“De prioriteiten zijn altijd: lagere arbeidskosten, lagere fiscaliteit en een efficiëntere overheid.” Maar de oplossingen die in Zuid en Noord worden voorgesteld, durven wel eens verschillen, zo blijkt in het gesprek met de voorzitter van de Waalse werkgeversorganisatie Union Wallonne des Entreprises (UWE).
Jean-Pierre Delwart, voormalig bankier en gedelegeerd bestuurder van het Luikse biotechnologiebedrijf Eurogentec, is sinds enkele maanden voorzitter van de UWE.
Hoe kijkt u naar de politieke situatie van het land?
Jean-Pierre Delwart: “Wat kunnen we daarover zeggen? Dat in ons land alles drie jaar lang volledig geblokkeerd was, terwijl onze concurrenten ondertussen wel de nodige hervormingen hebben doorgevoerd. De wereld verandert immers in hoog tempo. Bij ons zijn de hervormingen achterwege gebleven. Met als gevolg dat de concurrentiekracht van onze ondernemingen achterop is geraakt.”
complex
Wat te doen?
“Eerst en vooral, het probleem Brussel-Halle-Vilvoorde moet opgelost worden. Dat is natuurlijk niet mijn domein, maar het moet wel gebeuren, zodat we aan het ernstige werk kunnen beginnen.”
“De volgende vraag is: als lagere arbeidskosten, een competitieve fiscaliteit en een efficiëntere overheid de prioriteiten zijn, is regionalisering dan per definitie de oplossing? Voor mij is dat niet zo evident. Het kan alleen een oplossing zijn als het ook voor de burgers en de ondernemingen een voordeel oplevert. Als het dus het leven in dit land niet nog ingewikkelder maakt.”
Concreet: wat moet er met de vennootschapsbelasting gebeuren?
“Ik denk niet dat we de vennootschapsbelasting moeten regionaliseren. Dat zou immers een heleboel complexiteit veroorzaken. Heel wat ondernemingen zijn actief in de drie gewesten. Of ze hebben hun maatschappelijke zetel in Brussel, maar ze werken in Vlaanderen of in Wallonië – denk maar aan de bouwsector of de dienstensector. De vennootschapsbelasting regionaliseren, wordt dus de absolute complexiteit.”
“Mijn vaststelling is dat de fiscaliteit in ons land op het hoogste niveau van Europa ligt, zelfs als je de notionele intrest meerekent. De vennootschapsbelasting moet dus lager. Dat zeggen de Vlaamse ondernemers, dat zeggen de Waalse. Wel, ik zeg: zo’n verlaging kan het snelste en het efficiëntste op federaal niveau.”
Maar de federale staat is blut.
“Dat is zo. Dus moeten we durven de financieringswet helemaal te herdenken. Dat is voor mij de correcte manier om naar de zaken te kijken. Pas als dat onmogelijk blijkt, zeg ik: oké, laten we dan maar de fiscale incentives regionaliseren. Maar onderschat niet hoe moeilijk het zal blijken om zo’n oplossing te doen werken. Dat is al eerder gebleken op andere domeinen. Vlaanderen heeft bijvoorbeeld ruimte gecreëerd om de personenbelasting te verlagen. Maar herinner u hoe snel de Vlaamse regering de Vlaamse ‘jobkorting’ drastisch heeft verminderd. Of denk aan het wegbeheer, dat sinds 1988 regionale materie is: het heeft de fileproblemen in Vlaanderen niet opgelost.”
staatsstructuur
Kortom, u bent eigenlijk tegen regionalisering?
“Absoluut niet. We zijn niet per definitie tegen regionalisering. De regionalisering van VDAB, Forem en Actiris – de administraties voor arbeidsbemiddeling – was bijvoorbeeld een goede zaak. Maar het verandert de aard van de problemen niet. We moeten aan die geregionaliseerde entiteiten precies dezelfde eisen stellen als aan hun federale voorgangers. Er is nog altijd evenveel nood aan een verlenging van de loopbaan, want er verandert niets aan de levensverwachtingen, de demografische evolutie en de internationalisering.”
“Maar we zijn niet voor regionalisering van het arbeidsrecht of van de collectieve overeenkomsten. Waarom zouden we nog een vierde loket organiseren als de interprofessionele akkoorden op federaal niveau of op niveau van sectoren manoeuvreerruimte laten op het niveau van de ondernemingen?”
Hoe ziet u de structuur van het land dan evolueren?
“De structuur van het land is geen doelstelling op zich. Ik denk dat we gewoon pragmatisch moeten zijn. Het komt erop aan om de doelstellingen te bereiken die van belang zijn voor burgers en ondernemers. Dat wil dus zeggen: de kosten van de arbeid drastisch reduceren, belastingtarieven op een concurrentieel niveau brengen en de openbare dienstverlening efficiënter maken – en dat allemaal zo snel mogelijk en zonder te veel administratieve lasten.”
“Het zou helpen als we bepaalde clichés durven loslaten. Weet u dat van de 69.000 sanctiedossiers die vorig jaar bij de RVA met gevolg zijn ingediend, 55 procent afkomstig is van de Waalse Forem en 35 procent van de Vlaamse VDAB? Dat is de werkelijkheid.”
“Voor mij is het simpel. Wat we in ieder geval niet meer kunnen tolereren, is een systeem dat vastgeroest blijft zitten. We kunnen niet blijven voortdoen zoals we bezig zijn, want we leven ver boven onze stand.”
Auteur : Erik Durnez
Bron : Vokatribune juni 2010