filter op onderwerp

filter op regio

zoek naar:  

Nieuws

16dec
11
 Een nieuwe Vlaamse spoorstrategie

Er komt een spoorstrategie voor Vlaanderen. Onze regio wil het meerjarenprogramma van de NMBS-groep zo goed mogelijk afstemmen op zijn mobiliteitsvisie.

 

Eind januari 2012 zal de NMBS-Holding de geconsolideerde meerjareninvesteringsprogramma’s van de NMBS-Groep aan de federale minister ter goedkeuring overmaken. Op dat ogenblik start een goedkeuringsprocedure die onder meer voorziet in een consultatie van de Gewesten.

Op 8 december 2011 organiseerde het Vlaams Parlement een gedachtewisseling met Fernand Desmyter, secretaris-generaal van het Departement Mobiliteit en Openbare Werken over de stand van zaken van de Vlaamse spoorstrategie. Daarbij kondigde de Vlaamse minister voor Mobiliteit en Openbare de principiële goedkeuring van de Vlaamse Spoorstrategie door de Vlaamse Regering voor het jaareinde aan. Hierna volgt een adviesvraag aan MORA (Mobiliteitsraad Vlaanderen en VVSG).

De Vlaamse spoorstrategie zal de Vlaamse en Europese beleidscontext schetsen, de bestaande samenwerkingsovereenkomst en de behoefteanalyse evalueren. Verder wil men krachtlijnen voor een strategisch spoorbeleid en actieplannen met voorstellen voor de middellange (2013-2025) en lange termijn (2040) formuleren.

Uit de evaluatie van de bestaande samenwerkingsovereenkomst blijkt dat bijna alle voor Vlaanderen belangrijke infrastructuurwerken, opgenomen in het meerjarenplan 2001-2012 vertraging opgelopen hebben. Sommige andere werden zelfs helemaal niet opgestart (zie overzicht in de presentatie). De oorzaak van deze vertraging is niet altijd gekend. Bovendien wordt met vertraging over de vordering gerapporteerd wat snel ingrijpen onmogelijk maakt.

Pre- en cofinanciering bieden mogelijkheden voor een snellere realisatie, maar de huidige overeenkomsten zijn voor verbetering vatbaar. De storting van de bijdragen vanuit Vlaanderen is niet altijd verbonden met de werkelijke realisatie, noch met de ingebruikname van de nieuwe spoorverbinding. In de huidige overeenkomsten ontbreken ook concrete afspraken tegen wanneer een bepaald spoortraject operationeel moet zijn.
Het overleg over objectieve criteria voor de verdeelsleutel, zoals destijds gevraagd door het Vlaams Parlement werd niet opgestart en de grootscheepse studie naar de mobiliteitsbehoeften in België niet uitgevoerd. Een vergelijking met de Vlaamse studies en vooruitzichten ter zake en een evaluatie van de potentiële rol van het spoor in dat kader konden dus niet uitgevoerd worden.

De behoefteanalyse heeft aandacht voor het reizigers- en goederenvervoer, de stations en hun omgeving en duurzaamheid.

De krachtlijnen voor het strategisch spoorbeleid bepleiten het verhogen van de veiligheid, stiptheid, snelheid, capaciteit waar deze ontoereikend is of zal zijn, toegankelijkheid en bereikbaarheid van de stations, waarborgen van duurzaam vervoer, kaart de nood aan relevante statistische (spoor)data aan en pleit voor aandacht voor de mogelijke liberalisering van het binnenlands reizigersvervoer

Actieplannen middenlange termijn 2013-2025 en lange termijn vloeien voor uit de krachtlijnen. Wat opvalt is een beperkte aandacht aan de operationele knelpunten inzake goederen vervoer. Inzake goederenvervoer is een stuk over de marktwerking en infrastuctuur, meer bepaald het functioneren van assen en knopen, het belang van banen, vaardigheden en imago opgenomen:


Algemeen besluit:

In het verleden is Vlaanderen er niet in geslaagd de realisatie van de investeringsplannen van Infrabel af te dwingen. De huidige evaluatie geeft aan dat het niet duidelijk is waarom bepaalde projecten vertraging opliepen of niet opgestart werden. Het vragen van een prioritisering op basis van objectieve criteria kan Vlaanderen vandaag niet omdat het niet over de nodige gegevens beschikt. Wallonië heeft zich degelijk voorbereid en durft de 60/40 verdeling in vraag te stellen en meer middelen te vragen op basis van hun studie. (persbericht minister Henry in La Libre Belgique dd 30/11/20011). De Vlaamse spoorstrategie, moet hierop een volwaardig antwoord bieden. Het is moeilijk inzage te krijgen in het totale investeringsbudget. Veel van de middelen zouden vastliggen door noodzakelijke onderhoudsinvesteringen, investeringen in veiligheid en afwerken opgestarte projecten (o.a. derde en vierde spoor Gent Brugge). In de presentatie over de Vlaamse spoorstrategie staat veiligheid ook voor Vlaanderen bovenaan de strategische doelstellingen. Welke druk zal er vanuit Vlaanderen zijn om investeringen in missing links, ontdubbeling van spoor, afschaffen van overwegen, … te realiseren.
Indien u vragen of opmerkingen heeft. Katleen.Marien@voka.be

 

Auteur : Katleen Mariën, adviseur mobiliteit
Bron : miro@voka 14, december 2011

terug