Nieuwe havenverkeersverordening voor Zeebrugge in de maak
Havenvoertuigen zoals terminaltrekkers, opleggers en hijs- en hefwerktuigen zijn door hun bouw, afmetingen of snelheid niet altijd geschikt voor het gewone wegverkeer. Toch gebruiken ze soms de openbare weg tussen terminals en bedrijfsterreinen. Voor dat verkeer is een havenverkeersverordening in de maak.
De basis ligt in het Havendecreet. Op grond daarvan stelt de Vlaamse Regering, op voorstel van Port of Antwerp-Bruges, regels vast voor het verkeer van havenvoertuigen. Binnen het afgebakende havengebied kan zo worden afgeweken van de gewone technische voertuigeisen en verkeersregels. Het nieuwe kader moet de praktijk stroomlijnen en rechtszekerheid bieden. De voertuigen worden ingedeeld volgens hun kenmerken, snelheid en inzet op de weg. Het ontwerp regelt onder meer technische controles, erkenning en identificatie door de havenkapiteinsdienst, documenten en vergunningen, trajecten, afmetingen en massa’s, snelheid, signalisatie en assistentie. Zo moeten de verkeersveiligheid, de integriteit van wegen en kunstwerken én de doorstroming verbeteren.
De Vlaamse Regering keurde het voorontwerp op 17 juli 2026 principieel goed. Daarna werden adviezen gevraagd aan Stad Brugge, de Vlaamse Toezichtcommissie voor de verwerking van persoonsgegevens en de Mobiliteitsraad van Vlaanderen (MORA). De MORA bracht zijn advies uit op 4 september. In het verdere traject volgen de aanmelding bij de Europese Commissie en het advies van de Raad van State. Pas daarna kan de Vlaamse Regering de tekst definitief goedkeuren en publiceren. Het voorontwerp mikt op 1 januari 2027 als datum van inwerkingtreding.
APZI-Voka: steun voor de doelstelling, aandacht voor de praktijk
APZI-Voka ondersteunt de verordening principieel. Een duidelijk en uniform kader moet de verkeersveiligheid, de doorstroming en de gelijke behandeling van ondernemingen verbeteren. De echte toets volgt op het terrein. De regels mogen niet leiden tot buitensporige kosten, wachttijden, stilstand of administratieve rompslomp. Procedures moeten daarom maximaal digitaal verlopen, bestaande gegevens hergebruiken en duidelijke doorlooptijden hanteren.
APZI-Voka vroeg ook om monitoring, evaluatie en bijsturing van bij de start te verankeren. Doorlooptijden en kosten van keuringen, erkenningen en vergunningen, administratieve tijdsbesteding, voertuigstilstand, routebeperkingen en incidenten moeten worden opgevolgd. Na een eerste ervaringsperiode moet de regeling met de betrokken overheden, wegbeheerders en havenondernemingen worden geëvalueerd en waar nodig pragmatisch worden aangepast. De monitoring mag zelf geen nieuwe rapporteringslast veroorzaken. De MORA nam die kernpunten over in zijn advies aan de bevoegde minister. Ook de Mobiliteitsraad vraagt structurele monitoring en evaluatie, ruimte voor bijsturing in overleg met de stakeholders en een beperking van de administratieve en financiële lasten voor havenbedrijven. APZI-Voka volgt het verdere traject op.
Vragen over de havenverkeersverordening? Neem contact op via apzi@voka.be.







