Wat kunnen we leren van onze noorderburen?

07/12/2017 , Stijn Decock - hoofdeconoom Voka - stijn.decock@voka.be

"Waar staat België in vergelijking met onze noorderburen?" Dat is het uitgangspunt van de laatste Voka Paper van 2017. En wat blijkt? Enkel in twee cruciale domeinen moet Vlaanderen niet onderdoen voor Nederland: onderwijs en onderzoek & ontwikkeling. In de Voka Paper analyseert Voka vier domeinen, waarin België een tandje moet bijsteken willen we een voorbeeld nemen aan Nederland. "Als we niets doen, dreigt de concurrentiekloof met Nederland alleen maar groter te worden", zegt Stijn Decock, hoofdeconoom van Voka, in Trends. 

Maar op welke domeinen doet Nederland het dan beter? Het kenniscentrum van Voka zet in de nieuwe Voka Paper de gebreken op een rij. De conclusie: voor overheidsfinanciën, fiscaliteit, arbeidsmarktbeleid en mobiliteit hinkt België achterop.

België - Nederland in welvaartstermenHup holland hup

Nederland werd in de grote recessie harder getroffen dan België. Dat kwam omdat het land tegelijkertijd met een zware huizencrisis en een globale recessie werd geconfronteerd. Maar Nederland greep zwaar in om de problemen aan te pakken. De eerste jaren na de drastische maatregelen was het effect negatief, maar geleidelijk aan kwam er beterschap en betaalde de moeilijke strategie zich terug. Hierdoor staat Nederland er anno 2017 economisch veel beter voor dan België: overschot op de begroting, staatsschuld onder 60% en weinig financiële problemen met de vergrijzing. Niet enkel op economisch vlak scoort Nederland hoger, ook de arbeidsmarkt in België is niet om naar huis te schrijven. Zo heeft België een quasi dubbel zo hoge werkloosheidsgraad dan Nederland. Daarbij kent België ook nog eens extreem grote regionale verschillen in werkloosheidsgraad. Systeemfouten in het Belgisch bestel zorgen ervoor dat de welvaartskloof tussen Vlaanderen en Franstalig België niet kleiner wordt. Terwijl Nederland veel meer een traditie heeft van vooruitziend en transparant besturen. Hierdoor kan nieuwe technologie gemakkelijker ingang vinden (e-commerce).

Nederland heeft fiscale voorsprong

De budgettaire en fiscale uitgangspositie ziet er Nederland veel beter uit dan in België. De Nederlandse begroting sluit dit jaar naar verwachting af met een overschot van 0,7% bbp, de Belgische met een verwacht tekort van 1,5% bbp. Deze rooskleurige budgettaire uitgangspositie laat de Nederlandse regering toe om de volgende jaren een vrij expansief begrotingsbeleid te voeren. Zo dalen de belastingen op inkomen en arbeid tegen het einde van de legislatuur met 7,5 miljard euro. Toch voeren de Nederlandse en de Belgische regeringen al bij al een vrij gelijkaardig beleid. De Nederlanders genieten echter van een ruimere budgettaire marge, waardoor ze grotere stappen kunnen zetten. En dat hebben zij te danken aan het gevoerde beleid in de voorbije beleidsperiodes. Daar kan België een voorbeeld aan nemen.

Hup holland hupAmbitieuze Nederlandse klimaatdoelstellingen

De klimaatdoelstellingen in het nieuwe Nederlandse regeerakkoord klinken ambitieus. Zo wil het mogelijke concurrentienadelen vermijden door met andere, gelijkgestemde landen in Noordwest-Europa afspraken te maken om het beleid op elkaar af te stemmen. Het feit dat de nieuwe Nederlandse regering een ambitieuze klimaatvisie vooropstelt, kan enkel toegejuicht worden. Een goed en slim klimaatbeleid biedt immers kansen voor economische groei en werkgelegenheid. Een klimaatbeleid houdt echter economisch enkel steek als dat geflankeerd wordt door een performant innovatie - en industrieel beleid. Er zal dus innovatie nodig zijn om milieuvriendelijker te produceren en energiezuiniger te werken. In Nederland wordt dan ook resoluut de weg van innovatie gekozen en worden hiervoor middelen vrijgemaakt. Ook in Vlaanderen zullen innovatieroutes voor verdere emissiereducties bij de industrie nodig zijn om de wenselijke CO2-reducties te realiseren. 

Modernisering zorg & arbeidsmarkt

België en Nederland worden allebei geconfronteerd met de uitdagingen van de vergrijzing, het behoud van innovatie, de betaalbaarheid van de zorg en de toenemende arbeidsongeschiktheid. We geven alle twee evenveel uit aan welzijn en zorg. Maar Nederland scoort in het algemeen beter. Zo haalt het jaar na jaar steeds hogere scores op de kwaliteit in de zorgsector. Ook ligt de flexibiliteitsgraad in het gebied van arbeidsmarktbeleid hoger. Zo werkt Nederland verder aan de modernisering van zijn arbeidsmarkt met als motto: 'het minder vasthouden aan vast werk en het minder flexibel maken van flexwerk.' "België kan daar alleen maar een voorbeeld aan nemen", zegt Sonja Teughels, senior adviseur arbeidsmarkt van Voka.

De juiste mobiliteitskeuzes, Nederland wint

Nederland gaat twee miljard extra investeren in mobiliteitsinfrastructuur. De Belgische overheid daarentegen, investeerde de afgelopen jaren nauwelijk 0,6% van het bbp in transportinfrastructuur. Nederland investeerde dubbel zoveel. En gelijk hebben ze, want het werpt hun vruchten af. Zo prijkt Nederland op de derde plaats op vlak van kwaliteit van infrastructuur in de competitiviteitsindex van het World Economic Forum. België staat pas op de 24ste plaats en zakt jaarlijks. 

België zegeviert op onderwijs en onderzoek

We scoren op vier domeinen lager dan onze noorderburen, maar we doen het ook beter op twee belangrijke domeinen. Terwijl er in Nederland al jaren maar matig geïnvesteerd wordt in onderzoek en ontwikkeling, investeert Vlaanderen opmerkelijk veel in de ontwikkeling van nieuwe kennis en innovatie. De belastingen op inkomen en arbeid dalen tegen het einde van de legislatuur met 7,5 miljard euro. Vlaanderen voert al ruim twintig jaar een intens en doortastend wetenschaps- en innovatiebeleid, met veel aandacht voor het wetenschappelijke én het toepassingsgericht onderzoek. De nieuwe Nederlandse regering wilt tegemoet komen aan, maar de investeringen blijven in vergelijking met de Vlaamse plannen eerder aan de zuinige kant. 

Ook onderwijs is een van de domeinen waarvoor Vlaanderen (onderwijs is een regionale bevoegdheid) niet moet onderdoen voor Nederland. In de meest recente PISA-scores haalt Vlaanderen hogere resultaten dan Nederland. Zo scoort de KU Leuven (40) hoger op de Times Higher Education ranking dan de Technische Universiteit Delft (59) en de Universiteit van Amsterdam (63). Ook de onderwijsmismatch voor hoger opgeleiden blijkt vijf jaar na het afstuderen kleiner dan in Nederland. En de nieuwe Nederlandse onderwijsplannen zullen hier geen grote verandering in brengen, want ze klinken minder ambitieus dan het Vlaams regeerakkoord. Toch kan Vlaanderen op sommige vlakken leren van Nederland, wat betreft de meertaligheid van het hoger onderwijs. 

We kunnen concluderen dat Vlaanderen het gidsland is op vlak van onderwijs en onderzoek, maar dat het nog een verre weg te gaan heeft vooraleer het de concurrentie met Nederland kan aangaan. Lees er alles over in de nieuwe Voka Paper: Hup Holland Hup, wat wij kunnen leren van onze noorderburen.