Skip to main content
  • Nieuws
  • Een draagvlak voor ruimtelijke ordening

Een draagvlak voor ruimtelijke ordening

  • 31/05/2017

De Vlaamse regering heeft een sterk staaltje van ‘vooruit-achteruit’ geleverd met de zogenaamde ‘boskaart’, die zonevreemde waardevolle bossen zou moeten beschermen. Eerst werd die boskaart overhaast gelanceerd en daarna werd ze even snel weer ingetrokken. Daardoor is onduidelijkheid troef waar we naartoe willen met die bossen: geeft de Vlaamse regering het signaal dat men zo snel mogelijk die zones moet benutten ‘nu het nog kan’? Wanneer en hoe gaat men de boskaart aanpassen, wat zal de inspraak zijn die de betrokkenen daarbij hebben, wanneer wordt de nieuwe boskaart dan van kracht?...

Het mangelt vooral aan uitvoering, en dit leidt dan tot onbegrip en kortsluiting.

  • Ondanks de onduidelijkheid die nu is gecreëerd, blijven zonevreemde waardevolle bossen tot nader order beschermd.
  • Draagvlak creëren, dat betekent: betrokkenen tijdig betrekken bij de besluitvorming.
  • In wel meer dossiers van ruimtelijke ordening is de visie OK, maar mangelt het aan uitvoering.

Voor alle duidelijkheid: zonevreemde waardevolle bossen blijven tot nader order beschermd volgens de huidige regels inzake ruimtelijke ordening en het bosdecreet; de boskaart wou daar enkel nog een extra bescherming aan toevoegen en een duidelijke richting aangeven voor de toekomst. Er is al jaren gewerkt aan duidelijke criteria van waarom en hoe men de schaarse bossen wil beschermen. Maar het mangelt vooral aan uitvoering en dit leidt dan tot onbegrip en kortsluiting: men moet de te beschermen bossen correct identificeren en afbakenen, men moet de betrokkenen hierbij tijdig betrekken, hen informeren over de implicaties, wat ze nog wel en niet meer mogen doen nu en in de toekomst, etc… Enkel zo kan men een draagvlak bouwen en de visie inzake ruimtelijke ordening op het terrein realiseren: wie zich benadeeld weet door een beslissing, zal zich dan toch minstens correct behandeld voelen.

Jammer genoeg moeten we in meerdere dossiers van ruimtelijke ordening vaststellen dat de visie wel consistent is, maar niet goed wordt uitgevoerd op het terrein. Zo is de omgevingsvergunning sinds begin dit jaar eindelijk van kracht. Voka heeft 20 jaar gepleit om de bouw- en milieuvergunning te fusioneren voor grotere projecten, zodat die correct kunnen worden vergund. We zijn nu zover, maar al maanden blijkt het digitale omgevingsloket niet te werken, zodat je de nieuwe omgevingsvergunning niet elektronisch kan aanvragen en de vergunningsaanvragen stokken. Door die achteruitgang op het terrein wordt de omgevingsvergunning in vraag gesteld, terwijl die op zich een vooruitgang is. Idem voor het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen: de visie inzake verdichting van economische activiteit daarin is goed, maar door het debat te verengen tot een beton- of verhardingsstop jaagt men iedereen op de kast en wordt een correcte uitvoering ervan moeilijk. Men moet zijn visie en zijn plan toelichten, elke actor de implicaties ervan laten verwerken en bijsturen na inspraak. Enkel zo kan men komen tot een gedragen uitvoering van het plan.

We roepen de Vlaamse regering dan ook op om meer draagvlak te bouwen inzake ruimtelijke ordening: de visie en de plannen kunnen niet top down opgelegd worden, maar moeten bottom-up gedragen worden. Dit kan enkel door inspraak en uitvoering op het terrein goed te organiseren, zodat iedereen tijdig weet waar men concreet aan toe is. Zo kunnen we natuur, economie, wonen en ontspanning met elkaar verzoenen.

Contactpersoon

Niko Demeester

Secretaris-Generaal

IMU - Sport Vlaanderen
VZW_IMU_GROUPS
IMU - Altez 0110
ING
SD  Worx