Skip to main content
Talent

Werkplekleren en individuele beroepsopleiding

Men tracht het profiel van werklozen te veranderen. Daarbij is er nood aan instrumenten voor werkplekleren. In het Vlaams activeringsbeleid vindt men deze instrumenten terug, waaronder de individuele beroepsopleiding (IBO).

De Vlaamse Regering keurde op 6 juli 2018 een reeks hervormingen goed die het werkplekleren en de individuele beroepsopleiding (IBO) in het bijzonder wijzigen. De huidige krapte en mismatch vragen meer en meer om werkplekleren waarbij werkzoekenden ervaring en competenties verwerven in een werkomgeving. Met de hervorming wordt het aanbod aan instrumenten herschikt, versoepeld en vooral vereenvoudigd. De huidige complexiteit - zeker in de IBO - leidt er immers toe dat het te lang duurt vooraleer werkgever en cursist kunnen starten en duidelijk is wat eenieder krijgt of betaalt.

De doelstellingen van de hervormingen zijn:

  • garanderen van kosteloosheid van de opleiding voor de cursist;
  • ervoor zorgen dat partners van VDAB de instrumenten kunnen inzetten bij ondernemingen; 
  • administratieve vereenvoudiging om zodoende drempels weg te nemen

Twee essentiële elementen zijn met de hervorming gewijzigd. De vergoedingen en de te betalen premies binnen de IBO enerzijds, de cursistenvergoedingen anderzijds

Werkplekleren IBO

1. De individuele beroepsopleiding

De IBO is een opleiding volgens opleidingsplan waarbij de werkzoekende cursist opgeleid wordt op de werkvloer door de werkgever. Alle ondernemingen uit de private of openbare sector komen in aanmerking met exploitatiezetel in Vlaanderen of Brussels Hoofdstedelijk Gewest. De duurtijd van de IBO hangt af van de competentiekloof ten aanzien van de job en is in principe tussen de 4 en de 24 weken. Na de IBO is de werkgever verplicht de cursist aan te werven met een arbeidsovereenkomst minimaal gelijk aan de duur van de opleiding (bijvoorbeeld 4 maanden opleiding, minimaal 4 maanden tewerkstelling).

1.1. Wat is het probleem?

De IBO is al jaren succesvol maar stagneert de laatste jaren op ongeveer 20.000 cursisten per jaar ondanks de toenemende vraag naar ervaring en scholing in een krappe arbeidsmarkt. Diverse problemen liggen aan de grondslag van de hervorming.

  • De te betalen premies door werkgevers en de vergoedingen voor cursisten zijn zeer ingewikkeld. De IBO gaat uit van een standaard uitkeringsgerechtigde werkloze die tijdens de opleiding zijn uitkering behoudt en waarboven de werkgever gradueel het verschil bijlegt tussen uitkering en toekomstig loon. Gaandeweg bereikt VDAB meer en meer a-typische werklozen zoals mensen die nog geen recht op een uitkering hebben en dus zonder inkomen zitten, maar ook mensen die instromen vanuit leefloon of ziekte en invaliditeit (riziv).
  • De vertrekbasis voor de berekening van de premies die de werkgever betaalt is in principe de werkloosheidsuitkering maar deze kent degressiviteit en/of wijzigt via de gezinssamenstelling (bijvoorbeeld niet langer kinderen ten laste). Telkens de uitkering wijzigt, moeten de premies terug herbekeken worden.
  • Het doel was steeds om tijdens de opleiding het inkomen van de cursist geleidelijk aan te laten toenemen tot het niveau van het loon bij aanwerving maar in de realiteit gebeurt het wel eens dat cursisten meer inkomen hebben tijdens de opleiding dan na de aanwerving.

De complexiteit en de realiteit van de arbeidsmarkt met meer en meer a-typische werklozen, leidde er toe dat het te lang duurde vooraleer cursisten daadwerkelijk konden starten en maakt het onmogelijk om partners in te schakelen op het terrein.

1.2. Hervorming IBO-vergoeding

Bij de hervorming van de vergoedingen werd uitgegaan van een aantal belangrijk uitgangspunten:

  • De IBO is een opleidingsmaatregel, geen tewerkstellingsstimulans. 
  • De IBO moet kosteloos zijn voor de cursist - De opstart van een IBO moet sneller. 
  • Eenvoud en transparantie voor de betrokken partijen in wat ze krijgen of betalen.
  • Meer kwalitatieve begeleiding en opvolging van de IBO’s op het terrein door VDAB. 
  • Het inkomen tijdens de opleiding mag niet hoger liggen dan na de aanwerving.
  • De hervorming mag niet leiden tot een kostenverhoging voor de werkgevers. 

Voortaan wordt er tijdens de opleiding gestreefd naar minimaal 80% van het gewaarborgd gemiddeld minimum maandinkomen (GGMMI) voor elke cursist, ongeacht zijn statuut. De cursist ontvang dus niet langer een premie in functie van zijn toekomstig loon, wel in functie van zijn huidig vervangingsinkomen. Al naargelang de cursist een hoog, gemiddeld of lage uitkering heeft, ontvang hij respectievelijk een lage, gemiddelde of hoge premie van VDAB. In geval hij zonder uitkering is (bijvoorbeeld als schoolverlater), zal hij toch via de hoge premie kunnen genieten van een zeker inkomen en moet dit hem motiveren om te starten met de opleiding.

Inkomen bij IBO Maandbedrag werkloosheidsuitkering IBO-premie
Minimaal 38,5 euro/dag 1000 - 1776 euro/maand 333 euro
Tussen 25,66 en 38,5 euro/dag 667 - 1000 euro/maand 666 euro
Minder dan 25,65 euro/dag 456 - 666 euro/maand 999 euro
Geen uitkering 0 euro/maand 1.332 euro
Andere uitkering (bv. RIZIV) Niet gekend bij VDAB 333 euro

Wat de VDAB de cursist betaalt, staat overigens los van wat de werkgever betaalt. Voortaan zal de werkgever maandelijks een vaste forfaitaire premie betalen in functie van de loonschaal waarin hij aanwerft. Er wordt dus niet langer gewerkt met gradueel oplopende premies. De forfaits liggen vast als volgt:

Loonschaal Factuur Werkgever
< 1.700 euro 650 euro
1.700 - 2.000 euro 800 euro
2.000 - 2.300 euro 1.000 euro
2.300 - 2.600 euro 1.200 euro
> 2.600 euro 1.400 euro

De bovenstaande premies zijn het enige wat de werkgever voortaan betaalt. Bijkomende facturaties aan de werkgever vallen weg zoals voorheen tussenkomsten voor verplaatsing, kosten voor kinderopvang, een vergoeding aan VDAB voor de sociale secretariaatsfunctie en het debiteurenbeheer.

Met de hervorming (die overigens nog zal worden geëvalueerd na 1 jaar) wordt de kosteloosheid van de opleiding gegarandeerd voor de cursist; krijgt elke cursist ongeveer het zelfde inkomen, zijn de te betalen premies door de werkgevers van bij de start duidelijk. Voortaan zullen ook bemiddelpartners van VDAB de autonomie krijgen om deze IBO-contracten af te sluiten en in te zetten in de ondernemingen teneinde een groeipad IBO te realiseren.

Tot slot wordt er ook een variant van de IBO voorzien voor kwetsbare werkzoekenden: K-IBO. Kwetsbare werkzoekenden hebben ofwel een indicatie van arbeidshandicap, of zijn reeds een jaar werkloos en jonger dan 25 jaar, of 2 jaar of langer werkloos, of zijn RIZIV-uitkeringsgerechtigd en zetten actieve stappen naar re-integratie. Deze IBO is gratis voor de werkgever en kan tot 52 weken duren in tegenstelling tot de klassieke IBO die beperkt is tot 24 weken.

Het doel is te komen tot meer werkplekleren en meer IBO’s binnen de ondernemingen om zodoende in te spelen op de vele openstaande vacatures.

2. Cursistenvergoedingen

Werklozen die een opleiding volgen kunnen genieten van diverse voordelen. Een opleiding van minstens 4 weken en minstens 20 uur per week geeft recht op vrijstelling van beschikbaarheid (ze moeten op dat moment geen werk zoeken). Bovendien wordt tijdens die opleidingsperiode, de degressiviteit van de uitkering niet toegepast.

Naast het voordeel van vrijstelling beschikbaarheid en stopzetting degressiviteit, bestonden er diverse bijkomende tegemoetkomingen voor cursisten die kosten maken voor verplaatsing of kinderopvang. Deze tegemoetkomingen zijn vereenvoudigd en gelden voor alle cursisten. Inzake verplaatsing kan men een terugbetaling krijgen van de effectieve abonnementskost dan wel genieten van een forfaitaire verplaatsingsvergoeding in afstand. De verplaatsingsvergoedingen zijn dus niet meer voor rekening van de werkgever maar wel voor VDAB. Ook vergoedingen in kader van kinderopvang worden terug vergoed.

Bijkomend bestaat er nog een selectieve stimulans voor werkzoekenden met gezinslast die een beroepsopleiding willen volgen. Zij ontvangen 100 euro/maand bovenop hun uitkering vanaf de 2de maand opleiding (niet voor IBO)

Sonja Teughels - Senior Adviseur Arbeidsmarkt - sonja.teughels@voka.be -  0472 34 26 60
ING
SD Worx