Voka Oost-Vlaanderen schrijft tweede open brief aan ‘Wie morgen Gent wil besturen’

13/09/2018 , Geert.Moerman@voka.be

Over precies een maand zijn het gemeenteraadsverkiezingen. Voka Oost-Vlaanderen heeft de kandidaat-beleidsmensen van Gent alvast een duidelijke boodschap gestuurd: wie werk wil maken van een duurzame stad, zal in de eerste plaats moeten zorgen voor een sterk economisch weefsel en een beleid dat de verzuchtingen van bedrijven ernstig neemt. Voka schreef zijn bekommernissen neer in een tweede open brief aan de beleidsmakers die Gent vanaf 2019 gaan besturen. De brief drukt een gevoel van ontgoocheling uit, want negen maanden na een eerste oproep tot ‘meer ambitie voor Gent’, is er nauwelijks wat veranderd.

#ambitievoorgentVoka Oost-Vlaanderen bindt de kat de bel aan. Tijdens het druk bijgewoonde Vastgoedevent Gent van 13 september, stelde gedelegeerd bestuurder Geert Moerman de inhoud voor van een tweede open brief aan toekomstige beleidsverantwoordelijken: ‘Hoe Gent echt een duurzame stad kan worden en blijven’ (lees hier de integrale versie).

Eind vorig jaar schreef Voka Oost-Vlaanderen een eerste open brief  met als titel “Een beetje ambitie voor Gent, mag dat nog?”. In de tekst gaf Voka aan dat een einde leek gekomen aan een periode van 20 jaar Gentse ambitie en groei. 

 

Economie niet meer prioritair

Geert Moerman: “Het zijn onze leden zelf die aanvoelden dat het Gentse stadsbestuur en de administratie kansrijk ondernemerschap niet meer als een prioriteit stelt in hun beslissingsprocessen. Dat hebben wij negen maanden geleden willen signaleren via onze eerste brief. Jammer genoeg is er sindsdien bitter weinig veranderd. Alleen neemt nu iedereen – ook in beleidsmiddens – wat gemakkelijker het woord ‘ambitie voor Gent’, in de mond.”

Geert Moerman: “Want dat het stadsbestuur tijdens de afgelopen bestuursperiode duidelijke prioriteiten heeft gehanteerd lijdt geen twijfel. Mobiliteit bijvoorbeeld. We hebben tot onze verbazing vastgesteld dat de ingrepen rond het circulatieplan en de parkeerproblematiek werden doorgevoerd zonder inzicht in de mogelijke effecten op het functioneren van ‘runworkers’ en bedrijven die Gent laten bloeien. De nieuwe investeerders op Tech Lane kunnen er van meespreken.”

Voka ergert zich niet aan het duurzaamheidsstreven van het huidige bestuur, wel aan de betuttelende en beteugelende stijl waarmee alles wordt ingevoerd. Geert Moerman: “Bedrijven in Gent hebben zelf oog voor de leefkwaliteit van mensen, benader hen dan als volwassen gesprekspartner.” 

Ook op het domein van de arbeidsmarkt zit Voka met een onvoldaan gevoel. Het Gentse beleid zet werkzoekenden onvoldoende aan om voluit te kandideren voor één van de vele duizenden openstaande, laagdrempelige vacatures. Geert Moerman: “Wij horen te veel over ‘hinderpalen’ als  mobiliteitsarmoede en vermeende discriminatie als excuus om niet volop voor een job te gaan. Beter zou zijn de vele jobkansen in het licht te stellen én de redelijke verwachting om er één van te benutten.

Gent is al geruime tijd dé Belgische hotspot van vernieuwend en jong ondernemerschap. Het aantal initiatieven rond starters en scale ups is niet bij te houden en het stadsbestuur laat niet na om de bijzondere vruchtbare ‘Gentse’ biotoop onder de aandacht te brengen. De aandacht voor de startersscene staat echter haaks op de neiging van stad Gent om stedelijke projecten en initiatieven steevast met eigen medewerkers op te zetten. De vele creatieve, private spelers worden beleefd genegeerd. Geert Moerman: “De stad Gent schijnt de leuze te huldigen ‘Wat we zelf doen, doen we beter’ en telt als gevolg van dit betwistbaar uitgangspunt  beduidend meer ambtenaren dan de andere centrumsteden in Vlaanderen. Wij zijn ervan overtuigd dat de privé-sector vaak innovatiever, efficiënter en aan een betere prijs/kwaliteit verhouding werkt. De stad dient zich ten gronde over haar kerntaken te bezinnen.”

Voka klaagt in de tweede open brief ook nog de vaak afstandelijke en - voor velen ontmoedigende - houding aan van de administratie die bij bedrijfsprojecten eerder obstakels ziet dan mogelijkheden. Een scheut enthousiasme, empathie en oplossingsgerichtheid is nodig.

De factuur is duur

De keuze van de stad Gent voor een do it yourself-aanpak heeft gevolgen voor het financiële plaatje van de stad. De factuur voor een buitenmaats personeelskader is hoog en vormt een rem op investeringen. Zo nemen de exploitatie-uitgaven van Gent jaar na jaar toe, in tegenstelling tot de andere centrumsteden die de uitgaven beter onder controle houden. 

De sleutelvragen 

Voka Oost-Vlaanderen benadrukt helemaal mee te gaan in het breed maatschappelijk streven naar een meer duurzame stad. 

Geert Moerman: “Er is echter een grote maar: duurzaamheid reduceren tot zorg voor luchtkwaliteit, fietspaden en sociale steunmaatregelen is absoluut onvoldoende. Voor ons betekent duurzaamheid: voorwaarden scheppen waarin jonge en gevestigde bedrijven succesvol kunnen zijn en door de lokale overheid daadwerkelijk geholpen worden om te groeien en om jobs en inkomen te creëren. Dat is de fundamentele duurzaamheid zonder dewelke de andere niet mogelijk is.”

Voka besluit de open brief aan de kandidaten voor het volgende stadsbestuur met een aantal fundamentele vragen: zo wil men graag horen welke concrete initiatieven men wenst te nemen om het vertrouwen van investeerders terug te winnen en de administratie een meer probleemoplossende cultuur aan te meten. Voka verwacht dat een al te eenzijdige mobiliteitsfocus op de ‘leefbare binnenstad’ wordt verruimd tot ‘duurzame en afdoende multimodale ontsluiting van bedrijven en activiteitenzones’. Voka peilt naar de bereidheid van kandidaten om tegenover het probleem van (dreigende) armoede vooral jobs als remediëring naar voor te schuiven.