een corona-patiënt en daardoor niet kan gaan werken zal beroep kunnen doen op het stelsel van tijdelijke werkloosheid. Geneesheren mogen een afwezigheidsattest uitschrijven in deze laatste situatie.

In alle andere gevallen, en met in achtneming van de strikte overheidsregels, etc, kan de werknemer hiervoor familiaal verlof nemen. Je kan ook overeenkomen dat je werknemer vakantie neemt (betaald) of toegestane afwezigheid (onbetaald).

Bron: SD Worx

Situatie 1:

De werknemer wordt arbeidsongeschikt tijdens de periode van tijdelijke werkloosheid 

Wanneer de werknemer arbeidsongeschikt wordt tijdens de periode van tijdelijke werkloosheid wegens overmacht, is de werkgever geen gewaarborgd loon verschuldigd. Voor de arbeiders is dit uitdrukkelijk in artikel 56 van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten bepaald. Deze bepaling wordt naar analogie ook op de bedienden toegepast. De betrokkene kan dus onmiddellijk aanspraak maken op arbeidsongeschiktheidsuitkeringen ten laste van de mutualiteit. 

Voorbeeld: De onderneming is gesloten wegens overmacht van 13 maart tot 5 april. De werknemer wordt ziek van 18 maart tot en met 24 maart. Voor de ziektedagen ontvangt de werknemer een uitkering van de mutualiteit. Voor de overige dagen dat de onderneming gesloten is wegens overmacht ontvangt de werknemer een uitkering tijdelijke werkloosheid overmacht.

Situatie 2:

De werknemer was al arbeidsongeschikt voor de aanvang van de tijdelijke werkloosheid 

Indien de werknemer al arbeidsongeschikt is vóór de aanvang van de periode van tijdelijke werkloosheid wegens overmacht, is de werkgever slechts het gewaarborgd loon verschuldigd tot en met daags vóór de aanvang van de periode van tijdelijke werkloosheid wegens overmacht. Vanaf de eerste dag van dat tijdvak van tijdelijke werkloosheid kan de betrokkene dan aanspraak maken op arbeidsongeschiktheidsuitkeringen.

Voorbeeld: De werknemer is ziek van 20 februari tot 23 maart. De onderneming sluit wegens overmacht van 13 maart tot 5 april. Het RIZIV bevestigt daarmee dat een zieke bediende ziekte-uitkeringen krijgt vanaf de eerste dag werkloosheid wegens overmacht die tijdens de loonwaarborgperiode valt. De bediende heeft met andere woorden een gegarandeerd vervangingsinkomen. 

SD Worx gaat uitgebreid in op deze en andere situaties. Lees meer

HYGIËNE EN PREVENTIE

Werknemers uit niet-essentiële bedrijven die kunnen thuiswerken, blijven thuis. Bedrijven waar dat niet kan, moet er voldoend sociale afstand gehouden kunnen worden. Als dat niet gegarandeerd kan worden, moet het bedrijf sluiten.

Een goede individuele handhygiëne en voldoende sociale afstand houden, blijven belangrijke maatregelen die iedereen moet opvolgen. Een strikte naleving ervan door iedereen, van jong tot oud, is noodzakelijk om de verspreiding van het virus tegen te gaan. Burgerzin en solidariteit met de meest kwetsbare personen is onontbeerlijk.

Verder nog enkele tips:

  • Zorg ervoor dat jouw werkplekken schoon en hygiënisch zijn. Zo moeten bureaus, tafel, toetsenborden, ... regelmatig schoongemaakt worden met desinfectiemiddel

  • Spoor iedereen aan de handen meermaals per dag met water en zeep te wassen. Je kan dit bijvoorbeeld doen door posters op te hangen

  • Voorzie papieren zakdoekjes voor wie een loopneus heeft of moet hoesten en niezen
  • Zorg ook dat deze tissues in een gesloten vuilbak kunnen weggegooid worden
  • Spoor personen met symptomen van luchtwegaandoeningen aan om thuis te werken

 
Het volledige advies van de WHO voor bedrijven vind je op de website van VLAIO.
 
Een belangrijke vraag? Op vraag van Voka nam Vlaams minister van Werk en Economie Hilde Crevits (CD&V) het initiatief om een hulplijn voor bedrijven en ondernemers te laten oprichten. Het Agentschap Innoveren en Ondernemen heeft de hulplijn (0800 20 555) opengesteld voor ondernemers en bedrijven die vragen hebben over het coronavirus. 

Hulplijn ondernemers: 0800 20 555

Je kan het CrisisCentrum van de Vlaamse Overheid (CCVO) bereiken op 02 217 0 112 of via ccvo@vlaanderen.be.

 
Meer informatie vind je ook op de federale website

Bron: VLAIO

Werknemers die kunnen moeten thuiswerken. Als dat niet kan, moet sociaal afstandhouden gegarandeerd kunnen worden. Zo niet, dan moet de onderneming dicht.

Als werkgever ben je verantwoordelijk voor een veilige en gezonde werkomgeving voor je werknemers. Daarom moet je ook preventief handelen, en garanderen dat je werknemers veilig kunnen werken.

Laat je waar nodig bijstaan door uw arbeidsarts/preventieadviseur. Samen met de arbeidsgeneeskundige dienst stel je vast welke richtlijnen en preventieve maatregelen aan de orde zijn om de impact van het coronavirus op de werkplaats te beperken. De werknemer moet jouw instructies opvolgen. Zo kan je van de werknemers eisen dat ze persoonlijke hygiënemaatregelen naleven.
Zorg in hoofdzaak voor een goede communicatie met de werknemers, om samen te zorgen voor veilige werkomstandigheden.

Bedrijven moeten nog minstens tot 19 april aan strenge voorwaarden voldoen aangaande social distancing. Iedereen moet immers zoveel mogelijk afstand houden van anderen om de verspreiding van het coronavirus tegen te gaan. Klinkt eenvoudig. Maar hoe pas je die social distancing nu precies toe als bedrijf?


Om de verspreiding van het coronavirus af te remmen, legt de overheid bedrijven enkele strikte regels op.

Waar het kan moet er aan telewerk gedaan worden. 

Voor de functies waar dit niet haalbaar is, moet er op de werkvloer minstens 1,5 meter afstand gehouden worden met andere personen. Dit geldt trouwens ook voor het vervoer dat je als werkgever organiseert.

Is afstand houden noch telewerk mogelijk, dan ben je als bedrijf verplicht te sluiten ten zij je volgens de overheid een essentieel bedrijf bent. De meest recente lijst van essentiële bedrijven vind je hier.


Zo pak je het aan

De FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal overleg publiceerde op haar website een checklist die u kan overlopen in overleg met uw interne preventieadviseur en/of uw externe dienst voor preventie en bescherming op het werk.

Om social distancing in de praktijk te brengen zijn er in grote lijnen zijn er drie opties:

1.    Ga digitaal
Zijn er functies waarin medewerkers kunnen telewerken? Dan ben je als werkgever verplicht om dit te organiseren. Bekijk ook of je meetings, opleidingen en ander overleg anders kan aanpakken. Zo zijn er veel digitale mogelijkheden om deze vanop afstand in te richten.

2.    Zorg voor spreiding
Bekijk of je het werk kan spreiden, zodat medewerkers niet allemaal op hetzelfde moment op de werkvloer hoeven te zijn. Is het bovendien mogelijk om pauzes te spreiden? Ook zo creëer je kleinere groepjes, waardoor het voor medewerkers makkelijker is om afstand te houden in pakweg de cafetaria.

3.    Baken af
> Je ziet het al in winkels, maar ook op de werkvloer kunnen tape, lint of andere markeringen helpen om een afstand van 1,5 meter in acht te houden. Zeker bij in- en uitgangen, waar al snel groepjes kunnen ontstaan, is het nuttig om te bekijken of dit mogelijk is.
> Waar dat kan, valt het aan te raden om werkruimtes te compartimenteren. Of misschien is het wel haalbaar om ervoor te zorgen dat in elk kantoor of werkplek maar één persoon aan de slag is?
> Als allerlaatste stap kan het in bepaalde gevallen nodig zijn om een kleine groep medewerkers af te schermen van andere collega’s omdat ze van cruciaal belang zijn voor het bedrijf. Deze verregaande ingreep kan uiteraard enkel in overleg.

Stevige sancties
Bedrijven die zich niet aan de regels houden, riskeren stevige sancties. “Indien de autoriteiten vaststellen dat de social distancing-maatregelen niet worden nageleefd, wordt de onderneming in eerste instantie een zware boete opgelegd; in geval van niet-naleving na de sanctie zal de onderneming moeten sluiten”, waarschuwt de overheid. 

Cruciale sectoren en essentiële diensten wordt gevraagd om ervoor te zorgen “dat de regels over social distancing in de mate van het mogelijke in acht worden genomen”, luidt het vanuit de overheid. Zij riskeren geen boete of sluiting.

Belangrijk tegen besmetting
Waarom social distancing zo belangrijk is? Het coronavirus verspreidt zich van mens op mens via kleine druppeltjes die bij hoesten en niezen vrijkomen. Via die druppeltjes komt het virus terecht in de lucht, op voorwerpen en oppervlakken. 


Het coronavirus overleeft gemiddeld zo’n drie uur op gladde oppervlakken en materialen (zoals deurklinken, leuningen, tafels …). Wie virusdruppeltjes via de handen in de mond, neus of ogen binnenkrijgt, kan besmet raken.

Maak je medewerkers bewust van social distancing door er duidelijk over te communiceren. Voka ontwierp een checklist voor social distancing bij bedrijven. Download de poster hier.

WAT MET VOKA-ACTIVITEITEN?

Voka laat voorlopig geen events of opleidingen doorgaan. De geplande activiteiten worden verplaatst naar een tijdstip na 19 april. Daarmee volgt Voka de richtlijnen van de overheid en zet de organisatie de gezondheid van zijn leden en medewerkers op de eerste plaats.

Tegelijk zal Voka zijn dienstverlening naar de ondernemingen versterken om ze zo veel mogelijk te ondersteunen en adviseren tijdens deze crisis. Voka blijft zijn leden uitgebreid informeren over de laatste stand van zaken betreffende nieuwe steunmaatregelen.

We brengen elke deelnemer zo snel mogelijk persoonlijk op de hoogte over wijzigingen of annuleringen.

Hou dus zeker je mailbox goed in het oog.

Voor meer informatie en updates zie ook de coronavirusblog van SD Worx

schema tijdelijke werkloosheid

Stel uw vraag

Hebt u een dringende of praktische vraag over het coronavirus met betrekking tot uw bedrijf of werknemers? U kan terecht bij:

Antwerpen-Waasland
jill.suetens@voka.be

Brusselse metropool
isabelle.meulemeester@voka.be

Limburg
kenneth.stulens@voka.be

Mechelen-Kempen
astrid.vanbever@voka.be

Oost-Vlaanderen
viavoka@voka.be

Vlaams-Brabant
isabelle.meulemeester@voka.be

West-Vlaanderen
daphne.renier@voka.be

Nationaal
infocorona@voka.be

banner VanRoey april
Dpd april
Bedrijvenpark Assent
CRM Group
Made in Vlaams-Brabant
DHL
CapitalAtWork
Deloitte
facilicom
ING
Logo Mensura
Proximus
Recrewtment
Rombit_corporate partner
SD  Worx
Tormans_Corporate partner
Deloitte Private
pfl
Logo Premed
Logo Randstad
Varo
Intervest Offices & Warehouses - Greenhouse