Skip to main content
  • Home
  • Coronavirus: de meest gestelde vragen over de impact op je onderneming
  • 03/12/2020

Coronavirus: de meest gestelde vragen over de impact op je onderneming

We zitten nog steeds in de tweede golf van de COVID-19-pandemie. Heel wat ondernemers zitten met de handen in het haar. Voka ontvangt dan ook nog steeds heel wat vragen van ongeruste ondernemers over de concrete aanpak van deze crisis. Hieronder vatten we de antwoorden op de meest gestelde vragen voor u samen. De antwoorden werden opgesteld in samenwerking met SD Worx.

NIEUW EN IN DE KIJKER

Hoe zit de vaccinatiestrategie voor ons land in mekaar en wat zijn de prioritaire doelgroepen?

ASE 1a

  • Erg beperkte hoeveelheid vaccins beschikbaar die op -75° C bewaard moet worden
  • Doelgroep: bewoners en personeel van woonzorgcentra, collectieve zorginstellingen, zorgprofessionals in ziekenhuizen en in eerste lijn (mensen die een hoog risico lopen door nauw contact met COVID-patiënten, andere zorgmedewerkers die een lager risico op besmetting lopen
  • Waar toediening?: de toediening gebeurt in woonzorgcentra, ziekenhuis, zorginstelling
  • Waar wordt het vaccin bewaard?: centrale opslag van geneesmiddelenagentschap (FAGG) of producent


FASE 1b

  • Grotere aantal vaccins beschikbaar die een minder complexe opslag vragen
  • Doelgroep: 65-plussers, risicopatiënten tussen 45 en 65 jaar (wie risicopatiënt is, wordt nog verder bepaald), mensen met essentiële maatschappelijke en/of economische functies (wordt nog verder bepaald)
  • Waar toediening?: triage- en vaccinatiecentra van eerste lijn en lokaal bestuurd, grootschalige vaccinatiecentra
  • Waar wordt het vaccin bewaard?: centrale opslag, specifieke en aangepaste logistiek uit bijvoorbeeld een lokaal depot of een ziekenhuis

FASE 2

  • Ruime voorraad aan vaccins met een eenvoudige opslag
  • Doelgroep: andere risicopatiënten, volwassen bevolking
  • Waar toegediend?: dezelfde locaties als in 1a en 1b en op nog andere te ontwikkelen kanalen met eerste lijn, bedrijven, scholen...
  • Waar wordt het vaccin bewaard?: meer decentrale opslag en distributie

 

Welke beslissingen nam het Overlegcomité op 27/11 en wat zijn de voorwaarden dat winkels weer open mogen?

Heropening van winkels onder strikte voorwaarden:

Niet-essentiële winkels mogen opnieuw openen met vanaf 1 december 2020.

Er gelden echter strikte hygiënische voorwaarden:

  • Strikte opvolging van de basisregels zoals handen wassen, afstand houden en het dragen van een mondmasker.
  • Preventiemaatregelen moeten zichtbaar aangekondigd zijn voor alle bezoekers, inclusief personeelsleden en leveranciers.
  • Aan de ingang moet ontsmettende handgel ter beschikking zijn; iedereen die de winkel betreedt moet zijn/haar handen ontsmetten.
  • Personeel krijgt een passende opleiding.
  • Individueel winkelen met één volwassene per winkelbeurt. Het gezelschap van kinderen tot en met 18 jaar wordt zoveel mogelijk beperkt.
  • Een winkelbezoek wordt tot een minimum beperkt en duurt maximaal 30 minuten.
  • Winkels zijn verantwoordelijk voor het beheer van de wachtrijen buiten de winkel.  Er moet toezicht zijn op buitenstaande wachtende winkelaars, zodat de afstandsregels gerespecteerd worden. De organisatie buiten de winkel gebeurt volgens de richtlijnen van de lokale overheden.

De voorwaarden hebben ook betrekking op het maximaal aantal klanten per vierkante meter toegankelijke vloeroppervlakte:

  • Voor winkels geldt de norm van één klant per 10 m².
  • Winkels met een oppervlakte van minder dan 20 m² laten maximaal 2 klanten tegelijk toe, mits respecteren van de afstandsregels.
  • Grote winkels van meer dan 400 m² dienen verplicht een toegangscontrole te voorzien.
  • De toegang tot de winkelcentra, winkelstraten en parkings wordt door de bevoegde gemeentelijke overheid, in overeenstemming met de instructies van de minister van Binnenlandse Zaken, zo georganiseerd, dat de afstandsregels kunnen worden gerespecteerd, in het bijzonder het behoud van een afstand van 1,5 meter tussen elke persoon.

Musea en zwembaden mogen openen conform het protocol van hun sector.

Kerstperiode

  • Ook tijdens de kerstperiode blijven de sociale contactregels gelden. Alleenstaanden zullen op Kerstavond of Kerstdag wel hun beide contacten tegelijkertijd kunnen ontvangen om tegemoet te komen aan hun psychosociaal welzijn.
  • Voor samenkomsten buiten blijft de regel van vier gelden.
  • De avondklok tussen middernacht en 5.00 uur blijft van kracht, net als het geldende samenscholingsverbod. Er komt ook een algemeen verbod op het verkopen en afsteken van vuurwerk.

Scherpere controle op reizen

Voor personen die langer dan 48 uur in het buitenland verbleven en langer dan 48 uur in België zullen verblijven, zal strenger worden gecontroleerd worden op:

  • Het invullen van het Passenger Locator Form
  • Het naleven van de verplichte quarantaine

Duur maatregelen

Alle bovenstaande maatregelen gelden tot 15 januari 2021. Begin januari wordt een evaluatie gemaakt op basis van de medische indicatoren om te kijken of een overgang naar de beheersfase (zie onder) mogelijk is en voor welke sectoren.  

Neergaande en beheersfase

Het Overlegcomité besliste ook om naar twee fases te gaan in het sanitair beheer:

  • Een neergaande fase waarin men de besmettingscijfers zo snel mogelijk bedwingt, met strikte maatregelen.
  • Een beheersfase waarin de protocollen per sector van kracht zijn. De bestaande sectorprotocollen met verschillende versies per alarmniveau worden herleid tot één protocol per sector. Dit protocol geldt dan voor de beheersfase en schrijft voor hoe men zich moet gedragen in een samenleving die “coronaproof” is.  
  • Om van de neergaande fase naar de beheersfase te kunnen gaan, moet de incidentie voldoende lang voldoende laag zijn. Ook zullen niet alle sectoren op hetzelfde ogenblik in dezelfde fase zitten. Dit zal sterk afhangen van de epidemiologische risico van de sector.

Bron: Premier.be

Het einde van het jaar nadert: wat met nog openstaande vakantiedagen?

Verplichte opname blijft de regel.

Wat vakantie betreft zijn de spelregels duidelijk: werknemers moeten alle wettelijke vakantiedagen opnemen voor het einde van het kalenderjaar. Tenzij in geval van overmacht. De coronacrisis geldt voor tal van sociaaljuridische procedures als een situatie van overmacht, maar niet voor de opname van vakantie. Dit stelt heel wat werkgevers voor problemen. Wat als je zaak dit jaar niet meer opengaat? En hoe organiseer je de drukke eindejaarsperiode met een halve bezetting? SD Worx verzamelden hierover enkele veel gestelde vragen over vakantie en hun antwoorden. 

Meer info

 

Er komt een uitzonderlijk betalingsuitstel tot eind april van onroerende voorheffing voor rechtspersonen. Wat houdt dat precies in en hoe zit het met de vorige regeling?

Er komt een uitzonderlijk betalingsuitstel tot eind april van onroerende voorheffing voor rechtspersonen. Het doel daarvan is om financiële ademruimte geven aan ondernemingen die zwaar getroffen worden door de tweede golf in de coronacrisis.

Beleidsdomein 
Fiscaliteit/onroerende voorheffing

Overheid
Vlaamse

Doelgroep 

Regeling geldt voor rechtspersonen. Eenmanszaken kunnen soepel afbetalingsplan vragen

Probleem 

Vlaamse ondernemingen worden voor de tweede keer in 2020 zwaar op de proef gesteld door de coronacrisis. 

Bestaande maatregel 

De Vlaamse regering had in dit voorjaar de facto reeds een betalingsuitstel inzake onroerende voorheffing van 2 maanden toegekend aan rechtspersonen: de Vlaamse Belastingdienst verstuurde namelijk de aanslagbiljetten onroerende voorheffing voor aanslagjaar 2020 aan rechtspersonen pas vanaf september 2020 (in plaats van vanaf mei). De betalingstermijn was 2 maanden na het versturen van het aanslagbiljet.

Nieuwe maatregel 

De betalingstermijn wordt nu verder verlengd met 4 maanden. Alle aan rechtspersonen verzonden aanslagbiljetten inzake onroerende voorheffing van het aanslagjaar 2020 mogen immers uitzonderlijk betaald worden tegen uiterlijk 30 april 2021. En dit ondanks de gewone betaaltermijn die op de aanslagbiljetten vermeld staat. Er zullen geen nalatigheidsinteresten aangerekend worden, voor zover er uiterlijk op 30 april 2021 wordt betaald. Let op: deze maatregel geldt enkel voor aanslagjaar 2020. Voor andere aanslagjaren blijft de betaaltermijn die op het aanslagbiljet staat van toepassing en blijven de interesten doorlopen als er niet tijdig betaald wordt.

Aanvraagprocedure 
Geen

Meer info 

Wat is de laatste update over de sneltesten?

Tijdens de persconferentie van Sciensano raakt meer nieuws bekend over de sneltesten. Een paar feiten op een rijtje.

  • PCR-testen blijven het meest betrouwbaar. 
  • Snelle antigeentests zijn bij personen die symptomen vertonen bijna net zo betrouwbaar als de PCR-testen op voorwaarde dat ze binnen de eerste vijf dagen na het optreden van de symptomen worden afgenomen. Daarnaast is het belangrijk dat de testen goed worden afgenomen, door geschoold personeel en in een geschikte omgeving die de veiligheid van alle betrokken garandeert. 
  • De testen zullen in de eerste plaats ingezet worden in ziekenhuizen, in test- en triagecentra en in huisartsenpraktijken
  • Momenteel werkt men nog aan een protocol om deze testen uit te voeren maar dat is “quasi klaar”, zo klonk het.
  • Personen die coronasymptomen vertonen, maar een negatieve sneltest afleggen, zullen voor alle zekerheid toch nog onderworpen worden aan een PCR-test
  • Bij personen die geen symptomen vertonen, blijken de snelle antigeentests significant minder betrouwbaar dan de PCR-tests. Ze kunnen wel worden gebruikt als aanvulling van PCR-testen bij hoog-risicocontacten, bijvoorbeeld voor een clusteronderzoek in onder meer scholen en bedrijven. Bij die testen kan hoogstens gezegd worden dat de persoon op de dag dat hij of zij getest werd, en waarbij de test negatief was, op die dag niet besmettelijk was.
  • Ten slotte zullen voortaan ook speekseltesten worden ingezet bij herhalingstesten. Het speeksel kan door de personen zelf worden verzameld, waardoor het gezondheidspersoneel gespaard wordt. 
  • Zelftesten zijn op dit moment in België nog niet toegelaten, al wordt deze piste nog verder onderzocht voor de toekomst. 
  • Ook de inzet van speurhonden en ademhalingstesten wordt op dit moment wetenschappelijk onderzocht
  • Het FAVV heeft een lijst opgesteld van de meest betrouwbare sneltesten die kunnen worden gebruikt. De verschillende overheden in ons land hebben onderling afspraken gemaakt over de prioritaire inzet van de antigeentesten. Maandelijks zal de teststrategie en de inzet van de verschillende technieken worden geëvalueerd.
Nu ook testen mogelijk voor asymptomatische hoogrisicocontacten? Hoe en wat met de quarantaineduur?

Dankzij de opschaling en de optimalisering van de PCR-testcapaciteit in ons land, zullen vanaf 23 november 2020 opnieuw alle asymptomatische hoogrisicocontacten getest mogen worden via PCR, op dag 7 beginnend de dag na het hoogrisicocontact. 

In de praktijk betekent dit dat hoogrisicocontacten van een besmette persoon die zelf geen symptomen vertonen, via de contacttracing een code voor staalname zullen verkrijgen. 

Als het hoogrisicocontact plaats vond in een organisatie zoals scholen of bedrijven, is de coördinerend arts van de organisatie verantwoordelijk voor het genereren van deze code.
 
Burgers die terugkeren uit een rode zone in het buitenland dienen een PLF in te vullen die het gelopen risico evalueert. Wanneer zij op basis van hun gedrag tijdens hun buitenlands verblijf getest moeten worden, ontvangen ook zij de activatiecode per sms. 

Buiten deze gevallen kan een huisarts uiteraard nog steeds een activiatiecode aanmaken op basis van zijn eigen risico-analyse of voor die gevallen waar bovenvermelde werkwijze niet gevolgd kon worden.

Zij kunnen met deze code naar een triage- en staalafnamecentrum, waar de staalname voor een PCR-test gebeurt, op dag 7 beginnend de dag na het laatste hoogrisicocontact of terugkeer naar België.

Daarvoor kunnen zij een reservatie maken via de reservatietool die bereikbaar is via mijngezondheid.belgie.be. Daar is ook de mogelijkheid voorzien om de test te linken aan de 17- cijferige code die gegenereerd wordt door de app Coronalert. Dat garandeert dat het testresultaat ook ontvangen wordt in de app, wat noodzakelijk is om onbekende hoogrisicocontacten via de app te kunnen verwittigen. 

Indien de test positief is, wordt het hoogrisicocontact in isolatie geplaatst voor minstens 7 dagen vanaf de dag dat de test is afgenomen. Indien deze test negatief is, kan het hoogrisicocontact uit quarantaine, maar benadrukken we het belang van het aanhouden van extra waakzaamheid tot in totaal 14 dagen na de dag van het laatste hoogrisicocontact (met inachtneming van de geldende uitzonderingen voor zorgpersoneel).

Indien geen test wordt afgenomen (bijv. kind jonger dan 6 jaar), of wanneer het testresultaat niet tijdig beschikbaar is, stopt de quarantaine van asymptomatische hoogrisicocontacten na 10 dagen beginnend de dag na het laatste hoogrisicocontact. Deze quarantaine wordt dan gevolgd door een periode van 4 dagen extra waakzaamheid.

Via de website mijngezondheid.belgium.be kunnen asymptomatische hoogrisicocontacten een quarantaine-attest voor hun werkgever downloaden, en ook het resultaat van hun test raadplegen. 

Deze procedure wordt gevolgd om de administratieve druk op de huisartsen te verlichten.

Wat kunnen we verwachten van de maatregel voor de wederopbouwreserve voor ondernemingen?

De bedoeling van de maatregel voor de wederopbouwreserve voor ondernemingen is dat ondernemingen die in 2020 een bedrijfsverlies realiseren weer zo snel mogelijk hun eigen vermogenspositie van voor de Coronacrisis kunnen opbouwen

Doelgroep

De maatregel is bedoeld voor onderneming die in 2020 een bedrijfsverlies realiseerden. Zonder bedrijfsverlies in 2020 kan men geen beroep doen op de wederopbouwreserve.

De regeling is niet van toepassing voor beleggingsvennootschappen, gereglementeerde vastgoedvennootschappen, coöperatieve participatievennootschappen, zeescheepvaartvennootschappen, vennootschappen die in de periode van 12 maart 2020 tot aan de dag van de indiening van de aangifte die verbonden is aan een aanslagjaar waarin de wederopbouwreserve wordt aangelegd, een inkoop van eigen aandelen, een toekenning of uitkering van dividenden of een kapitaalvermindering hebben verricht. Ook vennootschappen die op 18 maart 2020 konden worden aangemerkt als een onderneming in moeilijkheden kunnen geen aanspraak maken.

Inhoud maatregel

Indien uw onderneming tijdens de Coronacrisis bedrijfsverliezen leed - waardoor het eigen vermogen afnam – krijgt u een fiscale incentive in de vennootschapsbelasting om de solvabiliteitspositie in de volgende jaren geleidelijk terug op te bouwen.

Bij het verstrijken van het belastbaar tijdperk dat verbonden is aan een van de aanslagjaren 2022, 2023 of 2024 kan de vennootschap een vrijgestelde reserve aanleggen ten bedrage van de belastbare gereserveerde winst van het belastbaar tijdperk vastgesteld vóór de samenstelling van de vrijgestelde reserve. Deze vrijgestelde reserve wordt dan niet als winst aangemerkt binnen bepaalde grenzen en onder bepaalde voorwaarden.  

De vrijstelling wordt verleend ten belope van een maximumbedrag gelijk aan het bedrag van het bedrijfsverlies in boekjaar 2020, met een maximum van € 20 miljoen.  Vennootschappen die hun boekjaar afsluiten tijdens de periode van 1 januari 2020 tot 31 juli 2020 mogen er voor kiezen het maximale bedrag van de vrijstelling te beperken tot het bedrag van de bedrijfsverliezen, bepaald in overeenstemming met de wetgeving inzake boekhouding en jaarrekening voor het boekjaar dat afsluit in 2021, opnieuw met een maximum van 20 miljoen euro. Deze keuze wordt gemaakt wanneer de reserve voor het eerst wordt aangelegd en is onherroepelijk. 

Om beroep te kunnen doen op deze fiscale regeling moet uw onderneming er zich toe engageren tussen 12 maart 2020 en de dag van indiening van de aangifte(s) geen eigen aandelen in te kopen, geen kapitaal te verminderen en geen dividenden uit te keren. Ook de loonsom moet worden behouden (op minstens 85 % van de post 'bezoldigingen en sociale voordelen') in 2019.  Anders wordt een deel van de vrijgestelde reserve alsnog belast. 

Voorbeeld: Uw vennootschap heeft in 2019 (boekhouding per kalenderjaar) personeelskosten op de post 620 'Bezoldigingen en rechtstreekse sociale voordelen' van € 100.000. In boekjaar 2021 (aanslagjaar 2022) legt zij een belastingvrije wederopbouwreserve aan van € 200.000 (het bedrijfsverlies in 2020). De rekening 620 bedraagt in dat jaar tevens € 100.000. In boekjaar 2022 (aanslagjaar 2023) bedraagt de post 620 slechts € 80.000. Het bedrag van € 80.000 ligt onder de drempel van 85 % van de post 620 'Bezoldigingen en sociale voordelen' van het jaar 2019. Het belastbaar bedrag van de wederopbouwreserve is dan € 85.000 (de drempel) – € 80.000 (kosten van het boekjaar) = € 5.000. De onderneming geniet dus nog steeds van de vrijgestelde wederopbouwreserve, maar slechts gedeeltelijk. Een beperkt deel van de vrijgestelde reserve wordt belast.

In boekjaar 2023 (aanslagjaar 2024) bedraagt de post 620 'bezoldigingen en rechtstreekse sociale voordelen' nog € 70.000. De vennootschap legt geen nieuwe wederopbouwreserve meer aan. Het belastbare bedrag is dan € 80.000 (voorheen de laagste drempel) - € 70.000 (de nieuwe drempel) = € 10.000.

Belastingparadijs

Ook indien de vennootschap tussen 12 maart 2020 en de laatste dag van het belastbaar tijdperk waarin de wederopbouwreserve wordt genoten, een rechtstreekse deelneming heeft in een vennootschap gevestigd in een belastingparadijs kan men van deze regeling niet genieten. Dat geldt ook indien betalingen werden gedaan in deze periode aan dergelijke vennootschappen voor een totaalbedrag van ten minste 100 000 euro voor het belastbare tijdperk, tenzij is aangetoond dat deze betalingen zijn verricht in het kader van werkelijke en oprechte verrichtingen als gevolg van rechtmatige financiële of economische behoeften. 

Onaantastbaarheidsvoorwaarde

De wederopbouwreserve is onderworpen aan de onaantastbaarheidsvoorwaarde. Dat betekent dat ze uiterlijk bij de vereffening van de vennootschap belastbaar wordt. Ook indien de vennootschap in een volgend belastbaar tijdperk dividenden uitkeert, een kapitaalvermindering doorvoert of eigen aandelen inkoopt wordt de reeds aangelegde wederopbouwreserve geheel of gedeeltelijk aangemerkt als winst van het belastbare tijdperk.

Bij een inkoop van eigen aandelen gebeurt dat ten bedrage van het bedrag van het inkoopbedrag, bij een uitkering van dividenden (inclusief liquidatiebonus) ten bedrage van het bedrag van de uitgekeerde dividenden en bij een kapitaalvermindering ten bedrage van het bedrag van de kapitaalvermindering. De belastbaarheid heeft maximaal betrekking op het bedrag van de vrijgestelde wederopbouwreserve (zoals vermeld op de balans). 

Stand van zaken

Goedkeuring in plenaire vergadering Kamer van Volksvertegenwoordigers: 12 november 2020; eerstdaags publicatie in het Belgisch Staatsblad.

Voordeel

Het maximumbedrag van de wederopbouwreserve blijft beperkt tot het bedrijfsverlies van het boekjaar 2020, met een maximale grens van € 20 miljoen. 

Procedure

De belastingrvrije reserve moet worden geboekt op een aparte rekening van het passief op de balans en daar blijven. De reserve mag niet als grondslag dienen voor de berekening van de jaarlijkse dotatie aan de wettelijke reserve. Ze mag ook niet als basis dienen voor enige beloning of toekenning. De vennootschap zal een formulier moeten toevoegen bij de aangifte in de vennootschapsbelasting voor de aanslagjaren waarin men de vrijstelling toepast. Hiertoe zal een specifiek model bij KB worden opgemaakt. 

Meer info 1

Meer info 2

 

Eerste hulp bij online verkopen? VLAIO zorgt ervoor. Kijk snel hoe.

Vlaams minister Crevits maakt 700.000 euro vrij voor een reek webinars over online verkopen, georganiseerd door VLAIO, die later ook als video beschikbaar zullen zijn.

De eerste webinar zal plaatsvinden op 24 november en ondernemers kunnen deelnemen via www.vlaio.be/jezaakonline.

De 5 webinars zijn:

1.    Hoe Google jouw zaak ziet (o.a. Google my business) 
2.    Online verkopen via Facebook en Instagram 
3.    Slimme online tools waar je fysieke winkel beter van wordt (reserveren, click&collect, whatsapp, …) 
4.    Online verkopen zonder eigen webshop 
5.    Starten met een eigen webwinkel

Andere steunmaatregelen die op 13 november werden aangekondigd:

BELEIDSMAATREGELEN OM TE HELPEN BIJ LIQUIDITEITSPROBLEMEN

Er komt een uitzonderlijk betalingsuitstel tot eind april van onroerende voorheffing voor rechtspersonen. Wat houdt dat precies in en hoe zit het met de vorige regeling?

Er komt een uitzonderlijk betalingsuitstel tot eind april van onroerende voorheffing voor rechtspersonen. Het doel daarvan is om financiële ademruimte geven aan ondernemingen die zwaar getroffen worden door de tweede golf in de coronacrisis.

Beleidsdomein 
Fiscaliteit/onroerende voorheffing

Overheid
Vlaamse

Doelgroep 

Regeling geldt voor rechtspersonen. Eenmanszaken kunnen soepel afbetalingsplan vragen

Probleem 

Vlaamse ondernemingen worden voor de tweede keer in 2020 zwaar op de proef gesteld door de coronacrisis. 

Bestaande maatregel 

De Vlaamse regering had in dit voorjaar de facto reeds een betalingsuitstel inzake onroerende voorheffing van 2 maanden toegekend aan rechtspersonen: de Vlaamse Belastingdienst verstuurde namelijk de aanslagbiljetten onroerende voorheffing voor aanslagjaar 2020 aan rechtspersonen pas vanaf september 2020 (in plaats van vanaf mei). De betalingstermijn was 2 maanden na het versturen van het aanslagbiljet.

Nieuwe maatregel 

De betalingstermijn wordt nu verder verlengd met 4 maanden. Alle aan rechtspersonen verzonden aanslagbiljetten inzake onroerende voorheffing van het aanslagjaar 2020 mogen immers uitzonderlijk betaald worden tegen uiterlijk 30 april 2021. En dit ondanks de gewone betaaltermijn die op de aanslagbiljetten vermeld staat. Er zullen geen nalatigheidsinteresten aangerekend worden, voor zover er uiterlijk op 30 april 2021 wordt betaald. Let op: deze maatregel geldt enkel voor aanslagjaar 2020. Voor andere aanslagjaren blijft de betaaltermijn die op het aanslagbiljet staat van toepassing en blijven de interesten doorlopen als er niet tijdig betaald wordt.

Aanvraagprocedure 
Geen

Meer info 

Het nieuw Vlaams beschermingsmechanisme wordt opnieuw uitgebreid, onder meer in tijd en nu ook voor grotere ondernemingen. Wat, voor wie en hoe aanvragen?

Vlaams minister van Economie Crevits lanceert een aantal nieuwe maatregelen om ondernemingen die het moeilijk hebben met de verstrengde maatregelen te ondersteunen. Een van de belangrijkste is de uitbreiding van het nieuw Vlaams Beschermingsmechanisme. Voor wie, hoe veel en hoe aanvragen? Belangrijk: voor het eerdere Vlaamse Beschermingsmechanisme (voor de maanden augustus - september) kunnen aanvragen nog tot 15 november ingediend worden.


Voor wie? Ten eerste: handelszaken die verplicht gesloten zijn

Alle handelszaken die verplicht gesloten zijn kunnen automatisch een beroep doen op het Vlaams beschermingsmechanisme. Dat betekent dat zij geen omzetverlies moeten aantonen voor de periode waarin ze verplicht gesloten zijn.

Het steunbedrag is 10% van de omzet die de onderneming had in dezelfde periode in 2019. Dat is ongeveer twee derde van de vaste kosten. Voor ondernemers die nog geen jaar bezig zijn, wordt een andere gelijkaardige periode in rekening gebracht of wordt naar het financieel plan gekeken. Handelszaken die ondertussen het systeem van ‘click&collect’ toepassen, zullen eveneens een beroep kunnen doen op de steun. 


Voor wie? Ten tweede: andere ondernemers die problemen ondervinden

Niet enkel wie verplicht gesloten is, ondervindt gevolgen van de maatregelen. Ook andere ondernemers kunnen een premie aanvragen als ze een omzetverlies van 60% hebben geleden. Toeleveranciers van verplicht gesloten ondernemingen kunnen een aanvraag indienen voor een kortere periode, die overeenstemt met de verplichte sluitingsperiode van hun klanten.

Hoeveel? Minimum 1.000 euro maximum 60.000 euro 

Het Vlaams beschermingsmechanisme zal in twee periodes mogelijk zijn. Van 1 oktober tot 15 november en van 16 november tot 31 december.

Voor die eerste periode was het al zo dat cafés en restaurants die verplicht gesloten zijn een keuze kunnen maken tussen een steun van 10% voor de sluitingsperiode sinds 19 oktober waarvoor ze geen omzetverlies moeten aantonen. Of 10% van de normale omzet tijdens de periode van 1 oktober tot 15 november waarvoor ze wel 60% omzetverlies moeten aantonen. 

Nu komt daar een tweede periode van 16 november tot 31 december bij.

Voor kleine ondernemingen komt er een minimumbedrag van 1.000 euro steun voor de periode van anderhalve maand. Voor ondernemingen met 50 werknemers of meer is er een extra maximumplafond van 60.000 euro voor de periode van anderhalve maand. De plafonds worden verhoudingsgewijs aangepast voor ondernemingen die een aanvraag indienen voor een kortere periode van verplichte sluiting.

Hoe aanvragen?

De aanvraag voor de eerste periode (1 oktober tot 15 november 2020) kan ingediend worden vanaf maandag 16 november via de website van VLAIO.

Belangrijk

Bedrijven die in augustus en september minstens 60% omzetverlies hadden, hebben nog de mogelijkheid om het Vlaams beschermingsmechanisme aan te vragen tot 15 november.

Info 

Andere steunmaatregelen die aangekondigd werden op 13 november:

Op 6 november werden nieuwe steunmaatregelen aangekondigd, en bestaande werden verlengd. Welke?

Op 6 november heeft de federale regering een nieuwe batterij aan steunmaatregelen aangekondigd om de economie te onderstutten. Voka had de voorbije weken de regering  gevraagd en bij diverse contacten erop aangedrongen om extra steun voor de bedrijven te voorzien omdat ze het anders niet zouden overleven, met faillissementen en fors jobverlies tot gevolg. Die oproep heeft de regering duidelijk gehoord, en wij zijn dan ook verheugd dat de maatregelen werkelijkheid worden.

Bij een aantal van de maatregelen moeten nog een aantal modaliteiten uitgewerkt worden zoals de precieze doelgroep, de draagwijdte en de precieze inwerkingtreding. Dat zal vastgelegd worden in Ministeriële Besluiten en in de instructies van overheidsinstellingen zoals de RVA. Voka volgt dat permanent op voor u. De meest recente info, kan u steeds raadplegen in deze FAQ.


Wat werd aangekondigd - letterlijk:

Steun aan bedrijven

Verlenging van bestaande maatregelen

  • Verlenging van de verhoogde investeringsaftrek van 25% tot eind 2022, waarbij KMO-vennootschappen, eenmanszaken en vrije beroepen een groter aandeel van hun investeringen kunnen aftrekken van hun belastbare winst.
  • Verlenging van de garantieregeling voor kmo’s en de garantieregeling voor kredietverzekeringen tot 30 juni 2021. Tegelijk met deze verlenging zal de minister van Financiën in overleg met de financiële sector het bestaande moratorium voor ondernemingskredieten verlengen.
  • Opnieuw openstellen van de tijdelijke werkloosheid wegens overmacht naar alle ondernemingen. Tijdens deze periode ontvangt de werknemer in tijdelijke werkloosheid een uitkering gelijk aan 70% van zijn of haar bruto maandloon (geplafonneerd op 2.754,76 euro). Hier bovenop ontvangt de werknemer ook nog een RVA-toeslag van 5,63 euro per dag tijdelijke werkloosheid. Deze maatregel zal gelden tot 31 maart 2021 en er zal de mogelijkheid worden voorzien om deze te verlengen.

Nieuwe maatregelen

  • Uitvoering van het akkoord van de sociale partners waardoor de overheid deels tussenkomt in de financiering van het vakantiegeld voor tijdelijk werklozen. In de berekening van dit vakantiegeld worden de dagen tijdelijke werkloosheid immers gelijkgesteld aan gewerkte dagen.
  • Uitbreiding van het toepassingsgebied voor de vrijstelling RSZ-werkgeversbijdrage voor het derde kwartaal van 2020 naar andere sectoren (dan de horeca en de evenementensector) die verplicht moesten sluiten. Ook de toeleveranciers van de sectoren die verplicht moeten sluiten, kunnen gebruik maken van deze maatregel indien zij een omzetverlies van minstens 65% kunnen aantonen. Er zal een plafond worden gehanteerd per onderneming voor wat betreft het totale bedrag van deze vrijstelling.

Steun aan zelfstandigen

Verlenging van bestaande maatregelen

  • Verlenging van het huidig dubbel crisis-overbruggingsrecht tot en met december 2020 voor alle sectoren die gesloten zijn. Voor een zelfstandige zonder gezinslast komt dit neer op 2.583,4 euro per maand. Voor een zelfstandige met gezinslast bedraagt dit 3.228,2 euro per maand.
  • Er komt een nieuw overbruggingsrecht vanaf 1 januari 2021, dat steeds inroepbaar is bij een crisis. Er zal gewerkt worden op basis van een sterke daling van de omzet. De concrete modaliteiten zullen op korte termijn worden uitgewerkt, rekening houdend met de adviezen van het Algemeen Beheerscomité.
  • Extra uitstel van betaling voor de vennootschapsbijdrage tot het einde van het jaar 2020. Er was al een uitstel voorzien tot 31 oktober 2020 en dit uitstel wordt nu verlengd tot 31 december 2020.
  • Aanvullende uitkering arbeidsongeschiktheid zodat ook samenwonende zelfstandigen die ziek zijn een uitkering ontvangen die even hoog is als het overbruggingsrecht (voor alleenstaande zelfstandigen en zelfstandigen met gezinslast is dit reeds het geval). Concreet gaat het om een toeslag van meer dan 300 euro per maand

Nieuwe maatregelen

  • Tijdelijke verbetering van het klassiek overbruggingsrecht door het o.a. beter toegankelijk te maken voor starters en behoud van de pensioenopbouw.
  • Afbetalingsplannen voor zelfstandigen die uitstel van betaling van sociale bijdragen hebben gekregen, met behoud van het recht op terugbetaling gezondheidszorgen en dit tot 31 december 2021.

Steun aan werknemers

Verlenging van bestaande maatregelen

  • Verlaging van de bedrijfsvoorheffing voor tijdelijke werkloosheid.
  • De minister van Financiën en de minister van Economie zullen in overleg met de financiële sector het bestaande moratorium voor de hypothecaire kredieten en de consumentenkredieten verlengen. Het overleg zal ook ‘leasing’ meenemen.
  • Tijdelijke werkloosheid wegens quarantaine van een kind. De bestaande maatregel zal worden uitgebreid naar andere situaties waarin het kind in quarantaine moet, met een attest van controle.
  • Aanvullende uitkering arbeidsongeschiktheid om dit op hetzelfde niveau te trekken als de uitkering voor tijdelijke werkloosheid. Concreet wil dit zeggen dat indien de arbeidsongeschiktheidsuitkering lager uitvalt dan 70% van het gemiddeld bruto maandloon (geplafonneerd op 2.754,76 euro), deze aangevuld zal worden met een toeslag van 5,63 euro per dag tot aan dat bedrag.
  • Soepele toegang tot de kunstenaarswerkloosheid. Kunstenaars die in de periode van 13 maart 2019 tot 13 maart 2020 ministens 10 artistieke prestaties of 20 arbeidsdagen kunnen aantonen, krijgen toegang tot de kunstenaarswerkloosheid.
  • Extra budget van 13,07 miljoen euro voor consumptiecheques in de zorgsector en verlenging geldigheidsduur consumptiecheques in de zorg tot eind 2021.

Nieuwe maatregelen

  • Uitbetaling door de RVA van een supplement op de eindejaarspremie aan werknemers die lang tijdelijk werkloos zijn geweest. Werknemers die in 2020 minstens 52 dagen tijdelijk werkloos zijn geweest, zullen een toeslag op hun eindejaarspremie krijgen van 10 euro per extra dag tijdelijke werkloosheid (bovenop de 52 dagen). Voor wie in aanmerking komt, zal de totale toeslag steeds minimum 150 euro bedragen.
  • Plan ondersteuning (tele)dienstverlening en telewerk bij ambtenaren. Het gaat concreet om het voorzien van stress- en burn-outcoaches, opleidingen voor leidinggevenden inzake het aansturen van personeel van op afstand, het stroomlijnen van online sollicitatiegesprekken en selectietests en het verbeteren van de digitale communicatie naar de ambtenaren.
  • Er komt eenmalige enveloppe van 200 miljoen euro voor het ziekenhuispersoneel (werknemers en zelfstandigen). De bevoegde minister zal in overleg met de sociale partners deze maatregelen ter ondersteuning van de ziekenhuispersoneel verder uitwerken. Er zal ook overleg plaatsvinden met de deelstaten in de Interministeriële Conferentie Volksgezondheid

Extra werknemers voor cruciale sectoren

Verlenging van bestaande maatregelen

  • Verhoging quotum vrijwillige overuren tot 220 uren in de zorgsector, andere cruciale sectoren en de essentiële diensten. Deze bijkomende overuren zullen fiscaal en parafiscaal worden vrijgesteld, en er is geen overloon op van toepassing.
  • Het makkelijker maken om werknemers tijdelijk te detacheren naar een andere werkgever in de zorgsector of naar het onderwijs.
  • Tijdelijk werklozen mogen met behoud van 75% van hun uitkering werken in de land- en tuinbouw, in de zorgsector en in het onderwijs.
  • Toelaten dat tijdelijk werklozen opeenvolgende contracten van bepaalde duur van minstens 7 dagen sluiten bij een andere werkgever, in de zorg en in het onderwijs.
  • Verhoging plafonds voor cumul leefloon met inkomsten uit seizoensarbeid en voor inkomsten uit arbeid van studenten met een studiebeurs.
  • Verlenging COVID-19-schadeloosstellingsfonds voor vrijwilligers en toelating voor commerciële ziekenhuizen om vrijwilligers in te zetten.
  • Verlenging van een pakket pensioenmaatregelen, onder meer om er voor te zorgen dat gepensioneerden die bijklussen als werknemer of zelfstandigen, hun pensioen kunnen combineren met een uitkering wegens tijdelijke werkloosheid of een overbruggingsrecht. Daarnaast wordt de pensioenopbouw van mensen in tijdelijke werkloosheid veiliggesteld, inclusief de opbouw van de tweede pijler. Ook voorkomen we dat gepensioneerden die tijdelijk opnieuw aan de slag gaan, bijvoorbeeld in de zorgsector of in het onderwijs, een deel van hun pensioen verliezen.
  • Verdubbeling quotum seizoensarbeid ook in het jaar 2021 en tijdelijke werkloosheid voor seizoenarbeiders die in België aankomen en in quarantaine moeten.

Steun aan de meest kwetsbaren

Verlenging van bestaande maatregelen

  • Premie van 50 euro per maand voor mensen die recht hebben op een leefloon, inkomensgarantie voor ouderen (IGO) of een inkomensvervangende tegemoetkoming (IVT).
  • Verlenging van de bevriezing van de degressiviteit van de werkloosheidsuitkeringen tot het eind van 2020. Dit wil zeggen dat werklozen in de periode van 1 april tot 31 december 2020 hun werkloosheidsuitkering niet zullen zien verminderen.
  • Verderzetten van de winteropvang.
  • Verhoogd terugbetalingspercentage (ten belope van 15%) aan de OCMW’s voor de uitbetalingen van het leefloon.

Nieuwe maatregelen

  • Inwerkingtreding van de Task Force Kwetsbare Groepen. Deze task force zal, in overleg met de actoren op het terrein, maatregelen uitwerken om de meest kwetsbaren te ondersteunen. Hiervoor wordt een budget van 75 miljoen euro voorzien.

Verlenging algemene maatregelen

  • Mogelijkheid om individueel uitstel van betaling van belastingen te bekomen zonder boetes en nalatigheidsinteresten.
  • Fiscale vrijstelling van subsidies die worden toegekend door steden, gemeenten en deelstaten.
  • BTW-verlaging (6%) op handgels en mondmaskers.
  • Verlenging van de gratis notariële volmachten waardoor mensen zich niet naar het notariskantoor moeten begeven.
  • Opschorting van de controles op de verblijfsvoorwaarde (namelijk, maximaal 29 dagen per jaar buiten België verblijven) bij de Inkomensgarantie voor Ouderen (IGO)

Doel maatregelen

De federale regering wil met deze steunmaatregelen op vier grote doelstellingen focussen:

1. Het ondersteunen van mensen die aan de slag waren, maar door de moeilijke situatie door corona nu zonder werk zitten of hun zaak hebben moeten sluiten. We willen hen zowel ondersteunen in hun inkomen als in het behoud van hun sociale rechten.

2. Het redden van gezonde bedrijven door hen zowel te ondersteunen in hun liquiditeit (cashflow) en hun solvabiliteit.

3. Het ondersteunen van mensen in armoede of met een verhoogd risico op armoede. Zij worden vaak buitensporig hard getroffen door de coronacrisis.

4. Het versterken van cruciale sectoren die door de crisis extra zwaar onder druk zijn komen te staan: in het bijzonder de zorg, het onderwijs en de land- en tuinbouw.

Bron: premier.be

Klopt het dat er een verlenging komt van de bijzondere minnelijke afbetalingstermijnen RSZ-bijdragen?

Het is nog niet definitief, maar het zit wel in de pijplijn. Het gaat meer bepaald over de verlenging bijzondere minnelijke afbetalingstermijnen RSZ-bijdragen in 3e en 4e kwartaal 2020 voor ondernemingen die hinder ondervinden ingevolge Corona.

Doel

Ondernemingen die er nood aan hebben toelaten over extra cashflow te beschikken. 

Doelgroep

Dit individueel uitstel staat open voor alle ondernemingen/werkgevers die onderworpen zijn aan de betaling van RSZ-voorschotten. Maatregel betreft alle werkgevers zonder onderscheid naar aard (natuurlijke persoon of rechtspersoon) of naar vorm.

Bestaande regeling 

Voor het eerste en tweede kwartaal 2020 bestaat al de mogelijkheid tot 'bijzondere' plannen betalingsuitstel RSZ-bijdragen. In tegenstelling tot gewone plannen worden hier geen bijdrageopslagen, forfaitaire vergoedingen en/of verwijlinteresten aangerekend.

Het afbetalingsplan is enkel mogelijk als de schulden nog niet voorwerp uitmaakten van gerechtelijke vervolging. Het komt ook niet in aanmerking indien RSZ al een klassiek afbetalingsplan heeft toegekend.

Inhoud stimulusmaatregel

Ook voor het derde en vierde kwartaal 2020 ontstaat nu de mogelijkheid 'bijzondere' plannen betalingsuitstel RSZ-bijdragen aan te vragen. In tegenstelling tot 'klassieke' plannen worden hier geen bijdrageopslagen, forfaitaire vergoedingen en/of verwijlinteresten aangerekend. Zoals het geval was gedurende het eerste en tweede kwartaal 2020, is de forfaitaire vergoeding die verschuldigd is in geval van niet-respecteren van de verplichtingen inzake het betalen van voorschotten, niet verschuldigd voor het derde en vierde kwartaal 2020. 

Aanvraagprocedure

De aanvraagprocedure gebeurt via de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid. Daar kan een aanvraag tot minnelijk afbetalingsplan ingediend worden, met vermelding van de contactgegevens van de werkgevers alsook de motivatie van de manier waarop de werkgever financieel te lijden heeft door het coronavirus. Da kan via de pagina ‘minnelijk afbetalingsplan’ op het portaal van de sociale zekerheid. 

Stand van zaken 
Het ligt momenteel voor ter bespreking in Commissie Sociale Zaken van het parlement. De stemming door het parlement wordt nog dit jaar verwacht.
 

Periode 

1/7/2020 - 31/12/2021

Einddatum regeling

28 februari 2021: vervaldatum die wettelijk vastgelegd is voor de betaling van de bijdragen voor het 4e kwartaal 2020.

Ondernemingen getroffen door de coronacrisis kunnen opnieuw gebruik maken van tijdelijke werkloosheid corona mat een sterk vereenvoudigde procedure. Dat klopt?

Dat klopt. Zoals verwacht kunnen alle ondernemingen, getroffen door de coronacrisis, opnieuw gebruik maken van de tijdelijke werkloosheid overmacht corona met een sterk vereenvoudigde procedure (corona werkloosheid).
 
In dit stelsel bedraagt de uitkering 70% van een geplafonneerd maandloon aangevuld met een RVA- toeslag van 5,63 euro per dag tijdelijke werkloosheid.
De regeling geldt zowel voor situaties van overmacht als voor situaties van werkgebrek ingevolge de coronacrisis.
 
Hiermee komen terug in de toestand die gold vóór 1 september 2020: administratief eenvoudig en met een gelijke behandeling van tijdelijk werklozen.
 
De regeling zal gelden tot minstens 31 maart 2021. 

Klopt het dat er een nieuw moratorium op faillissementen?

Er werd door de regering-De Croo een nieuw moratorium op faillissementen goedgekeurd voor bedrijven die omwille van de verstrengde maatregelen verplicht de deuren moesten sluiten, zo meldt de zakenkrant De Tijd. Het moratorium zal lopen tot 31 januari. 

De tekst gaat eerst nog naar de Raad van State, waarna hij in de Kamer moet goedgekeurd worden. Bij de eerste coronagolf in maart voerde de regering-Wilmès al een moratorium op faillissementen in tot 17 juni. 

Daarnaast besliste de regering een tijdelijke inperking van beslagen in te voeren. Die was er eerder ook al van 20 mei tot 17 juni.

Bron: De Tijd

Klopt het dat de indieningstermijn voor de handelshuurlening verlengd wordt tot 1 maart 2021?

Dat klopt. Vlaams minister van Economie Crevits lanceert een aantal nieuwe maatregelen om ondernemingen die het moeilijk hebben met de verstrengde maatregelen, te ondersteunen. Een van de maatregelen is een verlenging van de indieningstermijn voor een handelshuurlening.

Om ondernemers verder te ondersteunen in hun vaste kosten, is er de mogelijkheid om een handelshuurlening af te sluiten. Wie zijn of haar pand huurt, kan een vrijwillige overeenkomst sluiten met de verhuurder. De handelshuurlening kon oorspronkelijk tot 1 december 2020 aangevraagd worden, maar aangezien de crisis blijft aanhouden wordt die indieningstermijn verlengd tot 1 maart 2021.

Wat houdt zo'n handelshuurlening in?

Huurders die door liquiditeitsproblemen moeilijkheden hebben om de handelshuur te betalen, kunnen een handelshuurlening aanvragen. De Vlaamse overheid schiet dan maximaal twee maanden huur voor, op voorwaarde dat de verhuurder een of twee maanden huur kwijtscheldt. De onderneming moet wel aan bepaalde voorwaarden voldoen en het moet gaan om een pand in het Vlaamse Gewest.     

Deze lening kan worden aangevraagd sinds begin juli en wordt nu dus verlengd tot 1 maart 2021.

Meer info.  

Andere steunmaatregelen die op 13 november werden gelanceerd:

Hoe zit het met het overbruggingsrecht voor zelfstandigen?

Het Corona-overbruggingsrecht zal worden verdubbelen in oktober en november 2020 voor zelfstandigen, helpers en meewerkende echtgenoten die actief zijn in sectoren die hun zelfstandige activiteit volledig of gedeeltelijk hebben moeten stopzetten wegens de COVID-maatregelen (beslissing van 23/10).

Ook wie actief is in sectoren die afhankelijk zijn van de getroffen sectoren en die hun zelfstandige activiteit volledig moeten onderbreken, komen in aanmerking voor dit dubbele crisis-overbruggingsrecht dat 2.583 euro (alleenstaande zelfstandige) of 3.228 euro (zelfstandige met gezinslast) bedraagt. 

De zelfstandigen uit de afhankelijke sectoren die hun zelfstandige activiteit slechts gedeeltelijk onderbreken, komen in aanmerking voor het Overbrugginsrecht-heropstart, maar niet voor het Crisis-overbruggingsrecht.

Het Overbruggingsrecht-heropstart wordt verlengd tot 31 december 2020. Dat liep normaal af op 31 oktober.  

Meer info 

Welke nieuwe steunmaatregelen gelden in het Brusselse gewest?

Na de nieuwe verstrengde maatregelen in de strijd tegen de tweede golf in de corona-pandemie, heeft de Brusselse regering eind oktober bijkomende steunmaatregelen gelanceerd voor de meest getroffen sectoren, inzonderheid horeca, toerisme en evenementen. Intussen is ten behoeve van alle ondernemingen de proxi-lening operationeel, waarbij bedrijven in het Brusselse gewest goedkoop kunnen lenen bij particulieren, die hiervoor een fiscaal voordeel genieten.

Proxi-lening

De “proxi-lening” is bedoeld om het spaargeld van burgers te mobiliseren ten behoeve van de financiering van kmo’s via een belastingkrediet op één of meer leningen die door een Brusselaar aan een KMO worden verstrekt. Het is de Brusselse variant van de win-win-lening die reeds enkele jaren in het Vlaamse gewest van toepassing is.

Via de proxi-lening kan de kredietnemer (zelfstandige of zaakvoerder van een kmo met een economische activiteit in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest) een goedkope, achtergestelde lening voor een vaste termijn van 5 of 8 jaar aangaan bij een particulier (inwoner van het Brusselse gewest). Tot 31 december 2021 kan er tot 300.000 euro worden geleend, nadien 250.000 euro.

Het betreft een achtergestelde lening, met een rentevoet van 0,875% tot max 1,75%. De kredietgever kan de eerste drie jaar een jaarlijks belastingvoordeel van 4% genieten en daarna van 2,5% voor de resterende jaren. Onder bepaalde voorwaarden kan hij een eenmalig belastingkrediet van 30% genieten op de definitief verloren hoofdsom, bijvoorbeeld in geval van een faillissement.

Premie voor de evenementensector

Het Gewest ondersteunt de zwaar door de COVID-19-crisis getroffen ondernemingen van de Brusselse evenementen-, culturele en toerismesector en van het nachtleven. Onder bepaalde voorwaarden kunnen ondernemingen in deze sectoren een premie krijgen van 3.000 tot 9.000 euro.

De premie-aanvraag moet tussen 4 november en 4 december 2020 worden ingediend

Premie voor de hotels

Brusselse hotels en aparthotels krijgen onder bepaalde voorwaarden steun van het gewest:

  • Voor een toeristenverblijf met een capaciteit van ten hoogste 18 logieseenheden: forfaitaire premie van 20.000 euro
  • Voor een toeristenverblijf met een capaciteit van meer dan 18 logieseenheden : 1.100 euro per hotelkamer of andere logieseenheid, beperkt tot 200.000 euro per hotel of aparthotel.

Het aantal logieseenheden op het ogenblik van de registratie van het hotel of het aparthotel bepaalt het aantal dat in overweging wordt genomen.

De premie-aanvraag moet uiterlijk op 13 november worden ingediend.

Premie voor de culturele en creatieve sector

De culturele en creatieve instellingen zonder winstoogmerk, met maximum 5 personeelsleden, die te lijden hebben onder de crisis, kunnen onder bepaalde voorwaarden  een premie van 4.000 euro krijgen.

Uiterlijk op 23 november 2020 moet de premie-aanvraag worden ingediend.

Premie voor café’s en bars die moeten sluiten

Bars en cafés die verplicht moeten sluiten, kunnen een éénmalige premie van 3.000 euro krijgen. Het betreft cafés, bars, tapgelegenheden, theehuizen, cafetaria’s en elke andere plek waar alcoholische en niet alcoholische dranken worden aangeboden voor verbruik ter plaatse en die verplicht moeten sluiten naar aanleiding van het Besluit van 8 oktober 2020.

Overheidsgaranties

Via het Brussels Waarborgfonds kunnen bedrijven ter ondersteuning van de cashflows overheidsgaranties op bankleningen toegekend krijgen,  voor een totaal bedrag van 20 miljoen euro. De garantie van Brussel is een aanvulling  op de federale staatsgarantie.

Leningen aan de horecasector

Op verzoek van de Brusselse regering ondersteunt finance&invest.brussels via leningen niet alleen restaurants en cafés en hun leveranciers, maar ook hotels. Deze leningen zijn voorzien om bedrijven te helpen die als gevolg van de coronacrisis met een tekort aan kapitaal kampen. Er werd in totaal voor 40 miljoen euro hiervoor ter beschikking gesteld aan finance&invest.brussels.

Microkredieten Brusoc Recover

BRUSOC, filiaal van finance&invest.brussels, kreeg  de mogelijkheid kaskredieten te  verstrekken van maximaal 15.000 euro tegen een beperkte interestvoet aan zelfstandigen, micro-ondernemingen en organisaties  van de sociale economie. De ondernemingen die deze lening – Recover - kunnen aanvragen, moeten getroffen zijn door de coronacrisis en een thesauriebehoefte hebben. 

Noodondersteuning Brusselse bedrijven 

Bedrijven in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest kunnen beroep doen op een gewestelijk support-team, bestaande uit coaches en begeleiders die de kennis en expertise van de belangrijkste regionale instanties verenigen. Zij zullen je ondersteunen met advies, expertise en nuttige contacten om je doorheen deze crisis te loodsen. Zij kunnen je ondersteunen in verscheidene domeinen : coaching, boekhouding & financiering, administratieve procedures, thematische expertise, export, kredietbemiddeling & juridisch advies. 
Opgelet: deze begeleiding heeft geen betrekking op de federale of regionale premies en maatregelen. Indien je daar vragen over hebt, kan je ze rechtstreeks stellen aan 1819 via het nummer 1819.

Meer info is hier terug te vinden.

De winwinlening is sinds 7 oktober effectief uitgebreid. Voor wie en hoe aanvragen?

Vrijdag 8 mei besliste de Vlaamse regering principieel om de winwinlening te verruimen en te versoepelen. Zo worden onder meer de plafondbedragen voor de investeerders (‘Family, Friends & Fans’) en de ontlenende ondernemingen opgetrokken. Ook de looptijd, overheidswaarborg en investeerdersgroep worden verruimd. De maatregel ging vanaf 7 oktober in.  

Voor wie (kredietnemer)?

Alle kmo’s met een economische activiteit die in Vlaanderen gevestigd zijn, ook binnen de sector van de sociale economie.  

Door wie (kredietgever)?

Elke natuurlijke persoon die de lening afsluit buiten het kader van zijn eigen handels- of beroepsactiviteit

ÉN

  • geen werknemer is van de kredietnemer
  • geen echtgenoot of wettelijke samenwonende partner is van de kredietnemer als die een zelfstandige is
  • geen aandeelhouder met meer dan 5% van de aandelen van de betrokken onderneming is (voorheen: geen enkel aandeel bezitten)
  • geen bestuurder, zaakvoerder of een vergelijkbare mandataris is van de kredietnemende rechtspersoon (ook niet als echtgenoot of wettelijk samenwonende partner)

Wat?

  • Vorm: achtergestelde lening
  • Vergoeding voor de kredietgever: jaarlijks fiscaal voordeel van 2,5% op het openstaande kapitaal. Nu uitgebreid tot een maximale looptijd van 10 jaar (voorheen: 8 jaar). 
  • Looptijd: variabel van 5 tot 10 jaar (voorheen: vaste termijn van 8 jaar)
  • Rentevoet: de maximale wettelijke rentevoet en minimum de helft van die rentevoet (1,75% in 2020). 
  • Maximumbedragen: 
  1. Kredietgever (particulier): 75.000 euro (voorheen: 50.000 euro)
  2. Kredietnemer (onderneming): 300.000 euro (voorheen: 200.000 euro)
  • Overheidswaarborg in geval van niet-terugbetaling: tijdelijk 40%, d.w.z. voor nieuwe overeenkomsten afgesloten tot en met 31 december 2021 (voorheen: 30%). 
  • Opmerking: leningen die aflopen in 2020 kunnen met 2 jaar verlengd worden. Zo kan de terugbetaling meer gespreid of uitgesteld worden ten gevolge van de crisis. 

Hoe aanvragen? 

Contacteer PMV 

Kan ik uitstel van betaling krijgen voor de doorstorting van bedrijfsvoorheffing, btw of andere vorm van belasting?

Elke onderneming of ondernemer die is ingeschreven in de Kruispuntbank van Ondernemingen en die, vanuit zijn zelfstandige activiteit, personeel tewerkstelt en dus BV-plichtig is, komt in aanmerking voor uitstel van betaling van:

•    de bedrijfsvoorheffing;
•    de btw;
•    de personenbelasting;
•    de rechtspersonenbelasting;
•    de vennootschapsbelasting.

Er kan gekozen worden voor een afbetalingsplan, vrijstelling van nalatigheidsinteresten of kwijtschelding van boetes wegens niet-tijdige betaling.

Deze maatregel is tijdelijk en je moet als belastingplichtige zelf het verzoek indienen. U heeft daartoe tot 31/12/2020 de tijd om een aanvraag in te dienen.

Het bevoegde ontvangkantoor beslist over de toekenning van de steunmaatregel. Het verzoek moet gebeuren via een specifiek aanvraagformulier. Het moet wel degelijk gemotiveerd zijn. Het formulier vind je terug op de website van de fiscus.

U moet volgende voorwaarden naleven:

•    de voorwaarden voor het indienen van de aangiften
•    de schulden mogen niet voortvloeien uit fraude

De steunmaatregelen zullen worden ingetrokken wanneer:

•    het toegestane afbetalingsplan niet werd nageleefd, behalve wanneer u tijdig contact opneemt met de administratie
•    er een collectieve insolventieprocedure ontstaat (faillissement, gerechtelijke reorganisatie, …)

Te volgen procedure:

•    één aanvraag per schuld, die geldt voor alle maatregelen
•    wannneer? op het ogenblik van ontvangst van een aanslagbiljet of betaalbericht

•    via dit formulier (DOCX, 21.74 KB)
•    per e-mail of per brief
•    één enkel contactpunt voor het geheel van de maatregelen: het Regionaal Invorderingscentrum (RIC) bevoegd voor de postcode van uw woonplaats (natuurlijk persoon) of maatschappelijke zetel (rechtspersoon).

Hoe zoek je dit op:
1.    Klik hier om de kantorengids te openen
2.    Vul bij « Filter Gemeente » uw postcode of gemeente in
3.    Klik op « Zoeken ». U krijgt de gegevens van het bevoegde RIC (waaronder het adres en de e-mail) dat uw aanvraag zal behandelen.
4.    Voor buitenlandse ondernemingen is het bevoegde RIC het Regionaal invorderingscentrum Brussel 1 (Kruidtuinlaan 50 bus 315, 1000 Brussel) met e-mailadres ric.brussel1@minfin.fed.be
 
U zal een antwoord ontvangen binnen een termijn van dertig dagen te rekenen vanaf het indienen van uw aanvraag.
 

Op welke steun kan de eventsector rekenen?

Organisatoren kunnen een terugbetaalbaar voorschot aanvragen voor de organisatie van nieuwe evenementen. De verplichting tot terugbetaling vervalt bij annulering omwille van overheidsmaatregelen met betrekking tot COVID-19. Het voorschot bedraagt minimum 25.000 euro en maximum 800.000 euro en is beperkt tot maximaal 60% van de totale kost van het event, exclusief voeding en drank. De steun wordt beperkt tot de niet recupereerbare kosten en onvermijdbare facturen. 

De tweede oproep voor evenementen die plaatsvinden tussen 1 januari 2021 en 1 oktober 2021 wordt opengesteld van 5 oktober 2020 en loopt tot en met 9 november 2020. 

Klik hier voor meer info. 

Hoe zit het carry-back mechanisme in de vennootschapsbelasting in mekaar?

De Essentie

Het federale parlement heeft haar unanieme goedkeuring gegeven over een aantal fiscale bepalingen ter bevordering van de liquiditeit en solvabiliteit van ondernemingen in het kader van de bestrijding van de economische gevolgen van de COVID-19-pandemie. Samengevat voorziet het wetsontwerp in de mogelijkheid aan ondernemingen (zowel in de personenbelasting als in de vennootschapsbelasting) om hun potentiële verliezen dit jaar te verrekenen met hun winst van het vorige jaar. Het gaat om een eenmalige maatregel die de solvabiliteits- en liquiditeitspositie van uw onderneming moet versterken. We gaan hier enkel dieper in op de carry-back in de vennootschapsbelasting. 
 
Concreet zal u voor het aanslagjaar verbonden aan het boekjaar dat afsluit tussen 13 maart 2019 en 31 juli 2020 (het pre-corona tijdperk) aanspraak kunnen maken op een tijdelijke vrijstelling van de vennootschapsbelasting. Zulks à rato van de potentiële beroepsverliezen in het daaropvolgende boekjaar (het corona-tijdperk). Hiertoe maakt u een zo nauwkeurig mogelijke schatting van deze beroepsverliezen dit jaar. De vrijstelling mag niet hoger zijn dan het resultaat van het boekjaar dat afsluit tussen 13 maart 2019 en 31 juli 2020. De vrijstelling is sowieso begrensd op 20 miljoen euro. De vrijstelling mag slechts voor één belastbaar tijdperk aangelegd worden.
 
Deze vrijstelling leidt er toe dat de vennootschap minder vennootschapsbelasting betaalt of dat een deel van de vorig jaar reeds betaalde voorafbetalingen wordt teruggestort. Deze terugbetalingen zouden snel plaats vinden om de liquiditeit van uw onderneming te stutten.  Aldus laat deze maatregel toe om de fiscale situatie in overeenstemming te brengen met de economische realiteit. 
 
Deze maatregel leidt tot een verschuiving van verliezen. Anders gezegd, de verliezen 2020 die worden aangewend op de winsten 2019, kunnen niet meer aangewend worden op toekomstige winsten. 
 
Hoewel dergelijke budgettaire oefening moeilijk te maken is, heeft de FOD Financiën becijferd dat het hier gaat over een verschuiving van 500 tot 800 miljoen euro. Het is dus geen recurrente lastenverlaging, wel een versnelde toepassing van de verliesaftrek waar ondernemingen sowieso recht op hebben. 

Ontdek hier alle technische details en simulaties van de regeling in vraag en antwoord

Wat zijn de belangrijkste items uit het Vlaams solvabiliteitsplan voor ondernemingen?

Er komt een welvaartsfonds ter waarde van 500 miljoen euro dat belegt in kapitaalsverhogingen en achtergestelde leningen van toekomstgerichte Vlaamse ondernemingen. Particulieren kunnen investeren in het fonds en krijgen een dubbel voordeel: een fiscaal voordeel en voordelige voorwaarden bij erfenis. Daarnaast worden familie en vrienden gestimuleerd om vriendenaandelen te kopen en zo ondernemingen te versterken. Deze maatregelen maken deel uit van een groter Vlaams herstelplan om de economie de komende maanden te ondersteunen.

De principes van de uitgebreide winwinlening, het vriendenaandeel en het Welvaartsfonds worden momenteel in Vlaamse regelgeving gegoten. Daarom is het nog even wachten op de concrete beschikbaarheid van deze (nieuwe) steuninstrumenten.

Om terug werk te maken van toekomstige groei, worden een aantal extra maatregelen genomen die deel uitmaken van een groter Vlaams herstelplan, een vierluik voor het herstel van onze economie. Deze maatregelen zijn complementair aan de maatregelen van de federale overheid die vooral focussen op de liquiditeit van de ondernemingen. De Vlaamse maatregelen focussen zich vooral op de solvabiliteit.

Welvaartsfonds van 500 miljoen euro

Tientallen miljarden euro’s staan geparkeerd op spaarrekeningen van Vlamingen. Met de lage rente levert dit weinig op en tegelijk snakken onze bedrijven naar extra kapitaal om door deze crisis te raken. Met de maatregelen wil het beleid dit slapend geld activeren. Er komt een welvaartsfonds dat zal beleggen in kapitaalsverhogingen of achtergestelde leningen bij Vlaamse ondernemingen. De overheid zal op termijn een minderheidsparticipatie aanhouden in dat fonds, maar kan bij de opstart wel de meerderheid hebben.

Er wordt in 240 miljoen euro voorzien bij PMV om het fonds op te starten. Dit fonds zal zich focussen op kapitaalsparticipaties en achtergestelde leningen met een looptijd van 4 jaar en meer, steeds in cofinanciering met private investeerders. Naast institutionele beleggers zullen ook particulieren in het fonds kunnen investeren en daar een dubbel voordeel genieten. Ze krijgen een fiscaal voordeel van 2,5% per jaar de eerste drie jaar met een maximum van 1.000 euro per belastingplichtige. Daarnaast zullen de aandelen in het fonds bij erfenis overgaan mits een recht van 3% en niet meegerekend worden in het vermogen.

Het fonds zal investeren in bedrijven die ethische voorwaarden nakomen. Mogelijke bedrijven zijn start-ups en scale-ups die een financieringsnood van meer dan 800.000 euro ten gevolge de coronacrisis hebben, start-ups en scale-ups die een opportuniteit zien in de huidige crisis en bijkomende middelen nodig hebben om een versnelling hoger te kunnen schakelen, innovatiegedreven bedrijven, gezonde Vlaamse dochters van internationale groepen die bijvoorbeeld via een uitkoop zelfstandig een toekomst kunnen hebben, alle innovatieve bedrijven, …

Vriendenaandeel

Een andere nieuwe manier om als particulier te investeren in een kmo, een coöperatieve of een burgerinitiatief zijn de win-win-aandelen. Je kan tot maximaal 75.000 euro investeren en je krijgt daar 5 jaar lang een fiscaal voordeel van 2,5% per jaar. Als onderneming kan je zo maximaal 300.000 euro kapitaal verwerven. Het recht op de eenmalige belastingvermindering geldt voor 5 jaar.

De kapitaalverstrekker mag geen werknemer van de onderneming zijn, kan niet de echtgenoot of de wettelijk samenwonende partner zijn en geen bestuurder of zaakvoerder van de onderneming. Voor kleine aandeelhouders (met maximum 10% van de aandelen) wordt het wel toegelaten om kapitaal te verstrekken onder een win-winformule. Op deze manier wordt het ook een interessant instrument voor coöperatieven en burgerinitiatieven. Een groep buren die een vervallen theaterzaal willen ombouwen tot gemeenschapscentrum kunnen op die manier samen bijvoorbeeld die investeringen doen. Of een groep ouders die beslissen om samen te investeren in jeugdlokalen kunnen ook deze manier van win-winaandelen gebruiken.

Een voorwaarde is dat er in de twee voorafgaande jaren en gedurende deze periode geen kapitaalverminderingen zijn. Er kunnen dividenden uitgekeerd worden als de onderneming succesvol is en winsten maakt. Je kan er ook voor kiezen om een deel van het bedrag als win-winaandelen te investeren en een deel van het bedrag als win-winlening te geven.

Vlaams herstelplan

Deze nieuwe maatregelen passen in het groter Vlaams herstelplan, een vierluik. Dat is een garantie om gezonde bedrijven door de crisis te helpen en te zorgen voor een versnelling van het economisch herstel.

  • Waarborgen met crisiswaarborgen en Gigarant voor een totale capaciteit van 3,4 miljard euro;
  • Achtergestelde leningen, daarbij was al voorzien in 250 miljoen euro bij PMV, nu wordt nog eens in 250 miljoen euro extra zodat er 500 miljoen euro beschikbaar is;
  • Welvaartsfonds van 500 miljoen euro waarvoor nu in een startkapitaal van 240 miljoen euro wordt voorzien;
  • Win-winlening en vriendenaandelen

Met dit vierluik beschikt de Vlaamse regering over de nodige instrumenten om de heropstart van onze bedrijven te ondersteunen. De Vlaamse regering wil de benutting van deze instrumenten ook monitoren en wanneer blijkt dat bijsturingen of versterkingen nodig zijn, zullen bijkomende middelen vrijgemaakt worden.

Het vriendenaandeel en het Vlaams Welvaartsfonds zijn nog niet operationeel. Het Vlaams Welvaartsfonds zal dat pas in de loop van 2021 worden omdat het nog verschillende advies- en goedkeuringsprocedures moet doorlopen. Het vriendenaandeel zal daarentegen naar alle verwachting dit najaar operationeel worden.

Het federaal bankenplan werd bijgestuurd. Wat verandert er precies?

Het bestaande bankenplan werd versoepeld en verlengd. Daardoor kunnen kmo's nu gemakkelijker en langer een beroep doen op het federale bankenplan. Het parlement keurde daarvoor op 16 juli 2020 de wet goed.

Wat zijn belangrijke veranderingen?

  • Banken besloten in maart een half jaar betalingsuitstel voor leningen toe te kennen. Tussen begin april en eind mei kregen 118.000 gezinnen zo'n uitstel en maakten 130.000 bedrijven er gebruik van. De regeling wordt nu verlengd, waardoor betalingsuitstel op hypotheekleningen en bedrijfskredieten tot eind dit jaar geldt.
  • Ook de injectie van 50 miljard euro garanties voor leningen wordt verlengd. Bedrijven konden in het aanvankelijke plan tot 30 september een beroep doen op die garanties om gemakkelijker bij hun bank een lening te krijgen. Dat instapmoment wordt nu ook verlengd tot eind dit jaar.
  • Bovendien zullen kmo's garanties kunnen krijgen voor leningen met een langere looptijd. Aanvankelijk konden alleen leningen met een looptijd van maximaal een jaar op garanties rekenen. Dat wordt verlengd tot drie jaar. Voor die langere leningen wordt in het garantiefonds 10 van de 50 miljard euro gereserveerd.
  • Ook de risicoverdeling, voor het geval bedrijven of gezinnen hun leningen niet afbetalen, is veranderd. In de aanvankelijke regeling droegen de banken het volledige verlies op de eerste 3 procent van de niet-afbetaalde lening, de helft van het verlies op de volgende 2 procent en 20 procent op de rest. Nu geldt die laatste verdeelsleutel op het volledige verlies, vanaf de eerste euro. De banken dragen dus 20 procent van alle verliezen, de overheid 80 procent. Dat maakt dat banken minder weigerachtig moeten worden om kredieten te verlenen.
  • Ook zullen meer bedrijven aanspraak kunnen maken op de steun. Aanvankelijk was vereist dat ondernemingen niet mochten achterstaan met betalingen voor belastingen of sociale bijdragen. Die voorwaarde wordt geschrapt. 
De achtergestelde leningen voor start-ups en scale-ups worden mogelijk tot 2 miljoen euro. Wat zijn de voorwaarden?

Om de effecten van de coronacrisis voor Vlaamse bedrijven te temperen, creëert PMV een financiële buffer op middellange termijn met achtergestelde leningen van maximum 2 miljoen euro op 3 jaar. Dit als aanvulling op overbruggingskredieten op heel korte termijn vanuit het federale niveau.

De focus ligt op start-up bedrijven en scale-ups, en ook mature bedrijven die tijdelijk in moeilijkheden komen door de coronacrisis en nood hebben aan financiële versterking om de gevolgen van de coronacrisis bovenop te komen.

Deze achtergestelde leningen moeten voor 15 april 2021 aangevraagd worden. 

1. Voor leningen tot 800.000 euro:

Voor wie? 

  • Twee doelgroepen:
  1. Start- en scale-ups: (jonge) bedrijven die in de laatste 3 jaren geen recurrente positieve kasstroom hadden en die vernieuwende producten en/of diensten ontwikkelen of reeds op de markt brengen
  2. Kmo’s en zelfstandigen: bedrijven die vóór de Coronacrisis recurrente positieve kasstromen hadden en hierdoor in aanmerking kwamen voor klassieke bankfinanciering.  
  • Intrinsiek gezonde en levensvatbare Vlaamse kmo’s in ademnood door Covid-19
  • Bedrijven zonder achterstallen op hun lopende kredieten, bij de belastingen, BTW of sociale zekerheidsbijdragen aan het begin van de Coronacrisis.
  • Geen onderneming in moeilijkheden zijn (volgens de Europese definitie) 
  • En m.b.t. de werkgelegenheid: 
  1. 80% van hun tewerkstelling t.o.v. eind 2019 behouden te hebben of te herstellen 
  2. OF minstens 50% van hun werknemers terug uit de tijdelijke werkloosheid te halen (opnieuw actief aan het werk)
  • Indien er (bancaire) kredieten lopen moet er een engagement van de bank zijn om aan boord te blijven. Dat moet blijken door de kredieten niet op te zeggen en/of door uitstel van kapitaalaflossingen toe te staan. 

Wat houdt de maatregel in?

  • Bedrag: minimaal 25.000 euro - maximaal 2,8 miljoen euro.
  • Kan verhoogd worden tot 3,5 mio euro, mits (bijkomende) cofinanciering van aandeelhouders, investeerders, banken en/of andere financiers.
  • Het bedrag wordt niet in schijven uitgekeerd, maar is als totaalbedrag in één beweging op te nemen. 
  • Achtergestelde lening: dus combinatie met banklening en waarborg blijft mogelijk

Wat zijn de voorwaarden?

  • Geen focus op sectoren. Breed toegankelijk. 
  • Beoordeling volgens 
  1. Belang voor de Vlaamse economie (bv. tewerkstelling),
  2. Aansluiting bij de speerpuntsectoren (Life Sciences, Cleantech, …)
  3. Aansluiting bij cruciale sector (energie, telecom, voedselvoorziening, veiligheid, logistiek). 
  • Geen waarborg vereist 

Wat geldt specifiek voor start- en scale-ups? 

  • Integrale terugbetaling na 3 jaar op eindvervaldag 
  • Jaarlijkse, uitgestelde interest van 5% te betalen op eindvervaldag  (wordt mogelijk nog verlaagd indien garantie vanuit het Europees Investeringsfonds wordt verleend)
  • Lening (hoofdsom en interesten) kan ook omgezet worden in aandelen – weliswaar met 25% korting op de aandelenprijs

Wat geldt specifiek voor kmo's?

  • Vrijstelling van kapitaalaflossingen tijdens de eerste 2 jaar, vervolgens maandelijkse, driemaandelijkse of zesmaandelijkse kapitaalaflossingen 
  • OF mits onderbouwing eveneens integrale terugbetaling op eindvervaldag 
  • Jaarlijkse, uitgestelde interest van 3% te betalen op eindvervaldag 

Hoe aanvragen? 

Alle info bij PMV 

Ontdek hier de voorwaarden van leningen boven 800.000 euro tot maximum 2 miljoen euro

Achtergestelde leningen voor start-ups, scale-ups en kmo's kunnen aangevraagd worden. Door wie en hoe?

Om de effecten van de coronacrisis voor Vlaamse bedrijven te temperen, creëert PMV een financiële buffer op middellange termijn met achtergestelde leningen voor maximum 800.000 euro op 3 jaar. Dit als aanvulling op overbruggingskredieten op heel korte termijn vanuit het federale niveau.

De focus ligt op start-up bedrijven en scale-ups, en ook mature bedrijven die tijdelijk in moeilijkheden komen door de coronacrisis en nood hebben aan financiële versterking om de gevolgen van de coronacrisis bovenop te komen.

Deze achtergestelde leningen moeten voor 15 november 2020 aangevraagd worden. 

Voor wie? 

  • Twee doelgroepen:
  1. Start- en scale-ups: (jonge) bedrijven die in de laatste 3 jaren geen recurrente positieve kasstroom hadden en die vernieuwende producten en/of diensten ontwikkelen of reeds op de markt brengen
  2. Kmo’s en zelfstandigen: bedrijven die vóór de Coronacrisis recurrente positieve kasstromen hadden en hierdoor in aanmerking kwamen voor klassieke bankfinanciering.  
  • Intrinsiek gezonde en levensvatbare Vlaamse kmo’s in ademnood door Covid-19
  • Bedrijven zonder achterstallen op hun lopende kredieten, bij de belastingen, BTW of sociale zekerheidsbijdragen aan het begin van de Coronacrisis.
  • Geen onderneming in moeilijkheden zijn (volgens de Europese definitie) 
  • En m.b.t. de werkgelegenheid: 
  1. 80% van hun tewerkstelling t.o.v. eind 2019 behouden te hebben of te herstellen 
  2. OF minstens 50% van hun werknemers terug uit de tijdelijke werkloosheid te halen (opnieuw actief aan het werk)
  • Indien er (bancaire) kredieten lopen moet er een engagement van de bank zijn om aan boord te blijven. Dat moet blijken door de kredieten niet op te zeggen en/of door uitstel van kapitaalaflossingen toe te staan. 

Wat houdt de maatregel in?

  • Bedrag: minimaal 25.000 euro - maximaal 2 miljoen euro.
  • Kan verhoogd worden tot 3,5 mio euro, mits (bijkomende) cofinanciering van aandeelhouders, investeerders, banken en/of andere financiers.
  • Het bedrag wordt niet in schijven uitgekeerd, maar is als totaalbedrag in één beweging op te nemen. 
  • Achtergestelde lening: dus combinatie met banklening en waarborg blijft mogelijk

Wat zijn de voorwaarden?

  • Geen focus op sectoren. Breed toegankelijk. 
  • Beoordeling volgens 
  1. Belang voor de Vlaamse economie (bv. tewerkstelling),
  2. Aansluiting bij de speerpuntsectoren (Life Sciences, Cleantech, …)
  3. Aansluiting bij cruciale sector (energie, telecom, voedselvoorziening, veiligheid, logistiek). 
  • Geen waarborg vereist 

Wat geldt specifiek voor start- en scale-ups? 

  • Integrale terugbetaling na 3 jaar op eindvervaldag 
  • Jaarlijkse, uitgestelde interest van 5% te betalen op eindvervaldag  (wordt mogelijk nog verlaagd indien garantie vanuit het Europees Investeringsfonds wordt verleend)
  • Lening (hoofdsom en interesten) kan ook omgezet worden in aandelen – weliswaar met 25% korting op de aandelenprijs

Wat geldt specifiek voor kmo's?

  • Vrijstelling van kapitaalaflossingen tijdens de eerste 2 jaar, vervolgens maandelijkse, driemaandelijkse of zesmaandelijkse kapitaalaflossingen 
  • OF mits onderbouwing eveneens integrale terugbetaling op eindvervaldag 
  • Jaarlijkse, uitgestelde interest van 4,5% te betalen op eindvervaldag 

(wordt mogelijk nog verlaagd indien garantie vanuit het Europees Investeringsfonds wordt verleend)

Hoe aanvragen? 

Alle info bij PMV 

Ik heb een overbruggingskrediet nodig door corona. Klopt het dat dit nu vlotter kan?

Op zaterdag 11 april heeft de ‘superkern’ het tweede luik uit het Bankenplan goedgekeurd. Daarvoor was eerst de goedkeuring van de Europese Commissie nodig. Dat regelt de garantie van de overheid bij het verschaffen van overbruggingskredieten door de banken aan ondernemingen die een zware impact ondervinden door de coronacrisis. Hierdoor wordt een soepelere toekenning van overbruggingskredieten mogelijk. De regeling treedt retroactief in werking vanaf 1 april 2020.

Voor wie geldt de maatregel?

Structureel gezonde, niet-financiële bedrijven, zelfstandigen en rechtspersonen uit de non-profit (bv. ziekenhuizen) die geen achterstallen hadden op lopende kredieten, bij de belastingen of op sociale zekerheidsbijdragen, 

  • op 1 februari 2020 óf
  • meer dan 30 dagen op 29 februari 

De in aanmerking komende bedrijven mogen

  • geen actieve kredietherstructurering hebben lopen daterend van vóór 31/01 én 
  • officieel geen ‘onderneming in moeilijkheden’ zijn.

Indien voldaan aan bovenstaande criteria wordt er verder geen onderscheid gemaakt tussen ‘betere’ en ‘minder goede’ kredietnemers.

Overigens: de maatregel geldt ook voor buitenlandse activiteiten van Belgische multinationals.

Wat houdt de maatregel in?

Van toepassing op alle nieuwe kortetermijnkredieten en kredietlijnen met een maximale looptijd van 12 maanden die banken verstrekken tot en met 30 september 2020. Dus met in begrip van:

  • kaskredieten
  • voorschotten op vaste termijn (‘straight loans’)
  • kredietopeningen
  • garantiefaciliteiten
  • toegelaten debetstanden (‘overdraft facilities’) 
  • gesyndiceerde kredieten of club deal (= meerdere kredietverstrekkers verschaffen samen een krediet aan één of meerdere kredietnemers).

NIET van toepassing op: herfinancieringskredieten, alle nieuwe moratoria (zoals uitstel van betaling van interesten, kapitaal, …) en niet opgenomen bedragen op bestaande kredietlijnen.

Gedekt kredietbedrag: max. 50 miljoen euro per bedrijf (of groep van verbonden bedrijven). Daarboven is een goedkeuring van de overheid noodzakelijk per dossier.

Kost van de garantie: 

  • kmo’s: 0,25%
  • Grote bedrijven: 0,50%

Kost van het krediet:

  • maximaal 1,25% intrest (op jaarbasis) van het bedrag + de gewoonlijke kosten (zoals dossierkosten of reserveringsprovisies)

Opgelet! Voor kredieten toegekend tot en met 30 september 2020 voor gezonde bedrijven die niet getroffen worden door de crisis en waarvoor bijgevolg geen beroep dient gedaan te worden op de garantieregeling, moet geen garantiekost betaald worden voor het afsluiten van een nieuw krediet. Hun kredieten vallen buiten deze  garantieregeling (voor maximaal 15% van de gewaarborgde kredieten). 

Voor welke banken geldt dit?

Regeling geldt (verplicht!) voor alle banken die een rol spelen in België, behalve als ze een piepklein marktaandeel hebben. Alle reguliere groot- en kleinbanken worden dus bij wet door het akkoord gevat.

Elke bank krijgt een proportioneel deel van de 50 miljard overheidswaarborg volgens zijn marktaandeel op 31 december 2019.

De verdeling van de lasten tussen de banken en de staat op portefeuilleniveau (= som van alle kredieten bij een bank) is als volgt:

  • Voor een verlies tussen de 0 en 3% (‘first loss’): de staat komt niet tussen
  • Voor een verlies tussen de 3 en 5%: de staat neemt 50% op zich
  • Voor een verlies boven de 5%: de staat neemt 80% op zich

Wat met Leasing en factoring?

Leasing en factoring vallen niet onder het akkoord 
De leasingmaatschappijen, behalve die voor autolease, verklaarden wel het bankenakkoord naar de geest toe te passen in hun sector.

Hoe zit het met het overbruggingsrecht voor zelfstandigen?

Wie nog niet kon heropstarten om bepaalde redenen kan nog tot eind december 2020 het Corona-overbruggingsrecht bekomen.

Meer info. 

Voor juni tot en met oktober 2020 kan er een Overbruggingsrecht – heropgestart worden uitgekeerd onder bepaalde voorwaarden. Je aanvraag moet worden ingediend voor het einde van het tweede kwartaal na de onderbreking of stopzetting. De uitkering van april, mei en juni moet dus ten laatste op 31 december worden aangevraagd. Voor de uitkering van april, mei en juni geldt 31 maart 2021 als aanvraagdeadline.

Meer info. 

Sinds september 2020 kan er een Overbruggingsrecht bij quarantaine of gesloten klas, school of kinderopvang worden gevraagd.

Meer info. 

 

De waarborgcapaciteit wordt verhoogd. Wat houdt dat precies in?

De Vlaamse overheid heeft de waarborgcapaciteit bij Gigarant van 1,5 miljard tot 3 miljard euro verhoogd om ondernemingen met liquiditeitsproblemen te helpen. Zij kunnen steun bieden in de vorm van overbruggingskredieten of door bestaande schulden te waarborgen.

Wat houdt dit in?

De waarborgen boven de 1,5 miljoen euro - de zogenaamde Gigarant-waarborgregeling - worden gebruikt om bankiers te ondersteunen bij financieringsvraagstukken die vandaag moeilijker alleen te beantwoorden zijn. Gigarant beschikt vandaag over een waarborgcapaciteit van 1,5 miljard euro. Die capaciteit wordt nu opgetrokken tot 3 miljard euro. Gigarant zal op die manier een aangepaste COVID-19 waarborg in de markt kunnen zetten die meer flexibiliteit biedt. 

  • De COVID-19 waarborg wordt enkel toegekend voor de financiering aan een onderneming die op 31 december 2019 geen onderneming in moeilijkheden was (bij de standaard waarborg ligt de evaluatie op het moment van toekenning);
  • De termijn bedraagt maximaal 6 jaar;
  • Voor deze crisiswaarborg wordt de bij toekenning te betalen premie verlaagd in vergelijking met de huidige Gigarant premie;
  • Er wordt gezorgd voor een goede spreiding van het risico tussen banken en overheid;
  • Het bedrag van de COVID-19 gewaarborgde financiering wordt per onderneming tijdelijk beperkt conform de Europese regelgeving (het dubbele van de totale jaarlijkse bruto loonmassa 2019 of 25% van de totale omzet 2019 of mits een gepaste rechtvaardiging de liquiditeitsbehoefte voor de komende achttien maanden voor een KMO en voor de komende twaalf maanden voor een grote onderneming);
  • Dossiers die onder het toepassingsgebied van het federale ‘corona-akkoord’ vallen worden wel uitgesloten van de Gigarant-waarborg.

Bovenop eerdere maatregelen

Op vrijdag 13 maart 2020 werd al beslist dat er in 100 miljoen euro extra werd voorzien voor coronacrisiswaarborgen. Op die manier kunnen ondernemingen en zelfstandigen in deze crisisperiode bestaande waarborgen laten verlengen bij de ParticipatieMaatschappij Vlaanderen, bestaande korte termijn kredietlijnen onder de waarborg brengen of hun niet-bancaire schulden die ouder zijn dan 3 maand laten financieren.  Deze maatregel komt bovenop de bestaande waarborgen voor investeringskredieten en werkkapitaal. Met de 100 miljoen euro extra kunnen we al bijvoorbeeld zo’n 1000 leningen van 100.000 euro waarborgen.

Bron: Vlareg

Het coronabankenplan concreter: wat weten we al?

Wat houdt de concrete invulling van het bankenplan voor ondernemingen in?

Ondernemingen die financieel worden getroffen door de coronacrisis en aan de toekenningsvoorwaarden voldoen, kunnen betalingsuitstel van ondernemingskrediet vragen.

Wat betekent dit voor mijn onderneming?

Een betalingsuitstel van het ondernemingskrediet houdt in dat je onderneming gedurende maximum 6 maanden geen aflossingen van kapitaal moet doen. De intresten blijven verschuldigd.

De banken verbinden zich ertoe om de gebruikelijke dossier- of administratiekosten niet aan te rekenen.

Hoe zit het precies met de timing?

Voor aanvragen die tot en met 30 april 2020 worden gedaan, kan maximum 6 maanden betalingsuitstel worden verkregen, en dit tot uiterlijk 31 oktober 2020.

Voor aanvragen die na 30 april 2020 worden gedaan, blijft de einddatum 31 oktober 2020.
Dit betekent bv. dat wie een kredietaanvraag doet in juni nog 4 maanden betalingsuitstel kan opnemen (juli-augustus-september-oktober).

Aanvragen die werden ingediend vóór de publicatie van de charters zullen worden geëvalueerd volgens de criteria van de charters. Indien nodig zal de bank contact opnemen met de kredietnemer.

Hoe vraag ik het aan?

Wie denkt aan de voorwaarden te voldoen om betalingsuitstel te kunnen aanvragen, wordt gevraagd om zijn of haar bank te contacteren. Dat kan enkel op afspraak of via de beschikbare digitale kanalen van de bank (e-mail, chat, mobiele app,…) en via telefoon.

De banken stellen alles in het werk om hun klanten zo goed en zo snel mogelijk verder te helpen.

Alle details over het betalingsuitstel zijn terug te vinden in het charter voor betalingsuitstel ondernemingskredieten.

Meer info over het Charter betalingsuitstel ondernemingskredieten

Bron: Febelfin

Wie kan uitstel van betaling aan de RSZ krijgen?

In het weekend van 4 april heeft de RSZ beslist om ook bedrijven die niet volledig sluiten, de kans te geven om een uitstel van betaling te bekomen.

Tot voor kort konden enkel bedrijven die volledig gesloten waren (verplicht of vrijwillig), een uitstel van RSZ schulden bekomen tot 15 december 2020. Voor sommige bedrijven is dat uitstel automatisch: met name voor de sectoren van de horeca, de recreatie, cultuur en sport en alle ondernemingen die getroffen worden door een verplichte sluiting.

Voor andere bedrijven die hebben moeten sluiten door de coronacrisis – bijvoorbeeld omdat ze de sanitaire regels niet kunnen volgen of omdat ze toeleveringsproblemen hebben – kan dat na een verklaring op eer. 

Welke bedrijven?

De RSZ heeft nu de mogelijkheid om een betalingsuitstel te krijgen uitgebreid tot werkgevers die niet sluiten maar die niettemin hun economische activiteit sterk verminderd zien voor het tweede kwartaal 2020.

De werkgever moet verklaren dat de coronacrisis zal leiden tot minstens één van de onderliggende situaties:

  • Ofwel dat er een sterke daling van de omzet is in het tweede kwartaal 2020, hetgeen zich voor dit kwartaal zal vertalen in een vermindering van het bedrag van aangegeven BTW met minstens 65% ten opzichte van het tweede kwartaal 2019 of het eerste kwartaal 2020; 
  • of dat de loonmassa die ze zal aangeven bij RSZ voor het tweede kwartaal 2020 met minstens 65% zal verminderen ten opzichte van het tweede kwartaal 2019 of het eerste kwartaal 2020.

Welke RSZ-schulden? 

Deze werkgevers genieten tot 15 december 2020 een uitstel van betaling van de volgende bedragen:

  • het saldo van de bijdragen die voor het eerste kwartaal 2020 verschuldigd zijn
  • het debetbericht jaarlijkse vakantie
  • de voorschotten voor het tweede kwartaal 2020
  • het saldo van de bijdragen die voor het tweede kwartaal 2020 verschuldigd zijn
  • de nog te vervallen rechtzettingen van bijdragen
  • de nog te vervallen maandelijkse afbetalingen van de lopende afbetalingsplannen

En dat voor alle door de RSZ geïnde bijdragen (werkgeversbijdragen, werknemersbijdragen en bijzondere bijdragen, met inbegrip van de bijdragen Bestaanszekerheid).

Voor het goede begrip: de verplichting om de RSZ-aangifte binnen de gestelde termijnen in te dienen, blijft van kracht.

Welke formaliteiten?

Bedrijven dienen een verklaring op eer in. Het modelformulier is beschikbaar op de website van RSZ.

RSZ zal ex-post controles uitvoeren om de correctheid van de verklaringen op eer na te gaan.

Meer informatie?

Alle info op de website van RSZ 

Voor de bedrijven die sluiten omwille van corona, blijven de eerdere maatregels gelden om uitstel van betaling te krijgen tot 15 december 2020.

Deze maatregelen hebben betrekking op twee soorten uitstel van betaling:

1. Automatisch uitstel

De sectoren van de horeca, de recreatie, cultuur en sport en alle ondernemingen die getroffen worden door een verplichte sluiting overeenkomstig de bepalingen van ministeriële besluiten van 13 maart, 18 maart, 23 maart en 24 maart 2020, zullen dit uitstel automatisch verkrijgen.

2. Uitstel na voorafgaande aangifte

  • Ondernemingen die niet door een verplichte sluiting, zoals vermeld in ministeriële besluiten van 13 maart, 18 maart, 23 maart en 24 maart 2020, beoogd zijn, maar die gesloten zijn omdat ze in de onmogelijkheid verkeren om de sanitaire maatregelen na te leven, zullen een uitstel van betaling kunnen bekomen op basis van een verklaring op eer.
  • De ondernemingen die niet verplicht gesloten zijn en die, om andere redenen dan het niet kunnen naleven van de sanitaire maatregelen, zelf hebben beslist om volledig te sluiten. Omwille van de coronacrisis hebben sommige ondernemingen, die niet verplicht gesloten zijn en die gesloten zijn om andere redenen dan het niet kunnen naleven van de sanitaire maatregelen, hun productie en verkoop moeten stopzetten. Hierdoor zijn ook deze ondernemingen volledig gesloten. Een voorbeeld is de sluiting van toeleveranciers of de sluiting wegens het feit dat klanten gesloten zijn.

Ook voor deze ondernemingen wordt voorzien dat zij, op basis van de verklaring op eer, van het uitstel tot 15 december kunnen genieten.

Wat wordt precies bedoeld met de notie ‘volledige sluiting’?

Voor wat de notie ‘volledige sluiting’ betreft, wordt bedoeld dat de productie en verkoop is stopgezet. Dit verhindert niet dat er binnen de onderneming nog een beperkt aantal medewerkers actief kunnen zijn omwille van veiligheid, administratie, noodzakelijk onderhoud enzovoort.

Over welke aan de RSZ verschuldigde bedragen gaat het?

Het uitstel van betaling heeft betrekking op alle betalingen vanaf 20 maart 2020.

Hieronder vallen dus:

  • de nog te betalen wijzigingen der bijdragen;
  • de maandelijkse schijven van de lopende minnelijke afbetalingsplannen;
  • het derde voorschot voor het 1e kwartaal (te betalen op 05/04/2020);
  • het saldo van het 1e kwartaal (te betalen op 30/04/2020);
  • het debetbericht jaarlijkse vakantie dat aan de werkgevers wordt verstuurd vanaf 01/04/2020 en vóór 30/04/2020 betaald moet worden;
  • de voorschotten voor het 2e kwartaal (te betalen op 05/05, 05/06 en 05/07/2020);
  • het saldo van het 2e kwartaal (te betalen op 31/07/2020).

Opgelet: het uitstel van betaling geldt voor alle door de RSZ geïnde bijdragen (werkgeversbijdragen, werknemersbijdragen en bijzondere bijdragen, met inbegrip van de bijdragen Bestaanszekerheid) en loopt tot 15/12/2020.

Voor het goede begrip: de verplichting om de RSZ-aangifte binnen de gestelde termijnen in te dienen, blijft van kracht.

Meer info en aanvragen op de site van de RSZ

Hoe kan ik een minnelijk afbetalingsplan aanvragen voor uitstel betaling sociale werkgeversbijdragen aan RSZ, ook al voldoe ik niet aan de voorwaarden om sowieso uitstel te krijgen door corona?

Wat houdt de maatregel in?

Werkgevers die door het coronavirus moeilijkheden ondervinden om de sociale werkgeversbijdragen te betalen, en die niet voldoen aan de voorwaarden zoals beschreven in de vraag hierboven, kunnen bij de RSZ nog altijd minnelijke afbetalingstermijnen aanvragen voor het eerste en tweede kwartaal 2020 die zij verschuldigd zijn omdat ze personeel tewerkstellen. 

Wie komt in aanmerking?
 

Werkgevers die personeel tewerkstellen en die door het coronavirus moeilijkheden ondervinden om de sociale werkgeversbijdragen te betalen. 

Omvang steun

Werkgevers kunnen minnelijke betalingstermijnen aanvragen voor de socialezekerheidsbijdragen voor het eerste en tweede kwartaal 2020 die zij verschuldigd zijn omdat ze personeel tewerkstellen. 

Door dit afbetalingsplan kan de schuld worden afgelost aan de hand van maandelijkse afbetalingen. Zo vermijdt je de terugvordering via dwangbevel en de nadelen daarvan (gerechtskosten). Als het plan wordt nageleefd, kunnen de economische activiteiten normaal worden voortgezet. 

De reden van problemen door het coronavirus wordt aanvaard als grond voor de aanvraag van minnelijke betalingstermijnen. 

Hoe vraag ik het aan?

Je vult het formulier ‘aanvraag minnelijk betalingsplan’ in op de site van de FOD Sociale Zaken. In het verzoek moet ook uitgelegd worden hoe de onderneming door het coronavirus wordt getroffen. 

En klopt het dan ook dat we automatisch twee maanden uitstel krijgen voor de betaling van vennootschapsbelasting en personenbelasting?

Ook dat is een feit.

Voor de betaling van de personenbelasting, de vennootschapsbelasting, de belasting van niet-inwoners en de rechtspersonenbelasting wordt een extra betalingstermijn van 2 maanden toegekend. Die extra betaaltermijn komt bovenop de normale betaaltermijn. Er worden geen nalatigheidsinteresten aangerekend. Deze extra betaaltermijn van 2 maanden wordt automatisch toegekend.

Deze extra betaaltermijn geldt voor de afrekening van de personenbelasting, de vennootschapsbelasting, de belasting van niet-inwoners en de rechtspersonenbelasting voor het aanslagjaar 2019, gevestigd vanaf 12 maart 2020.

Voor de betaling van schulden inzake personen- of vennootschapsbelasting – ook schulden gevestigd voor 12 maart 2020 – kan u tevens gebruik maken van eerder aangekondigde steunmaatregelen die op aanvraag extra betaaltermijnen, vrijstelling van nalatigheidsinteresten en/of kwijtschelding van boeten voorzien wegens laattijdige betaling. Voor deze maatregelen moet u echter een aanvraag indienen. (Voor meer info daarover zie twee vragen hoger in deze FAQ)

Wie komt in aanmerking?

Al wie vennootschapsbelasting, personenbelasting, belasting van niet-inwoners en rechtspersonenbelasting verschuldigd is.

Meer informatie
 

Klopt het dat we uitstel van betaling verkeersbelasting krijgen?

Dat klopt helemaal. Op 18 maart besliste de Vlaamse regering om ondernemingen een uitstel van betaling van 4 maanden te geven voor de betaling van de verkeersbelasting. Een maatregel om bedrijven voldoende financiële slagkracht te geven om het hoofd te bieden aan de economische gevolgen van de crisis.

De jaarlijkse verkeersbelasting moet u betalen vanaf het moment dat u voertuigen verplicht inschrijft bij de Directie Inschrijvingen Voertuigen. De normale regel is dat u de verkeersbelasting ten laatste betaalt binnen een termijn van twee maanden vanaf de datum van verzending van het aanslagbiljet op het rekeningnummer van de Vlaamse Belastingdienst.

Door de beslissing krijgt u een uitstel van betaling van 4 maanden voor de betaling van de verkeersbelasting op de voertuigen. U moet de verkeersbelasting voor ondernemingen in uw vloot dus betalen uiterlijk zes maanden na verzending van het aanslagbiljet. De betalingstermijn voor de verkeersbelasting zal dus in het aanslagjaar 2020 6 maanden bedragen in plaats van 2 maanden.

Afhankelijk van de evoluties in de verdere verspreiding van COVID-19 wordt deze maatregel-indien nodig verlengd.

Wie komt in aanmerking?

Ondernemingen

Omvang steun
Er is geen rechtstreekse budgettaire impact voor de Vlaamse begroting gezien het gaat over een uitstel van betaling. Onrechtstreeks kan het wel zijn dat er, door de prefinanciering van de opdeciem verkeersbelasting naar de lokale overheden toe, de Vlaamse overheid (tijdelijk) meer zal moeten lenen.

Vlaanderen zal de prefinanciering van deze maatregel naar de lokale besturen toe voor haar rekening nemen. Lokale overheden zullen door deze specifieke maatregel geen negatieve financiële impact ondervinden.

Meer informatie
 

Wat houdt het akkoord van de verzekeringssector van 26 maart in voor ondernemingen?

De Belgische verzekeringssector wil de negatieve impact van de coronacrisis op de particulieren, gezinnen, zelfstandigen en ook bedrijven verzachten. Daarom gaan ze soepel omgaan met klanten in nood en ervoor zorgen dat ze blijvend beschermd worden.

De maatregelen die Assuralia, de beroepsvereniging van verzekeringsondernemingen, gaat nemen, liggen in lijn met de werkzaamheden van de Economic Risk Management Group (ERMG) die de federale regering heeft opgericht  om de economische gevolgen van het coronavirus te bestrijden.

Concreet wordt er onder meer ademruimte geboden aan wie met betalingsproblemen kampt, respijt gegeven aan wie hypotheekleningen moet terugbetalen, een regeling getroffen rond de schuldsaldoverzekeringen en brandverzekeringen (dit laatste voor wie werkloos is geworden). De verzekeraars engageren zich ook om personeel in geval van tijdelijke werkloosheid te blijven beschermen.

Ook voor ondernemingen die een impact ondervinden door de COVID-19 crisis komen er maatregelen:

  • Een aantal verzekeringsdekkingen (arbeidsongevallen, burgerlijke aansprakelijkheid, …) voorzien vandaag al om de premie achteraf aan te passen als er sprake is van gereduceerde activiteiten. Dit wordt nu automatisch in rekening gebracht.
  • Daarbovenop kunnen ondernemingen, die hun activiteiten moeten stilleggen op vraag van de overheid, voor alle premies die vervallen tussen 30 maart en 30 september 2020, uitstel van betaling van hun premie verkrijgen in overleg met hun verzekeraar. Voor eventuele verdere maatregelen rond opschorting van contracten wordt bedrijven aangeraden rechtstreeks contact op te nemen met hun verzekeraar of tussenpersoon.
  • Tot slot zullen de verzekeraars voor leningen aan ondernemingen dezelfde voorwaarden toepassen als diegene die al werden afgesproken voor de banksector. Het gaat om een uitstel voor terugbetaling van kredieten (rente- en kapitaalaflossingen) tot 30 september 2020.

Lees meer

Welke maatregelen zijn er genomen in het bankenplan van 22 maart?

Op 22 maart hebben de federale overheid, de Nationale Bank en de banken een akkoord bekend gemaakt om:

  • De bestaande kredieten aan gezonde bedrijven, kmo’s en zelfstandigen voort te zetten tot en met 30 september 2020, zodat de nodige liquiditeit gegarandeerd blijft;
  • Bijkomende kredieten mogelijk te maken op een soepele en verantwoorde manier, met overheidswaarborgen ter ondersteuning waar nodig.

Op basis van de huidig beschikbare informatie is Voka tevreden over de grote lijnen van dit  plan, maar blijft waakzaam over de concrete toepassing ervan en juicht het voorziene systeem van monitoring dan ook toe. Het is goed dat er nu duidelijkheid is voor de grote groep van gezonde ondernemingen en begrijpt dat dit voor de banken een zware inspanning is.
 
In essentie:

Voor wie is de maatregel?

Voor alle gezonde niet-financiële bedrijven, kmo’s en zelfstandigen

Waarvoor?

Voor afbetalings- en liquiditeitsproblemen ten gevolge van de coronacrisis

Hoe?

Gratis uitstel van betaling bestaande kredieten t.e.m. 30 september – soepele
regeling voor overheidswaarborgen bij nieuwe kredieten.


1. Bestaande kredieten – uitstel van betaling mogelijk tot en met 30 september 2020

  • Voor alle niet-financiële bedrijven, kmo’s en zelfstandigen (met of zonder vennootschap), die betalingsproblemen ondervinden ten gevolge van de coronacrisis en nog geen actieve kredietherstructurering hebben lopen en op 1 februari 2020 geen betalingsachterstand hadden of op 29 februari 2020 minder dan 30 dagen betalingsachterstand hadden.
  • Uitstel van betaling tot en met 30 september 2020 zal worden toegekend zonder kosten.

2. Garantieregeling nieuwe kredieten – soepele regeling

  • Voor alle niet-financiële bedrijven, kmo’s en zelfstandigen (met of zonder vennootschap), die betalingsproblemen ondervinden ten gevolge van de coronacrisis en nog geen actieve kredietherstructurering hebben lopen en op 1 februari 2020 geen betalingsachterstand hadden of op 29 februari 2020 minder dan 30 dagen betalingsachterstand hadden.
  • Van toepassing op alle nieuwe kredieten en kredietlijnen met een maximale looptijd van 12 maanden
  • NIET van toepassing op: herfinancieringskredieten, alle nieuwe moratoria (zoals uitstel van betaling van interesten, kapitaal, …) en niet opgenomen bedragen op bestaande kredietlijnen
  • Gedekt kredietbedrag: max. 50 miljoen euro per bedrijf (of groep van verbonden bedrijven). Daarboven goedkeuring van de overheid noodzakelijk per dossier.
  • Kost van de garantie:                                                                                                                kmo's: 0,25%                                                                                                                             Grote bedrijven: 0,50%
  • Kost van het krediet: maximaal 1,25% (excl. fee)
  • Voor kredieten toegekend tot en met 30 september 2020

3. Monitoring en sancties

  • Systeem van monitoring om de kredietverlening en de engagementen van de banken op te volgen
  • Sancties bij niet-opvolging door banken worden voorzien
Klopt het dat er een tijdelijke aanpassing is van de voordelen voor voorafbetalingen?

Dat klopt.

Wat houdt de maatregel in?

Voor vennootschappen en zelfstandigen die door de coronacrisis kampen met liquiditeitsproblemen, heeft de regering op 3 april 2020 beslist om de percentages van de voordelen van de voorafbetalingen van de derde en de vierde vervaldag, op respectievelijk 10 oktober en 20 december, te verhogen. Dankzij deze steunmaatregel is het uitstellen van hun voorafbetalingen minder nadelig.

In de tabel hieronder vindt u de aangepaste percentages voor de voorafbetalingen. Deze zijn, zoals gezegd, hoger in het derde en vierde kwartaal (tenzij er een dividenduitkering is):

  Personenbelasting

Vennootschapsbelasting

(geen dividenduitkering)

Vennootschapsbelasting

(wel dividenduitkering)

Voorafbetaling 1 3% 9% 9%
Voorafbetaling 2 2,5% 7,5% 7,5%
Voorafbetaling 3 2,25% 6,75% 6%
Voorafbetaling 4 1,75% 5,25% 4,5%

De maatregel is bedoeld voor bedrijven met liquiditeitsproblemen. Deze verhoogde bonificatie in deze kwartalen geldt niet voor vennootschappen die:

  • een inkoop van eigen aandelen of een kapitaalvermindering doen
  • die dividenden betalen of toekennen tussen 12 maart 2020 en 31 december 2020

De verhoogde percentages gelden ook niet voor natuurlijke personen die hierdoor meer bonificatie wegens voorafbetalingen zouden kunnen krijgen.

De percentages van de vermeerderingen zelf blijven ongewijzigd, net zoals de data van de voorafbetalingen.

Wie komt in aanmerking?

Vennootschappen en zelfstandigen.

Zo vraagt u het aan

Automatisch

Meer informatie

Plan kredietverzekeraars gelanceerd. Wat houdt dat precies in?

1. Context

De federale regering heeft beslist om een gewaarborgd herverzekeringsprogramma op te zetten waardoor privé kredietverzekeraars bij de uitgifte van kredietverzekeringen voor verhandelbare risico’s nu ook beroep kunnen doen op staatsgaranties.

Normaliter legt de Europese Commissie een strikt onderscheid op tussen kredietverzekering van zogenaamde verhandelbare en niet-verhandelbare risico’s om marktverstoring tot een minimum te beperken:

  • Zo mogen publieke kredietverzekeraars enkel verzekeringen uitschrijven voor niet-verhandelbare risico’s. In België is dit Credendo Export Credit Agency (voorheen Nationale Delcrederedienst) wiens kredietverzekeringen expliciet ondersteund worden door staatsgaranties. Credendo ECA verzekert dan vooral grote internationale projecten die Belgische bedrijven uitvoeren in politiek instabiele landen.
  • Privékredietverzekeraars, zoals Euler Hermes, Coface, Atradius, Credendo XS en Credendo STN (deze laatste 2 zijn afgesplitste dochtermaatschappijen van de publieke Credendo ECA), verzekeren daarentegen verhandelbare risico’s op korte termijn (typisch 30/60/90/180 dagen). De Europese Commissie verbiedt expliciet dat in deze markt met staatsgaranties wordt gewerkt aangezien dit tot oneerlijke concurrentie zou leiden.

De Europese Commissie heeft, omwille van de corona-crisis, echter beslist dat er ook staatsgaranties mogen uitgegeven worden voor kredietverzekeringen van verhandelbare risico’s tot en met 31 december 2020. Dit is zeer wenselijk om een gevaarlijk sneeuwbaleffect te vermijden. Zo bestaat het risico dat kredietverzekeraars, die geconfronteerd worden met toegenomen verliezen ten gevolge van de coronacrisis, de kredietlimieten van bedrijven sterk moeten afbouwen om hun risicoblootstelling conform de wettelijke regels in te perken. 

    
2. Beslissing

De federale regering heeft deze beslissing van de Europese Commissie aangegrepen om ook een regeling te treffen met de belangrijkste private kredietverzekeraars (Euler Hermes, Coface, Atradius, Credendo XS en Credendo STN), waarbij de uitgifte van kredietverzekering voor verhandelbare risico’s nu ook kan genieten van een staatsgarantie. De kredietverzekeraars die het ontwerp ondertekenden hebben allemaal samen kredietlimieten die een totaalbedrag van meer dan 57 miljard EUR aan facturen dekken ten voordele van hun verzekerden gevestigd in België wat hun belangrijke rol in de economische ontwikkeling en het bedrijfsleven van België aantoont.

De federale regering zal hiervoor beroep doen op publieke kredietverzekeringsmaatschappij Credendo ECA, die dan voor rekening van de Staat zal optreden als herverzekeraar voor verzekeringen die de privé kredietverzekeraars hebben verleend. Kort gesteld komt het er dan op neer dat de publieke herverzekeraar een steeds groter deel van de geleden schade zal waarborgen naarmate de loss-ratio van de private verzekeraars stijgt.

De principiële doelstelling van het herverzekeringsprogramma is om te vermijden dat bestaande kredietlimieten van kredietverzekeringen onnodig opgeschort worden. Zo verbinden de kredietverzekeraars zich ertoe om geen massa-acties of lineaire maatregelen door te voeren op sectoraal niveau en de uitgifte van kredietverzekering geval per geval te blijven beoordelen. Zo engageren ze zich ertoe om de kredietlimieten die in de loop van de 12 maanden vóór 1 maart 2020 effectief gebruikt werden, zo veel mogelijk intact te laten tot eind 2020. Op die manier kunnen de handelsrelaties en de handelsstromen in stand gehouden worden.

Er zal een rapporteringssysteem worden opgezet om de verbintenissen van de kredietverzekeraars op te volgen. Zo zal er maandelijks gerapporteerd worden over de evolutie van de bestaande kredietlimieten. Hierbij worden vanzelfsprekend de vertrouwelijkheid van de handelsgegevens gegarandeerd. Als de Staat hiernaar vraagt, zal de kredietverzekeraar kort moeten uitleggen op welke basis hij een beslissing genomen heeft om aan te tonen dat het niet om een willekeurige beslissing gaat.

Kredietverzekeringen die kunnen genieten van dit gewaarborgd herverzekeringsprogramma moeten voldoen aan de volgende voorwaarden:

  • Enkel voor bedrijven gedomicilieerd in België die verzekerd zijn bij een kredietverzekeraar actief aanwezig in België;
  • Enkel voor bedrijven die niet in moeilijkheden verkeerden op 31/12/2019 (Een bedrijf waarvoor de kredietlimiet was ingetrokken op 01/01/2020 wordt beschouwd als een bedrijf in moeilijkheden);
  • Handelskredietverzekering en borgstelling (surety) tussen bedrijven (B2B);
  • Het maximum risico per bedrijf voor een verzekeraar bedraagt 50 miljoen EUR. Dit bedrag kan wel eventueel nog overschreden worden via een speciale acceptatie door de Staat, waarbij naast het risico ook het Belgisch belang van doorslaggevende aard zal zijn;
  • Zowel Belgische kopers (debiteuren) als kopers in het buitenland en borgstellingen ten gunste van zowel opdrachtgevers in België als in het buitenland;
  • Het herverzekeringsprogramma is van toepassing op alle vervaldagen vanaf 27 maart 2020 voor de transacties van de voorbije drie maanden. Anderzijds worden ook de nieuwe transacties vanaf 27 maart 2020 opgenomen in het herverzekeringsprogramma.


3. Bijkomende maatregelen van Credendo ECA

De publieke kredietverzekeraar Credendo ECA heeft daarnaast zelf nog bijkomende ondersteunende maatregelen genomen.

Credendo ECA heeft bijvoorbeeld vorige week de zogenaamde Credendo Bridge Guarantee geactiveerd. Deze nieuwe garantie (waar banken beroep op kunnen doen) dekt 80% in plaats van de gebruikelijke 50% van overbruggingskredieten die verstrekt worden aan Belgische bedrijven met internationale activiteiten.

De garantie wordt verleend op kredieten van maximaal 10 miljoen EUR per bedrijf en een uiterste looptijd van 1 jaar. Daarnaast kunnen enkel bedrijven die als gezond werden beschouwd vóór de crisis gebruik maken van deze versterkte financiële garantie. Deze maatregel zorgt ervoor dat banken een grotere risicospreiding hebben waardoor ze hun kredietlijnen naar internationaal actieve bedrijven niet hoeven in te perken.

Hoe wil de overheid bedrijven tijdelijk beschermen tegen faillissementen?

De regering wenst gezonde bedrijven die een levensbedreigende impact ondervinden van de coronacrisis, te beschermen tegen inbeslagnames en faillissementen. Deze worden immers niet veroorzaakt door structurele tekortkomingen in de bedrijfsvoering, wat een inbeslagname of faling zou rechtvaardigen, maar door overmacht. Volgens Graydon kunnen 34% van de bedrijven in Vlaanderen de crisisperiode (liquiditeitsproblemen) niet aan. Een moratorium is daarom aangewezen, want het vergroot de overlevingskansen. Zo kunnen zij na de crisisperiode doorstarten. Het KB daarvoor verscheen op 24 april in het Belgisch Staatsblad. 

Voor wie?

  • Alle gezonde ondernemingen die onder de nieuwe insolventiewetgeving vallen (sinds 1 mei 2018 in werking) 
  • Gezond = op 18 maart 2020 ‘in goeden doen’ verkeren (lees: alle verplichtingen nagekomen zijn)

Wat houdt de maatregel in?

  • Tijdelijke, automatische opschorting van inbeslagname en faling in geval van wanbetaling tot 17 mei 2020. Wordt mogelijk verlengd. 
  • Ondernemingen die op 18 maart 2020 reeds in staking van betaling waren worden uitgesloten van deze regeling. Hun problemen zijn immers niet gerelateerd aan de huidige crisis. 
  • Dat houdt in dat: 
  1. de onderneming beschermd is tegen inbeslagnames
  2. ondernemingen niet failliet verklaard kunnen worden op verzoek van hun schuldeisers (wel op verzoek van het openbaar ministerie, of mits akkoord van de schuldenaar zelf);
  3. lopende overeenkomsten niet beëindigd kunnen worden wegens wanbetaling;
  4. de schuldenaar tijdelijk niet verplicht is aangifte van faillissement te doen;
  5. de ondernemingsrechter beslist of een schuldenaar van deze opschorting kan genieten wanneer hij zich er bij wijze van verweer op beroept.
  • De regelgeving is echter geen vrijgeleide! Het onderscheid tussen een gezond en ongezond bedrijf blijft van belang. Daarom kan de voorzitter van de ondernemingsrechtbank steeds op verzoek van de schuldeiser, de opschorting opheffen. Bedrijven die reeds in gebreke bleven vóór 18 maart zullen de tijdelijke regeling dus niet kunnen gebruiken. 

Hoe? 

  • Automatische bescherming (bij wet) 
Is er steun voor wie een pand huurt?

Huurders die door liquiditeitsproblemen moeilijkheden hebben om de handelshuur te betalen, kunnen een handelshuurlening aanvragen. De Vlaamse overheid schiet dan maximaal twee maanden huur voor, op voorwaarde dat de verhuurder een of twee maanden huur kwijtscheldt. De onderneming moet wel aan bepaalde voorwaarden voldoen en het moet gaan om een pand in het Vlaamse Gewest.     

Deze lening kan worden aangevraagd sinds begin juli en tot 1 december 2020.

Meer info.   

Welke steunmaatregelen zijn er specifiek voor de culturele sector?

Ondernemingen en organisaties actief in de cultuursector kunnen voor het overbruggen van de coronacrisis een renteloze lening aanvragen van € 5.000 tot € 100.000 met looptijd van maximum 6 jaar.     

Het Herstel Cultuurkrediet kan je aanvragen tot 1 december 2020. Met deze aanvullende financiering wil de Vlaamse overheid de cultuursector ondersteunen gedurende de COVID 19-crisis. De Vlaamse Regering duidde Hefboom aan als financiële partner voor de ontwikkeling en realisatie van deze lening.     

Hoe zit het met de 'corona' tax shelter?

Het federale parlement heeft op 9 juli beslist om wie voor het jaareinde een participatie neemt in het kapitaal van een kleine vennootschap een belastingvermindering in de personenbelasting toe te kennen. Via deze tijdelijke maatregel breidt men het toepassingsgebied uit van de bestaande tax shelters voor starters en “scale-ups”. Meer bepaald zullen alle kleine vennootschappen in aanmerking komen, mits ze tijdens de coronacrisis een aanzienlijke omzetdaling kenden. Met deze maatregel wil men de versterking van de solvabiliteit van kleine vennootschappen fiscaal ondersteunen.

Een rijksinwoner die naar aanleiding van een kapitaalsverhoging van een kleine vennootschap tussen 14 maart 2020 en 31 december 2020 nieuwe aandelen op naam verwerft komt in principe in aanmerking voor een belastingvermindering in de personenbelasting. 

De belastingvermindering in de personenbelasting bedraagt 20 % van het in aanmerking te nemen bedrag, na aftrek van de eventuele verbonden kosten. Een eventueel saldo is overdraagbaar naar de drie volgende belastbare tijdperken. 

Aan deze nieuwe tax shelter regeling zijn verschillende voorwaarden verbonden, zowel in hoofde van de vennootschap waarin geïnvesteerd wordt, als in hoofde van de investeerder zelf. 

Voorwaarden in hoofde van de investeerder

Een investeerder die in aanmerking wil komen voor deze corona tax shelter mag maximaal een belang van 30 procent in de kleine vennootschap aanhouden. Kleine vennootschappen zijn vennootschappen met rechtspersoonlijkheid die op balansdatum van het laatst afgesloten boekjaar, niet meer dan één van de volgende criteria overschrijden


-    jaargemiddelde van het aantal werknemers: 50;
-    jaaromzet, exclusief de belasting over de toegevoegde waarde: 9 000 000 euro;
-    balanstotaal: 4 500 000 euro.


Indien de inbreng tot een hogere participatie aanleiding geeft dan zal de inbreng voor het gedeelte boven de 30% geen fiscaal voordeel meer opleveren. 
De investeerder moet rechtstreeks inschrijven op de aandelen naar aanleiding van een kapitaalverhoging tussen 14 maart 2020 en 31 december 2020. Hij/zij moet de aandelen uiterlijk op 31 december 2020 hebben volstort.   

Het bedrag waarvoor de belastingvermindering voor de Corona taxshelter kan worden bekomen bedraagt maximaal € 100.000

Ook een inbreng door de bedrijfsleider van de vennootschap zelf komt in aanmerking voor de Corona tax shelter (in tegenstelling tot de tax shelter voor startende ondernemingen en de tax shelter voor groei-ondernemingen). Echter, een inbreng gefinancierd via middelen uit de vennootschap zelf (bijvoorbeeld via een lening of via een terugbetaling van een deel van de rekening-courant) komen logischerwijze niet in aanmerking voor deze tijdelijke regeling.  

De investeerder moet de aandelen minimaal 5 jaren aanhouden. Als de aandelen eerder worden vervreemd, vindt een terugname van het genoten belastingvoordeel plaats. Deze terugname vindt plaats onder de vorm van een federale belastingvermeerdering in de personenbelasting. Deze belastingvermeerdering wordt berekend in functie van het aantal ontbrekende maanden. 
 

Voor eenzelfde participatiebedrag mag er geen cumul zijn met bestaande belastingverminderingen voor de verkrijging van werkgeversaandelen, de belastingvermindering voor uitgaven voor een ontwikkelingsfonds of andere reeds bestaande belastingverminderingen voor startende ondernemingen of groeibedrijven. De investeerder kan dus bij een investering van bijvoorbeeld € 100.000 in een startende onderneming niet twee maal een belastingvermindering  bekomen : één maal op basis van de tax shelter voor startende ondernemingen en één maal via de corona-tax shelter. Men kan wel € 100.000 investeren in een startende onderneming (tax shelter voor startende ondernemingen) en nog eens maximaal € 100.000 in een andere onderneming die zwaar is getroffen door de Corona-crisis (Corona tax shelter). In beide gevallen krijgt men dan een fiscaal voordeel in de personenbelasting. 

Voorwaarden in hoofde van de vennootschap

Enkel inbrengen in kleine binnenlandse vennootschappen of kleine vennootschappen waarvan de voornaamste inrichting of zetel van bestuur of beheer gevestigd zijn in een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte komen in aanmerking voor deze Corona tax shelter. In dat laatste geval moet de vennootschap wel over een Belgische inrichting beschikken.

Het maximumbedrag van de inbreng per vennootschap bedraagt € 250.000. 

Het is wel belangrijk om op te merken dat deze maximale inbreng los staat van eventuele inbrengen in het kader van de andere tax shelters (voor startende ondernemingen of voor scale-ups). Een cumul met deze andere tax shelters is dus mogelijk. Een “scale up” kan dus bijvoorbeeld maximaal € 500.000 ophalen via de tax shelter voor groeibedrijven en nog eens € 250.000 via deze corona tax shelter. Een startende onderneming kan maximaal € 250.000 ophalen via de tax shelter voor startende ondernemingen en nog eens maximaal € 250.000 via de tijdelijke corona tax shelter. 

Enkel kleine vennootschappen waarvan de omzet in de periode 14 maart 2020-30 april 2020 met minimaal 30 % daalde ten opzichte van dezelfde periode in 2019 komen in aanmerking. Indien het om een startende onderneming gaat moet men de effectieve omzet vergelijken met de vooropgestelde omzet, beschreven in het financieel plan. 

Net zoals bij de reeds bestaande tax shelters komen een aantal aandelenparticipaties niet in aanmerking voor de belastingvermindering in de personenbelasting. Het gaat meer bepaald om het verwerven van aandelen in: 

-    Beleggings- financierings- of thesaurievennootschappen
-    Een vastgoedvennootschap
-    Een managementvennootschap
-    Een beursgenoteerde vennootschap
-    Een onderneming in moeilijkheden 

De vennootschap waarin de particulier een participatie neemt mag wel opgericht zijn in het kader van een fusie of splitsing van vennootschappen. 
Net zoals het geval is bij andere coronamaatregelen mag de vennootschap die de kapitaalverhoging doorvoert deze middelen vervolgens niet aanwenden voor een dividenduitkering, een kapitaalvermindering of een inkoop van eigen aandelen

Uitgesloten zijn tevens vennootschappen die een deelneming aanhouden in een vennootschap gevestigd in een belastingparadijs (lijst opgenomen in het uitvoeringsbesluit bij het wetboek inkomstenbelasting) of die betalingen doen van € 100.000 of meer aan vennootschappen gevestigd in een belastingparadijs. In dat laatste geval kan de vennootschap wel aantonen dat de betalingen werden verricht in het kader van werkelijke en oprechte verrichtingen die het gevolg zijn van rechtmatige financiële of economische behoeften. In dat geval komt de vennootschap wel in aanmerking voor toepassing van de corona-tax shelter. 

Ook indien de vennootschap niet meer voldoet aan de voorwaarden (bijvoorbeeld een dividend uitkeert) wordt de belastingvermindering in hoofde van de investeerder teruggenomen. 
 

Hoe zit het met de tijdelijke vrijstelling van BTW-voorschot verschuldigd in december?

De Kamer van Volksvertegenwoordigers heeft op 9 juli beslist om eenmalig het “decembervoorschot” inzake btw niet toe te passen. 

Bestaande situatie

Indien uw onderneming een periodieke btw-aangifte indient moet ze in principe ook een voorschot betalen op de btw die verschuldigd is voor handelingen in de laatste aangifteperiode, het “decembervoorschot”. Deze verplichting geldt zowel indien u uw btw-aangifte maandelijks indient (voor de btw verschuldigd over handelingen van de maand december) als indien u uw btw-aangifte driemaandelijks indient (voor de btw verschuldigd over de handelingen van het vierde kwartaal). Deze maatregel dateert uit de jaren 90 en werd ingevoerd om louter budgettaire redenen. 

Wat is beslist? 

Om de liquiditeitspositie van ondernemingen te versterken heeft het federaal parlement beslist om uw onderneming – eenmalig – vrij te stellen van de verplichting om nog in 2020 het btw-voorschot te betalen voor handelingen die betrekking hebben op de maand december of op het vierde kwartaal.
De btw die verschuldigd is voor de laatste aangifteperiode zal u dan uiterlijk op de 20ste dag van de maand die volgt op deze aangifteperiode volledig moeten betalen, dus uiterlijk tegen 20 januari 2021. Het betreft dus een tijdelijk uitstel

Voor welke ondernemingen geldt deze maatregel? 

Deze eenmalige ontheffing van het voorschot in de laatste aangifteperiode is van toepassing voor alle ondernemingen die een periodieke btw-aangifte indienen (maandelijks of driemaandelijks).  Er zijn geen extra voorwaarden aan verbonden

Hoe zit het met de tijdelijke verhoging aftrekbaarheid receptiekosten?

De Kamer van Volksvertegenwoordigers besliste op 9 juli om receptiekosten tijdelijk 100% aftrekbaar te maken. Deze tijdelijke maatregel geldt voor beroepsmatige kosten gedaan tussen 8 juni 2020 en 31 december 2020

Situatie vandaag

De receptiekosten die in het kader van de beroepsuitoefening worden gemaakt, kunnen worden aangemerkt als aftrekbare beroepskosten. De aftrekbaarheid van deze kosten wordt tot op heden beperkt tot 50%.

Wat verandert er? 

Om de horeca- en evenementensector in brede zin en de professionelen die een beroep doen op hun diensten te ondersteunen besliste het federaal parlement om tijdelijk de volledige aftrek van receptiekosten toe te laten. Deze maatregel geldt  voor beroepsmatig gedane receptiekosten die u betaalt of draagt tussen 8 juni 2020 en 31 december 2020. 
De kosten voor relatiegeschenken vallen niet onder deze tijdelijke maatregel. De aftrek van relatiegeschenken blijft dus 50%. 

Voor wie geldt de maatregel? 

Iedereen die in het kader van de beroepsuitoefening beroep doet op diensten van de evenementensector.

Hoe zit het met de tijdelijk verhoogde investeringsaftrek?

Het federaal parlement heeft op 9 juli beslist om de gewone investeringsaftrek voor kleine vennootschappen tot eind dit jaar te verhogen van 8% naar 25%. 

Situatie vandaag

Bij de hervorming van de vennootschapsbelasting (25 december 2017) werd het basispercentage van de gewone investeringsaftrek voor kleine vennootschappen tijdelijk verhoogd van 8% tot 20% voor de vaste activa die waren verkregen of tot stand gebracht tussen 1 januari 2018 en 31 december 2019. Sinds begin dit jaar geldt weer het basistarief van 8%.

De overdracht van de investeringsaftrek die niet kan worden toegepast bij gebrek aan voldoende winst of baten is normaal beperkt tot het volgende belastbare tijdperk. 

Wat verandert er?

De Kamer van Volksvertegenwoordigers keurde op 9 juli jongstleden het wetsontwerp goed waarbij het basispercentage van de investeringsaftrek tijdelijk wordt verhoogd tot 25% voor de vaste activa die zijn verkregen of tot stand gebracht tussen 12 maart 2020 en 31 december 2020. De maatregel geldt zowel in de personenbelasting als in de vennootschapsbelasting. Ze is enkel van toepassing op kleine vennootschappen (definitie Wetboek Vennootschappen en Verenigingen). 

Voor wat betreft de vaste activa verkregen of tot stand gebracht in 2019, stemt het daaropvolgende belastbaar tijdperk geheel of gedeeltelijk overeen met het jaar 2020, getroffen door de COVID19-crisis. Om deze reden wordt de termijn voor de overdracht van de ongebruikte investeringsaftrek voor de vaste activa die zijn verkregen of tot stand gebracht tijdens het jaar 2019 eenmalig verlengd tot de twee volgende belastbare tijdperken in plaats van enkel tot het volgende belastbare tijdperk. 

Voor wie zijn deze maatregelen bestemd?

Enkel van toepassing op kleine vennootschappen (definitie Wetboek vennootschappen en Verenigingen). Volgens dit Wetboek gaat het om vennootschappen met rechtspersoonlijkheid die op balansdatum van het laatst afgesloten boekjaar, niet meer dan één van de volgende criteria overschrijden:

•    jaargemiddelde van het aantal werknemers: 50;
•    jaaromzet, exclusief de belasting over de toegevoegde waarde: 9.000.000 euro;
•    balanstotaal: 4.500.000 euro.

Wanneer uw vennootschap met een of meer andere vennootschappen verbonden is moeten de criteria inzake omzet en balanstotaal berekend worden op geconsolideerde basis.  
 

Hoe zit het met consumptiecheques voor werknemers?

In het weekend van 6 juni nam de 'superkern' de beslissing om de toekenning van consumptiecheques mogelijk te maken. De regelgeving verscheen intussen in het Belgisch Staatsblad. Werkgevers die dit wensen, kunnen vanaf 17 juli consumptiecheques aan hun werknemers geven. 
 
Consumptiecheque
Werkgevers zijn niet verplicht om consumptiecheques toe te kennen. Dat is en blijft een vrije keuze.
 
De consumptiecheques die aan een reeks voorwaarden voldoen, zijn wel voordelig. Ze zijn immers:

•    niet onderworpen aan socialezekerheidsbijdragen;
•    vrijgesteld van bedrijfsvoorheffing voor de werknemer;
•    volledig aftrekbaar als beroepskost voor de werkgever.
 
Vrijstellingsvoorwaarden
 
Voor de vrijstellingsvoorwaarden haalt de regering inspiratie bij de maaltijdcheques en ecocheques. We zetten de belangrijkste principes op een rij.
 
De werkgever mag:
•    de consumptiecheques niet toekennen ter vervanging of omzetting van loon, premies, voordelen (of aanvullingen daarbij) en dit ongeacht of deze onderworpen zijn aan socialezekerheidsbijdragen.
De werkgever is niet verplicht om de cheques toe te kennen. Maar àls hij het doet, moeten ze dus bovenop het bestaande verloningspakket komen.
•    in totaal maximum 300 EUR aan consumptiecheques toekennen per werknemer.
 
De consumptiecheque:
•    is voorlopig enkel te gebruiken in de horecasector, de culturele sector en bij sportverenigingen;
Op de valreep keurde de Kamer een wetsvoorstel goed dat kleinhandelszaken die verplicht langer dan één maand gesloten zijn geweest, aan dit lijstje toevoegt.
•    mag een maximale nominale waarde van 10 EUR per cheque hebben;
•    heeft een beperkte geldigheidsduur. 


De werkgever moet de cheques uiterlijk eind 2020 toekennen; ze blijven geldig tot 7 juni 2021.


De toekenning van de consumptiecheques moet vervat zijn in een collectieve arbeidsovereenkomst (cao) op sectoraal of ondernemingsvlak. 
De werkgever kan de toekenning ook regelen via een schriftelijke individuele overeenkomst. Dit is enkel mogelijk  wanneer er geen syndicale delegatie is of wanneer het een personeelscategorie betreft die normaal niet door een cao gevat wordt.
 
Loonnorm
De maximale marge voor de loonkostenontwikkeling voor de jaren 2019 en 2020 bedraagt 1,1%. Men neemt de consumptiecheques niet in aanmerking om na te gaan of de werkgever de maximale loonkoststijging respecteert.
 
Op papier
Men voorzag initieel enkel papieren consumptiecheques. 
 
Op de valreep keurde de Kamer een wetsvoorstel goed dat ook elektronische consumptiecheques mogelijk moet maken. Werkgevers zullen deze enkel kunnen aankopen bij erkende uitgevers.

 
Uitgevers
De uitgevers van gelijkaardige cheques zijn in beeld. Maar ook de werkgever zelf kan cheques uitgeven of  rechtstreeks aankopen bij een horecazaak, culturele instelling of een lokaal bestuur. 
 
Er bestaat echter nog geen concrete overeenkomst tussen de sociale secretariaten en de klassieke leveranciers om via ons te bestellen. 
Zodra hierover duidelijkheid is, ontvangt u de nodige info.

Wat betekent dit voor de publieke sector?
Ook werkgevers uit de publieke sector kunnen consumptiecheques toekennen aan hun personeelsleden.
 
Hier gelden grotendeels dezelfde toekennings- en vrijstellingsvoorwaarden.
Specifiek voor de publieke sector geldt dat de toekenning van de consumptiecheques moet besproken zijn in het daartoe bevoegde onderhandelingscomité.

Ook moet de reglementaire handeling de hoogste nominale waarde van de consumptiecheque vermelden.

Wat te doen bij een onterechte terugvordering van de coronahinderpremie?

Tussen de beslissing voor een corona-hinderpremie op 20 maart en de deadline van 30 juni werden 132.000 aanvragen ingediend. Intussen werden al meer dan 100.000 dossiers goedgekeurd. Maar in sommige gevallen werd een toegekende corona-hinderpremie teruggevorderd wegens oneigenlijk gebruik. Die terugvordering is niet altijd correct en kan berusten op een misverstand of onvoldoende staving van de aanvraag.

Kaart een onterechte terugvordering aan

In geval van onterechte terugvordering omdat bijvoorbeeld niet alle gegevens bij Vlaio gekend zijn, kaart u dit best aan. Vaak gaat het over discussies met betrekking tot de fysieke vestiging, NACE-code waar men onder valt (belang van een correcte inschrijving in de KBO is wederom aangetoond), openingsuren, etc. Daarom is het in geval van discussies van belang dat u uw dossier voldoende stoffeert met eigen bewijsmateriaal zoals foto’s, folders, grondplannen, etc. Zo kan u aantonen dat u over een toonzaal beschikt, voldoende uren openhield vóór de crisis, de juiste verhouding open/gesloten gedeelte hanteert, ... 

In geval van betwisting neemt u dan ook best contact via klachten@vlaio.be of via www.vlaio.be/nl/content/klachtenformulier. Een rechtstreekse mail geniet de voorkeur aangezien daar onmiddellijk de noodzakelijke bijlages (stavingstukken) bij gevoegd kunnen worden. Vergeet zeker niet om contactgegevens, het dossiernummer en een zo duidelijk mogelijk beeld te schetsen van het probleem dat tot de klacht leidt. Vlaio heeft dan in principe 45 kalenderdagen de tijd om een antwoord te formuleren op de klacht. Houd er wel rekening mee dat men momenteel overstelpt wordt met aanvragen, controles en de verwerking ervan. Een antwoord kan dus enige tijd op zich laten wachten. 

De klacht dient uiteraard ontvankelijk te zijn. Redenen voor onontvankelijkheid zijn onder meer:

  • de klacht met betrekking tot dezelfde feiten werd al eerder door het agentschap behandeld
  • de feiten hebben betrekking op een juridisch beroep tegen een beslissing
  • je bezorgt als klager geen (correcte) contactgegevens (bijvoorbeeld als je de klacht anoniem verstuurt)
  • je kan als klager geen belang aantonen


Tweede lijn: de Vlaamse Ombudsdienst

Indien u na uw klacht bij Vlaio nog steeds geen voldoening hebt gekregen, kan u bij de Vlaamse Ombudsdienst terecht. Let wel, dit is een tweedelijnsdienst. U moet dus eerst over een afgehandelde klacht door Vlaio beschikken, zoniet zal de ombudsdienst u terug verwijzen naar Vlaio. De Vlaamse Ombudsdienst kan u bereiken via info@vlaamseombudsdienst.be of eventueel via het gratis nummer 1700. Binnen de week wordt u gecontacteerd of aangeschreven. 

De hulp inroepen van een raadsman kan in een beperkt aantal gevallen misschien nuttig zijn, maar we raden aan om eerst zelf met behulp van een voldoende gestoffeerd dossier uw klacht met Vlaio af te handelen. Een gerechtelijke procedure brengt immers extra kosten met zich mee en verloopt vaak langzaam. 

Indien men toch dient terug te betalen dan heeft men hiervoor in principe 30 dagen de tijd. Men kan met Vlaio ook een terugbetalingsplan afspreken. In geval van grotere bedragen kan dit zeker nuttig zijn. 

Voor de ondernemer die onterecht een Corona-hinderpremie aanvroeg, maar in aanmerking kwam voor de compensatiepremie, zal de aanvraag omgezet worden. In geval van eerdere uitbetaling zal u het bedrag in één keer dienen terug te betalen. Dit om te vermijden dat de compensatiepremie wordt gebruikt om de terugvordering van de Corona-hinderpremie (deels) te financieren. 

LOKALE CORONAMAATREGELEN

Wat zijn de nieuwe verstrengde maatregelen in het Brussels gewest en Wallonië vanaf 24 oktober?

1. Brussel

In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest gelden vanaf maandagochtend nieuwe, strengere regels die bovenop de bestaande regels komen. Deze extra maatregelen gelden alvast tot 19 november:

  • Er komt een avondklok die dagelijks van 22 tot 6 uur geldt. Uitzonderingen worden gemaakt voor essentiële (professionele) verplaatsingen en voor wie verzorging nodig heeft. In Vlaanderen geldt een nachtklok van 0 tot 5 uur 's ochtends.
  • Mondmaskers worden verplicht in het hele Brusselse Gewest.
  • Winkels moeten sluiten om 20 uur en mensen moeten alleen gaan winkelen. Een volwassene mag wel een minderjarigen die onder hetzelfde dak woont of iemand die nood heeft aan begeleiding, vergezellen. Alleen zaken die take-awayschotels aanbieden, mogen openblijven tot 22 uur.
  • Amateursportcompetities worden verboden (voor alle leeftijden), trainingen mogen nog voor kinderen jonger dan 12 jaar.
  • Alle sportfaciliteiten (zwembaden, fitnesszaken...) worden gesloten.
  • Recreatieve en culturele locaties worden gesloten. Bijvoorbeeld wedkantoren, casino's, musea en bioscopen. 
  • Bij Begrafenissen mogen niet meer dan 15 mensen aanwezig zijn.
  • Bij burgerlijke en religieuze huwelijken mogen alleen het koppel, hun getuigen en de voltrekker van het huwelijk aanwezig zijn.
  • Schooluitstappen zijn verboden.
  • Telewerk wordt de regel, zoals federaal al was beslist.

2. Wallonië

  • In het Waalse Gewest gelden vanaf 24 oktober ook een aantal strengere maatregelen. De nieuwe maatregelen gelden, net als in Brussel, voorlopig tot 19 november
  • In Wallonië geldt een avondklok van 22 tot 6 uur ‘s ochtends. Uitzonderingen worden gemaakt voor essentiële (professionele) verplaatsingen en voor wie verzorging nodig heeft. In Vlaanderen geldt een nachtklok van 0 tot 5 uur 's ochtends.
  • Winkelen mag je in Wallonië enkel nog alleen doen, kinderen jonger dan 12 jaar niet meegerekend.
  • Alle amateursport (competities en trainingen) in groep is verboden, met uitzondering van kinderen jonger dan twaalf. Tegelijk wordt individueel sporten aangemoedigd.
  • Afstandsonderwijs is de regel in het het hoger onderwijs. De maatregel geldt ook voor eerstejaarsstudenten. Alleen praktijklessen en stages mogen nog doorgaan.
  • Het bezoek in de Waalse woonzorgcentra wordt beperkt: bewoners mogen maar 1 vaste bezoeker over de vloer krijgen. Om de 14 dagen mag er gewisseld worden.
Welke extra lokale maatregelen gelden in het Brusselse gewest?

De Brusselse provinciale crisiscel heeft de volgende extra maatregelen genomen (sinds donderdag 8 oktober en voor de duur van één maand):

  • bars en cafés, maar ook thee- en koffiehuizen moeten de deuren sluiten (gelegenheden waar alcoholische of niet-alcoholische dranken worden geserveerd)
  • sportclubs zowel voor profsporters als voor amateurs moeten de kantine sluiten
  • amateursportclubs mogen niet langer publiek binnenlaten in overdekte ruimten
  • feestzalen moeten de deuren sluiten
  • verbod om alcohol te verbruiken in de openbare ruimte van het hele Brusselse Gewest
  • De gemeenten onderzoeken welke protocollen en maatregelen genomen moeten worden voor de douches en vestiaires van hun sportzalen.

Volgende maatregelen worden met één maand verlengd (sinds donderdag 8 oktober):

  • boekhandels die beschikken over een speelruimte (gokruimte) en alle andere winkels die drank of voeding verkopen (ook al is dat een nevenactiviteit) moeten om 22u sluiten (zoals nachtwinkels)
  • verbod om voeding te nuttigen op de markten
Waarom krijgen lokale besturen meer bevoegdheden?

Door op lokaal niveau maatregelen te kunnen uitvaardigen om de verspreiding van het coronavirus tegen te gaan, kan men zeer gericht ingrijpen indien nodig. Zo vermijdt men dat een lokale uitbraak in een gemeente, regio of zelfs in een bepaalde organisatie, ertoe leidt dat duizenden andere burgers en bedrijven ook lijden onder beperkende maatregelen zoals dat het geval was tijdens de algemene lockdown van het voorjaar.

Als ook de informatiedoorstroming vlot verloopt, kan men kort op de bal spelen en gericht handelen om erger te voorkomen. Een tweede algemene lockdown zou immers desastreus zijn voor onze economie en maatschappij aangezien 1 op 4 bedrijven een tweede algemene lockdown niet zou overleven.

Welke maatregelen mogen lokale overheden nemen?

De lokale besturen kunnen een extra mondmaskerplicht instellen voor hun grondgebied, een avondklok instellen, samenscholingen verbieden, bepaalde zones zoals parken afsluiten, evenementen afgelasten of de sociale bubbels verkleinen. Een lokale lockdown is ook een mogelijkheid, als laatste redmiddel.

Wanneer wordt er overgegaan naar strengere maatregelen op lokaal gebied?

Er zijn nog geen drempelwaarden opgenomen in het draaiboek om over te schakelen naar strengere maatregelen of om versoepelingen in te voeren. Voka betreurt dit en vraagt duidelijke drempelwaarden zodat er uniforme maatstaven gebruikt worden in de verschillende lokale besturen.

Kan mijn bedrijf gesloten worden in geval van een lokale lockdown?

Volgens het draaiboek worden plaatselijke winkels en ondernemingen gesloten, met uitzondering van voedingswinkels, winkels voor dierenvoeding, apotheken, krantenwinkels, tankstations. Zelfstandige beroepen moeten ook stoppen, met uitzondering van medische beroepen voor dringende hulpverlening (arts, tandarts, dierenarts…) en dringende herstellingen van infrastructuur indien het welzijn en gezondheid in het gedrang komen (zoals dringende herstelling verwarming). Telewerk wordt dan verplicht.

Voor Voka is het niet expliciet genoeg duidelijk gemaakt dat essentiële bedrijven ook open moeten blijven, zoals tijdens de algemene lockdown van het voorjaar. Daarom vragen wij verduidelijking hierover.
 

Wat als de uitbraak in mijn bedrijf gebeurt?

Indien er een bedrijfsarts of medisch verantwoordelijke is, kan die persoon ondersteuning vragen van het lokaal bestuur om de uitbraak in te dijken. In het draaiboek staan verschillende maatregelen die genomen kunnen worden om de veiligheid op te drijven, testen uit te voeren en de impact op de onderneming zelf tot een minimum te herleiden.

Wat met scholen en crèches?

Wanneer een volledige wijk, dorp of stad in quarantaine gaat, moeten ook crèches en scholen sluiten volgens het draaiboek. Voka is het daar niet mee eens en vraagt dat er gehandeld wordt volgens de draaiboeken die het onderwijs zelf heeft opgesteld.

WAT MET WERKNEMERS DIE UIT HET BUITENLAND VAN VAKANTIE TERUGKEREN?

Eindelijk duidelijkheid over grensarbeid in rode zones. Hoe zit dat nu precies?

Rode zones hebben gevolgen voor al die mensen die al dan niet om professionele redenen de grenzen willen oversteken. We denken daarbij onder meer aan de talrijke grensarbeiders die dagelijks of wekelijks het traject tussen België en Frankrijk of Nederland afleggen.
 
1. Eerdere maatregelen voor reizigers uit risicogebieden
 
België had tijdens de voorbije zomerperiode al een aantal maatregelen uitgewerkt voor die mensen die vanuit een rode zone in het buitenland terug naar België kwamen.
 
Zo bevat de website van de FOD Buitenlandse Zaken een kaart die Europa indeelt in rode, oranje en groene zones.
De gevolgen zijn afhankelijk van de zone waar de werknemer uit terugkeert:

  • rood: tien dagen in quarantaine. De quarantaine begint vanaf de laatste dag dat u in een rode zone in het buitenland verbleef.
  • oranje: quarantaine aanbevolen
  • groen: gewone gezondheidsmaatregelen

 
Daarnaast zijn alle reizigers die vanaf 1 augustus 2020 naar België terugkeren, verplicht om het “Passenger Locator Form” in te vullen. Dergelijk attest is verplicht voor alle niet-essentiële reizen van meer dan 48u.
 
Meer informatie hieromtrent vindt u terug op www.info-coronavirus.be.
 
2. Wat met grensarbeiders die zich verplaatsen van en naar landen die als een rode zone worden aangemerkt?
 
Belangrijk om weten is dat de hierboven vermelde reisbeperkingen niet van toepassing zijn op personen die essentiële verplaatsingen moeten ondernemen. Op de website van de FOD Buitenlandse Zaken vindt men een overzicht terug van wat men daar precies onder verstaat.
 
Essentiële verplaatsingen zijn o.a. de professionele verplaatsingen en woon-werkverplaatsingen. Met andere woorden, grensarbeiders vallen hier dus ook onder.
 
Concreet betekent dit dat de reisbeperkingen en maatregelen zoals quarantaine, testing,… bij terugkeer uit een rode zone niet op hen van toepassing zijn.
Zij moeten evenmin het Public Health Passenger Locator Form invullen.
 
Wel moeten zij van hun werkgever een attest krijgen dat aantoont dat het hier om verplaatsingen van en naar het werk gaat. Dit om problemen te voorkomen bij grenscontroles.

3. Gevolgen voor de werkgever

Grensarbeiders kunnen zich nog steeds vrij verplaatsen over de grenzen heen om zich van en naar hun gewoonlijke plaats van tewerkstelling te begeven, ook al gaat het om een rode zone.
 
Zij moeten echter wel in het bezit zijn van een attest opgemaakt door de werkgever om het essentieel karakter van hun verplaatsing te kunnen aantonen.
 

Bron: SD Worx

Mijn werknemer komt terug uit vakantie uit een rode/oranje zone. Wat moet hij/zij of ik als werkgever doen?

Wie terugkeert uit een rode zone, wordt beschouwd als een hoogrisico-contact en moet verplicht in quarantaine.  

De quarantaine uit rode zone geldt niet voor grensarbeid (minder dan 48u in buitenland), en er geldt geen reisverbod meer, wel een reisadvies dat ten zeerste afraadt naar dergelijke zone te reizen. 

De quarantaine uit rode zone geldt niet voor grensarbeid (minder dan 48u in buitenland), en er geldt geen reisverbod meer, wel een reisadvies dat ten zeerste afraadt naar dergelijke zone te reizen. 

Voor een oranje gebied is reizen mogelijk en moet er ook niet langer een test afgenomen worden. De voorwaarden zijn te consulteren op de website van de FOD Buitenlandse Zaken

Het is niet aan de werkgever om te controleren of de werknemer deze stappen heeft ondernomen. 
 

Wat zijn de gevolgen als een werknemer verplicht wordt om in quarantaine te gaan?

Wie terugkeert uit een rode zone, wordt beschouwd als een hoogrisico-contact en moet van de overheid verplicht in quarantaine

Bij telewerk in deze periode van quarantaine wordt het loon betaald. Wanneer telewerk niet kan, bezorgt de huisdokter een quarantaineattest. Dat geeft in principe recht op een uitkering volgens de regels van de tijdelijke werkloosheid (www.rva.be). In samenspraak met de werkgever kunnen ook bijkomende vakantiedagen worden opgenomen.

Ben je als werkgever verplicht om te weten waar je werknemer op vakantie is geweest?

De beslissingen van de regering over verplichte quarantaine is gericht naar de burgers, niet naar de werkgevers. Als werkgever ben je niet verplicht om je te vergewissen of je werknemer al dan niet naar een rode of oranje zone op vakantie is geweest. 

Het spreekt voor zich dat je de werknemers kan oproepen om hun gezond verstand te gebruiken en het reisadvies van de Dienst Buitenlandse zaken strikt na te leven. 
 

Mijn werknemer wordt ziek tijdens de periode van quarantaine. Wat dan?

Wanneer de werknemer arbeidsongeschikt wordt tijdens de periode van tijdelijke werkloosheid wegens overmacht, is de werkgever geen gewaarborgd loon verschuldigd. De werknemer ontvangt in principe een ZIV – uitkeringen van het ziekenfonds

Kan ik aan mijn werknemer zijn/haar reisbestemmingen opvragen?

De werkgever kan niet eisen dat elke werknemer zijn/haar reisbestemming meedeelt. Uiteraard kan hij dat steeds vragen. De werknemer is vrij om hierop in te gaan of niet. 

Kan ik als werkgever een bewijs van arbeidsgeschiktheid vragen aan mijn werknemer?

Keert een werknemer terug uit een risicogebied, dan mag de werkgever geen medisch attest eisen waaruit arbeidsgeschiktheid blijkt. Alleen in geval van arbeidsongeschiktheid mag de werkgever om een medisch attest vragen, en eventueel een controlearts inschakelen.
Het is ook niet mogelijk om de werknemer bij zijn terugkeer een test op te leggen, hier is geen wettelijke basis voor.  

Vertoont de werknemer geen symptomen, dan mag de werkgever niet ingrijpen. De werknemer mag het werk hervatten, zonder dat de werkgever dit kan verbieden. 
Idealiter bestaan er afspraken in de onderneming over de tewerkstelling van werknemers die uit een risicogebied terugkeren. Denk daarbij aan telewerk of werken in een afgezonderde ruimte in de onderneming. Het is aan de werkgever om de veiligheid op de werkvloer te garanderen, duidelijke richtlijnen en afspraken zijn dus zeker nodig.

Vertoont de werknemer wel symptomen, dan kan de werkgever vragen om zich te laten behandelen door zijn arts.  

Is de werknemer kennelijk ziek, en betekent zijn aanwezigheid een onmiskenbaar verhoogd risico voor de veiligheid en gezondheid in de onderneming, dan kan de werkgever de arbeidsgeneesheer inschakelen. Als de arbeidsarts de betrokken werknemer oproept voor een gezondheidsbeoordeling, moet de werknemer hier gevolg aan geven.  

Algemeen advies

Zorg voor duidelijke afspraken en richtlijnen in de onderneming, zodat de werknemer weet waaraan hij zich moet houden bij zijn terugkeer. Preventieve maatregelen stemt u af met de preventieadviseur. Communiceer hier duidelijk over naar de werknemers. Van zodra er sprake is van symptomen bij de werknemer, zendt u de werknemer naar zijn behandelend arts. Is de veiligheid op de werkvloer in gevaar, dan schakelt u de arbeidsarts in voor verder gevolg.

ANDERE BELEIDSMAATREGELEN

De opzegtermijnen bij coronawerkloosheid worden opgeschort. Wat wil dat zeggen?

Op donderdag 11 juni keurde het parlement een wetsvoorstel goed over de impact van de corona-werkloosheid op de opzeggingstermijn. De nieuwe regeling is vanaf 22 juni van kracht.

Corona – werkloosheid schorst voortaan de opzeggingstermijn betekend door de werkgever. Maar dan enkel voor:

  • enkel voor opzeggingstermijnen die aangevangen zijn vanaf 1 maart 2020 of later;
  • én enkel voor corona-werkloosheid die zich voordoet vanaf 22 juni 2020.

Tijdelijke werkloosheid wegens overmacht omwille van corona die zich voordoet vóór 22 juni (bijvoorbeeld in maart, april en mei 2020), zal met andere woorden de opzeggingstermijn niet schorsen. 

Huidige regeling: geen schorsing

Wanneer de werkgever de arbeidsovereenkomst opzegt, hebben een aantal afwezigheden een schorsende werking. De opzeggingstermijn houdt op te lopen tijdens die afwezigheden. Denk daarbij aan dagen vakantie, tijdelijke werkloosheid om economische redenen, …
 
Vandaag schorst tijdelijke werkloosheid wegens overmacht de opzeg niet. De schorsing wegens tijdelijke overmacht ingevolge de coronacrisis evenmin. De opzeggingstermijn loopt gewoon door tijdens de tijdelijke werkloosheid wegens overmacht.
 
Nieuwe regeling: wel schorsing
 
Zodra de goedgekeurde wet in het Staatsblad staat, komt hier verandering in. De schorsing wegens tijdelijke overmacht ingevolge de coronacrisis, en dus ook de tijdelijke corona-werkloosheid, zal de opzeggingstermijn betekend door de werkgever, wél schorsen.
 
Niet voor alle opzeggingstermijnen
 
Vanaf de bekendmaking in het Staatsblad is de wet zowel van toepassing op:
•    lopende opzeggingstermijnen, aangevangen vanaf 1 maart 2020;
•    als op nieuwe opzeggingstermijnen.
 
Let op! Voor opzeggingstermijnen die al liepen vóór 1 maart 2020 heeft de tijdelijke overmacht ingevolge de coronacrisis geen schorsend effect. Voor deze opzeggingstermijnen blijft de huidige regeling dus van toepassing. De opzeg moest wel lopen vóór 1 maart, een betekening voor die datum volstaat niet.
 
Geen terugwerkende kracht
 
In eerdere versies van het voorstel was een retroactieve schorsing voorzien. Bepaalde periodes van tijdelijke werkloosheid corona in het verleden, zouden toch de opzeg schorsen. Dat is nu niet meer het geval.
 
De goedgekeurde versie voorziet enkel een schorsing door tijdelijke overmacht ingevolge de coronacrisis vanaf wanneer de wet in het Staatsblad staat. Hiermee komt men tegemoet aan de opmerkingen van de Raad van State.
 
Concreet wil men enkel tijdelijke overmacht ingevolge de coronacrisis, en dus ook corona-werkloosheid, die zich voordoet vanaf de bekendmaking in het Staatsblad een schorsend karakter toekennen.
 
Corona-werkloosheid die zich voordoet vóór de bekendmaking van wet schorst de opzeggingstermijn van de werkgever dus niet.

Om dit te verduidelijken geeft SD Worx enkele voorbeelden:
 
Enkele voorbeelden – met een publicatie van de wet op 22 juni 2020

Voorbeeld 1:

•    aangetekende brief betekening opzeggingstermijn van 18 weken op woensdag 4 maart 2020
•    aanvang opzeggingstermijn maandag 9 maart 2020
•    theoretische einddatum opzeggingstermijn 12 juli 2020
•    schorsing corona werkloosheid van 23 maart 2020 tot en met 30 juni 2020
 
Schorsing opzeggingstermijn door corona werkloosheid vanaf 22 juni 2020 (de tijdelijke werkloosheid voordien schorst niet). Opzeggingstermijn wordt verlengd met 9 kalenderdagen en loopt tot en met 21 juli 2020.
 
Voorbeeld 2:

•    aangetekende brief opzeggingstermijn van 21 weken op woensdag 19 februari 2020
•    aanvang opzeggingstermijn maandag 24 februari 2020
•    theoretische einddatum 19 juli 2020
•    schorsing corona werkloosheid van 23 maart 2020 tot en met 30 juni 2020

Bron

SD Worx en Wet van 15 juni 2020 tot opschorting van de opzeggingstermijn voor ontslagen gegeven voor of tijdens de periode van tijdelijke schorsing van de uitvoering van de arbeidsovereenkomst omwille van overmacht ingevolge de COVID-19-crisis. 

Hoe wil de Vlaamse overheid de export stimuleren?

Er zijn nieuwe maatregelen om de export te stimuleren.

  • Het Corona-Steunpakket Internationalisering geeft maximaal 1.000 ervaren Vlaamse exporteurs een duw in de rug om hun exportactiviteiten in 2020 en 2021 te versterken. Deze eenmalige subsidie bedraagt 5.000 euro per onderneming en is beschikbaar vanaf het najaar 2020.
  • Het Corona-Starterspakket internationalisering steunt, maximaal 300 nieuwe Vlaamse exporteurs om in 2020 en 2021 exportactiviteiten op te starten. Deze eenmalige subsidie bedraagt 7.000 euro per bedrijf en is vanaf het najaar 2020 beschikbaar.
  • Het ‘Reboot your export’-pakket is beschikbaar op korte termijn en laat Vlaamse bedrijven toe om tegen een lagere kost en verbeterde betalingsvoorwaarden deel te nemen aan FIT-groepsstanden op internationale (vak)beurzen en/of niche-evenementen

Deze maatregelen worden opgevolgd door Flanders Investment and Trade. Meer info

Wat werd op de uitgebreide kern van 12 juni beslist ivm het derde luik van de sociale en economische bescherming?

De uitgebreide kern heeft vrijdag 12 juni een akkoord bereikt over een reeks aanvullende steunmaatregelen die deel uitmaken van het derde luik van het Federaal Plan voor Sociale en Economische Bescherming.

Op 6 juni werd er al een eerste reeks maatregelen goedgekeurd. Er werd toen overeengekomen om in een tweede fase na te gaan wat er aan dit pakket maatregelen kan worden toegevoegd.

Investeringen aanmoedigen

De nieuwe overeengekomen steunmaatregelen kunnen in twee categorieën worden onderverdeeld.
Een eerste deel betreft het aanmoedigen van investeringen. Concreet gaat het over:

  • Een nieuw tax shelter-systeem Covid-19, tijdelijk tot het einde van het jaar en dat openstaat voor alle kmo’s die de gevolgen van de Covid-19-crisis hebben ondervonden.
  • Een verhoogde investeringsaftrek (25%) voor investeringen die tussen 12 maart en 31 december 2020 zijn gedaan.
  • De verhoging van 50 naar 100% van de aftrekbaarheid van kosten verbonden aan de organisatie van evenementen en de catering tot 31 december. Zo wordt voorkomen dat de evenementen massaal worden uitgesteld tot volgend jaar, waardoor de al zwaar getroffen sector nog meer problemen zou kunnen krijgen.
  • De opschorting van het btw-voorschot van december 2020. Ter herinnering: bedrijven moeten normaal gesproken vóór 20 december een voorschot betalen en dit zal met een maand worden uitgesteld. Het doel is opnieuw de liquiditeit van de bedrijven te verbeteren.
  • Een verhoging van 10 tot 20% van het aandeel van het netto-inkomen dat in aanmerking komt voor de belastingvermindering voor giften. Tegelijkertijd zal de belastingvermindering voor giften aan erkende instellingen in 2020 worden verhoogd van 45 naar 60%. Deze laatste bepaling is met name gericht op de vrijwilligerssector en zal ngo’s en non-profitorganisaties steunen waarvan de activiteiten van algemeen belang zwaar zijn getroffen door de crisis.

Arbeidsorganisatie

Een tweede deel betreft de arbeidsorganisatie. Het gaat over:

  • De creatie van een Corona werkloosheid aangepast, die bestaat uit een overgang van tijdelijke werkloosheid door corona-overmacht naar de klassieke economische werkloosheid. Deze ‘overgangs’ economische werkloosheid kan worden gebruikt als het bedrijf een omzetdaling van 10% optekent. De werknemer zal 2 dagen opleiding volgen per maand werkloosheid en zal 70% van zijn laatste geplafonneerde loon blijven ontvangen.
  • De mogelijkheid voor ondernemingen in herstructurering of die in moeilijkheden verkeren om de arbeidsduur te verminderen in afwachting van de hervatting van hun normale activiteiten en om ontslagen te voorkomen, hetzij via een collectieve arbeidsduurvermindering, hetzij via het tijdskrediet, hetzij via het tijdskrediet eindeloopbaan waarvan de toegang met een uitkering zal worden verlaagd van 57 tot 55 jaar.
  • Uitbreiding van de toegang tot corona-ouderschapsverlof. Het loopt tot 30 september met een uitkering die wordt verhoogd tot 150% voor eenoudergezinnen en gezinnen met een kind met een beperking.
  • De door telewerkers gemaakte kosten zullen gemakkelijker kunnen worden vergoed, tot een maximum van 127 EUR per maand, met het oog op een beter evenwicht in de toekomst tussen werk en privé.

Er werd ook een akkoord bereikt om een enveloppe van 100 miljoen euro ter beschikking te stellen voor de OCMW’s, die zal bestemd zijn voor kwetsbare mensen om de voordelen van de sociale maatregelen waartoe tijdens de vorige vergadering is besloten, uit te breiden tot een breder publiek, met name vanuit het oogpunt van de energiearmoede. Om de exploitatiekosten in verband met een extra werklast te dekken, zullen de OCMW’s extra steun ontvangen voor een bedrag van 10 miljoen euro.

Bron: persbericht premier Wilmès

Overzicht 17/4: de lijst met essentiële bedrijven. Het onderscheid blijft belangrijk voor sommige maatregelen. Hoe ziet de lijst eruit?

 

 

Paritaire comités cruciale sectoren en essentiële diensten

Toevoegingen 17 april: onderlijnd en cursief
 

Beperkingen 

 

102.9 Subcomité van de groeven van kalksteen en kalkovens  
104 Paritair comité voor de ijzernijverheid Volcontinu bedrijven
105 Paritair comité voor non-ferro metalen Volcontinu bedrijven
106 Paritair comité voor het cementbedrijf Beperkt tot de productieketting van de ovens op de hoge temperaturen (belangrijk voor afvalverwerking)
109 Paritair comité voor het kleding- en confectiebedrijf Beperkt tot de productie van medisch textiel gebruikt in ziekenhuizen en zorginstelling; de toelevering van medisch textiel en medische kledij aan ziekenhuizen en zorginstelling en de toelevering cleanroomkledij aan farmaceutische bedrijven
110 Paritair comité voor textielverzorging  
111 Paritair comité voor de metaal-, machine- en elektrische bouw Beperkt tot : productie, toelevering, onderhoud productie, herstellingen van landbouwmachines en installaties van bedrijven behorende tot de cruciale sectoren en essentiële diensten; de veiligheids- en defensie-industrie en de productie van materiaal voor de medische en (para)farmaceutische industrie.
112  Paritair comité voor het garage bedrijf Beperkt tot takeldiensten en hersteldiensten 
113 Paritair comité voor het ceramiekbedrijf Beperkt tot continue ovens
113.04 Paritair subcomité voor de pannenbakerijen Beperkt tot continue ovens
114 Paritair comité voor de steenbakkerij Beperkt tot continue ovens
115 Paritair comité voor het glasbedrijf Beperkt tot continue ovens
116 Paritair comité voor de scheikundige nijverheid  
117 Paritair comité voor de petroleum nijverheid en -handel  
118 Paritair comité voor de voedingsnijverheid  
119 Paritair comité voor de handel in voedingswaren  
120 Paritair comité voor de textielnijverheid Beperkt tot de sector van de persoonlijke hygiëne producten, waaronder incontinentieproducten, baby-luiers en dameshygiëneproducten; de productie en levering van medische kledij en medisch textiel voor ziekenhuizen en zorginstellingen de toelevering van cleanroomkledij aan farmaceutische bedrijven
121 Paritair comité van de schoonmaak Beperkt tot enerzijds de schoonmaak van bedrijven van de cruciale sectoren en in de essentiële diensten, anderzijds tot de dringende werkzaamheden en tussenkomsten, en tot de ophaling van afvalstoffen bij bedrijven en de ophaling van huishoudelijk en/of niet-huishoudelijk afval van alle producenten en de dringende werkzaamheden en tussenkomsten van schoorsteenvegers. 
124 Paritair comité voor het bouwbedrijf  Beperkt tot de dringende werkzaamheden en tussenkomsten
125 Paritair comité voor de houtnijverheid Beperkt tot houten verpakkingen en paletten en producenten en leveranciers van brandstoffen op basis van hout of derivaten van hout
126 Paritair comité voor de stoffering en houtbewerking Beperkt tot houten verpakkingen en paletten en producenten en leveranciers van brandstoffen op basis van hout of derivaten van hout en tot de  productie en toelevering van (elementen) van doodskisten
127 Paritair comité voor de handel in brandstoffen  
129 Paritair comité voor de voorbrenging van papierpap, papier en karton Beperkt tot de verpakkingen uit papier en karton, tot zakdoekjes en toiletpapier, evenals tot papier voor kranten alsook tot grafisch papier en papierpulp
130 Paritair comité voor het drukkerij-, grafische kunst- en dagbladbedrijf Beperkt tot drukken van dag en weekbladen en drukken van toepassingen (etiketten, labels) nodig voor de voedings- en agro-industrie, en het drukken van bijsluiters en verpakkingen voor de farmaceutische industrie
132 Paritair comité voor ondernemingen van technische land-en tuinbouwwerken  
136 Paritair comité voor de papier en kartonbewerking  Beperkt tot de verpakkingen uit papier en karton, tot zakdoekjes en toiletpapier, evenals tot papier voor kranten
139 Paritair comité voor de binnenscheepvaart  
140 Paritair comité voor het vervoer en de logistiek 
Subcomités: 140.01,140.03, 140.04
Beperkt tot personenvervoer, wegvervoer, spoorvervoer,  logistiek en grondafhandeling voor luchthavens
140.05 Paritair subcomité voor de verhuizingen Beperkt tot verhuizingen, voor zover ze dringend en noodzakelijk zijn, of verbonden met medische, sanitaire of ziekenhuisnoden
142 Paritair comité voor de ondernemingen waar teruggewonnen grondstoffen opnieuw ter waarde worden gebracht. Subcomités: 142.01, 142.02, 142.03 en 142.04 Beperkt tot afvalophaling en/of -verwerking
143 Paritair comité voor de zeevisserij  
144 Paritair comité voor de landbouw  
145 Paritair comité voor het tuinbouwbedrijf  
149.01 Paritair subcomité voor de elektriciens: installatie en distributie Beperkt tot de dringende werkzaamheden en tussenkomsten
149.03 Paritair subcomité voor de edele metalen  Beperkt tot machineonderhoud en herstellingen
149.04 Paritair subcomité voor de metaalhandel Beperkt tot onderhoud en herstelling
152 Paritair comité voor de gesubsidieerde inrichtingen van het vrij onderwijs  
200 Aanvullend Paritair comité voor de bedienden  Beperkt tot de bedienden noodzakelijk bij onderhoud, herstelling, productie en toelevering van bedrijven die behoren tot de cruciale sectoren en de essentiële diensten  
201 Paritair comité voor de zelfstandige kleinhandel  Beperkt tot voeding, dierenvoeding, doe-het-zelfzaken (algemeen assortiment) en tuincentra
202 Paritair comité voor de bedienden uit de kleinhandel in voedingswaren  
202.01 Paritair subcomité voor de middelgrote levensmiddelenbedrijven  
207 Paritair comité voor de bedienden uit de scheikundige nijverheid  
209 Paritair comité voor de bedienden der metaalfabrikantennijverheid productie, toelevering, onderhoud en herstelling van installaties van bedrijven behorende tot de cruciale sectoren en de essentiële diensten;
de veiligheids- en defensie-industrie en
de productie van materiaal voor de medische en (para)farmaceutische industrie.
210 Paritair comité voor de bedienden van de ijzernijverheid  
211 Paritair comité voor de bedienden uit de petroleumnijverheid en -handel  
220 Paritair comité voor de bedienden uit de voedingsnijverheid  
221 Paritair comité voor de bedienden uit de papiernijverheid Beperkt tot de verpakkingen uit papier en karton, tot zakdoekjes en toiletpapier, evenals tot papier voor kranten, alsook tot grafisch papier en papierpulp
222 Paritair comité voor de bedienden van de papier- en kartonbewerking Beperkt tot de verpakkingen uit papier en karton, tot zakdoekjes en toiletpapier, evenals tot papier voor kranten, alsook tot grafisch papier en papierpulp
224 Paritair comité voor de bedienden van de non-ferro metalen Volcontinu bedrijven
225 Paritair comité voor de bedienden van de inrichtingen van het gesubsidieerd vrij onderwijs: subcomités 225.01, 225.022   
226 Paritair comité voor de bedienden uit de internationale handel, het vervoer en de logistiek  
227 Paritair comité voor de audiovisuele sector Beperkt tot radio en televisie
301 Paritair comité voor het havenbedrijf   
302 Paritair comité voor het hotelbedrijf Beperkt tot de hotels 
304 Paritair comité voor de vermakelijkheidsbedrijven Beperkt tot radio en televisie
309 Paritair comité voor de beursvennootschappen  
310 Paritair comité voor de banken  Beperkt tot essentiële bankverrichtingen 
311 Paritair comité voor de grote kleinhandelszaken  Beperkt tot voeding, dierenvoeding, doe-het-zelfzaken (algemeen assortiment) en tuincentra.
312 Paritair comité voor de warenhuizen  
313 Paritair comité voor de apotheken en tarificatiediensten  
315 Paritair comité voor de handelsluchtvaart  (en subcomités)  
316 Paritair comité voor koopvaardij  
317 Paritair comité voor de bewakings- en/of toezichtsdiensten  
318 Paritair comité voor de diensten voor gezins- en bejaardenhulp (en subcomités)  
319 Paritair comité voor de opvoedings- en huisvestingsinrichtingen (en subcomités)  
320 Paritair comité voor de begrafenisondernemingen  
321 Paritair comité voor de groothandelaars-verdelers in geneesmiddelen  
322 Paritair comité voor uitzendarbeid en erkende ondernemingen die buurwerken of -diensten leveren Beperkt tot zorg en welzijnswerk aan kwetsbare doelgroepen
326 Paritair comité voor het gas- en elektriciteitsbedrijf  
327 Paritair comité voor de beschutte werkplaatsen, de sociale werkplaatsen en maatwerkbedrijven Beperkt tot toelevering van bedrijven behorende tot de cruciale sectoren en essentiële diensten.
328 Paritair comité voor het stads- en streekvervoer   
329 Paritair comité voor de socioculturele sector Beperkt tot zorg, welzijn (inclusief de hulpverleners en jeugdwelzijnswerkers) en voedselbedeling, de monumentenwacht en niet-commerciële radio en televisie
330 Paritair comité voor de gezondheidsinrichtingen en -diensten  
331 Paritair comité voor de Vlaamse welzijns- en gezondheidssector  
332 Paritair comité voor de Franstalige en Duitstalige welzijns- en gezondheidssector  
335 Paritair comité voor de dienstverlening aan en de ondersteuning van het bedrijfsleven en zelfstandigen Beperkt tot sociale secretariaten en de sociale verzekeringsfondsen, de kinderbijslagkassen en de ondernemingsloketten
336 Paritair comité voor de vrije beroepen  
337 Aanvullend paritair comité voor de non-profitsector Beperkt tot zorg en welzijnswerk aan kwetsbare doelgroepen, het Instituut voor Tropische Geneeskunde en de mutualiteiten
339 Paritair comité voor de erkende maatschappijen voor sociale huisvesting (en subcomités)   
340 Paritair comité voor de orthopedische technologieën
Hoe bereik ik de hulplijn voor ondernemers?

Hebt u een dringende of praktische vraag over het coronavirus met betrekking tot uw bedrijf of werknemers, dan kan u terecht bij de hulplijn voor ondernemers op het nummer: 0800 20 555

Deze hulplijn werd naar aanleiding van het coronavirus op vraag van Voka en op initiatief van minister van economie Hilde Crevits opgericht.

Klopt het dat er geen btw verschuldigd is op schenkingen van medische hulpgoederen aan ziekenhuizen?

Dat klopt. Concreet: een gift van medische hulpgoederen aan ziekenhuizen en zorginstellingen zal geen aanleiding geven tot de opeisbaarheid van btw. In normale omstandigheden kan btw enkel worden afgetrokken bij verkoop van goederen, niet bij schenking. Ook wanneer men tijdelijk extra kosten maakt voor bijvoorbeeld de productie van medisch hulpgoederen zal men deze kunnen inbrengen als beroepskosten.

Klopt het dat de beslissingstermijnen voor omgevingsvergunning worden verlengd omwille van coronacrisis?

Deze ingreep was nodig doordat burgers omwille van de genomen preventiemaatregelen zich niet meer vrij kunnen bewegen op straat waardoor openbare onderzoeken niet normaal kunnen verlopen. Als de Vlaamse Regering niet zou ingrijpen, is het gevaar reëel dat vergunningen waarvan het openbaar onderzoek liep tijdens de coronacrisis op losse (juridische) schroeven komen te staan.

Wat houdt de maatregel in?

Via een nooddecreet van 18 maart jl. werd de Vlaamse regering gemachtigd om via besluit de procedureregels voor de omgevingsvergunning tijdelijk te wijzigen totdat de coronacrisis voorbij is. Op 24 maart heeft de Vlaamse regering het besluit goedgekeurd waarmee een aantal termijnen voor het bekomen van een omgevingsvergunning worden verlengd. Concreet worden in bepaalde gevallen de termijnen verlengd met 30 tot 60 dagen afhankelijk van de situatie.

Als de crisis aanhoudt, kan de minister deze termijnen verlengen.

Op welk procedure heeft deze regeling betrekking?
 

  • alle in behandeling zijnde vergunningsaanvragen en administratieve beroepen ingediend vóór 24 maart 2020 waarin nog geen uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissing is genomen in laatste aanleg;
  • alle vergunningsaanvragen en administratieve beroepen ingediend vanaf 24 maart 2020 tot en met 24 april 2020.

Welke termijnverleningen worden voorzien?

Beslissingen in eerste aanleg:

  • Verlenging van de beslissingstermijn met 60 dagen bij de gewone procedure voor lopende en nieuwe dossiers
  • Verlenging van de beslissingstermijn met 30 dagen bij de vereenvoudigde procedure voor lopende en nieuwe dossiers

Beslissingen in laatste aanleg:

  • Verlenging van de beslissingstermijn met 60 dagen voor lopende en nieuwe dossiers

Beroepen:

  • Verlenging beroepstermijn met 30 dagen

De lopende openbare onderzoeken worden opgeschort tot en met 24 april 2020. Nieuwe openbare onderzoeken kunnen pas vanaf 25 april 2020 opnieuw aanvang nemen.

Meer informatie

Beslissingen Vlaamse Regering 24/03/2020 -138

Beslissingen Vlaamse Regering 24/03/2020 -139

 

Hoe zit het met de vrijstelling van invoerrechten en van btw op invoer bij goederen die nodig zijn voor de bestrijding van de pandemie?

De Europese Commissie verlengt tot 30 april 2021 de termijn waarbij vrijstelling van invoerrechten en van btw op invoer wordt verleend voor goederen die nodig zijn om de gevolgen van de COVID-19-uitbraak te bestrijden. Je verkrijgt de vrijstelling van invoerrechten en btw op invoer op dezelfde manier en onder dezelfde voorwaarden als tot op heden (op basis van artikel 74 in de zin van Besluit (EU) 2020/491).

Het Besluit (EU) 2020/1573 van de Commissie van 28 oktober 2020 tot wijziging van Besluit (EU) 2020/491 waarbij vrijstelling van rechten bij invoer en van btw op invoer wordt verleend voor goederen die nodig zijn om de gevolgen van de COVID-19-uitbraak in 2020 te bestrijden werd in het Publicatieblad L 359 van 29.10.2020 (blz. 8) gepubliceerd.

Bron
 

WERKORGANISATIE

Hebben werknemers een attest nodig voor professionele en woon-werkverplaatsingen?

Elke onderneming moet telewerk verplicht invoeren waar mogelijk. Dat werd bepaald in de verstrengde maatregelen van 30 oktober. Niet-essentiële verplaatsingen blijven wel toegelaten, behalve tijdens de avondklok. Werkgevers zijn verplicht om werknemers die niet kunnen telewerken een attest mee te geven. 

Het ministerieel besluit laat ook ‘elk ander bewijsstuk’ toe. Zo kunnen dus ook het dragen van werkkledij of uniform, een badge met duidelijke vermelding van de functie van de werknemer (bijvoorbeeld ‘veiligheidsagent’) of een werfwagen met professioneel gereedschap, bijvoorbeeld voor techniekers of bouwvakkers, als bewijs dienen. 

Enkel voor de functies waarvoor thuiswerk niet mogelijk is, mag de werknemer op de werkplaats aanwezig zijn. Hetzelfde geldt wanneer de werknemer voor een urgente taak op kantoor moet zijn. Ook voor verplaatsingen tijdens de avondklok voorzie je als werkgever best een attest voor jouw werknemer.  

Download een model van zo'n attest

Minister van Binnenlandse Zaken, Annelies Verlinden, kondigde aan dat de inspectiediensten de controles op verplicht thuiswerk opnieuw opvoeren. Wie niet in regel is, loopt de kans op een boete.

Bron: SD Worx, Ministerieel Besluit

Mogen leerlingen in een systeem van duaal leren of leren en werken weer gaan werken?

Sinds 4 mei zijn de bedrijven gefaseerd terug opgestart. De werkcomponent in alternerende opleidingen wordt hervat volgens de fasering die voorzien is bij de heropstart van de economie.

Voorwaarden voor hervatting

Zodra de onderneming haar activiteiten terug kan hervatten (of wanneer deze niet gestopt zijn)* én wanneer de onderneming het opportuun en mogelijk vindt om de opleiding op de werkplek opnieuw aan te vatten, mag de leerling in een alternerende opleiding opnieuw naar de werkplek, op voorwaarde dat:

  • De onderneming de richtlijnen en beschermingsmaatregelen toepast zoals voorzien in de ‘Generieke gids om de verspreiding van COVID-19 op het werk tegen te gaan’ (en indien beschikbaar de sectorale vertaalslag hiervan).
  • Er zorgvuldig overleg is geweest tussen onderneming en opleidingsverstrekker, zodat kwaliteitsvolle begeleiding en een veilige werkomgeving voorzien kunnen worden.
  • Als deze voorwaarden niet vervuld zijn, mag de leerling de werkcomponent niet hervatten.

*Uitzondering: de werkcomponent mag in ondernemingen uit de horecasector (PC 302) nog niet hervat worden, ook niet als de onderneming de activiteiten gedeeltelijk hervat (vb. take away aanbiedt).

Meer info

Mag ik mijn medewerkers nog uitsturen op dienstreizen?

Alle niet-essentiële (dienst)reizen zijn tot en met 3 mei verboden.
 
Sowieso is het raadzaam om ook steeds af te gaan op het reisadvies van de FOD Buitenlandse Zaken. Bij negatief reisadvies raden we af om werknemers uit te zenden naar de betrokken gebieden.

 

Wat als de Individuele Beroepsopleiding (IBO) niet kan doorgaan?

De IBO is een opleidingsmaatregel van VDAB waarbij werklozen een opleiding op de vloer volgen in de onderneming. De werkloze ontvangt in de regel een werkloosheidsuitkering of andere vervangingsuitkering, de werkgever legt daarbovenop een premie bij. Waar mogelijk blijven de opleidingen doorlopen maar als de opleiding niet kan verder gezet worden (omdat de economische activiteit stil valt, de werkgever de sociale afstandsmaatregelen niet kan garanderen, de cursist moet zorgen voor de opvang van zijn kinderen enz) kan de overeenkomst worden stopgezet.

De werkgever betaalt in dit geval geen vergoeding meer en is ook niet langer gehouden aan verplichtingen omtrent toekomstige aanwerving.

In een aantal gevallen kunnen IBO-cursisten niet terugvallen op een werkloosheidsuitkering. Omdat de cursisten mogelijks engagementen aangingen zoals huur, lening… met het vooruitzicht op een tewerkstelling, wordt momenteel nagedacht over het voorzien in een premie zodat de cursisten niet volledig zonder inkomen vallen.

Er wordt daarnaast blijvend ingezet op het activeren van de cursist in de betrachting hem, waar mogelijk, elders aan het werk te krijgen.

Lukt dat niet in tussentijd, dan wordt er getracht om later de cursist terug in contact te brengen met de werkgever als beiden nog op zoek zijn naar een match.

 

Mag een leerling in duaal leren of leren en werken gaan werken?

Sinds 4 mei zijn de bedrijven gefaseerd terug opgestart. De werkcomponent in alternerende opleidingen wordt hervat volgens de fasering die voorzien is bij de heropstart van de economie.

Voorwaarden voor hervatting

Zodra de onderneming haar activiteiten terug kan hervatten (of wanneer deze niet gestopt zijn)* én wanneer de onderneming het opportuun en mogelijk vindt om de opleiding op de werkplek opnieuw aan te vatten, mag de leerling in een alternerende opleiding opnieuw naar de werkplek, op voorwaarde dat:

  • De onderneming de richtlijnen en beschermingsmaatregelen toepast zoals voorzien in de ‘Generieke gids om de verspreiding van COVID-19 op het werk tegen te gaan’ (en indien beschikbaar de sectorale vertaalslag hiervan).
  • Er zorgvuldig overleg is geweest tussen onderneming en opleidingsverstrekker, zodat kwaliteitsvolle begeleiding en een veilige werkomgeving voorzien kunnen worden.
  • Als deze voorwaarden niet vervuld zijn, mag de leerling de werkcomponent niet hervatten.

*Uitzondering: de werkcomponent mag in ondernemingen uit de horecasector (PC 302) nog niet hervat worden, ook niet als de onderneming de activiteiten gedeeltelijk hervat (vb. take away aanbiedt).

Meer info

Social distancing: hoe pak je dat aan als bedrijf?

Iedereen moet zoveel mogelijk afstand houden van anderen om de verspreiding van het coronavirus tegen te gaan. Klinkt eenvoudig. Maar hoe pas je die social distancing nu precies toe als bedrijf?


Om de verspreiding van het coronavirus af te remmen, legt de overheid bedrijven enkele strikte regels op. Waar het kan moet er aan telewerk gedaan worden. 


Voor de functies waar dit niet haalbaar is, moet er op de werkvloer minstens 1,5 meter afstand gehouden worden met andere personen. Dit geldt trouwens ook voor het vervoer dat je als werkgever organiseert.

Is afstand houden noch telewerk mogelijk, dan ben je als bedrijf verplicht te sluiten ten zij je volgens de overheid een essentieel bedrijf bent. De meest recente lijst van essentiële bedrijven vind je hier: https://www.voka.be/nieuws/coronavirus-de-lijst-met-essentiele-bedrijven-uitgebreid-hoe


Zo pak je het aan
Maar hoe kan je als bedrijf die social distancing nu concreet in de praktijk aanpakken? In grote lijnen zijn er drie opties:

1.    Ga digitaal
Zijn er functies waarin medewerkers kunnen telewerken? Dan ben je als werkgever verplicht om dit te organiseren. Bekijk ook of je meetings, opleidingen en ander overleg anders kan aanpakken. Zo zijn er veel digitale mogelijkheden om deze vanop afstand in te richten.

2.    Zorg voor spreiding
Bekijk of je het werk kan spreiden, zodat medewerkers niet allemaal op hetzelfde moment op de werkvloer hoeven te zijn. Is het bovendien mogelijk om pauzes te spreiden? Ook zo creëer je kleinere groepjes, waardoor het voor medewerkers makkelijker is om afstand te houden in pakweg de cafetaria.

3.    Baken af
> Je ziet het al in winkels, maar ook op de werkvloer kunnen tape, lint of andere markeringen helpen om een afstand van 1,5 meter in acht te houden. Zeker bij in- en uitgangen, waar al snel groepjes kunnen ontstaan, is het nuttig om te bekijken of dit mogelijk is.
> Waar dat kan, valt het aan te raden om werkruimtes te compartimenteren. Of misschien is het wel haalbaar om ervoor te zorgen dat in elk kantoor of werkplek maar één persoon aan de slag is?
> Als allerlaatste stap kan het in bepaalde gevallen nodig zijn om een kleine groep medewerkers af te schermen van andere collega’s omdat ze van cruciaal belang zijn voor het bedrijf. Deze verregaande ingreep kan uiteraard enkel in overleg.

Stevige sancties
Bedrijven die zich niet aan de regels houden, riskeren stevige sancties. “Indien de autoriteiten vaststellen dat de social distancing-maatregelen niet worden nageleefd, wordt de onderneming in eerste instantie een zware boete opgelegd; in geval van niet-naleving na de sanctie zal de onderneming moeten sluiten”, waarschuwt de overheid. 

Cruciale sectoren en essentiële diensten wordt gevraagd om ervoor te zorgen “dat de regels over social distancing in de mate van het mogelijke in acht worden genomen”, luidt het vanuit de overheid. Zij riskeren geen boete of sluiting.

Belangrijk tegen besmetting
Waarom social distancing zo belangrijk is? Het coronavirus verspreidt zich van mens op mens via kleine druppeltjes die bij hoesten en niezen vrijkomen. Via die druppeltjes komt het virus terecht in de lucht, op voorwerpen en oppervlakken. 


Het coronavirus overleeft gemiddeld zo’n drie uur op gladde oppervlakken en materialen (zoals deurklinken, leuningen, tafels …). Wie virusdruppeltjes via de handen in de mond, neus of ogen binnenkrijgt, kan besmet raken.

Door de tweede coronagolf zijn er opnieuw wetswijzigingen voor sociale verkiezingen. Wat houden die precies in?

Veel ondernemingen maken zich zorgen om de verkiezingen corona-veilig te kunnen organiseren. De sociale partners werkten daarom een aantal oplossingen uit. De nieuwe wetswijzigingen voor de sociale verkiezingen versoepelen de regels voor het stemmen per brief en elektronisch stemmen. Het kenniscentrum van SD Worx zette het een en ander op een rijtje. Hieronder een samenvatting van de voornaamste zaken.

Stemmen per brief en e-voten ook mogelijk na X + 56

na X + 56 kan men nog akkoorden sluiten over stemmen per brief en elektronisch stemmen. Ook de aanpassing van uurregelingen en de indeling van de stembureaus aan deze nieuwe realiteit blijft mogelijk.

Deadline terugzenden briefstemmen

Men vreest dat heel wat briefstemmen het stembureau misschien niet tijdig zullen bereiken. Daarom wordt het mogelijk om de deadline voor het terugzenden van de briefstem op Y + 5 te brengen. De stemopneming (de telling) schuift dan ook mee op naar die datum.

Oproepingsbrief niet meer aangetekend verzenden

In principe moet men de oproepingsbrieven aangetekend verzenden naar de kiezers die niet aanwezig waren op de dag van de oproeping. 
Allicht zal het voor veel kiezers een extra belasting zijn om naar het postkantoor te gaan en daar hun oproepingsbrief op te halen. 
Daarom zal de verzending ook met gewone prioritaire post kunnen. De getuigen zouden dan wel een extra toezichthoudende rol krijgen bij de verzending.

Corona als expliciet motief voor stemmen per brief

Formeel gezien kan stemmen per brief enkel bij motieven zoals schorsing van de arbeidsovereenkomst, nachtarbeid, aanzienlijke spreiding van het personeel, of bij tewerkstelling buiten de openingsuren van het stembureau. 
Maatregelen inzake COVID-19 worden aan deze lijst motieven toegevoegd.

Gevolgen voor de werkgever

De werkgever heeft nog tijd om een akkoord te bekomen over stemmen per brief en elektronisch stemmen. Corona is nu ook een expliciet motief voor stemmen per brief. 
 
Verder mag de werkgever de oproepingsbrieven via gewone prioritaire post verzenden. Dit moet dus niet langer per aangetekend schrijven.
 
Tot slot schuift de deadline voor het terugzenden van de briefstemmen op tot Y+5. Nadien zal het stembureau dan de stemopneming (telling) doen.

Bron en meer info

Stel dat je 10 namen doorgeeft voor tijdelijke werkloosheid en de overmacht wordt aanvaard door de RVA, kan je dan toch nog beslissen om slechts 5 personen effectief in tijdelijk werkloos te stellen?

Dit is geen probleem. Indien je voor deze werknemers later - binnen de erkenningsperiode van overmacht - toch een beroep wenst te doen op tijdelijke werkloosheid overmacht, kan dat alsnog.

Een onderneming wenst het werk in shiften te organiseren om de social distancing te kunnen toepassen. Kan ze shiftwerk aan haar werknemers opleggen? En worden die werknemers voor die afwijkende werktijden gecompenseerd?

De ondernemingen en werkgevers moeten hun activiteit organiseren met inachtneming van de wettelijke uitzonderingsvoorschriften die voortvloeien uit de pandemie. Een onderneming kan dus een ploegensysteem opzetten om het houden van een afstand van 1,5 meter te kunnen respecteren.
 
De COVID-19 pandemie wordt beschouwd als zijnde een ‘voorgekomen ongeval’ in de zin van de arbeidswet en het overschrijden van de arbeidsgrenzen is toegestaan. De gepresteerde uren in dit kader vallen onder de gewone overurenregime. Er is geen bijzondere compensatie, maar het overurenregime is van toepassing. 

 

Is het tijdens deze crisisperiode mogelijk om personeel en/of interims tewerk te stellen op zondagen en/of 's nachts om aan de grote vraag van de consumenten te voldoen (bv. rekken vullen, stocks ruimen, winkel desinfecteren, enz.)?

De COVID-19 pandemie kan beschouwd worden als een voorgekomen (en in zekere zin ook een dreigend) ongeval in de zin van de arbeidswet van 16 maart 1971, waardoor de arbeidsduurgrenzen kunnen worden overschreden voor het verrichten van arbeid om hier het hoofd aan te bieden. Ook nachtarbeid en zondagsarbeid zijn in dat geval toegelaten. Er mag buiten de normale roosters gewerkt worden. 

De uren die in het kader van voorgekomen of dreigend ongeval gebeuren, vallen wel onder het gewone overurenregime en geeft recht op overuren (boven 9 uur per dag of 40 uur per week of lagere cao-grens). Bij prestaties op zondag en gedurende de nacht zijn wel de toeslagen vastgesteld in de sectorale cao’s of ondernemings-cao’s van toepassing.

De bedrijven en werknemers moeten hun activiteiten organiseren in functie van de maatregelen die door de overheid getroffen zijn om COVID-19 te bestrijden. Deze maatregelen zijn het gevolg van de pandemie en maken dus inherent deel uit van de notie “voorgekomen ongeval”. De nieuwe organisatorische behoeften die rechtstreeks verband houden met de uitvoering van deze maatregelen of die beantwoorden aan de gevolgen van deze maatregelen worden dus ook ingegeven door een “voorgekomen ongeval”. Ook in dergelijk geval zullen werkgevers hun werknemers overuren kunnen laten verrichten, alsook laten werken buiten het normale rooster.

 

Welke documenten zijn nodig voor werknemers die in Frankrijk gaan werken?

Wat betreft het detacheren van werknemers naar Frankrijk blijven de 'normale' Franse procedures en documenten gelden, namelijk:

  • A1 attest
  • SIPSI-documenten 
  • Arbeidsovereenkomst (+ recente loonfiche)
  • Identiteitskaart

Sinds  17 maart 2020 moet de (Franse/buitenlandse) werknemer ook in het bezit zijn van een ‘Justificatif de déplacement professionnel’ en sinds 8 april 2020 moet de buitenlandse (Belgische) werknemer om de Franse grens over te steken en zich in Frankrijk te verplaatsen ook in het bezit zijn van het document ‘Attestation de déplacement international’. Dit attest vervangt het vorige attest (‘Attestation de déplacement dérogatoire’).

Meer info op de website van het Franse Ministerie van Binnenlandse Zaken 

UITBETALEN VAN LOON

Moet ik het loon betalen van een werknemer die in quarantaine zit en dus niet kan werken?

Mogelijk strandt een werknemer in het buitenland, bijvoorbeeld omdat zijn vlucht of treinreis geannuleerd is of omdat hij de stad niet meer uit mag. In zulke gevallen is er opnieuw sprake van overmacht en heeft hij recht op een tijdelijke werkloosheidsuitkering. Hetzelfde geldt als de werknemer na repatriëring in quarantaine wordt geplaatst.

Wat met loon als een werknemer besmet geraakt?

Belandt je werknemer in het ziekenhuis of moet hij ziek thuis blijven, dan gelden de regels zoals bij elke ander ziekteverzuim. Als werkgever betaal je hem gedurende 1 maand gewaarborgd loon. Is de medewerker langer buiten strijd, dan krijgt hij een ziekte-uitkering na die eerste maand. 

Een werknemer kan niet komen werken omdat hij voor een ziek familielid moet zorgen. Moet ik hem betalen?

Wie samenwoont met een corona-patiënt en daardoor niet kan gaan werken zal beroep kunnen doen op het stelsel van tijdelijke werkloosheid. Geneesheren mogen een afwezigheidsattest uitschrijven in deze laatste situatie.

In alle andere gevallen, en met in achtneming van de strikte overheidsregels, etc, kan de werknemer hiervoor familiaal verlof nemen. Je kan ook overeenkomen dat je werknemer vakantie neemt (betaald) of toegestane afwezigheid (onbetaald).

Wat met loon als iemand voor of tijdens de tijdelijke werkloosheid arbeidsongeschikt is/wordt?

Bron: SD Worx

Situatie 1:

De werknemer wordt arbeidsongeschikt tijdens de periode van tijdelijke werkloosheid 

Wanneer de werknemer arbeidsongeschikt wordt tijdens de periode van tijdelijke werkloosheid wegens overmacht, is de werkgever geen gewaarborgd loon verschuldigd. Voor de arbeiders is dit uitdrukkelijk in artikel 56 van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten bepaald. Deze bepaling wordt naar analogie ook op de bedienden toegepast. De betrokkene kan dus onmiddellijk aanspraak maken op arbeidsongeschiktheidsuitkeringen ten laste van de mutualiteit. 

Voorbeeld: De onderneming is gesloten wegens overmacht van 13 maart tot 5 april. De werknemer wordt ziek van 18 maart tot en met 24 maart. Voor de ziektedagen ontvangt de werknemer een uitkering van de mutualiteit. Voor de overige dagen dat de onderneming gesloten is wegens overmacht ontvangt de werknemer een uitkering tijdelijke werkloosheid overmacht.

Situatie 2:

De werknemer was al arbeidsongeschikt voor de aanvang van de tijdelijke werkloosheid 

Indien de werknemer al arbeidsongeschikt is vóór de aanvang van de periode van tijdelijke werkloosheid wegens overmacht, is de werkgever slechts het gewaarborgd loon verschuldigd tot en met daags vóór de aanvang van de periode van tijdelijke werkloosheid wegens overmacht. Vanaf de eerste dag van dat tijdvak van tijdelijke werkloosheid kan de betrokkene dan aanspraak maken op arbeidsongeschiktheidsuitkeringen.

Voorbeeld: De werknemer is ziek van 20 februari tot 23 maart. De onderneming sluit wegens overmacht van 13 maart tot 5 april. Het RIZIV bevestigt daarmee dat een zieke bediende ziekte-uitkeringen krijgt vanaf de eerste dag werkloosheid wegens overmacht die tijdens de loonwaarborgperiode valt. De bediende heeft met andere woorden een gegarandeerd vervangingsinkomen. 

SD Worx gaat uitgebreid in op deze en andere situaties. Lees meer

HYGIËNE EN PREVENTIE

Wat is de laatste update over de sneltesten?

Tijdens de persconferentie van Sciensano raakt meer nieuws bekend over de sneltesten. Een paar feiten op een rijtje.

  • PCR-testen blijven het meest betrouwbaar. 
  • Snelle antigeentests zijn bij personen die symptomen vertonen bijna net zo betrouwbaar als de PCR-testen op voorwaarde dat ze binnen de eerste vijf dagen na het optreden van de symptomen worden afgenomen. Daarnaast is het belangrijk dat de testen goed worden afgenomen, door geschoold personeel en in een geschikte omgeving die de veiligheid van alle betrokken garandeert. 
  • De testen zullen in de eerste plaats ingezet worden in ziekenhuizen, in test- en triagecentra en in huisartsenpraktijken
  • Momenteel werkt men nog aan een protocol om deze testen uit te voeren maar dat is “quasi klaar”, zo klonk het.
  • Personen die coronasymptomen vertonen, maar een negatieve sneltest afleggen, zullen voor alle zekerheid toch nog onderworpen worden aan een PCR-test
  • Bij personen die geen symptomen vertonen, blijken de snelle antigeentests significant minder betrouwbaar dan de PCR-tests. Ze kunnen wel worden gebruikt als aanvulling van PCR-testen bij hoog-risicocontacten, bijvoorbeeld voor een clusteronderzoek in onder meer scholen en bedrijven. Bij die testen kan hoogstens gezegd worden dat de persoon op de dag dat hij of zij getest werd, en waarbij de test negatief was, op die dag niet besmettelijk was.
  • Ten slotte zullen voortaan ook speekseltesten worden ingezet bij herhalingstesten. Het speeksel kan door de personen zelf worden verzameld, waardoor het gezondheidspersoneel gespaard wordt. 
  • Zelftesten zijn op dit moment in België nog niet toegelaten, al wordt deze piste nog verder onderzocht voor de toekomst. 
  • Ook de inzet van speurhonden en ademhalingstesten wordt op dit moment wetenschappelijk onderzocht
  • Het FAVV heeft een lijst opgesteld van de meest betrouwbare sneltesten die kunnen worden gebruikt. De verschillende overheden in ons land hebben onderling afspraken gemaakt over de prioritaire inzet van de antigeentesten. Maandelijks zal de teststrategie en de inzet van de verschillende technieken worden geëvalueerd.
Wat zijn de nieuwe regels voor quarantaine en testen?

Dankzij de opschaling en de optimalisering van de PCR-testcapaciteit in ons land, zullen vanaf 23 november 2020 opnieuw alle asymptomatische hoogrisicocontacten getest mogen worden via PCR, op dag 7 beginnend de dag na het hoogrisicocontact. 

In de praktijk betekent dit dat hoogrisicocontacten van een besmette persoon die zelf geen symptomen vertonen, via de contacttracing een code voor staalname zullen verkrijgen. 

Als het hoogrisicocontact plaats vond in een organisatie zoals scholen of bedrijven, is de coördinerend arts van de organisatie verantwoordelijk voor het genereren van deze code.
 
Burgers die terugkeren uit een rode zone in het buitenland dienen een PLF in te vullen die het gelopen risico evalueert. Wanneer zij op basis van hun gedrag tijdens hun buitenlands verblijf getest moeten worden, ontvangen ook zij de activatiecode per sms. 

Buiten deze gevallen kan een huisarts uiteraard nog steeds een activiatiecode aanmaken op basis van zijn eigen risico-analyse of voor die gevallen waar bovenvermelde werkwijze niet gevolgd kon worden.

Zij kunnen met deze code naar een triage- en staalafnamecentrum, waar de staalname voor een PCR-test gebeurt, op dag 7 beginnend de dag na het laatste hoogrisicocontact of terugkeer naar België.

Daarvoor kunnen zij een reservatie maken via de reservatietool die bereikbaar is via mijngezondheid.belgie.be. Daar is ook de mogelijkheid voorzien om de test te linken aan de 17- cijferige code die gegenereerd wordt door de app Coronalert. Dat garandeert dat het testresultaat ook ontvangen wordt in de app, wat noodzakelijk is om onbekende hoogrisicocontacten via de app te kunnen verwittigen. 

Indien de test positief is, wordt het hoogrisicocontact in isolatie geplaatst voor minstens 7 dagen vanaf de dag dat de test is afgenomen. Indien deze test negatief is, kan het hoogrisicocontact uit quarantaine, maar benadrukken we het belang van het aanhouden van extra waakzaamheid tot in totaal 14 dagen na de dag van het laatste hoogrisicocontact (met inachtneming van de geldende uitzonderingen voor zorgpersoneel).

Indien geen test wordt afgenomen (bijv. kind jonger dan 6 jaar), of wanneer het testresultaat niet tijdig beschikbaar is, stopt de quarantaine van asymptomatische hoogrisicocontacten na 10 dagen beginnend de dag na het laatste hoogrisicocontact. Deze quarantaine wordt dan gevolgd door een periode van 4 dagen extra waakzaamheid.

Via de website mijngezondheid.belgium.be kunnen asymptomatische hoogrisicocontacten een quarantaine-attest voor hun werkgever downloaden, en ook het resultaat van hun test raadplegen. 

Deze procedure wordt gevolgd om de administratieve druk op de huisartsen te verlichten.

Wat staat er in de sinds 30/10 aangepaste Generieke Gids voor bedrijven?

De generieke gids bevat noodzakelijke principes en maatregelen om ondernemingen toe te laten om veilig te werken door besmettingen op het werk maximaal te vermijden.

De sociale partners van de Hoge Raad voor Preventie en Bescherming op het werk hebben op 30 oktober 2020 een geactualiseerde versie van deze gids gevalideerd (versie 3.0).

Het bleek nodig om de eerdere versie te verfijnen omwille van meerdere redenen:

  • om rekening te houden met nieuwe inzichten op het terrein;
  • om rekening te houden met de gewijzigde situatie op het terrein: de initiële versie van de generieke gids was vooral bedoeld als hulpmiddel voor niet-essentiële ondernemingen bij het heropstarten van hun activiteiten, daar waar deze nieuwe versie beoogt alle ondernemingen te helpen om veilig te blijven werken in alle omstandigheden, ondanks het bestaan van de pandemie;
  • om een aantal verduidelijkingen aan te brengen en extra accenten te leggen.

Er werden onder meer aanpassingen gedaan in verband met social distancing, telewerk, het dragen van maskers, het collectief vervoer, de ventilatie en verluchting. Ook wordt de nadruk gelegd op het belang van het naleven van de maatregelen inzake quarantaine en isolatie en meer in het algemeen op het feit dat alle actoren (werkgevers, werknemers, de interne en externe preventiedienst, het comité voor preventie en bescherming op het werk, de ondernemingsraad, de vakbondsafvaardiging, …) samen tegen het virus moet strijden om de verspreiding ervan onder controle te houden.

Ondernemingen kunnen kennisnemen van deze geactualiseerde gids in zijn globaliteit om na te gaan of de reeds genomen hygiënemaatregelen en organisatorische maatregelen moeten worden aangepast of versterkt. 

BRON: FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg

Hoe kun je besmetting op de werkvloer voorkomen en wat kun je doen als dat toch gebeurt?

Hoe bepaalt en hanteert u een efficiënt coronabeleid? Wat moet u acuut doen als er een besmetting binnen uw organisatie wordt vastgesteld? Wat met de contacten binnen het bedrijf en wat te doen als uw bedrijf zich plots in een cluster of hotspot van besmettingen bevindt? Zijn coronatesten in uw organisatie nuttig of niet? Wat met een stijging van besmettingen en vanaf welk aantal zijn er welke extra acties nodig?

Over deze en andere vragen werkte Mensura een aantal draaiboeken uit die een leidraad kunnen vormen voor ondernemingen.

Een aantal belangrijke zaken die steeds voor ogen gehouden moeten worden:

  • Preventie blijft de prioriteit, voor alles.
  • Ga actief aan de slag met risicopersonen.
  • Testen: het blijkt een genuanceerd verhaal.
  • Bereid contact tracing intern voor (~ corona audit).

Ontdek hier hoe u een besmetting kan voorkomen.

Ontdek hier hoe u zich best voorbereid op een besmetting

Ontdek hier wat u moet doen wanneer er een besmetting is vastgesteld bij een of meerdere werknemers

Waar is het dragen van een mondmasker verplicht en welke sancties/gevolgen zijn er?

Mondmaskers zijn niet verplicht:

Buitenshuis waar de afstandsregel gerespecteerd kan worden tenzij anders bepaald lokaal of:

Mondmaskers zijn verplicht op:

  • drukke openbare plaatsen, zoals
    • winkelstraten
    • markten
    • kermissen
  • horeca-gelegenheden - bij het verplaatsen binnen de zaak. Eens aan tafel is het mondmasker niet verplicht
  • Ook op andere drukke plaatsen kan een mondmaskerplicht ingevoerd worden door lokale besturen. Dit wordt dan duidelijk aangegeven bij het betreden van de zone.
  • Op 27 juli besliste de nationale Veiligheidsraad dat het dragen van mondmaskers ook op evenementen verplicht wordt

Deze strengere maatregelen zijn een aanvulling op de mondmaskerplicht die op zaterdag 11 juli in voege ging voor iedereen vanaf 12 jaar in:

  • winkels en winkelcentra
  • bioscopen
  • theater-, concert- en conferentiezalen
  • auditoria
  • gebedshuizen en bezinningsplaatsen
  • musea
  • bibliotheken
  • casino’s en speelautomatenhallen
  • gerechtsgebouwen (voor de publiek toegankelijke delen)

Indien dit niet mogelijk is omwille van medische redenen, mag een gelaatsscherm gebruikt worden.

Deze lijst is een aanvulling op eerder locaties waar het dragen van een mondmasker verplicht is, zoals op het openbaar vervoer en bij contactberoepen als kappers of bij schoonheidssalons. Volgens sectorfederatie Febelfin geldt de verplichting ook voor de publiekelijk toegankelijke delen van banken.

Moeten deze ondernemingen u zelf instaan voor het naleven van de regelgeving en welke sancties zijn er?

Het is de individuele verantwoordelijkheid van de klanten of bezoekers om de mondmaskerplicht na te leven. Ondernemingen worden niet geacht politie te spelen voor hun bezoekers of klanten.

Handelaars of uitbaters die zelf de mondmaskerplicht niet naleven, riskeren een boete van 750 euro. Bij het herhaaldelijk overtreden van de regels kunnen er wel sancties opgelegd worden aan de onderneming in kwestie maar daarover moet nog meer duidelijkheid komen.
Klanten of bezoekers die geen mondmasker dragen, riskeren een boete van 250 euro. Dit kan oplopen tot 4.000 euro boete en/of een gevangenisstraf van 8 dagen tot 3 maanden bij recidive of de weigering om de boete te betalen.

De politie zal vanaf 25 juli ook strenger controleren en optreden tegen mensen die de mondmaskerplicht niet naleven.

Wat zijn de minimumpreventievoorwaarden voor bedrijven waarvoor geen sectorprotocol geldt?

Voor ondernemingen die heropenen en waarvoor geen sectorprotocol is afgesloten, gelden volgende minimumvoorwaarden:

  • De onderneming of vereniging informeert de klanten en werknemers tijdig over de geldende preventiemaatregelen en verstrekken de werknemers een passende opleiding.
  • Een afstand van 1,5 meter tussen elke persoon wordt gegarandeerd;
  • Maskers en andere persoonlijke beschermingsmiddelen worden steeds sterk aanbevolen en worden gebruikt indien de regels van de social distancing niet kunnen worden nageleefd omwille van de aard van de uitgeoefende activiteit;
  • De activiteit moet zo worden georganiseerd dat samenscholingen worden vermeden;
  • De onderneming of vereniging stelt middelen om de noodzakelijke handhygiëne te voorzien ter beschikking van het personeel en de klanten;
  • De onderneming of vereniging neemt de gepaste hygiënemaatregelen om de werkplaats en het gebruikte materiaal regelmatig te desinfecteren;
  • De onderneming of vereniging zorgt voor een goede verluchting van de werkplaats;
  • Een contactpersoon wordt aangeduid en bekendgemaakt, zodat klanten en personeelsleden een mogelijke besmetting met het coronavirus COVID−19 kunnen melden met het oog op het vergemakkelijken van contact tracing.
Hoe kan ik een besmetting op de werkvloer voorkomen en wat moet ik doen als dat toch gebeurt?

Hoe bepaalt en hanteert u een efficiënt coronabeleid? Wat moet u acuut doen als er een besmetting binnen uw organisatie wordt vastgesteld? Wat met de contacten binnen het bedrijf en wat te doen als uw bedrijf zich plots in een cluster of hotspot van besmettingen bevindt? Zijn coronatesten in uw organisatie nuttig of niet? Wat met een stijging van besmettingen en vanaf welk aantal zijn er welke extra acties nodig?

Over deze en andere vragen werkte Mensura een aantal draaiboeken uit die een leidraad kunnen vormen voor ondernemingen.

Een aantal belangrijke zaken die steeds voor ogen gehouden moeten worden:

  • Preventie blijft de prioriteit, voor alles.
  • Ga actief aan de slag met risicopersonen.
  • Testen: het blijkt een genuanceerd verhaal.
  • Bereid contact tracing intern voor (~ corona audit).

Ontdek hier hoe u een besmetting kan voorkomen.

Ontdek hier hoe u zich best voorbereid op een besmetting

Ontdek hier wat u moet doen wanneer er een besmetting is vastgesteld bij een of meerdere werknemers

Hoe kan ik mijn bedrijf beschermen op de werkvloer?

Werknemers uit niet-essentiële bedrijven die kunnen thuiswerken, blijven thuis. Bedrijven waar dat niet kan, moet er voldoend sociale afstand gehouden kunnen worden. Als dat niet gegarandeerd kan worden, moet het bedrijf sluiten.

Een goede individuele handhygiëne en voldoende sociale afstand houden, blijven belangrijke maatregelen die iedereen moet opvolgen. Een strikte naleving ervan door iedereen, van jong tot oud, is noodzakelijk om de verspreiding van het virus tegen te gaan. Burgerzin en solidariteit met de meest kwetsbare personen is onontbeerlijk.

Verder nog enkele tips:

  • Zorg ervoor dat jouw werkplekken schoon en hygiënisch zijn. Zo moeten bureaus, tafel, toetsenborden, ... regelmatig schoongemaakt worden met desinfectiemiddel

  • Spoor iedereen aan de handen meermaals per dag met water en zeep te wassen. Je kan dit bijvoorbeeld doen door posters op te hangen

  • Voorzie papieren zakdoekjes voor wie een loopneus heeft of moet hoesten en niezen
  • Zorg ook dat deze tissues in een gesloten vuilbak kunnen weggegooid worden
  • Spoor personen met symptomen van luchtwegaandoeningen aan om thuis te werken

 
Het volledige advies van de WHO voor bedrijven vind je op de website van VLAIO.
 
Een belangrijke vraag? Op vraag van Voka nam Vlaams minister van Werk en Economie Hilde Crevits (CD&V) het initiatief om een hulplijn voor bedrijven en ondernemers te laten oprichten. Het Agentschap Innoveren en Ondernemen heeft de hulplijn (0800 20 555) opengesteld voor ondernemers en bedrijven die vragen hebben over het coronavirus. 

Hulplijn ondernemers: 0800 20 555

Je kan het CrisisCentrum van de Vlaamse Overheid (CCVO) bereiken op 02 217 0 112 of via ccvo@vlaanderen.be.

 
Meer informatie vind je ook op de federale website

Bron: VLAIO

Moet ik preventieve maatregelen nemen voor de veiligheid van de werknemers?

Werknemers die kunnen moeten thuiswerken. Als dat niet kan, moet sociaal afstandhouden gegarandeerd kunnen worden. Zo niet, dan moet de onderneming dicht.

Als werkgever ben je verantwoordelijk voor een veilige en gezonde werkomgeving voor je werknemers. Daarom moet je ook preventief handelen, en garanderen dat je werknemers veilig kunnen werken.

Laat je waar nodig bijstaan door uw arbeidsarts/preventieadviseur. Samen met de arbeidsgeneeskundige dienst stel je vast welke richtlijnen en preventieve maatregelen aan de orde zijn om de impact van het coronavirus op de werkplaats te beperken. De werknemer moet jouw instructies opvolgen. Zo kan je van de werknemers eisen dat ze persoonlijke hygiënemaatregelen naleven.
Zorg in hoofdzaak voor een goede communicatie met de werknemers, om samen te zorgen voor veilige werkomstandigheden.

Hoe voldoe ik als bedrijf aan de strenge voorwaarden aangaande social distancing die door de sociale inspectie gecontroleerd kunnen worden?

Bedrijven moeten nog minstens tot 19 april aan strenge voorwaarden voldoen aangaande social distancing. Iedereen moet immers zoveel mogelijk afstand houden van anderen om de verspreiding van het coronavirus tegen te gaan. Klinkt eenvoudig. Maar hoe pas je die social distancing nu precies toe als bedrijf?


Om de verspreiding van het coronavirus af te remmen, legt de overheid bedrijven enkele strikte regels op.

Waar het kan moet er aan telewerk gedaan worden. 

Voor de functies waar dit niet haalbaar is, moet er op de werkvloer minstens 1,5 meter afstand gehouden worden met andere personen. Dit geldt trouwens ook voor het vervoer dat je als werkgever organiseert.

Is afstand houden noch telewerk mogelijk, dan ben je als bedrijf verplicht te sluiten ten zij je volgens de overheid een essentieel bedrijf bent. De meest recente lijst van essentiële bedrijven vind je hier.


Zo pak je het aan

De FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal overleg publiceerde op haar website een checklist die u kan overlopen in overleg met uw interne preventieadviseur en/of uw externe dienst voor preventie en bescherming op het werk.

Om social distancing in de praktijk te brengen zijn er in grote lijnen zijn er drie opties:

1.    Ga digitaal
Zijn er functies waarin medewerkers kunnen telewerken? Dan ben je als werkgever verplicht om dit te organiseren. Bekijk ook of je meetings, opleidingen en ander overleg anders kan aanpakken. Zo zijn er veel digitale mogelijkheden om deze vanop afstand in te richten.

2.    Zorg voor spreiding
Bekijk of je het werk kan spreiden, zodat medewerkers niet allemaal op hetzelfde moment op de werkvloer hoeven te zijn. Is het bovendien mogelijk om pauzes te spreiden? Ook zo creëer je kleinere groepjes, waardoor het voor medewerkers makkelijker is om afstand te houden in pakweg de cafetaria.

3.    Baken af
> Je ziet het al in winkels, maar ook op de werkvloer kunnen tape, lint of andere markeringen helpen om een afstand van 1,5 meter in acht te houden. Zeker bij in- en uitgangen, waar al snel groepjes kunnen ontstaan, is het nuttig om te bekijken of dit mogelijk is.
> Waar dat kan, valt het aan te raden om werkruimtes te compartimenteren. Of misschien is het wel haalbaar om ervoor te zorgen dat in elk kantoor of werkplek maar één persoon aan de slag is?
> Als allerlaatste stap kan het in bepaalde gevallen nodig zijn om een kleine groep medewerkers af te schermen van andere collega’s omdat ze van cruciaal belang zijn voor het bedrijf. Deze verregaande ingreep kan uiteraard enkel in overleg.

Stevige sancties
Bedrijven die zich niet aan de regels houden, riskeren stevige sancties. “Indien de autoriteiten vaststellen dat de social distancing-maatregelen niet worden nageleefd, wordt de onderneming in eerste instantie een zware boete opgelegd; in geval van niet-naleving na de sanctie zal de onderneming moeten sluiten”, waarschuwt de overheid. 

Cruciale sectoren en essentiële diensten wordt gevraagd om ervoor te zorgen “dat de regels over social distancing in de mate van het mogelijke in acht worden genomen”, luidt het vanuit de overheid. Zij riskeren geen boete of sluiting.

Belangrijk tegen besmetting
Waarom social distancing zo belangrijk is? Het coronavirus verspreidt zich van mens op mens via kleine druppeltjes die bij hoesten en niezen vrijkomen. Via die druppeltjes komt het virus terecht in de lucht, op voorwerpen en oppervlakken. 


Het coronavirus overleeft gemiddeld zo’n drie uur op gladde oppervlakken en materialen (zoals deurklinken, leuningen, tafels …). Wie virusdruppeltjes via de handen in de mond, neus of ogen binnenkrijgt, kan besmet raken.

Maak je medewerkers bewust van social distancing door er duidelijk over te communiceren. Voka ontwierp een checklist voor social distancing bij bedrijven. Download de poster hier.

WAT MET VOKA-ACTIVITEITEN?

Voka volgt de richtlijnen van de overheid en verhoogt zijn digitaal aanbod

Voka volgt strikt de maatregelen van de overheid na ivm events en activiteiten. Volg de updates en het aanbod op onze activiteiten-pagina.

 

ARCHIEF HEROPSTARTMAATREGELEN EN VERSTRENGINGEN

Welke winkels mogen openblijven in deze tweede coronagolf?

Het Ministerieel Besluit is gepubliceerd. 

Deze winkels zullen de komende zes weken wel mogen openblijven en enkel essentiële goederen mogen aanbieden:

  • De voedingswinkels (ook de nachtwinkels)
  • De winkels voor verzorgings- en hygiëneproducten
  • De dierenvoedingswinkels
  • De apotheken
  • De kranten- en boekenwinkels
  • De tankstations en de leveranciers van brandstoffen
  • De telecomwinkels (behalve winkels die enkel accessoires verkopen)
  • De winkels voor medische hulpmiddelen
  • De doe-het-zelfzaken
  • De tuincentra en boomkwekerijen
  • De bloemen- en plantenwinkels
  • De groothandels bestemd voor professionelen
  • De gespecialiseerde detailhandelszaken die kledingstoffen verkopen
  • De gespecialiseerde detailhandelszaken die breigarens, handwerken en fournituren verkopen
  • De winkels voor schrijf- en papierwaren
  • Notariaten

Om oneerlijke concurrentie te vermijden mogen zijn enkele zaken niet verkopen de komende zes weken. Daaronder vallen meubels, tuinmeubels, BBQ-toestellen, groot keukengerei, mobiele verwarmingstoestellen, decoratieartikelen (uitsluiting van kaarsen), multimedia, elektro, speelgoed, kleding, schoeisel, telecomaccessoires, juwelen, lederwaren, sportartikelen en dergelijken. Die producten mogen ze in de fysieke winkels niet aanbieden. Online mag dat wel.

Diensten
Verder staan er in het ministerieel besluit ook een aantal diensten die als essentieel worden beschouwd. Zo mogen autogarages en fietsenwinkels hun herstellingsdiensten blijven aanbieden tijdens de lockdown. Taxi's blijven rijden en ook de advocaten, notariaten en banken mogen hun dienstverlening fysiek verderzetten. Alles wel in overeenstemming met de hygiëneregels, zoals afstand houden.

Uit het Ministerieel Besluit blijkt ook welke andere zaken de komende weken zeker hun deuren moeten sluiten:

  • De schoonheidssalons
  • De niet-medische pedicurezaken
  • De nagelsalons
  • De massagesalons
  • De kapperszaken en barbiers
  • De tatoeage- en piercingsalons
Wat zijn de verstrengde maatregelen die vanaf 2 november zijn ingegaan?

Om de zorgsector te ontlasten en de stijle opgang van het virus te breken, willen de regeringen de sociale contacten zoveel als mogelijk beperken. Daarom wordt overgegaan naar een verstrengde lockdown. De regels gaan in vanaf middernacht, de nacht tussen zondag en maandag, en zullen anderhalve maand duren.

Lees hier het volledige Ministerieel Besluit.

Deze winkels zullen de komende zes weken wel mogen openblijven en enkel essentiële goederen mogen aanbieden:

  • De voedingswinkels (ook de nachtwinkels)
  • De winkels voor verzorgings- en hygiëneproducten
  • De dierenvoedingswinkels
  • De apotheken
  • De kranten- en boekenwinkels
  • De tankstations en de leveranciers van brandstoffen
  • De telecomwinkels (behalve winkels die enkel accessoires verkopen)
  • De winkels voor medische hulpmiddelen
  • De doe-het-zelfzaken
  • De tuincentra en boomkwekerijen
  • De bloemen- en plantenwinkels
  • De groothandels bestemd voor professionelen
  • De gespecialiseerde detailhandelszaken die kledingstoffen verkopen
  • De gespecialiseerde detailhandelszaken die breigarens, handwerken en fournituren verkopen
  • De winkels voor schrijf- en papierwaren

Om oneerlijke concurrentie te vermijden mogen zijn enkele zaken niet verkopen de komende zes weken. Daaronder vallen meubels, tuinmeubels, BBQ-toestellen, groot keukengerei, mobiele verwarmingstoestellen, decoratieartikelen (uitsluiting van kaarsen), multimedia, elektro, speelgoed, kleding, schoeisel, telecomaccessoires, juwelen, lederwaren, sportartikelen en dergelijken. Die producten mogen ze in de fysieke winkels niet aanbieden. Online mag dat wel.

Diensten
Verder staan er in het ministerieel besluit ook een aantal diensten die als essentieel worden beschouwd. Zo mogen autogarages en fietsenwinkels hun herstellingsdiensten blijven aanbieden tijdens de lockdown. Taxi's blijven rijden en ook de advocaten, notariaten en banken mogen hun dienstverlening fysiek verderzetten. Alles wel in overeenstemming met de hygiëneregels, zoals afstand houden.

Uit het Ministerieel Besluit blijkt ook welke andere zaken de komende weken zeker hun deuren moeten sluiten:

  • De schoonheidssalons
  • De niet-medische pedicurezaken
  • De nagelsalons
  • De massagesalons
  • De kapperszaken en barbiers
  • De tatoeage- en piercingsalons

Economie

  • Niet-essentiële winkels moeten de deuren sluiten, maar ze mogen wel een afhaalpunt hebben of aan thuislevering doen, met gelijke en eerlijke regels voor iedereen.
  • De vakantieparken moeten maandagavond sluiten. Zwembaden, bars en hotels zijn daar gesloten.
  • Hotels mogen wel open blijven, maar de maaltijden moeten op de kamer geserveerd worden. 
  • Niet-medische contactberoepen, zoals kappers en schoonheidsspecialisten, zullen niet uitgeoefend kunnen worden.
  • Telewerken wordt verplicht, als dat niet mogelijk is, zijn mondmaskers en ventilatie verplicht.
  • De federale regering gaat de bestaande steunmaatregelen evalueren en kijken wat verlengd kan worden.
  • Ondernemingen in moeilijkheden zullen kunnen rekenen op steun.

Onderwijs

  • De herfstvakantie wordt nog verder doorgetrokken: de scholen blijven dicht tot 15 november, daarna wordt overgeschakeld op halftijds afstandsonderwijs in de tweede en derde graad, met maximum 50 procent contactonderwijs tot minstens 1 december.
  • Het hoger onderwijs: tot het einde van het jaar afstandsonderwijs, uitzondering voor eerstejaars.

Contacten

  • We mogen thuis nog maar één persoon ontvangen, die tegelijk het knuffelcontact is. 
  • Buiten mag je tot vier mensen ontmoeten, op afstand en met mondmasker.
  • Het knuffelcontact blijft behouden. 
  • Alleenstaanden mogen een tweede knuffelcontact hebben.

Andere

  • Er komt geen verbod op niet-essentiële verplaatsingen. 
  • Grenzen blijven open, al worden niet-essentiële reizen afgeraden.
  • De avondklok blijf behouden.
  • Geen maaltijden meer na begrafenissen.
Op 28 oktober werd een nieuw MB gepubliceerd dat alle maatregelen zoveel mogelijk moest stroomlijnen. Wat stond erin?

Er werd beslist om te werken met de publicatie van een Ministerieel Besluit dat alle maatregelen voor het hele Belgische grondgebied maximaal moet stroomlijnen. Gewesten kunnen wel nog strengere regels opleggen (bijvoorbeeld in Brussel en Wallonië geldt een strengere avondklok). Gezien de ernst van de situatie werd ook besloten om de maatregelen met onmiddellijk ingang in werking te laten treden.

Het gaat om een uitbreiding van de federale sokkel met volgende maatregelen:

  • Winkelen: er kan slechts individueel worden gewinkeld, of met maximum één andere persoon voor maximum 30 minuten (per winkel).
  • Hotels en andere logiesvormen: enkel restaurant open, en dit uitsluitend voor de gasten die er verblijven.
  • Alle inrichtingen (of onderdelen) die behoren tot de culturele, feestelijke, sportieve, recreatieve en evenementensector worden gesloten, inclusief: casino’s, speelautomatenhallen en wedkantoren; wellnesscentra, met inbegrip van onder meer sauna’s, jacuzzi’s, stoomcabines en hammams; discotheken en dancings; feest- en receptiezalen, behalve voor de organisatie van rouwmaaltijden na begrafenissen en crematies; pretparken; binnenspeeltuinen; bowlingzalen; kermissen, jaarmarkten, brocantemarkten, rommelmarkten, kerstmarkten en winterdorpen; zwembaden; handelsbeurzen, met inbegrip van de salons

Mogen geopend blijven:

  • buitenspeeltuinen;
  • buitengedeelten van dierentuinen, dierenparken, natuurparken en openluchtmusea, met inbegrip van de ingang, uitgang, sanitaire voorzieningen, eerste hulp en noodgebouwen;
  • bibliotheken;
  • gebouwen der erediensten en de gebouwen bestemd voor de openbare uitoefening van de niet-confessionele morele dienstverlening;
  • buitengedeelten van sportinfrastructuren voor het individueel uitoefenen van sport;
  • overdekte paardenpistes van manèges en paardenrenbanen, en dit enkel met het oog op het welzijn van het dier
  • culturele plaatsen, voor -12 jarigen in kader van schoolse en extraschoolse activiteiten en in kader van georganiseerde
  • stages en activiteiten, en voor de personeelsleden in het kader van hun professionele activiteiten
  • sportzalen en -voorzieningen, maar dit enkel: voor zover het geen zwembad betreft, voor schoolgroepen van kinderen tot en met 12 jaar oud in het kader van schoolse of buitenschoolse activiteiten van het verplicht onderwijs;
  • voor zover het geen zwembad betreft, voor sportstages en -kampen georganiseerd door de lokale overheid voor kinderen tot en met 12 jaar oud;
  • voor trainingen van professionele sporters;
  • voor professionele wedstrijden;

Andere activiteiten dan sportactiviteiten, voor zover deze zijn toegelaten volgens de bepalingen van dit besluit en de geldende protocollen.

  • Huwelijken, begrafenissen, crematies, erediensten en niet-confessionele diensten: beperking tot max. 40 personen
  • Onderwijs: volgens de richtlijnen van de Gemeenschappen

Sport:

  • professioneel : wedstrijden en trainingen enkel zonder publiek, indoor en outdoor
  • amateurwedstrijden en -trainingen: enkel voor -12 jarigen, mag enkel bijgewoond worden door één ouder, enkel outdoor.

Jeugd:

  • kampen, stages en activiteiten met -12 jarigen toegelaten, zonder overnachting. Mondmaskerplicht voor begeleiders.
  • Georganiseerde activiteiten van -12-jarigen, nl. onder begeleiding of in kampen en stages: max. 50 personen

De maatregelen gelden in eerste instantie tot en met 19 november 2020.

De regels komen bovenop de al bestaande federale sokkel:

  • Telewerk blijft de regel
  • Knuffelcontacten (nauwe contacten) worden beperkt tot max. 1 persoon
  • Privésamenkomsten worden beperkt tot 4 dezelfde personen per twee weken.
  • Samenscholingen op openbaar domein worden beperkt tot maximaal 4 personen.
  • Markten blijven open, maar het nuttigen van drank en voeding is verboden. Rommelmarkten, brocantes en kerstmarkten zijn verboden.
  • Cafés en restaurants zijn gesloten. Afhalen van maaltijden blijft mogelijk tot 22.00 uur.
  • Nachtwinkels moeten sluiten om 22.00u. Er is een verbod op alcoholverkoop vanaf 20.00u.
  • Verbod om zich op de openbare ruimte te begeven tussen 24.00u en 5.00u, behalve voor essentiële, niet-uitstelbare verplaatsingen, zoals onder meer dringende medische redenen, professionele verplaatsingen en woon-werk verkeer. Plaatselijk en provinciaal kan een strengere avondklok van kracht zijn.
Wat zijn de verstrengde maatregelen die door het Overlegcomité werden aangekondigd op 23 oktober?

Onderstaande verstrengingen gelden tot 19 november . De beleidsmakers benadrukken dat voor getroffen sectoren steunmaatregelen worden uitgewerkt:

Indoor culturele evenementen (op cultureel, religieus, onderwijs en verenigingsvlak): maximum 40 personen, indien voldoende garanties voor coronaproof organisatie, en mits 1,5 meter-regel en mondmasker, maximum 200 personen. Het aanbieden van drank en voedsel is verboden.

Hoger onderwijs: de bezettingsgraad wordt herleid tot maximaal 20% mét mondmaskerplicht, behalve voor practica waarvoor dat niet mogelijk is. De regel geldt niet voor eerstejaars.

Openbaar vervoer: elke overheid waakt er binnen zijn bevoegdheid over dat de capaciteit van het openbaar vervoer tijdens de spitsuren optimaal is om crowding te vermijden.

Sportevenementen: alle professionele sportwedstrijden binnen en buiten verlopen zonder publiek. Alle amateurwedstrijden worden opgeschort. Jeugdwedstrijden voor jongeren tot 18 jaar blijven toegelaten, maar zijn enkel toegankelijk voor één enkel lid van het gezin. Het aanbieden en nuttigen van drank en voedsel blijft verboden.

Pretparken: worden tijdelijk gesloten.

Dierentuinen: indoor ruimtes worden gesloten; het aanbieden en nuttigen van drank en voeding is verboden. 

Telewerk blijft de regel. Er wordt met de werkgeversfederaties overlegd om een responsabiliserende monitoring op te zetten zodat men de regel van telewerk overal toepast waar het moet. Meer info over telewerk.
 

Daarnaast blijven de algemene regels voor alarmniveau 4 die op maandag 19 oktober van kracht gingen:

  • Nauwe contacten worden beperkt tot max. 1 persoon
  • Privésamenkomsten worden beperkt tot 4 dezelfde personen per twee weken.
  • Samenscholingen op openbaar domein worden beperkt tot maximaal 4 personen.
  • Markten en kleine kermissen blijven open, maar het nuttigen van drank en voeding wordt verboden. Rommelmarkten, brocantes en kleine kerstmarkten zijn verboden.
  • Cafés en restaurants zijn gesloten. Dit geldt voor een periode van vier weken, en wordt geëvalueerd na twee weken. Afhalen van maaltijden blijft mogelijk tot 22.00 uur. Recepties en banketten verzorgd door een professionele catering/traiteur onderneming zijn verboden, behalve in hotels voor de verblijvende gasten en koffietafel bij uitvaarten (max. 40 personen).
  • Nachtwinkels moeten sluiten om 22.00u. Er is een verbod op alcoholverkoop vanaf 20.00u.
  • Verbod om zich op de openbare ruimte te begeven tussen 24.00u en 5.00u, behalve voor essentiële, niet-uitstelbare verplaatsingen, zoals onder meer dringende medische redenen, professionele verplaatsingen en woon-werk verkeer.
Welke verstrengde maatregelen gingen op 9 oktober in voege?
  • Je mag nog maximaal 3 nauwe contacten hebben bovenop de mensen waarmee je eventueel samenwoont.
  • Cafés moeten om 23 uur sluiten en je mag maar met 4 mensen aan tafel zitten, zowel binnen als buiten.
  • Voor restaurants blijven de huidige regels gelden
  • Je mag niet meer dan 4 mensen uitnodigen bij je thuis voor een etentje of om samen iets te drinken mits handhaving van de nodige afstand.
  • Spontaan samenkomen op straat mag ook met niet meer dan 4 mensen samen.
  • Voor begeleide activiteiten, zoals cultuurevents en begeleide wandelingen, geldt die verstrenging niet
  • Thuiswerken wordt nog altijd sterk aanbevolen in de mate van het mogelijke.
  • Pedro Facon wordt aangeduid als coronacommissaris om de communicatie tussen de deelregeringen en de betrokken instellingen te stroomlijnen en om de coronabarometer te optimaliseren. 
Op de Nationale Veiligheidsraad van 23/09/2020 werden een reeks versoepelingen doorgevoerd en enkele bestaande regels werden herhaald. Welke waren dat? (opgelet - een aantal versoepelingen zijn intussen teruggeschroefd)

Op de Nationale Veiligheidsraad van 23/09/2020 werden een reeks versoepelingen doorgevoerd en enkele bestaande regels zijn herhaald. Het aangekondigde systeem met kleurcodes is er nog niet gekomen. Er wordt gewerkt aan een soort barometer, maar die is nog niet af.

1.    De basisregels blijven gelden: handen wassen, anderhalve meter afstand houden en mond-neusmasker dragen waar dat niet kan.

2.    Iedereen mag zoveel mensen zien als hij wil, als ze afstand houden én met niet meer dan tien mensen tegelijk samenkomen (kinderen worden niet meegeteld).

3.    De bubbel verdwijnt: iedereen mag maximaal met 5 mensen per maand nauw contact hebben, maar dat aantal moet zoveel mogelijk beperkt worden.

4.    Er komt een barometersysteem op nationaal, regionaal en lokaal niveau zodat er snel beslissingen kunnen worden genomen als de situatie betert of verslechtert. Het moet ook meer perspectief bieden op termijn. Die barometer is nog niet af. Volgens Vlaams minister-president Jan Jambon moet dat binnen de 14 dagen het geval zijn.

5.    Professioneel georganiseerde evenementen zoals recepties of trouwfeesten zijn voortaan onderworpen aan dezelfde regels als de horeca. Er is geen limiet aan het aantal deelnemers, zolang de locatie dat uiteraard toestaat. 

6.    Voor evenementen met publiek blijft de limiet op 200 voor evenementen binnen en 400 buiten, tenzij er uitzonderingen worden toegestaan.

7.    Er wordt niet meer getest bij personen die terugkeren uit oranje zones.

8.    De quarantaine uit rode zone geldt niet voor grensarbeid (minder dan 48u in buitenland), en er geldt geen reisverbod meer, wel een reisadvies dat ten zeerste afraadt naar dergelijke zone te reizen. 

9.    Vanaf 1 oktober wordt de quarantaine ingekort tot 7 dagen. Bij mensen met symptomen: maximum 7 dagen quarantaine en van zodra een negatieve test kan deze stopgezet worden. Bij mensen zonder symptomen, met een recent nauw contact met een besmette persoon: men gaat 7 dagen in quarantaine en ondergaat een test op de 5e dag. Is deze negatief, stopt de quarantaine. Is deze positief, loopt de quarantaine verder door, met 7 dagen vanaf de test.

10.    Op 30 september volgt de app lancering die de contact tracing verder zal versterken.

Wat waren de maatregelen voor fase 4 van de exitstrategie die ingingen vanaf 1 juli

De Nationale Veiligheidsraad versoepelde een aantal maatregelen vanaf 1 juli - ondertussen werden een aantal alweer teruggeschroefd. Hoe was de toestand op 1 juli?:

Evenementen mogen weer

Indoorevenementen tot maximum 200 aanwezigen zijn toegestaan vanaf 1 juli, mits het respecteren van de veiligheidsmaatregelen. Bij evenementen buiten mogen er niet meer dan 400 mensen aanwezig zijn.

Evenementen gaan ook moeten voldoen aan een uitgebreide, bindende checklist. 

 

Openbare markten met meer dan 50 kramen

Er geldt geen beperking meer voor het aantal kramen op een markt. Dat betekent dat vanaf 1 juli opnieuw meer dan 50 kramen zijn toegestaan. Er mag ook weer gegeten en gedronken worden, mits naleving van hygiënemaatregelen (afstand houden, handen ontsmetten, infrastructuur schoonmaken,...). Mondmaskers zijn verplicht vanaf zaterdag 25 juli.

Winkelen 

Een mondmasker dragen werd verplicht in de winkels sinds zaterdag 11 juli.

Om de veiligheid te garanderen, wordt er maximaal 1 klant per 10 vierkante meter toegelaten in de winkel. Maar we mogen wel opnieuw met meerdere mensen winkelen. Ook is er geen tijdslimiet meer. De afstandsregels moeten wel gerespecteerd blijven.

Sluitingsuur van cafés blijft hetzelfde

Het sluitingsuur van de horeca-zaken wordt niet gewijzigd. De cafés en restaurants moeten ten laatste om 1 uur ‘s nachts de deuren sluiten. 

Om te vermijden dat cafégangers massaal zouden samenscholen na 1 uur lag de afschaffing van dat sluitingsuur op tafel. Maar dat gaat dus niet door.

Onderwijs

De ministers van Onderwijs hebben een systeem opgezet dat aangeeft hoe de school zich moet organiseren vanaf volgend schooljaar.

Sociale bubbel mag uitgebreid worden

De sociale bubbel-regel van maximum 10 mensen wordt uitgebreid naar 15. Het principe blijft hetzelfde: iedere week kan u dus met maximum 15 personen afspreken. Dat hoeven niet iedere week dezelfde mensen te zijn.

Publieke activiteiten heropenen

Deze publieke activiteiten mogen heropenen/herstarten: zwembaden, wellnesscentra, pretparken, binnenspeeltuinen, casino’s, speelzalen, cinema’s, congreszalen, recepties en feestzalen. 

Er komt een limiet van maximum 50 aanwezige personen en de zaken moeten veiligheidsmaatregelen uitvaardigen: een veiligheidsafstand, tijdsslots, crowd management, en een grondige hygiëne.

Discotheken en nachtclubs gaan nog niet open.

Wat zei het Ministerieel Besluit van 5 juni over de heropstart fase 3 (sinds 8 juni)?

Vanaf 8 juni zal alles weer worden toegestaan, behalve de activiteiten die specifiek worden uitgesloten. Dat wordt bevestigd in het Ministerieel Besluit van 5 juni.

Open

Voor de horeca, sportsector en cultuursector komt het licht op groen om vanaf 8 juni opnieuw op te starten. Wel gelden nog strikte voorwaarden. Zo moet er bij de horeca tussen de tafels 1,5 meter afstand zijn, per tafel mogen maximum tien mensen zitten, elke klant moet aan zijn of haar eigen tafel zitten en bediend worden, obers moeten een mondmasker dragen en alle horecazaken en nachtwinkels mogen openblijven tot één uur 's nachts.

Vanaf 8 juni kunnen alle culturele activiteiten zonder publiek hervat worden. Optredens met het publiek zijn op maandag nog niet toegestaan, maar kunnen wel vanaf 1 juli hervat worden. Ook hier gelden specifieke regels, zoals het respecteren van de veiligheidsafstand voor het publiek en maximaal 200 aanwezigen.

Nog gesloten

Zaken die nog gesloten blijven tot en met 30 juni 2020: de wellnesscentra, met inbegrip van sauna’s; de casino’s en de speelautomatenhallen; receptiezalen met maximum vijftig aanwezigen, de pretparken, de binnenspeeltuinen en de bioscopen.

Casino's mogen pas op 1 juli open, net zoals receptiezalen met maximum vijftig aanwezigen. Discotheken mogen niet voor eind augustus opengaan. Massa-evenementen zijn nog verboden tot minstens 31 augustus.

Bij het individueel gedrag zijn zes gouden regels:

  • Hygiëneregels zoals de handen regelmatig wassen en elkaar geen hand geven.
  • Bij voorkeur buitenactiviteiten houden, anders voldoende ventileren
  • Neem extra maatregelen voor risicogroepen
  • Veiligheidsafstand blijft altijd van toepassing behalve bij kinderen jonger dan twaalf onder elkaar
  • Met mensen uit uw eigen huishouden kunt u nauwer contact hebben. Ook met mensen uit uw uitgebreide bubbel kunt uw nauwer contact hebben. Per week kan de groep veranderen. Het maximum van tien per week zorgt ervoor dat de sociale contacten beperkt blijven en maakt het gemakkelijker om ze op te sporen. 
  • Een groep mag niet groter zijn dan tien personen, kinderen inbegrepen. Dat geldt bij uw thuis, buitenshuis of in restaurants.
Welke heropstartmaatregelen gelden specifiek voor de horeca?

* UPDATE 24/07/2020

Sinds 25 juli zijn twee extra maatregelen van kracht voor horeca:

  1. een algemene mondmaskerplicht ingevoerd voor klanten van cafés en restaurants. Klanten mogen dit mondmasker enkel afzetten wanneer ze aan hun tafel zitten. Voor iedere verplaatsing binnen de zaak moet het mondmasker gedragen worden.
  2. Per tafel moet minstens één persoon contactgegevens (telefoonnummer en e-mailadres) achterlaten zodat er contact kan opgenomen worden in geval van een mogelijke besmetting met het coronavirus. Deze gegevens worden twee weken bijgehouden en nadien vernietigd.

 

Volgens het Ministerieel Besluit van 5 juni mocht de horeca terug open met de volgende voorwaarden:

  • de tafels worden zo geplaatst dat een afstand van minstens 1,5 meter tussen de tafels wordt gegarandeerd, tenzij de tafels worden gescheiden door een plexiglazen wand of een gelijkwaardig alternatief, met een minimale hoogte van 1,8 meter;
  • een maximum van tien personen per tafel is toegestaan;
  • enkel zitplaatsen aan tafel zijn toegestaan;
  • elke klant moet aan zijn eigen tafel blijven zitten;
  • het dragen van een mondmasker door het personeel is verplicht in de zaal;
  • het dragen van een mondmasker door het personeel is verplicht in de keuken, met uitsluiting van functies waarvoor een afstand van 1,5 meter kan worden gerespecteerd;
  • er is geen enkele bediening aan de bar toegestaan, met uitzondering van eenmanszaken met naleving van een afstand van 1,5 meter;
  • terrassen en openbare ruimten worden georganiseerd overeenkomstig de voorschriften bepaald door de gemeentelijke overheden en met respect voor dezelfde regels als deze die binnen gelden;
  • drankgelegenheden en restaurants mogen tot één uur ‘s nachts open blijven, tenzij de gemeentelijke overheid oplegt dat ze eerder moeten sluiten.
De veiligheidsraad lichtte toe wat vanaf 8 juni opnieuw mocht. Wat is belangrijk voor bedrijven?

Vanaf 8 juni zal alles weer worden toegestaan, behalve de activiteiten die specifiek worden uitgesloten.

Dat is goed nieuws voor de horeca, sportsector en cultuursector die vanaf 8 juni opnieuw mogen hervatten. Wel gelden nog strikte voorwaarden. Tussen de tafels moet 1,5 meter afstand zijn, per tafel mogen maximum tien mensen zitten, elke klant moet aan zijn of haar eigen tafel zitten en bediend worden, obers moeten een mondmasker dragen en alle horecazaken en nachtwinkels mogen openblijven tot één uur 's nachts.

Vanaf 8 juni kunnen alle culturele activiteiten zonder publiek hervat worden. Optredens met het publiek zijn op maandag nog niet toegestaan, maar kunnen wel vanaf 1 juli hervat worden. Ook hier gelden specifieke regels, zoals het respecteren van de veiligheidsafstand voor het publiek en maximaal 200 aanwezigen.

Casino's mogen pas op 1 juli open, net zoals receptiezalen met maximum vijftig aanwezigen. Discotheken mogen niet voor eind augustus opengaan. Massa-evenementen zijn nog tot minstens 31 augustus.

Bij het individueel gedrag zijn zes gouden regels:

  • Hygiëneregels zoals de handen regelmatig wassen en elkaar geen hand geven.
  • Bij voorkeur buitenactiviteiten houden, anders voldoende ventileren
  • Neem extra maatregelen voor risicogroepen
  • Veiligheidsafstand blijft altijd van toepassing behalve bij kinderen jonger dan twaalf onder elkaar
  • Met mensen uit uw eigen huishouden kunt u nauwer contact hebben. Ook met mensen uit uw uitgebreide bubbel kunt uw nauwer contact hebben. Per week kan de groep veranderen. Het maximum van tien per week zorgt ervoor dat de sociale contacten beperkt blijven en maakt het gemakkelijker om ze op te sporen. 
  • Een groep mag niet groter zijn dan tien personen, kinderen inbegrepen. Dat geldt bij uw thuis, buitenshuis of in restaurants.
Op vrijdag 15 mei werd het MB gepubliceerd over fase 2 van het heropstartplan. Wat was belangrijk voor het economisch leven?

Op vrijdag 15 mei werd het MB gepubliceerd over fase 2 van het heropstartplan. Dat bevestigt grotendeels wat afgelopen woensdag al werd aangekondigd op de Veiligheidsraad. Enkele belangrijke zaken op een rijtje.

Lees hier de volledige tekst van het MB in detail.

  • De contactberoepen zullen opnieuw aan de slag kunnen, onder bepaalde voorwaarden. Zo moeten ze werken op afspraak, een mondmasker of mondneusbescherming dragen (personeel en klanten) en moeten ze de veiligheidsafstand tussen de klanten respecteren.
  •  
  • Verder mogen er – met instemming van de lokale overheden - opnieuw markten worden georganiseerd. Die markten mogen maximaal 50 kramen hebben, er moet een circulatieplan worden opgesteld en de veiligheidsafstand moet altijd gerespecteerd worden. Het dragen van een masker of mondneusbescherming is verplicht voor de marktkramers en hun personeel en wordt ook voor klanten sterk aanbevolen.
  • In deze fase is er ook een geleidelijke heropstart van de lessen voor bepaalde leerlingen in het basis- en secundair onderwijs onder strikte organisatorische voorwaarden. De kleuterscholen blijven in dit stadium gesloten en het hoger onderwijs heeft het einde van het academiejaar al georganiseerd samen met de gemeenschapsoverheden.
  • De volgende stap in het afbouwplan zal niet vóór 8 juni plaatsvinden. En na fase 3 zullen er nog meer fases volgen.
  • Alle culturele, sportieve, toeristische en recreatieve evenementen zijn verboden tot en met 30 juni.
Op woensdag 13 mei besliste de Nationale Veiligheidsraad (NVR) om vanaf 18 mei fase 2 van het afbouwplan op te starten. Wat waren de belangrijkste aandachtspunten?

Op woensdag 13 mei heeft de Nationale Veiligheidsraad (NVR) beslist om vanaf 18 mei fase 2 van het afbouwplan op te starten. Enkele belangrijke zaken voor het economische leven op een rijtje.

  • De contactberoepen zullen opnieuw aan de slag kunnen, onder bepaalde voorwaarden. Zo moeten ze werken op afspraak, een mondmasker of mondneusbescherming dragen (personeel en klanten) en moeten ze de veiligheidsafstand tussen de klanten respecteren.
  • Verder mogen er – met instemming van de lokale overheden - opnieuw markten worden georganiseerd. Die markten mogen maximaal 50 kramen hebben, er moet een circulatieplan worden opgesteld en de veiligheidsafstand moet altijd gerespecteerd worden. Het dragen van een masker of mondneusbescherming is verplicht voor de marktkramers en hun personeel en wordt ook voor klanten sterk aanbevolen.
  • In deze fase is er ook een geleidelijke heropstart van de lessen voor bepaalde leerlingen in het basis- en secundair onderwijs onder strikte organisatorische voorwaarden. De kleuterscholen blijven in dit stadium gesloten en het hoger onderwijs heeft het einde van het academiejaar al georganiseerd samen met de gemeenschapsoverheden.
  • De volgende stap in het afbouwplan zal niet vóór 8 juni plaatsvinden. En na fase 3 zullen er nog meer fases volgen.
  • Alle culturele, sportieve, toeristische en recreatieve evenementen zijn verboden tot en met 30 juni.
Winkels mochten vanaf 11 mei weer open. Wat waren/zijn de voorwaarden?

De winkels mochten op maandag 11 mei heropenen onder strikte voorwaarden. Meer bepaald ging het over 'ondernemingen die goederen of diensten aanbieden aan consumenten'. Zo staat het verwoord in het Ministerieel Besluit.

Mochten nog niet open:

  • de schoonheidssalons;
  • de niet-medische pedicurezaken;
  • de nagelsalons;
  • de massagesalons;
  • de kapperszaken en barbiers;
  • de wellnesscentra, met inbegrip van sauna's;
  • de fitnesscentra;
  • de tatoeage- en piercingsalons;
  • de casino's, speelautomatenhallen en wedkantoren;
  • de markten
  • de culturele, feestelijke, recreatieve, sportieve en horecasectoren

Strikte voorwaarden

De ondernemingen moeten de nodige veiligheidsmaatregelen nemen om de veiligheid te garanderen, dus ook ervoor zorgen dat er 1,5 meter afstand tussen personen mogelijk is. Als dat niet mogelijk is, moeten zij minstens een gelijkwaardig niveau van bescherming aanbieden.

Er mag slechts één klant per tien vierkante meter binnen, en dat slechts voor dertig minuten of zolang als gebruikelijk in het geval van een afspraak.

In zaken waar de toegankelijke vloeroppervlakte voor klanten minder dan 20 vierkante meter bedraagt, is het toegelaten om twee klanten te ontvangen, mits een afstand van 1,5 meter tussen elke persoon gegarandeerd is, of een gelijkwaardig niveau van bescherming aangeboden wordt. 

De onderneming moet ook middelen voor handhygiëne voorzien voor het personeel en de klanten.

Voor de winkelcentra worden er specifieke voorwaarden opgelegd:

  • Eén klant per tien vierkante meter wordt toegelaten gedurende een periode die niet langer is dan noodzakelijk en gebruikelijk;
  • Het winkelcentrum stelt middelen om de noodzakelijke handhygiëne te voorzien ter beschikking bij de in- en uitgang;
  • Het winkelcentrum vergemakkelijkt het behoud van een afstand van 1,5 meter middels het aanbrengen van markeringen op de grond en/of signalisaties.
  • Er wordt individueel gewinkeld en niet langer dan noodzakelijk en gebruikelijk. Tenzij het gaat over een minderjarige die in het gezelschap is van een volwassene die onder hetzelfde dak woont.

Lees het volledige Ministerieel Besluit

Lees hoe winkels het aanpakken in de corona-opstart FAQ

Op donderdag 30 april werd het Ministerieel Besluit gepubliceerd over de verschillende fases voor de heropstart van de economie. Wat was belangrijk voor bedrijven?

Op donderdag 30 april is het Ministerieel Besluit gepubliceerd met de concretisering van de beslissingen die vorige week al door de Nationale Veiligheidsraad werden genomen om in verschillende fases de economie te heropstarten. De raad besliste onder meer dat bedrijven open mogen vanaf 4 mei en winkels vanaf 11 mei. Nog een aantal zaken, waaronder telewerk, social distancing en de generieke gids, werden verduidelijkt.

Afbouwstrategie

1. Fase 1 – a (4 mei)

Voor de bedrijven (uitgezonderd kleinhandel)

Alle bedrijven kunnen medewerkers oproepen als het nodig is, mits de veiligheid gegarandeerd is. Telethuiswerk wordt aanbevolen voor alle personeelsleden wiens functie zich ertoe leent. Maar indien telethuiswerk niet wordt toegepast, nemen de ondernemingen de nodige maatregelen om de maximale naleving van de regels van social distancing te garanderen, in het bijzonder het behoud van een afstand van 1,5 meter tussen elke persoon. 

Als bedrijven niet kunnen voldoen aan de fysieke afstand moeten ze een gelijkwaardig niveau van bescherming bieden. De generieke gids is daarbij een referentiebasis en kan waar nodig inspiratie bieden. Deze gids kan aangevuld worden met richtlijnen op sectoraal en/of ondernemingsniveau, en/of andere passende maatregelen die minstens een gelijkwaardig niveau van bescherming bieden.

Sectoren en werkgevers die hun activiteiten niet hebben onderbroken en die zelf reeds de nodige veiligheidsmaatregelen hebben genomen, kunnen de generieke gids gebruiken als inspiratiebron.

De ondernemingen informeren de werknemers tijdig over de geldende preventiemaatregelen en verstrekken hen een passende opleiding. Ze informeren ook derden tijdig over de geldende preventiemaatregelen.
 

Voor de winkels en de horeca

Daar veranderen de regels niet, behalve voor de stoffenwinkels, die – gezien hun belangrijke rol in de productie van mondmaskers – hun deuren mogen openen. Daarnaast mogen ook de groothandels bestemd voor professionelen openen, maar enkel ten gunste van deze laatste. 

Voor de gezondheidszorg

Geleidelijke en veilige uitbreiding van de toegang tot de algemene en gespecialiseerde gezondheidszorg.

Belangrijk om weten!

Kinderopvang wordt verruimd voor alle ouders die gaan werken en geen andere opvangmogelijkheden hebben. 

Het kleuter, basis- en secundair onderwijs blijven voorzien in opvang van leerlingen op school en in voor- en naschoolse opvang. In die opvang krijgen de leerlingen nieuwe leerstof aangeboden via ‘preteaching’, net zoals hun klasgenoten die thuis zijn.
 
Crèches en onthaalmoeders blijven open zoals voordien. 
 

2. Fase 1 – b (11 mei)

Voor de winkels

Deze fase laat toe dat de winkels allemaal tegelijk weer open kunnen gaan –  zonder discriminatie op basis van grootte of sector – om zo iedereen dezelfde kans op succes te gunnen. Dat zal uiteraard onder voorwaarden gebeuren. Die zullen bepaald worden in overleg met de sectoren en de sociale partners.

Er zijn drie soorten voorwaarden:

  • de organisatie van het werk,
  • de ontvangst van klanten,
  • en het beperken van de toegang tot de winkel, om drukte te vermijden.
  • De uitoefening van zogenaamde contactberoepen (zoals dat van kappers bijvoorbeeld) is in deze fase nog niet toegestaan.

3. Fase 2 (18 mei)

Voor de winkels

Er zal bekeken worden of en onder welke voorwaarden zogenaamde contactberoepen hun activiteit opnieuw zouden kunnen uitoefenen, ook hier onder voorwaarden.

Op vlak van onderwijs

De heropstart van de lessen zal zeer geleidelijk gebeuren vanaf 18 mei. Niet alle leerlingen zullen meteen weer naar school gaan. Elke gemeenschap zal verantwoordelijk zijn voor de uitwerking van deze beslissing op haar eigen grondgebied, in overleg met de onderwijssector.

4. Fase 3 (Ten vroegste vanaf 8 juni)

Vanaf 8 juni zullen meerdere punten bekeken worden. Onder meer de modaliteiten voor de mogelijke en geleidelijke heropening van restaurants en in een latere fase ook cafés, bars en dergelijke. Dit zal in ieder geval onder strikte voorwaarden moeten gebeuren.

 

Voor meer informatie en updates zie ook de coronavirusblog van SD Worx

schema tijdelijke werkloosheid

Stel uw vraag

Hebt u een dringende of praktische vraag over het coronavirus met betrekking tot uw bedrijf of werknemers? U kan terecht bij:

Antwerpen-Waasland
jill.suetens@voka.be

Brusselse metropool
isabelle.meulemeester@voka.be

Limburg
kenneth.stulens@voka.be

Mechelen-Kempen
astrid.vanbever@voka.be

Oost-Vlaanderen
viavoka@voka.be

Vlaams-Brabant
isabelle.meulemeester@voka.be

West-Vlaanderen
daphne.renier@voka.be

Nationaal
infocorona@voka.be

Word Voka lid

Als Voka lid heb je talloze voordelen.

Lid worden
Welt white paper
VZW - De Tijd - Podcast
Gosselin
VZW - IMU - Polestar
VZW - Look&Fin
CRM Group
Made in Vlaams-Brabant
BMW Brussels
DHL
CapitalAtWork
Deloitte
De Ridder
facilicom
ING
Logo Mensura
Proximus
Recrewtment
Rombit_corporate partner
SD  Worx
Tormans
Deloitte Private
pfl
Logo KPMG
Logo Federale Verzekering
Logo Premed
Logo Randstad
Varo
Intervest Offices & Warehouses - Greenhouse