filter op onderwerp

filter op regio

zoek naar:  

Infotheek

10apr
06
 De watertoets

Sinds 24 november 2003 zijn vergunningen, plannen en programma’s onderworpen aan een watertoets. De Vlaamse regering heeft nu richtlijnen vastgelegd die de vergunningsverleners moeten helpen om de watertoets in de praktijk uit te voeren.

De SERV en de MiNa-Raad vragen de regering nu ook dringend werk te maken van de watertoets voor plannen en programma’s. Ze dringen daarnaast aan op een werkbare watertoets voor vergunningen.

 

De inhoud

De watertoets, die deel uitmaakt van het decreet Integraal Waterbeleid, houdt in dat bij de beslissing over een vergunning, plan of programma, rekening gehouden wordt met de mogelijke nadelige gevolgen ervan voor het watersysteem en voor de functies die het watersysteem voor de mens vervult. De richtlijnen die de Vlaamse regering nu heeft vastgelegd in een voorontwerp moeten de lokale, provinciale en gewestelijke overheden die een vergunning moeten afleveren, helpen om de watertoets zo efficiënt mogelijk toe te passen. De richtlijnen zijn zo opgesteld dat de vergunningsverleners via een aantal vragen en beslissingsbomen eenvoudig te weten komen of een vergunningsaanvraag de watertoets doorstaat, dan wel een advies van de betrokken waterbeheerder aanbevolen is. Via een geautomatiseerd instrument, aangeboden via het internet, kunnen de vergunningsverleners de vragenlijst correct en snel invullen. Omdat de betrokken ministers zo weinig mogelijk administratieve belasting wilden veroorzaken, is er ook een voorafgaande toets van het gezond verstand voorzien. Dankzij deze toets moet de gemeentelijke ambtenaar voor een vergunningsaanvraag waarbij op het eerste gezicht duidelijk is dat er geen schadelijk effect is op het watersysteem, geen beslissingsbomen doorlopen.

 

Het advies


De SERV en de MiNa-Raad willen dat de regering niet enkel focust op een watertoets bij vergunningen, maar ook bij plannen en programma’s. Op dit moment wordt immers een hele reeks ruimtelijke uitvoeringsplannen opgemaakt en worden bekken- en deelbekkenbeheerplannen voorbereid. Met een goede watertoets voor plannen en programma’s, zal de watertoets voor vergunningen zich bovendien in de praktijk meestal kunnen beperken tot de actualisering en detaillering van de watertoets van de plannen en/of programma’s.

De SERV en de MiNa-Raad vinden het heel belangrijk dat de watertoets zo werkbaar mogelijk kan worden toegepast. Zij vinden het dan ook positief dat het besluit gedetailleerde beoordelingsschema’s bevat en dat er een helpdesk komt die houvast biedt voor de beoordeling van eventuele schadelijke effecten op het watersysteem. Maar het zou nog beter kunnen. Zo zou het bijvoorbeeld gemakkelijk zijn wanneer in gevallen waar het schadelijke effect niet betekenisvol is, een korte (standaard)formulering in de waterparagraaf kan volstaan.

De SERV en de MiNa-Raad vragen ook een sluitende schaderegeling in de huidige overgangssituatie. Vandaag kan het bijvoorbeeld dat de watertoets leidt tot een weigering van de bouwvergunning in een gebied waarvoor nog een geldige verkavelingsvergunning werd afgeleverd zonder watertoets.

Het volledige advies kan u downloaden op www.serv.be en www.minaraad.be.

terug