77,2% toegevoegde waarde ondernemingen naar overheid en werknemers

18/10/2012

Ondernemingen zijn de motor van onze welvaart: daar wordt de toegevoegde waarde gecreëerd door de samenwerking van arbeid en kapitaal. De vruchten van die toegevoegde waarde vormen de inkomens van de werknemers en de financiers en dienen ook om de overheid en de sociale zekerheid te betalen.


“Uit eigen onderzoek van de jaarrekeningen van 10.000 ondernemingen, blijkt nu dat liefst 40,6% van de toegevoegde waarde naar de overheid gaat. 36,6% gaat naar de werknemers en slechts 22,8% naar de financiers”, zegt Jo Libeer, gedelegeerd bestuurder van Voka. “Wil de overheid de welvaart niet in gevaar brengen, dan moet ze ondernemingen de ruimte geven om te groeien en zeker geen bijkomende lasten opleggen.”

Het financiële plaatje van ondernemingen is een zeer complex gegeven. “Het gevolg is dat er enkele aspecten van dat verhaal veralgemeend worden, hetgeen al leidde tot verontwaardiging bij zowel de publieke opinie als bij ondernemers. Nu het stof wat is gaan liggen, willen we met Voka de feiten en de cijfers tonen. Daarvoor onderzochten we wat ondernemingen echt bijdragen aan de welvaart, aan de hand van de jaarrekeningen van 10.000 bedrijven”, vertelt Jo Libeer.

91,8 miljard euro
De 10.000 onderzochte ondernemingen vertegenwoordigen 63% van de toegevoegde waarde van niet-financiële ondernemingen en 57% heeft minder dan vijftig werknemers in dienst.. “Het is met andere woorden een goede staalkaart van ons ondernemingslandschap”, vindt Libeer. “Samen produceren zij voor een waarde van 91,8 miljard euro. En die toegevoegde waarde wordt vervolgens weer besteed onder drie begunstigden.”

De eerste begunstigde is de overheid. Zij ontvangt 37,5 miljard euro of 40,6%, vooral onder de vorm van werkgeversbijdragen en bedrijfsvoorheffing . Naar de werknemers gaat 33,8 miljard euro of 36,6%, via het nettoloon, verzekeringspremies, pensioenen en andere personeelskosten. Voor de financiering van ondernemingen, zijnde banken, aandeelhouders en eigen financiering van het bedrijf, blijft er nog 20,5 miljard euro over. Dit geld wordt besteed aan de terugbetaling van leningen, dividenden en nieuwe investeringen. De verhoudingen tussen deze drie groepen bleven de voorbije vijf jaar nagenoeg ongewijzigd.

Groei is beste financiering voor de overheid
“Vooral het percentage dat naar de overheid gaat, springt in het oog. Zij is dus het meest gebaat bij de groei van een onderneming. Dat is een belangrijke vaststelling in tijden van krappe begrotingen”, aldus Voka.

“Onze overheden helpen daarom best onze ondernemingen groeien via goede relancemaatregelen en structurele hervormingen. Het opleggen van bijkomende lasten zou in de eerste plaats het effect hebben dat ondernemingen minder toegevoegde waarde kunnen creëren en dat er dus minder bijdragen zijn voor de overheid”, merkt Jo Libeer op.

De gedelegeerd bestuurder van Voka pleit er daarom voor dat alle overheden in hun zoektocht naar een begrotingsevenwicht geen nieuwe lasten opleggen, maar inzetten op besparingen en efficiëntiewinsten.




Voor meer informatie, contacteer Jochen Bessemans.

Lees hier de volledige nota.

In de kijker

Contact

Koningsstraat 154-158
B-1000 Brussel
Tel: 02 229 81 11
Fax: 02 229 81 00

info@voka.be

Partners