Skip to main content
Mitch De Geest
  • 06/05/2020

Industriële 5G van Citymesh

Citymesh heeft een eigen  stuk spectrum om onafhankelijk van de grote operatoren draadloze netwerken te bouwen. En net op die frequentie wordt straks 5G uitgerold. Is dat dan een geluk of een ongeluk? Wat straks bij de 5G-veiling? We vroegen het aan Citymesh-CEO Mitch De Geest.

Wat wij doen is telecomleemtes vullen

CEO Mitch De Geest

Een eigen frequentie aanvragen bij het Belgisch Instituut voor Postdiensten en Telecommunicatie (BIPT) … Waarom doe je dat? 

Mitch De Geest: “Daarvoor moet je kort de geschiedenis van het bedrijf kennen. Ons startidee in 2007-08 was om in steden grote draadloze mesh-netwerken te bouwen. Vandaar ook onze naam Citymesh. Mesh-technologie verbindt alle punten in een netwerk, zodat alle gekoppelde devices onderling met elkaar kunnen spreken en een stabiele en snelle verbinding hebben. Al in 2008 dachten we aan mobiele camera’s, aan sensoren die de luchtkwaliteit meten, aan parkingmanagement, allemaal zaken die op zo’n netwerk zouden kunnen. We wilden een smart city avant la lettre. Maar we kwamen veel te vroeg. Nobody cared. Wat wel aansloeg was ons Wi-Fi-verhaal, dat toen in 2008 al een hype was. En nog steeds is. Begin 2007 kwam de eerste iPhone op de markt. Plots moest er veel Wi-Fi zijn …”

Hoe zijn jullie dan doorgegroeid? 

“We zijn grote vakantieparken en expo-venues van Wi-Fi gaan voorzien. Vanaf 2010 wilden ook meer en meer steden city-Wi-Fi, zowel outdoor als indoor. Omwille van onze ervaring met de uitrol van grootschalige Wi-Fi, wonnen we daar aanbestedingen van Telenet en vooral Proximus. Onze software kan data verzamelen over de mensen- en verkeersstromen in een stad, waar mensen verblijven, over de hotspots in een stad, …. Met die data kan een stad tot nieuwe inzichten komen. We proberen altijd in een telecomleemte te springen. Onze focus ligt op de markten die klassieke operatoren ofwel te moeilijk of te klein vinden. Intussen hebben we zo een 70-tal steden uitgerust, en bijvoorbeeld ook de treinstations van de NMBS.”

Wanneer is de behoefte aan de eigen frequentie gegroeid? 

“Bij elk city-Wi-Fi-netwerk kregen we met hetzelfde probleem te maken. Elk mesh-knooppunt heeft kabelverbinding nodig met het internet, en die kabelverbinding moesten we telkens gaan vragen bij Telenet of Proximus, dus net onze concurrenten in de aanbesteding. Dat liep niet zo vlot. In 2015 zijn we gaan aankloppen bij het BIPT en hebben we onze eigen frequentie aangekocht. Zo waren die grondkabels niet meer nodig. Door een paar eigen zenders te plaatsen, konden we alle acces points draadloos verbinden. Toen was geen enkele van de grote operatoren geïnteresseerd in het spectrum dat het BIPT ons aanbood. Hoewel er toen wel al studies waren die in dit  spectrum een grote kans gaven om de primaire 5G-frequentie voor Europa te worden. We waren toen nog klein, met een twintigtal mensen. Zo’n eigen frequentie betekende een serieuze investering. Eigenlijk was het een beredeneerde gok. We konden ze al meteen inzetten voor eigen gebruik, maar dachten ook wel dat het potentieel interessant zou kunnen worden. In 2017 heeft Europa dan effectief de 3,5GHz-band, onze frequentie dus, als 5G-spectrum aangeduid.”

Was dat voor jullie een reden om te gaan feesten? 

“Nee … omdat we wisten dat er nog een lange weg voor ons lag. Het is niet omdat Europa onze frequentie tot 5G-spectrum benoemt, dat er plots ook techniek is om daar iets mee te gaan doen. Pas na die Europese keuze zijn de grote telecomjongens, Huawei, ZTE, Ericsson en Nokia, technologie beginnen produceren. Wij zijn met iedereen gaan praten en eind 2018 hebben we dan met Nokia een overeenkomst getekend om de Nokia-basisstations, 5G-masten, te verdelen voor de Belgische industriële 5G-markt. Dat zijn industriële sites, havens, luchthavens, ….”

Hoe onderscheiden jullie projecten zich? 

“Of het nu om Brussels Airport gaat, of de Haven van Zeebrugge of een logistiek centrum… iedereen wil een zeer betrouwbaar draadloos netwerk. Je krijgt steeds meer mobiele scanningssystemen, kranen die op afstand worden aangestuurd, autonome voertuigen die rondrijden en met elkaar zijn geconnecteerd, … Flink wat industriële omgevingen lopen vandaag tegen de limieten aan van wat hun Wi-Fi-netwerk aankan, maar tegelijk heeft men weinig zin om de interne processen te koppelen aan een publiek 4G- of 5G-netwerk. Zo’n publiek netwerk heeft limieten. Het kan bijvoorbeeld overbelast raken. Onze sweetspot is dat we met onze private 5G de voordelen van een privaat Wi-Fi-netwerk leveren en ook de voordelen van een publiek gsm-netwerk, zonder dat we de nadelen ervan ondervinden.”

Wat houdt jullie project bij Brussels Airport in?

“Bij Brussels Airport heeft men de limieten van het publieke netwerk heel sterk ervaren bij de aanslagen van 2016. Ze konden toen intern niemand bereiken omdat het publieke netwerk overladen was. Brussels Airport wil dus een eigen netwerk, waar ze zelf bepalen wie er toegang heeft en wat daarop gebeurt. Voor Brussels Airport was de keuze voor een privaat 5G-netwerk snel gemaakt. Een luchthaven is te uitgestrekt om zo’n privaat netwerk via Wi-Fi te laten lopen, plus de bedrijfszekerheid en betrouwbaarheid van Wi-Fi zijn nu éénmaal lager dan wat een 5G-netwerk kan bieden.” 

Hoe bedoel je? 

“Iedereen mag met Wi-Fi werken, en dat maakt het storingsgevoelig. Wi-Fi kan geen 99,99% up-time waarborgen. Als je bedrijfskritieke processen op een netwerk ent, wil je wel een up-time die zo hoog mogelijk is.”  

Wat zijn jullie toekomstplannen?

“Iedereen vindt het leuk om sneller te kunnen surfen, maar de echte waarde van 5G situeert zich in de industrie, in het IoT waar allerlei apparaten met elkaar gaan praten, in slimme autonome mobiliteit, in sectoroverschrijdende bedrijfsmodellen, … We hebben de ambitie om de operator te zijn voor de industrie. Dat kunnen we al deels via onze 5G-licentie. We hebben ook de ambitie – en dat is geen geheim – om nog een stuk extra licentie aan te kopen.

“We voelen nu reeds met zijn allen dat we in een nieuwe realiteit gaan terechtkomen. Meer dan ooit is digitaal het nieuwe normaal, flexibiliteit in hoe en van waar we werken is key, en daarom moeten we altijd en overal geconnecteerd zijn.” 

“Maar niet enkel wijzelf, ook de technologieën die in de nasleep van deze crisis zullen worden ingezet, zoals bij zonering van stranden, voor telling van personen, in kaart brengen van afstand ten opzichte van mekaar, gates met temperatuurmeting, camera's die overzicht geven, zullen moeten verbonden zijn en de gegevens zullen gevisualiseerd worden naar verschillende belanghebbenden.”
 
“Dit sluit zeer hard aan bij onze bestaande oplossingen en toekomstvisie. Flexibele, gegarandeerde, draadloze connectiviteit, die een snelle en efficiënte inzet van deze technologieën mogelijk maakt, en doordat het private netwerken zijn wordt ook de privacy en security van die data gewaarborgd. Hiervan mogen we het belang niet onderschatten wanneer er gegevens verzameld en gevisualiseerd worden.”

Straks komt er een 5G-veiling. Brengt die voor jullie iets in het gedrang?

“Voor elk mogelijk uitkomstscenario hebben we een back-up plan klaar, zodat we op lange termijn onze diensten kunnen verzekeren. We zijn de enige die op vandaag in de 5G-band een licentie hebben, en die licentie loopt nog tot 6 mei 2025. Proximus, Telenet en Orange moeten wachten tot de veiling om een langetermijnlicentie te verwerven, maar kregen van het BIPT nu al een tijdelijke licentie. Voor ons wordt er een stukje voorbehouden, omdat we bestaande licentiehouder zijn, dus we zullen sowieso onze licentie kunnen verlengen.”  

We wilden een smart city avant la lettre. Maar we kwamen veel te vroeg met dat idee. Nobody cared.

VZW - De Tijd - Podcast
VZW - IMU - Polestar
VZW - Look&Fin
ING
SD  Worx