Skip to main content
Geert Moerman twittert
  • 10/03/2020

Geert Moerman twittert

Op Twitter deelt Geert Moerman kort en krachtig zijn visie op ondernemerschap, economie, politiek en het leven zoals het is. U kan hem volgen onder de twitternaam @Geert_D8. In Ondernemers geeft hij maandelijks een uitgebreidere commentaar bij enkele opvallende tweets.

Winkelhieren in Oeganda

Kort nadat winkelhieren tot woord van het jaar was gekozen, vertrokken we op reis naar Oeganda. Op zich ben ik het winkelhieren-woord niet echt genegen, daarvoor heeft het woord een te ruige keelklank en een ietwat bekrompen en gebiedende toon, niet echt mijn stijl. Maar hoe langer we in Oeganda waren, hoe meer het woord in mijn hoofd opdook. Eigenlijk bestaat er in Oeganda bijna niets anders dan winkelhieren eens je buiten de hoofdstad Kampala bent. Misschien is één van de grote problemen net dat de mensen niet loskomen van winkelhieren en dus in relatieve armoede blijven voortploeteren. Ik veronderstel hierbij dat met winkelhieren niet alleen bedoeld wordt dat plaatselijke handelaren producten van overal in de wereld (met een hogere marge) verkopen, maar dat gans de productieketen en liefst zelfs de grondstoffen lokaal zijn. De korte keten, dus. Als je deze extensieve definitie van winkelhieren neemt, staat Oeganda hierin ongelooflijk ver, bijna alles wordt lokaal als grondstof gevonden, geproduceerd en verkocht. En toch is het bij de armste landen ter wereld met plaats 163 op 180 landen op de IMF-lijst naar BBP per hoofd van de bevolking.Winkelhieren in Oeganda

Oeganda, de parel van Afrika volgens Winston Churchill, en daar valt veel voor te zeggen. Prachtige regenwouden - waar we de onovertroffen berggorilla’s zagen -, eindeloze savannes, de Nijl die hier indrukwekkend mooi is, nog aan het begin van haar 6000 kilometer lange loop naar de monding in de Middellandse Zee. Een vruchtbaar gebied met regelmatig regen, klaterende rivieren, grote meren en een ideaal klimaat dat gans het jaar 25 à 30°C bedraagt. En toch zijn de meeste mensen arm, niet ondervoed maar echt arm qua behuizing, geen stromend water, geen elektriciteit, geen treffelijk schoeisel, geen machines om het land te bewerken,... Alles gebeurt nog manueel. Het land wordt met een schoffel bewerkt (die ze in een roterende beweging over het hoofd met volle kracht neerplanten), water wordt met jerrycans op het hoofd uit een soms veraf gelegen bron of riviertje gehaald, dikwijls door kinderen van amper zes jaar oud. Men sprokkelt hout dat in bussels op het hoofd naar huis wordt gebracht, zo stookt men een vuurtje om te koken. De bevolking woont hier voor het merendeel in kleine lemen één-kamerhuizen waarvoor de plaatselijke rode aarde gebruikt wordt. Het dak is van papyrusriet of golfplaten. Dat laatste is geen product van hier, inderdaad.

Elk huis heeft enkele geiten en kippen vrij rondlopen, soms ook een varkentje of enkele koeien, die -alweer door kinderen- worden gehoed. Kinderen werken hier van jongsaf aan mee om het huishouden rond te krijgen. Als je weet dat de helft van de bevolking minder dan 15 jaar oud is, is dit ook niet onlogisch. De bevolking ging van 5 miljoen inwoners in 1950, naar 10 miljoen in 1975, 25 miljoen in 2000 en 40 miljoen inwoners nu. Verbluffend: men verwacht dat dit land in 2040 maar liefst 100 miljoen inwoners zal tellen! Als je weet dat de meeste gezinnen meer dan 5 kinderen hebben en meisjes voor de eerste keer zwanger worden tussen hun 15e en hun 20e, is dit met zekerheid de realiteit. De klassen van de lagere school tellen door deze bevolkingsexplosie nu al meer dan 100 kinderen voor 1 leraar, het onderwijsniveau is betwistbaar, schoolplicht een interpreteerbaar gegeven. Het land kent wel relatieve rust en stabiliteit na de bloedige jaren 70 (van 1971 tot 1979 heerste dictator Idi Amin) en 80, toen honderdduizenden mensen werden vermoord en er hongersnood heerste. De uitdaging voor de komende decennia zal zijn om de vrede te bewaren (de 75-jarige Museveni die al sinds 1986 aan de macht is, zal toch eens het presidentschap moeten loslaten) en vooral: hoe 100 miljoen monden voeden?

Zo kom ik terug naar het woord winkelhieren, en dan heb ik het niet over de marketingcampagne in ons land om het online aankoopgedrag wat in te tomen en onze lokale, fysieke winkels te ondersteunen. Als je dit concept in zijn absolute termen neemt in de betekenis dat je lokaal verkoopt wat je lokaal produceert, dan is Oeganda het schoolvoorbeeld van winkelhieren. Op zich heeft dit concept van zelfvoorziening gezorgd voor een bevolking die wellicht niet ondervoed is, maar grotendeels op basis van kleinschalige landbouwactiviteiten is blijven functioneren. Oegandezen werken wel hard maar weinig efficiënt, omdat men in eerste instantie de eigen onmiddellijke voedselvoorziening voorop stelt. Men produceert dus te weinig om te verhandelen, men specialiseert te weinig. Wat me tegen de borst stootte tijdens mijn reis in Oeganda, is dat winkelhieren wellicht een leuk ideetje is in ons kleine Vlaanderen, maar in zijn absolute termen een terugkeer naar bij ons lang vervlogen tijden waar men problemen en oplossingen vooral heel plaatselijk ziet. Oeganda zal in elk geval nog een ganse cyclus moeten doorlopen om 100 miljoen monden te voeden, ik vermoed dat dit met hoofdzakelijk lokale productie en verkoop niet zal lukken, zeker als je daarbij de mensen ook een hogere levensstandaard wil gunnen. Vlaanderen is rijk geworden door te exporteren, niet door te handelen rond de kerktoren.

Contactpersoon

Geert Moerman

Gedelegeerd bestuurder

Domestic Services
Banque de Luxembourg
Deloitte
ING
Logo Mensura
Proximus
SD  Worx
BovaEnviro+
G4S
Soundfield
Jobat