Nuscience en Newtec bekroond tot Factory of the Future door Agoria

31/03/2017 , Marijke Van Gysegem

Hoe ziet een fabriek van de toekomst eruit? Hoe houdt ze productie in eigen land? En vooral: welk type werknemer gedijt in Industrie 4.0? Gastheer Chris Mercier (Nuscience) en Guy De Winne (Newtec) delen hun future proof inzichten. De eerste doet in dierenvoeding, de tweede in satellietcommunicatie. Allebei geloven ze rotsvast in het label ‘made in Belgium’, op voorwaarde dat we ons niet in slaap laten wiegen. “In China lopen ook heel veel slimme mensen rond.”  

Nuscience & Newtec

 

De piepjonge fabriek van de Nuscience Group torent 55 meter uit boven de E40. Een landmark om u tegen te zeggen. Al even opvallend: deze producent van ingrediënten voor diervoeders tekende zelf het ontwerp, in 3D. “We werken in een nichemarkt waardoor bouwbedrijven en studiebureaus veelal niet over de juiste kennis beschikten. Iedereen, van operator tot kaderlid, werd betrokken in het ontwerp en de indeling van de nieuwe fabriek. We startten eind 2013 met de bouw. Verschillende innovaties uit andere sectoren werden inventief in de plant toegepast.” 
De ‘toren’ telt elf verdiepingen en is ingenieus opgebouwd als zogenoemde top-downfabriek, waarbij de grondstoffen worden getransporteerd via een mobiel tracksysteem op verschillende menglijnen. Van boven naar beneden. Automatisering zwaait de plak, operatoren volgen alle trajecten via computerschermen. 
Voor de productie van hun eindproducten maakt Nuscience gebruik van maar liefst 350 grondstoffen. Die vinden allemaal hun weg zonder elkaar te contamineren. “Ons eerste doel was veiligheid en kwaliteit en nu streven we naar operational excellence. Een goeie fabriek is altijd in beweging.” 

 

Nuscience bouwde in 2015 ook een fabriek in China, maar haar nieuw vlaggenschip staat wel in Gent. Is de grond er zo vruchtbaar om te ondernemen?


Chris Mercier: “Gent heeft voor onze sector een fantastische universiteit, net als Wageningen. Dit is dus een mekka voor instroom van goeie medewerkers. Naar China ‘exporteren’ we een kennismodule, waarin een deel knowhow zit, maar de echte kennis blijft hier. Landen als Japan of Thailand hebben veel vertrouwen in West-Europa. Gezien de aanwezigheid van onze R&D-afdeling hier is het ook de enige locatie waar de kok (R&D) vlak bij de keuken (productie) kan zitten. De havens van Gent en Antwerpen liggen in onze achtertuin, dat maakt exporteren bijzonder interessant. Het is interessanter om vanuit de haven van Antwerpen Noord-Afrika te beleveren dan vanuit Madrid. Bovendien zijn sommige grondstoffen hier goedkoper dan in het buitenland. We zitten in het logistieke hart van Europa, enkel de verkeerscongestie moet echt aangepakt worden. Onze containers gaan allemaal via de binnenvaart naar de havens van Gent en Antwerpen. Waterwegen & Zeekanaal heeft goed werk geleverd.”

Guy De Winne: “Wij stimuleren ook dat West-Europees kwaliteitsgevoel. Als we een grote deal moeten afsluiten, laten we onze potentiële klant in onze fabriek passeren. Dan is hij meestal gerustgesteld en zal hij sneller een bestelling plaatsen.”

 

Af en toe lees je dat er productie terugkeert uit het Verre Oosten, zeker voor nicheproducten met kleinere reeksen?


Chris: “Ik ken bedrijven die alles uitbesteed hadden in functie van de loonkosten, maar daar toch deels op terugkomen. Maar laat ons eerlijk zijn: in China lopen ook ongelooflijk veel slimme mensen rond (Chris wierf zelf Chinezen aan voor hun fabriek in China, sdk) en er wordt daar ook enorm geïnnoveerd. Onze voorsprong op vlak van R&D wordt steeds kleiner. En alles wat we hier ontwikkelen, wordt heel snel gekopieerd.”
Guy: “Wij zijn altijd in België gebleven omdat we productie en engineering dicht bij elkaar willen hebben en zo heel snel kunnen reageren op vragen van de klant.” 

 

Een fabriek van de toekomst speelt inderdaad snel en flexibel in op de vragen van de klant, beschikt over een hoogtechnologisch productieapparaat en mikt op producten met een hoge toegevoegde waarde. Wat maakt jullie bedrijven tot fabrieken van de toekomst?

 
Guy De Winne: “Ruim vooraleer Agoria rond dat concept begon te werken, waren we daar onbewust al mee bezig. In 2009 begonnen we actief te communiceren met onze medewerkers over verandering. Ik gebruik graag de metafoor van het surfen: als je op een golf zit, moet je je ook continu aanpassen aan die golf, of hij slokt je op. Wij moeten ons aanpassen aan de kleine en grote veranderingen rondom ons. Bij een fabriek van de toekomst zit die wendbaarheid in de genen.” 
 

 

TEKST: SAM DE KEGEL
FOTO’S: GERT SWILLENS

 

Lees het volledige coververhaal in het aprilnummer van ons magazine Ondernemers in Oost-Vlaanderen. Voka-lid? Ontdek hier de digitale editie.

 

Ondernemers april 2017

 

 

Adverteren in ons magazine Ondernemers? Vraag Barbara Vuylsteke (09 266 15 72 - 0474 84 31 79) naar de aantrekkelijke voorwaarden.