Skip to main content
Vacatio
  • 25/06/2020

Vacatio

Iedere maand opent Jef Wittouck, voorzitter Voka Oost-Vlaanderen, ons magazine Ondernemers met een scherpzinnig voorwoord. 

Elke vergelijking loopt mank maar COVID-19 lijkt toch steeds meer op oorlog. Een drôle de guerre wel, zonder kanonnen, vluchtelingenstromen – waar zijn de transmigranten trouwens gebleven? – honger of ellende. Toch oogt het slagveld vreselijk met bijna 10.000 Belgische coronadoden in nauwelijks drie maanden tijd. Ook op bedrijven slaan de virale granaten hard in. Ons land kent de grootste terugval van economische activiteit in 100 jaar. Alleen in de echte oorlogsjaren 1914 en 1940 was de neergang nog groter.

Toen het openbare leven helemaal op slot ging werd al gauw duidelijk dat ‘leven’ en ‘overleven’ niet alleen een kwestie is van pandemiebestrijding. Een fitte samenleving ademt zuurstof én ondernemerschap. Bij ontstentenis van één van beide gaan mens én maatschappij dood. Het is aan onze politici om die dubbele voorwaarde te bewaken. Dat impliceert dat zij de experten opnieuw in de rol van adviseur plaatsen, niet langer van beleidsverantwoordelijke.

Sinds begin juni ervaren mensen een zweem van ‘bevrijding’, maar geen euforie. De ‘wederopbouw’ wordt lang en taai. Bedrijven verwachten ook in 2021 een vijfde minder omzet te draaien. Ze doen beroep op hun reserves, de kapitaalstructuur verzwakt. Investeringen, innovatie-inspanningen en transformatieprogramma’s gaan het vriesvak in. De effecten op de groei van productiviteit en welvaart laten zich raden.

Binnen Europa kibbelen lidstaten over de aanpak van de economische crisis. De noordelijke logica verschilt van de mediterrane. ‘Responsabilisering’ versus ‘solidariteit’? België neigt steevast naar de Zuid-Europese benadering. Waarom? 

De recent besliste tijdelijke steunmaatregelen van de federale regering – vooral de verlenging van de regeling voor tijdelijke werkloosheid – zijn noodzakelijk maar volstrekt onvoldoende. Er is nood aan structurele ingrepen die de solvabiliteit van onze bedrijven veilig stelt, investeringen stimuleert en ruimte creëert voor een leniger arbeidsorganisatie. Maar corona legt pijnlijk bloot dat de huidige structuren van ons land het onmogelijk maken om een zware crisis effectief te managen. De hulpkonvooien die onze zorg, sociale zekerheid en arbeidsorganisatie tegemoetkomen, rijden zich vast in de Belgische institutionele modder.

Het solvabiliteitsplan van de Vlaamse regering en de vorming van een welvaartsfonds van € 500 miljoen  om vooral beloftevolle start-ups, scale-ups en innovatieve bedrijven te beschermen, is een goed initiatief. Een noodfonds van bijna € 300 miljoen verzacht het grootste leed in de ‘zachte sectoren’. Gemeenten mogen van de Vlaamse overheid even in de rol van Sinterklaas.

Jammer genoeg is economie voor lokale overheden vooral een zaak van horeca en detailhandel. En dus gaat de corona-aandacht naar die sector. In Oost-Vlaanderen verzacht enkel het Gentse stadsbestuur de fiscale factuur voor de sterk getroffen kmo’s en grote bedrijven, de belangrijkste werkverschaffers.

De vakantie komt er aan. Krijgen wij alsnog een stevige federale transformatieregering die snel schakelt van crisisbeheer naar coherent beleid op lange termijn? Een regering die voorkomt dat onzinnige recepturen uit het verleden (zoals brugpensioen op 58) weer worden bovengehaald. Zolang de coronaoorlog duurt en zolang er geen werkbare federale regering in het zadel zit kan de Belgische politiek geen aanspraak maken op zomervakantie. Vakantie, van het Latijn vacatio, betekent immers ‘vrijstelling’. Zoals bekend moet je vrijstelling verdienen.

Jef Wittouck  Jef Wittouck

  Voorzitter Voka - Kamer van Koophandel Oost-Vlaanderen

 

 

Domestic Services
Banque de Luxembourg
Deloitte
ING
Logo Mensura
Proximus
SD  Worx
BovaEnviro+
GutzandGlory
G4S
Soundfield
Jobat