Op het kruispunt van ziekenhuisnetwerken: wat met de universitaire zorg?

" Het expliciet afbakenen van de universitaire functie en zorgopdrachten, zowel in erkenning als in financiering, is in het voordeel van alle ziekenhuizen. "

De ziekenhuizen zijn volop aan het netwerken. Dat gaat verder dan samenwerken alleen. Want niet alle ziekenhuizen zullen alle types van zorg nog kunnen aanbieden. Dat vereist een grondige integratie, met effectieve onderlinge taakafspraken over wie welke zorg verleent, en hoe de zorgprocessen en patiëntenstromen worden afgestemd. Netwerken worden het zwaartepunt van het toekomstige ziekenhuislandschap, in het voordeel van kwaliteit en efficiëntie.

Pieter Van Herck door Pieter Van Herck
senior adviseur welzijns- en gezondheidsbeleid

  • Ziekenhuizen vormen steeds vaker netwerken
  • Dat kan problemen opleveren voor de universitaire zorg van universitaire ziekenhuizen
  • Er moet dus gezorgd worden voor afzonderlijke netwerken voor enerzijds niet-universitaire, anderzijds universitaire zorg

 

Eén centrale vraag is echter hoe men binnen de toekomstige ziekenhuisnetwerken optimaal dient om te gaan met  de specifieke universitaire functie van zeven ziekenhuizen in ons land, en hoe die afgebakende rol zich verhoudt tot de ruimere werking van ziekenhuisnetwerken.


Universitaire ziekenhuizen kennen drie specifieke opdrachten:

  1. Het verstrekken van complexe, supergespecialiseerde zorg die enkel binnen een universitaire setting kan worden verleend (bv. de rol van de centra voor genetica)
  2. Een onderwijskundige rol, met universitaire opleiding van zorgverstrekkers (bv. artsenopleiding, specialisatie en assistentschap)
  3. Het uitvoeren van onderzoek en bron van innovatie in de zorg (academisch evidence based en bedrijfsmatig R&D, met een leidinggevende rol in klinische studies)


Dit lijkt logisch en mooi afgebakend t.o.v. wat een algemeen, niet-universitair ziekenhuis als opdrachten kent. In de praktijk is dat echter niet het geval. Universitaire ziekenhuizen verlenen vandaag ook niet-universitaire basiszorg. Bovendien verlenen meerdere algemene, niet-universitaire ziekenhuizen ook supergespecialiseerde zorg. Tot slot dienen universitaire ziekenhuizen ook  op academisch zorgniveau onderling samen te werken wanneer dit in het belang is van de patiënt (nog een niveau hoger van superspecialisatie, bij wijze van spreken). In zijn geheel vormt dit een moeilijk te ontwarren knoop die de totstandkoming en de optimale werking van toekomstige netwerken dreigt te doorkruisen.


Hoe lossen we dit op? Het regeerakkoord geeft een eerste deel van het antwoord. De strikt universitaire zorgfunctie dient op objectieve basis vastgelegd te worden, zowel in opdracht als in financiering. Hetzelfde geldt voor de definitie en subsidiëring van niet-universitaire zorg. Concreet wil dit zeggen dat er afzonderlijke netwerken ontstaan voor enerzijds universitaire, anderzijds niet-universitaire zorg.


Het optimaal functioneren van ziekenhuisnetwerken staat of valt immers met goede bestuur, met transparantie van rollen en belangen. Het feit dat ziekenhuizen meerdere rollen combineren, mag het resultaat  van de totaalzorg vanuit de netwerken niet doorkruisen. Bestuurskundig wil dit zeggen dat universitaire ziekenhuizen in de toekomst best twee  entiteiten onderscheiden, met afzonderlijke erkenning: een niet-universitaire en een universitaire zorgentiteit.


Momenteel is er in de uitbouw van ziekenhuisnetwerken vooral sprake van doorverwijzing vanuit het regionale zorgniveau naar de universitaire ziekenhuizen. Echter, heel wat zorgtaken kunnen na terugverwijzing worden opgenomen in een niet-universitaire context.
Meer nog, in de gezonde win-winverhouding tussen ziekenhuizen is het niet enkel logisch om zorgtaken te laten verschuiven naar het hoger gespecialiseerde niveau. Het omgekeerde geldt ook: opdrachten van basiszorg kunnen evengoed verschuiven naar het meer lokale niveau.


Deze zaken kunnen enkel worden gerealiseerd indien het universitair netwerkniveau duidelijker onderscheiden wordt van het algemene netwerkniveau.
Het expliciet afbakenen van de universitaire functie en zorgopdrachten, zowel in erkenning als in financiering, is in het voordeel van alle ziekenhuizen. Ook in het voordeel van de universitaire ziekenhuizen zelf die op deze wijze hun specifieke functie volwaardig kunnen uitbouwen zonder een al te grote afhankelijkheid van andere zorginkomsten.

Reageren op deze opinie kan door een mail te sturen naar info@voka.be

ViewDetail