Zeven jonge ondernemers getuigen
“Schitterend!” Maarten Vandenbroucke legt zijn gsm neer en vertelt zijn tafelgenoten het goede nieuws: de plantagegroep Socfin heeft hem net een mooi contract bevestigd. Er wordt gejoeld aan tafel, de aanwezige Bryo-collega’s weten hoe belangrijk zoiets is voor een jonge starter.
Maarten Vandenbroucke heeft vorig jaar samen met Peter Cosyn en met Maarten Van Speybroeck de bvba Gatewing opgestart, een bedrijfje dat met onbemande vliegtuigjes luchtkaarten en digitale terreinmodellen opstelt voor baggerbedrijven en plantagegroepen.
Zijn vennoot Peter Cosyn, inge-nieur, had aan de universiteit al een aantal technische ideeën ontwikkeld. “Maar ik had mensen nodig die konden netwerken”, vertelt Peter. Hij ontmoette Maarten Vandenbroucke op de allereerste Bryo-vergadering, voorjaar 2007. Maarten: “Het was de kick-off-vergadering in de Ardennen. Tussen de Chouffekes door raakten Peter en ik in gesprek. Het klikte, we zijn samen in business gegaan.” Peter: “Bryo is een nest. Een stimulerend nest.”
Peter en Maarten zijn niet de enige Bryo-deelnemers die er zo over denken. “Bryo is vooral: de focus erop houden. Je ontmoet een reeks mensen. Collega-starters, maar ook mensen met specifieke kennis. Dat geeft wat druk om door te gaan”, zegt An Deraedt. An heeft samen met haar man een bedrijfje in e-business overgenomen, Netcrew. Haar man werkt er fulltime, zij heeft nog een baan als administratief verantwoordelijke in een rusthuis. “Ik had veel goesting om iets te doen”, zegt ze. “Maar Bryo heeft me gestimuleerd om door te gaan.”
leren ondernemen
Elke Bryo-deelnemer heeft zijn verhaal. Koen Tanghe heeft een achtergrond van onderzoek en ontwikkeling. Hij werkte een tijdje in een universitair project, maar daar kreeg hij het gevoel van ‘hier komt niet veel concreet uit’. “Ik was in mijn vrije tijd bezig met muzieksoftware”, vertelt hij. “Bryo kwam op het goede moment. Ik heb heel wat geleerd.” Koen richtte in 2007 SampleSumo op, een bvba die gespecialiseerd is in intelligente muziektoepassingen voor games, software en smart phones. “Elke maand samenzitten en iedereen die zijn verhaal doet – dat is telkens weer boeiend. Zeker als we problemen aansnijden zoals ‘het geld is op, wat nu?’. Ik heb enorm veel over de financiële kant van ondernemen geleerd.”
Ook Sam Possemiers startte vanuit de beschermde omgeving van de unief, waar hij nog altijd biomedisch onderzoek doet. “Het was een sprong in het duister”, getuigt hij. Sam richtte samen met een vennoot ProDigest op, een bedrijf dat contractonderzoek verricht voor voeding- en farmaciebedrijven. Hij heeft al twee mensen in dienst. “Ik miste financieel inzicht, ervaring, managementcapaciteiten. Ik heb heel veel geleerd uit de ervaring van andere mensen, en uit de praktische contacten, bijvoorbeeld om een eigen huisstijl te ontwikkelen.”
Ciel Berings is grafisch vormgever, zijn zakenpartner Pieter-Paulus Vertonghen is programmeur. Samen werken ze al acht jaar in interactieve media, in bijberoep. Twee jaar geleden hebben ze de bvba Aaltra opgericht, voor domotica-toepassingen. “Ik kom uit een familie zonder ondernemers”, zegt Ciel. “Bryo is mijn tweede familie. Het is mijn feedback en mijn backup.”
Zijn grootste klant heeft hij via het Bryo-netwerk ontmoet. Ciel: “Een van de Bryo-sprekers was bedrijfsleider van een toeleverancier van General Electric. Zo is ons contact met GE ontstaan. Nu is dat onze hoofdbusiness.”
Laurens Hostens komt dan weer uit een rasechte ondernemersfamilie. “Een eigen zaak, dat was mijn droom. Het zit me gewoon in het bloed.” Hij werkte tien jaar lang in de meubelsector, deed daar zijn inspiratie op. “Ik zag zoveel fouten, zoveel opportuniteiten dus ook in de klassieke aanpak. Ik moest er wat mee doen.”
In 2007 startte hij met Dieto Project Inrichting, voor de aankoop van meubels voor hotels, scholen, kantoren. Zijn aanpak is origineel. Anders dan de anderen, werkt hij bijvoorbeeld zonder showroom. “We brengen ons voorstel tot bij de klant voor een test.” Hij noemt Bryo een maandelijks “pikuur”. “Het is elke keer een opstoot van adrenaline.”
hard werken
Nochtans is ondernemen hard werken, vindt Ciel Berings. “Weet je waarom er zo weinig mensen ondernemer zijn? Ik werk nu vijftig procent meer dan vroeger en ik verdien dertig procent minder. Voor het geld moet je het niet doen. De voldoening, dat is het leveren van goed werk.”
An Deraedt: “Wij leven van één inkomen: het mijne. We laten alle middelen in de zaak. We moeten wel.”
Sam Possemiers: “Wij zijn meteen met twee werknemers gestart. Dat is een grote verantwoordelijkheid. Maar anders konden we natuurlijk geen werk aannemen. Ik sta zelf niet op de payroll, dat kan nog niet. We moeten eerst een winstgevende zaak uitbouwen. Dat betekent dat ik mijn oude job aanhoud. Anders lukt het niet.”
Koen Tanghe: “Als starter herinvesteer je alles in je bedrijf. Je koopt geen nieuwe auto, je probeert je zaak van de grond te krijgen.”
Laurens Hostens: “In het eerste jaar verdien je geen cent. En de jaren daarop ook nauwelijks. Geld verdienen, dat is niet de eerste drijfveer. Het moet er natuurlijk op de duur wel bij zijn.”
Sam: “De verbondenheid met hetgeen waarmee je bezig bent, daar gaat het om. Je bent bezig met iets dat je zelf kan doen groeien. Dat is leuk.”
Peter: “Het is de realisatie van een project. Je hebt impact. Dat is een prettig gevoel. En natuurlijk, financiële onafhankelijkheid is ook belangrijk. Dat heb je niet als starter.”
An: “Je hoort me niet zeggen dat je als werknemer niets kan realiseren. Soms krijg je ook dan veel ruimte om dingen te doen. Gelukkig. Maar het risico is dat je bijvoorbeeld plots een nieuwe baas krijgt die het helemaal anders ziet. En dan is al jouw werk voor niets geweest.”
Maarten: “Ik mag er toch niet aan denken dat ik nog werknemer zou zijn. Mij is het echt te doen om de vrijheid.”
problemen oplossen
Toch is ondernemen niet altijd even evident. Maarten Vandenbroucke, de man met de onbemande vliegtuigjes: “Ons grootste probleem was een goede business insteek. Wij hadden echt a solution in search of a problem. We hebben pas na lang zoeken een goede aanpak gevonden. Probleem twee blijft de financiën. We hebben nu IWT-subsidies en een aantal privéleningen. Volgend jaar zullen we misschien een kapitaalronde organiseren.”
Sam Possemiers, de biomedische ingenieur: “Het kritische punt is nu de economische crisis. De budgetten voor onderzoek en ontwikkeling gaan naar beneden. We hebben een pak minder omzet dan normaal. Het vraagt vijf-zes keer meer tijd om contracten te sluiten.” Toch betekent die crisis niet alleen maar kommer en kwel. Sam: “Het is een goede tijd om gemotiveerde mensen te vinden, met tien jaar ervaring, die hun job in een herstructurering kwijt zijn geraakt, en die toch betaalbaar zijn.”
An Deraedt, de e-businessvrouw: “Ach, ik vind het wel plezant om eens langs de kant van de werkgever te staan. Maar ons probleem is anders. Ik ben commercieel aangelegd, mijn man is technisch. We hebben eigenlijk nog een derde partner nodig, met complementaire kennis.”
Koen Tanghe, de muziekman: “Precies. Complementaire expertise is belangrijk. Maar dan liefst iemand die zich niet als een werknemer gedraagt. Ik verkies iemand die er zich echt in gooit, die een echte partner wordt. Ik ben bereid om voor een stuk afstand te doen van de zaak.”
Peter Cosyn, de vennoot van Maarten: “Wij zijn met drie partners gestart. Maar zelfs dan zijn nog niet alle competenties ingevuld. We hebben nog meer kennis nodig. Eventueel in werknemersstatuut.”
Laurens Hostens, de meubelman: “Iemand aanwerven? Dat stel ik toch liefst zo lang mogelijk uit.”
advies
De belangrijkste keuze die ze allemaal gemaakt hebben, is de keuze van het businessmodel. Laurens: “Ik heb alleen kosten als ik ook opbrengsten heb. Ik besteed montage en transport helemaal uit. Dat geeft me een grote vrijheid van werken.”
Koen: “Het voordeel van een starter is dat hij een volledig nieuw en fris business model kan uitproberen. Dat kan een gevestigd bedrijf veel moeilijker. En in de muziekindustrie is dat essentieel, want daar veranderen de businessmodellen voortdurend.”
An: “Een businessmodel aanpassen terwijl je bezig bent, dat is niet zo eenvoudig. Zeker tegenover bestaande klanten.”
Sam: “De economische crisis heeft één voordeel: ze geeft ons tijd om de structuur beter op poten te zetten, om datamanagement op punt te zetten, om best practices voor het labo uit te werken.”
Hebben ze ook advies voor andere starters? Natuurlijk wel. Koen: “Weet wat je wil.” An: “Laat je goed omringen, met een veelheid aan inzichten.” Laurens: “Neem ook tijd voor ontspanning.” Sam: “Voorbereiding is essentieel. Start liever een half jaar later, maar zorg dat het meteen goed zit.” Ciel: “Kies zelf wat je doet en hoe je het doet. Durf een klant weigeren die niet in jouw visie past.” Peter: “Laat je niet uit je lood slagen door initiële tegenslagen.”
Een kweekvijver voor ondernemers
Bryo levert al 26 nieuwe bedrijven op

26 nieuwe ondernemingen op 30 maanden tijd: dat is het resultaat dat de Bryo-actie kan voorleggen. “We geven mensen een duwtje in de rug”, zegt Eric Kenis, die samen met Evy De Bruyker voor Voka West-Vlaanderen het Bryo-project trekt.
Bryo is een fantasiewoord, dat verwijst naar ‘Bright Young Entrepreneurs’. Eric Kenis: “We zijn begin 2007 van wal gestoken. Er waren toen heel wat jonge starters, maar de kwaliteit was niet altijd even goed. Wij vonden dat we iets moesten doen om mensen met groot potentieel naar ondernemen toe te leiden.”
Het opzet van het project was mensen met eenzelfde ambitie bijeenbrengen, netwerken maken, ondernemen stimuleren. Evy De Bruyker: “Het eerste jaar zijn we met 39 mensen gestart. Een jaar later, in Bryo2, waren er 36 deelnemers. Alles bij elkaar hebben dus al 75 mensen deelgenomen. En 54 van hen zijn nog altijd trouwe Bryo-deelnemers.”
26 ondernemingen zijn er al uit voortgekomen, een 27ste staat in de steigers. Alles goed voor – voorlopig – werkgelegenheid voor meer dan 50 mensen. “En tot nu toe geen enkel faillissement”, voegt Eric Kenis eraan toe.
maandelijks
Hoe doen ze dat, ondernemers kweken? Eric Kenis: “We vergaderen elke maand. Bij de start houden we een kick-off-meeting - bijvoorbeeld een tweedaagse in de Ardennen. De eerste drie maanden leren we elkaar kennen, we breken het ijs, we ontdooien de relaties. En dan beginnen we eraan: drie jaar lang maandelijks samenzitten. Enthousiasme en goesting creëren.”
Op de maandelijkse vergaderingen vertelt elke deelnemer steeds opnieuw de vooruitgang in zijn of haar projecten en ideeën. Dat houdt, zegt Kenis, wat druk op de ketel. De jonge mensen willen niet voor elkaar onder doen.
“Maar één ding ontbreekt natuurlijk in de groep: de specifieke kennis en ervaring van het ondernemen. Daarom hebben we een aantal ervaren ondernemers opgetrommeld, die regelmatig komen vertellen, die vragen beantwoorden.” Drieëntwintig ondernemers spelen de rol van Bryo-ambassadeur. Ze zijn per mail of per gsm bereikbaar, ze geven direct advies.
Dat advies is niet altijd eenduidig, mensen spreken elkaar vaak tegen. Er is niet één grote waarheid over ondernemen. Eric Kenis: “We rekenen op de eigenzinnigheid van de mensen om zelf een beslissing te nemen.”
goed zot
De actie trekt uiteenlopende profielen aan. Eric Kenis: “Het zijn vaak heel verschillende mensen, met verschillende achtergronden. Sommige komen uit een ondernemersfamilie en hebben het gewoon in het bloed, andere hebben dat helemaal niet. Ze zijn allemaal vastberaden. Ze werken bewust rond alle vier elementen: goesting, ideeën, kennis (en kennissen), en… geld.” Maar dat laatste is vaak het moeilijkste te vinden.
Het zijn, zegt Eric Kenis, allemaal mensen die “goed zot” zijn. “Zo kijkt het grote publiek er toch naar. Maar dat is een kijk die wij natuurlijk willen bijsturen.”
www.bryo.be
Auteur : Erik Durnez
Bron : Vokatribune september 2009