Dertien buurbedrijven zoeken samen naar mobiliteitsoplossingen

24/08/2017

dertien bedrijven

Elke onderneming wordt geconfronteerd met een aanzwellend mobiliteitsprobleem. De ligging van het bedrijf blijkt meer dan ooit cruciaal te zijn. De onvoorspelbaarheid van woon-werkverplaatsing en het verlies aan privétijd in de file doen werknemers steeds vaker afhaken. Ondernemers zoeken daarom nog harder naar oplossingen. Maar wat kan u doen als uw bedrijf in een filegevoelige zone ligt én op een groot bedrijventerrein zonder openbaar vervoer? Een hand reiken naar uw buurbedrijven en samen naar oplossingen zoeken. En zo ontstaan nieuwe inzichten en een lerend netwerk. Onze Kamer faciliteerde zo’n proces.

Vlaamse bedrijventerreinen worden beperkt ontsloten door het openbaar vervoer. Vaak wordt enkel de toegang tot een bedrijventerrein bediend. Geen goede oplossing als een bedrijventerrein zich over 25 km uitstrekt. Als dan uw onderneming ook nog op een locatie ligt die vanuit alle hoeken zelden zonder file bereikbaar is, lijken de mogelijkheden voor alternatief woon-werkverkeer bijzonder beperkt. Maar ondernemers zouden geen ondernemers zijn, als ze dat als een voldongen feit zouden beschouwen. Dertien buurbedrijven langs de Scheldelaan in de Antwerpse haven merkten dat ze met net dezelfde problemen kampten en startten een proces om samen te zoeken naar oplossingen.

Bedrijfsoverstijgende mobiliteitsanalyse

Onze Kamer besloot de bekommernissen van de bedrijven projectmatig aan te pakken. Onze manager Industrie pakte het dossier op in de stuurgroep van het Platform Industrie en besprak met de CEO’s een gemeenschappelijke aanpak. Vervolgens zetten we onze mobiliteits- en bereikbaarheidsmanager in om met de dertien bedrijven tot een consensus te komen over het te volgen mobiliteitstraject. De bedrijven beslisten om een mobiliteitsanalyse uit te voeren met drie pijlers: een bedrijfsindividuele analyse, een bedrijfsoverstijgende analyse en een personeelsbevraging.

Voor het uitwerken van de drie studieonderdelen deed onze Kamer beroep op het Provinciaal Mobiliteitspunt (PMP) van de provincie Antwerpen. De dienst heeft ruime expertise ter zake en was bereid een zeer gerichte en gedetailleerde aanpak op maat uit te voeren.

10.000 verplaatsingen tellen

Het PMP bestudeerde de woon-werkgegevens van meer dan 10.000 werknemers die elke dag naar de rechteroever van de Antwerpse haven pendelen. Het huidige verplaatsingspatroon van alle personeelsleden van de dertien betrokken bedrijven werd in kaart gebracht. Vervolgens ging het PMP aan de slag met het berekenen van alternatieven. De bedrijfsoverstijgende analyse bleek meteen een belangrijk reflectie-instrument.

De data gaven aan welke pistes de buurbedrijven kunnen bewandelen om samen de bereikbaarheid te verbeteren. Er kwamen nieuwe inzichten rond het inzetten van collectief vervoer en andere deelsystemen.

Concreet en constructief in debat

De studie wordt ook een hefboom om met infrastructuurbeheerders en bevoegde overheden in gesprek te gaan. De studie toont aan dat er nog meer kansen voor fietsverplaatsingen en collectief vervoer mogelijk zijn. Maar fietspotentieel kan pas duurzaam worden omgezet als de infrastructuur voldoende veilig is of de oeververbindingen vlot worden georganiseerd. Collectief vervoer heeft pas meer kans als het zich filevrij over vrije busbanen kan verplaatsen. En openbaar vervoer wordt pas een optie als de verbinding tussen de afstapplaats en het bedrijf beter aansluit.

Verder dan het buikgevoel

Mobiliteitsoplossingen stranden vaak in boutades of vooroordelen. Maar ook droge kwantitatieve analyses gaan voorbij aan praktische obstakels. Daarom vroegen de ondernemingen aan het PMP om ook een enquête uit te voeren bij het personeel om een beeld te krijgen van welke mobiliteitsobstakels zij ervaren en wat hen zou kunnen overtuigen om anders naar het werk te komen.

In juli en augustus bezocht het PMP alle bedrijven individueel om ook een bedrijfsgebonden analyse toe te lichten. De individuele mobiscans geven de deelnemende werkgevers inzicht in hun eigen situatie. Ze krijgen een advies op maat voor hun organisatie. Zo kan elk bedrijf ook individueel met de resultaten aan de slag en op eigen tempo bedrijfseigen maatregelen uitwerken.

Uitbreidende olievlek

De positieve ervaring van de bedrijven en de samenwerking met het PMP zette onze Kamer aan om in het najaar een soortgelijke oefening op te starten voor een vijftiental werkgevers in het Zwijndrechtse havengebied.

Lerend netwerk

Naast het studiewerk, bouwden de ondernemingen verder aan hun expertise. De Werkgroep Mobiliteitsvisie van het Platform Industrie werd een inspireren lerend netwerk. Bedrijfsleiders en hr-managers wisselden praktische ervaringen uit. Onze Kamer nodigde ervaringsdeskundige bedrijven uit die een fietsleaseproject startten, thuiswerken succesvol implementeerden, hun medewerkers aan het carpoolen kregen, … De kennis werd met de buurbedrijven gedeeld.

Het Provinciaal Mobiliteitspunt brengt expertise binnen

Onze Kamer vervulde haar rol als netwerkorganisatie om de bedrijven samen op onderzoek te laten gaan. De expertise voor de studie werd binnengebracht door het Provinciaal Mobiliteitspunt (PMP). ‘Het Provinciaal Mobiliteitspunt begeleidt meer dan 120 werkgevers per jaar. Met mobiliteitsadvies op maat bieden we efficiënte en haalbare oplossingen die het woon-werkverkeer vlotter en duurzamer maken’, zegt Luk Lemmens, gedeputeerde voor Mobiliteit van de provincie Antwerpen. ‘Deze operatie, een meta-analyse van dertien bedrijven, is voor het PMP een unieke onderneming. Dankzij de goede samenwerking met Voka – Kamer van Koophandel Antwerpen-Waasland hebben we het verplaatsingsgedrag van meer dan 10.000 werknemers in kaart kunnen brengen. En zijn we op zoek kunnen gaan naar oplossingen die een verschil kunnen maken op deze schaal.’ Luk Lemmens ziet mogelijkheden voor de toekomst. ‘Het was een uitdaging om op deze schaal te werken, maar een betere mobiliteit voor het havengebied maakt deze investering meer dan de moeite waard.’ Het project bracht inzichten, ook procesmatig. ‘Voor ons was dit een leerrijke oefening om niet alleen op bedrijfsniveau, maar ook op de schaal van bedrijventerreinen en regio’s te werk te gaan.’

 

Bekijk de Kerncijfers

 

De dertien deelnemende bedrijven (vestigingen langs de Scheldelaan in Antwerpen):

Total

Exxon Mobil

Engie Fabricom

Covestro

Lanxess

Evonik

Monsanto

Ineos Manufacturing

Inovyn

Gunvor

EuroChem

Ineos Styrolution

BASF