“Er voor zorgen dat Antwerpen wereldwijd op de kaart staat als de haven waar de vracht naartoe moet.” Dat, zegt de kersverse Antwerpse schepen van Haven Marc Van Peel, is de grote uitdaging voor de lange termijn.
Op korte termijn zijn de doelstellingen veel concreter: de verdieping van de Schelde, de Liefkenshoekspoortunnel en de tweede sluis voor Linkeroever krijgen de hoogste prioriteit.
Scheldeverdieping, Liefkenshoekspoortunnel en tweede sluis op Linkeroever
Marc Van Peel, 57 jaar, is sinds 2001 in Antwerpen schepen van Personeelszaken. In de nieuwe Antwerpse bestuursploeg krijgt hij er de verantwoordelijkheid voor de haven bij. Geen onbekend terrein. “Mijn vader was directeur van de tiende directie, toen het havenbestuur nog onder de stadsadministratie sorteerde. Ik heb de haven dus met de paplepel meegekregen”, zegt hij. “Toch is het een verantwoordelijkheid om even bij stil te staan. De haven van Antwerpen betekent direct en indirect de broodwinning van meer dan 125.000 gezinnen. Er is zeer grote, scherpe concurrentie tussen de havens wereldwijd. We moeten er dus in de eerste plaats voor zorgen dat we aantrekkelijk blijven voor de internationale hoofdkwartieren waar de beslissingen vallen over trafieken en bestemmingen.”
Nodig en nuttig
Wat worden de belangrijkste accenten in het havenbeleid?
Marc Van Peel: “Verwacht geen spectaculaire dingen. We zullen doen wat nodig is en nuttig. Er staan drie prioriteiten hoog bovenaan de lijst: de Scheldeverdieping, de Liefkenshoekspoortunnel en de tweede sluis op Linkeroever. Daarnaast staan er nog veel projecten op stapel.”
Hoe ver staat het met die tweede sluis?
“Kris Peeters, de Vlaamse minister van Openbare Werken, heeft ons daarvoor garanties gegeven. Peeters bracht in november een bezoek aan de Kallo-sluis, waarvan de sluisdeuren nu worden vernieuwd. Hij heeft zich gerealiseerd hoe prioritair die toegang wel is. Op de Vlaamse begroting zullen de middelen voor die tweede sluis op Linkeroever worden vrijgemaakt. De sluis moet ten laatste in 2013 klaar zijn.”
En de Scheldeverdieping? Er is een akkoord met Nederland sinds 2005. Maar ligt dat niet onder vuur?
“Wij zien geen redenen om te twijfelen. Het is enkel wachten op een nieuwe Nederlandse regering, na de parlementsverkiezingen daar van vorige maand. De gemaakte afspraken zullen gehonoreerd worden. Dat wil zeggen dat de werken volgens plan nog in 2007 beginnen.”
“Natuurlijk, er is in de Nederlandse Tweede Kamer vorige maand een felle discussie geweest en een motie tegen gedwongen onteigening voor ontpoldering. Maar wij gaan er van uit dat dit geen vertraging zal opleveren voor de uitvoering van de werken.”
Van de Liefkenshoekspoortunnel is het tracé vastgelegd. Maar hoe staat het nu met de IJzeren Rijn?
“De 18 km lange Liefkenshoekspoortunnel die de haven bereikbaar moet houden, zou tegen 2012 klaar moeten zijn. Ook de heropening van de IJzeren Rijn is zeer belangrijk. De oude spoorverbinding tussen de haven en het Duitse Ruhrgebied loopt in Nederland door natuurgebied. Dus worden daar varianten op het tracé onderzocht. Maar de 15 treinen per dag die al zijn toegezegd, beschouwen we ondertussen als verworven. Wij gaan dus uit van een beperkte, snelle ingebruikname van het bestaande traject in akkoord met Nederland en Duitsland, en een volwaardige reactivering van de IJzeren Rijn tegen uiterlijk 2015.”
Interhavenverkeer
Daarnaast zijn er nog een aantal andere projecten.
“Er zijn heel veel andere projecten, die deel uitmaken van het Masterplan Mobiliteit. De renovatie van de Van Cauwelaertsluis, bijvoorbeeld, die aan de gang is. Of de geplande verbreding van het Albertkanaal en de verhoging van de bruggen. Daarvoor is binnen de Beheersmaatschappij Antwerpen Mobiel (BAM) al een timing opgemaakt.”
En de Oosterweelverbinding, met de spectaculaire brug over de Schelde?
“Het project is toegewezen. Er is enkel nog een juridische veldslag te verwachten omdat de concurrent die niet werd geselecteerd, naar de rechtbank is gestapt. Vanuit havenperspectief is het belangrijkste probleem in verband met de Oosterweelverbinding de tolheffing voor interhaventransporten. De haven en BAM, de bouwheer, voeren daarover gesprekken. Het ziet er naar uit dat we naar drastisch lagere tarieven zullen kunnen gaan voor het interhavenverkeer.”
Naast de internationale is er ook de binnenlandse concurrentie. Ziet u ruimte voor samenwerking met andere Vlaamse havens?
“In het verleden was de verhouding soms gespannen. De havens trachtten elkaar vliegen af te vangen. Vandaag zijn de relaties veel beter. Er is ook grote transparantie over toelagenstromen. Dat is goed. Er zal altijd een vorm van gezonde concurrentie blijven bestaan. Dat is goed, dat houdt de drive erin. Natuurlijk is het mogelijk dat het ooit tot formele afspraken met andere havens komt, als dat echt win-win-situaties oplevert.”
Rol
Hoe ziet u uw rol in het havenbedrijf?
“Als havenschepen word ik voorzitter van de raad van bestuur van het autonoom gemeentelijk havenbedrijf. Dat betekent: opkomen voor de belangen van de haven bij de Vlaamse, Belgische, Nederlandse en Europese autoriteiten. Dat is mijn taak. Niet meer, niet minder. De operationele leiding zit bij Eddy Bruyninckx, en die zit daar goed.”
"Havenbeleid is een heel enthousiasmerende bevoegdheid. In die mate zelfs, dat ik bij heel wat voorgangers zag dat ze er helemaal in op gingen. Het gevaar is dan dat de aandacht voor de stad zelf verslapt. Daarom vind ik het goed dat ik ook een strikt stedelijke bevoegdheid beheer, namelijk over personeelszaken"
Wat met de relatie tussen haven en stad?
“Ik ben altijd voor een autonoom havenbedrijf geweest. Dat werkt flexibeler, dat geeft operationeel veel voordelen. Maar we mogen de band met de stad niet verliezen. Bij de city marketing van Antwerpen is de haven een grote troef, en omgekeerd. Er is misschien meer samenwerking nodig dan er nu is.”