Via een vragenlijst bevroeg Vlerick Leuven Gent Management School 1802 Vlaamse medewerkers verspreid over 12 organisaties over het leerklimaat binnen hun organisatie. We nemen graag met u een kijkje naar de resultaten.
Het leerklimaat binnen organisaties moet aan vijf belangrijke voorwaarden voldoen om te kunnen spreken van een positief leerklimaat. Deze vijf voorwaarden moeten zowel voor formeel en informeel leren aanwezig zijn. Formeel leren slaat op de meer gestructureerde en expliciete opleidingsinitiatieven, terwijl informeel leren werkplekleren omvat.
In wat volgt, bespreken we deze vijf voorwaarden, geven we aan hoe ze moeten worden ingevuld en bespreken we de belangrijkste trends.
Voorwaarde 1: Toegankelijkheid
o Formeel leren: De mate waarin training en opleiding toegankelijk zijn voor iedere medewerker
o Informeel leren: de mate waarin er een open en tolerante werksfeer heerst
Over het algemeen zijn Vlaamse medewerkers tevreden over de toegankelijkheid van training en opleiding. Zo vindt 69% van de respondenten dat zij voldoende kansen krijgen om opleidingen te volgen. 82% geeft aan dat er hierbij gelijke kansen gewaarborgd worden, ongeacht geslacht, etnische afkomst, leeftijd, e.d.
De toegankelijkheid voor leren op de werkplek wordt als minder positief ervaren. Zo is slechts 52% van de respondenten tevreden over de toegankelijkheid voor werkplekleren. Wel vindt 64% van de respondenten dat er voldoende ruimte is om over problemen op het werk te praten.
Wanneer we echter kijken naar de mate waarin medewerkers openstaan voor nieuwe manieren van werken op de werkplek, geeft slechts 41% van de respondenten aan dat men openstaat voor nieuwe manieren om het werk aan te pakken.
Voorwaarde 2: Ondersteuning
o Formeel leren: de mate waarin mensen zich gewaardeerd en ondersteund voelen in hun deelname aan training en opleiding
o Informeel leren: de mate waarin leren op de werkplek gewaardeerd en erkend wordt
Waar leidinggevenden vaak erg positief staan tegenover het volgen van training en opleiding door hun medewerkers – met name 75% van de respondenten geeft aan dat hun leidinggevende training en opleiding aanmoedigt – geeft slechts 44% van de respondenten aan dat zij waardering krijgen wanneer ze de geleerde zaken ook werkelijk toepassen op de werkplek.
Hieruit blijkt een kloof tussen de retoriek en de praktijk: er bestaat wel een positieve, ondersteunende houding ten opzichte van het volgen van training en opleiding, maar eenmaal dit ook werkelijk wordt toegepast op de werkvloer, ervaren medewerkers plots minder ondersteuning. Ook binnen werkplekleren zien we eenzelfde tweedeling terugkomen. Waar 58% van de respondenten aangeeft dat nieuwe ideeën worden gewaardeerd, daalt dit percentage plots tot 44% wanneer er gevraagd wordt of zij ook werkelijk erkenning krijgen voor het uitproberen van nieuwe dingen.
Voorwaarde 3: Autonomie
o Formeel leren: de mate waarin er in het trainings- en opleidingsgebeuren ruimte is voor autonomie en zelfsturing
o Informeel leren: de mate waarin er ruimte is voor initiatief op de werkplek en de mate waarin initiatief gewaardeerd en aangemoedigd wordt
Vlaamse medewerkers geven aan dat zij voldoende autonomie krijgen in het volgen van training en opleiding. Zo geeft 71% van de respondenten aan dat ze zelf kunnen en mogen aangeven of een opleiding geschikt is voor hen en 70% geeft aan dat zij zelf kunnen aangeven wanneer zij een opleiding nodig hebben. Ook autonomie voor werkplekleren scoort erg hoog.
Zo geeft 70% van de respondenten aan dat medewerkers binnen hun organisatie worden aangespoord om nieuwe zaken bij te leren op het werk en dat hier bovendien geen onderscheid gemaakt wordt in geslacht, etnische afkomst, leeftijd, e.d. 61% van de respondenten grijpt de geboden kansen ook met twee handen en geeft aan dat zij problemen op de werkvloer zien als een kans om bij te leren.
Voorwaarde 4: Verbondenheid
o Formeel leren: de afstemming tussen de inhoud en methodiek van training en opleiding enerzijds en de leernoden en leerstijl anderzijds
o Informeel leren: de mate waarin medewerkers zich verbonden en gesteund voelen door hun collega’s tijdens het werkplekleren
77% van de respondenten geeft aan dat wat medewerkers leren tijdens training en opleiding, hen ook effectief helpt om hun job beter uit te voeren. Toch kunnen training en opleiding nog verbeterd worden in de manier waarop ze gegeven worden, aangezien 55% van de respondenten aangeeft dat de manier waarop de opleidingen worden gegeven, niet aansluit bij hoe medewerkers graag leren.
Ook tijdens het leren op de werkplek zien we dat binnen de Vlaamse organisaties verbondenheid hoog scoort. Zo geeft niet minder dan 87% van de respondenten aan dat medewerkers steeds klaar staan voor collega’s die moeilijkheden ervaren in hun job en geeft 67% van de respondenten aan dat ze ervan overtuigd zijn dat ze veel van elkaar kunnen leren.
Voorwaarde 5: Transfer
o Formeel leren: de mate waarin de aspecten van training en opleiding en de context medewerkers stimuleren om ‘het geleerde’ ook toe te passen op de werkvloer
o Informeel leren: de mate waarin aspecten van de werkplek medewerkers stimuleren om ‘het geleerde’ op de werkplek ook blijvend toe te passen
Ongeveer de helft van de respondenten geeft aan dat ze voldoende tijd krijgen om wat zij geleerd hebben tijdens opleidingen, ook toe te passen op het werk. Echter, slechts in 28% van de gevallen bespreken leidinggevenden met medewerkers wat zij moeten leren uit de opleidingen die zij bijwonen.
Door de doelen van de opleiding zowel voorafgaand als nadien te bespreken, wordt de effectieve toepassing van het geleerde zienderogen verhoogd. Binnen het leren op de werkplek scoren Vlaamse organisaties iets beter dan binnen het formele luik. Zo geeft 61% van de respondenten aan dat ze tijd krijgen om nieuwe dingen bij te leren en toe te passen op de werkvloer.
Kim Bellens, Fauve Delcour, Tina Davidson en prof. dr. Katleen De Stobbeleir
Vlerick Leuven Gent Management School
Competentiecentrum Mens & Organisatie
Bron : talent@voka 35, januari 2012